↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Auteursarchieven: LHcornelis

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Alles doet het weer en nog

Louise Cornelis Geplaatst op 5 augustus 2013 door LHcornelis5 augustus 2013  

Nou had ik het een paar weken geleden al over de zomerstilte die mede aan de Tour de France te wijten was, ging ik na Parijs nóg minder schrijven… dit keer om een heel andere reden: computerproblemen. In de officiële hittegolf kreeg mijn computer kuren, en na een tijdje kon ik er niet omheen: hij had meer last van de hitte dan ik. Ondertussen heeft hij nieuwe ‘koelpasta’ ofzoiets, maar dat had meer voeten in de aarde dan ik had verwacht. En ondertussen was het behelpen met de laptop en de backups enzo, en kwam ik niet aan bloggen toe.

Maar de computer doet het weer, en ik doe het ook nog, in de zin van dat ik de afgelopen weken bij een paar opdrachtgevers nuttig bezig ben geweest. Twee dingen wil ik even apart noemen:

  • ‘Gevraagde beslissing’ heeft inleiding nodig. Al een tijdje geleden hoorde ik een collega zijn beklag doen over het format voor besluitvormende teksten dat veel gemeentes en aanverwante organisaties hanteren, en dat begint met ‘gevraagde beslissing’. Dat klinkt misschien als voorbeeldig ‘hoofdboodschap voorop’, maar de crux daarvan is dat er wel een paar inleidende zinnen aan de hoofdboodschap vooraf gaan (standaard bij het piramideprincipe is dat het stramien ‘situatie-complicatie-vraag’). Zonder die inleidende zinnen, zo zei die collega, is zo’n gevraagde beslissing vaak amper te volgen. Inmiddels werk ik zelf voor een ‘aanverwante organisatie’ met zo’n zelfde format, en heb ik er dus heel wat voorbeelden van de revue zien passeren. En inderdaad, zeg: heel vaak is de ‘gevraagde beslissing’ niet te begrijpen. Het is ook lastig om die context naderhand nog goed te geven, en bovendien is dat natuurlijk onhandig lezen: eerst die gevraagde beslissing lezen, die niet begrijpen, doorlezen totdat je denkt dat je voldoende context hebt, dan terug naar het begin van de tekst. Een tekst, elke tekst, heeft écht een inleiding nodig. De hoofdboodschap in de allereerst zin is echt te pats-boem.
  • Als het niet helemaal kan, dan maar helemaal niet. Ik ben de nieuwe mensen aan het trainen van een corporate finance firma, en zij constateerden dat ik hen andere dingen leer dan wat de ‘oude garde’ in praktijk brengt, ondanks dat ook zij enige jaren geleden getraind zijn, en ondanks dat zij zéggen graag goed gestructureerd te willen schrijven. Ik schrok ook van de kwaliteit van de stukken die zij laten zien – daar was weinig piramidaals aan terug te zien, en ook anderzins waren de teksten maar matigjes gestructureerd en lastig te begrijpen (‘datadump’). De jonge aanwinsten zijn op onderzoek gegaan naar hoe dat kon en of daar iets aan kon of moest verbeteren, daar zijn zij nog mee bezig, maar één ding zeiden ze al wat mij interesseerde: misschien is het probleem wel dat het de schrijvers niet lukt om helemaal piramidaal te schrijven, en dus doen ze het maar helemaal niet. Die kende ik nog niet, maar het zou best wel eens kunnen kloppen. Kenmerkend voor teksten in de corporate finance is dat ze een vaste inhoudsopgave hebben, met bijvoorbeeeld hoofdstukken als ‘introductie’ (van het te verkopen bedrijf bijvoorbeeld), ‘markt’, ‘financials’, ‘management’ en zo nog wat, en dat de eigenlijke hoofdboodschap (‘koop dit bedrijf’) impliciet blijft (over de mate waarin andere boodschappen ook impliciet moeten blijven, verschilt men van mening). Dus helemaal piramidaal lukt niet – dan maar helemaal niet? Misschien is het dan zinnig om te kijken naar hoe je binnen allerlei beperkingen wél een lezergerichte structuur aan kunt brengen. En belangrijker nog: hoe je de goede invloed van het piramideprincipe op je logische en lezergerichte denken toch kunt benutten. Wordt vervolgd!

Verder heb ik nog weer een keer genoten van precies dat laatste: hoe het piramideprincipe ‘dwingt’ tot helder denken. Ik was met een groep bezig om een memo logischer te structureren, en één dingetje wilde niet zo lekker in de piramide. Van mij ‘moest’ het echter wel, en zo ontstond er een grote discussie in die groep of het thuishoorde in de ene of in de andere tak. Het leek alsof we inhoudelijk sterk afdwaalden, maar uiteindelijk kwam de schrijver van het memo tot de conclusie dat hij dit punt simpelweg nog niet helder had, nog meer onderzoek te doen had. Prima – want zo kom je er dus achter dat je zelf nog een los rafelrandje hebt af te werken. Beter dat je dat al schrijver doet dan dat je je lezer daarmee opzadelt!

Kortom: goede, nuttige, productieve weken, waarin ik ook nog eens leuke reacties krijg op Niet voor mietjes – maar waarvan ik dus weinig heb kunnen delen. Computers…

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Roman ‘Niet voor mietjes’ verschenen!

Louise Cornelis Geplaatst op 25 juli 2013 door LHcornelis25 juli 2013  

Afgelopen weekend is mijn roman verschenen: Niet voor mietjes. Met ‘verschenen’ bedoel ik dat er een doos met 100 exemplaren bij mij is afgeleverd. Die zijn om weg te geven als (relatie-)geschenk. Het boek is dus niet te koop. Dat is een bewuste keuze, met twee redenen:

1. Ik heb met Afzien voor beginners ervaring opgedaan met uitgeven in eigen beheer, en als ik terugkijk, is de moeite die ik toen gestopt heb in de marketing ervan te groot geweest. Ik had die tijd toen, het was leerzaam, ik kwam uit de kosten; er zijn er 400 van verkocht. Dat was okee als experiment, maar niet voor herhaling vatbaar. Nee, dan doe ik dat liever anders: dit keer draag ik de druk- en distributiekosten wel, en bespaar ik me de marketingtijd. Sowieso, maar ook omdat ik besef dat ik een moeilijk te marketen boek heb geschreven: het is een echt vrouwenboek in de zin van dat het gaat over relaties, maar het speelt in de wielerwereld. Het is wél het boek dat ik wilde schrijven, en daarbij heeft de (on-)mogelijkheid van het verkopen geen rol gespeeld.

2. Ik heb niet met het boek lopen leuren langs literaire uitgeverijen. Enerzijds vind ik dat sowieso een nare gang van zaken: belanden op de beruchte slush pile en na onfatsoenlijke lange tijd een afwijzing krijgen. Wat dat betreft zijn uitgeverijen zo machtig dat ze arrogant kunnen zijn. Anderzijds besef ik ook wel dat ik er nog meer werk in zou moeten stoppen om Niet voor mietjes uitgeefwaardig te krijgen (nog los van de vraag of dat überhaupt mogelijk is vanwege de verkoopbaarheid, zie vorige punt). En dat ga ik niet doen: na drie jaar ben ik er wel klaar mee. Ik heb er lol in gehad en veel van geleerd, en ik vind het leuk om daar wat van te laten zien. Daar is het ook zeker goed genoeg voor.  Maar meer pretentie heb ik er niet mee. Dat leg ik overigens in het voorwoord ook uit.

En dan zie ik verder wel hoe het loopt. Na drie jaar is het dan nu echt af, en ik ben blij, trots en tevreden!

Mochten er onder jullie, lezers van dit weblog, zijn die Niet voor mietjes graag willen lezen, dan zou ik zeggen: stuur me een mailtje. Om je te prikkelen hier de flaptekst:

De Tour de France van 2010 start in Rotterdam, bijna voor Frances’ huis. Natuurlijk gaat ze kijken: ze is wel toe aan een verzetje na een turbulente periode in haar leven. Ze raakt aan de praat met Mike Parrol, een onbekende Canadese renner uit een kleine, Spaanse ploeg. Net als Frances wat voor hem begint te voelen, ontdekt ze dat hij een groot geheim heeft. Mike vindt dat Frances wel een rol kan spelen in het bewaren van zijn geheim. Zo wordt ze meegetrokken in zijn leven. Voor haar wordt dat een groot avontuur, dat onder andere een ontluisterend inkijkje in de wielerwereld oplevert.

 

Geplaatst in verschenen | Geef een reactie

Zomerstilte, schrijven en lustrum

Louise Cornelis Geplaatst op 17 juli 2013 door LHcornelis17 juli 2013  

Oeps, twee weken zonder blogpost… en ik ben nog niet eens op vakantie! Sterker nog: het ís hier nog niet eens vakantie, en dat verklaart voor een deel de lange radiostilte op dit weblog: er loopt nog een boel werk gewoon door, ik wil genieten van het mooie weer (eindelijk!) en tegelijkertijd probeer ik, zoals elk jaar, de Tour de France te volgen: de etappes, de praatprogramma’s erover, wat lezen… En dus heb ik het, overigens op een ontspannen en prettige manier, druk.

En ik schrijf weer over de Tour, dus daar kan ik dan meer schrijfdrang in kwijt dan in dit weblog. Wekelijks komt er een column op Touretappe.nl (overzicht), en net vandaag is er nog eentje online gegaan voor een goed doel, namelijk het in stand houden van de Vacansoleil-profploeg: ‘Een wielrenner voor fijnproevers’.

Vanaf volgende week vast weer meer inspiratie voor hier – dat mag dan ook wel, want komend weekend viert dit weblog zijn eerste lustrum: de eerste post verscheen 5 jaar geleden! Maar het zal tot in september wat minder vaak zijn dan anders. Goede zomer/vakantie gewenst!

Geplaatst in Uncategorized | Geef een reactie

Waarom hoofdboodschap niet conclusie heet

Louise Cornelis Geplaatst op 2 juli 2013 door LHcornelis17 september 2013  

Voor de zakelijke schrijvers met wie ik werk, is het grootste struikelblok te leren schrijven gericht op de lezer (hun klant, manager of andere opdrachtgever) in plaats van hun eigen onderzoekservaringen te rapporteren. Die laatste manier noem ik wel navelstaren: je schrijft dan vanuit jezelf. Je bericht dan over de stappen die je gezet hebt, uitmondend in een conclusie, met daarachteraan nog een paar aanbevelingen. Schrijven gericht op de lezer, of je het nou strikt volgens het piramideprincipe doet of niet, zet de lezersvraag en het antwoord daarop centraal.

Dat antwoord oftewel de hoofdboodschap heeft overeenkomsten met de conclusie. Ik hoor dan ook schrijvers wel eens zeggen dat lezergericht schrijven neerkomt op het voorop plaatsen van de conclusie. Dat mag van mij niet, of althans, ik zeg dan altijd: noem het dan geen conclusie, maar hoofdboodschap. Waarom eigenlijk? Omdat dat twee echt verschillende beestjes zijn. Drie redenen:

  1. De betekenis van het woord conclusie, als slotsom of gevolgtrekking, impliceert eigenlijk al plaatsing aan het eind. ‘Conclusie aan het begin’ is dus een soort contradictio in terminis.
  2. Er is een subtiel maar belangrijk inhoudelijk verschil, of dat kan er zijn. De conclusie is de gevolgtrekking uit de data; de hoofdboodschap interpreteert de data met het oog op de belangen van de opdrachtgever. Dat heet ook wel de so what. Een hoofdboodschap kan dus als het ware wat verder van de data af liggen, een vrijere interpretatie daarvan zijn – natuurlijk zonder dat je iets gaat beweren wat je niet hard kunt maken. Een kenmerkend verschil is dan ook dat de conclusie vaak constaterend is (‘X is het geval’) terwijl de beste hoofdboodschappen actiegericht zijn (‘doe Y’). Dat is niet zo gek: vanuit die constatering ga je wat die stand van zaken betekent voor de lezer, en dat is dus vaak iets doen.
  3. Hoofdboodschap en conclusie horen tot verschillende domeinen. Dat is het hele punt van het probleem aan het begin van deze blogpost: enerzijds heb je onderzoek doen, met je onderzoeksproces dat leidt tot een conclusie. Anderzijds heb je schrijven (of een presentatie maken, dat maakt niet uit). Als je die twee dingen niet scheidt, ga je navelstaarderig in plaats van klantgericht schrijven. Mijn advies is dan dus ook: als je een onderscheid wilt (leren) maken tussen die twee domeinen, zorg er dan voor dat je de termen uit het juiste domein gebruikt. ‘Conclusie’ hoort bij het onderzoeksproces, ‘hoofdboodschap’ hoort bij schrijven.

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Armstrongs werkwoordstijden

Louise Cornelis Geplaatst op 1 juli 2013 door LHcornelis1 juli 2013  

Het afgelopen weekend was er rond de start van de Tour de France nogal wat te doen over een uitspraak van Lance Armstrong. Die zou beweerd hebben dat je de Tour onmogelijk kunt winnen zonder doping te gebruiken (zie bijvoorbeeld hier in de Volkskrant). Hij twitterde er echter zelf al gauw achteraan dat hij in de verleden tijd gesproken had, althans, zo begrijp ik zijn Tweet (@lancearmstrong, 29 juni):

For the record, there is a significant difference between WAS and IS. Past and present tense.

Interessant, was dit een kwestie van verkeerd begrepen werkwoordstijden ofzoiets? Ik ging op zoek naar wat hij echt gezegd had, althans, in de vorm waarin het is gepubliceerd: in Le Monde, in het frans dus. Dit is het fragment:

(Vraag:) Une des questions pourrait être : quand vous courriez, était-il possible de faire des performances sans se doper ?
(Armstrongs antwoord:) Cela dépend des courses que tu voulais gagner. Le Tour de France ? Non. Impossible de gagner sans dopage.

Nou heb ik maar 4VWO frans, maar gelukkig wel wat inzicht in tekst en interacctie – en dan is het me kraakhelder dat Armstrong hier praat over zijn eigen verleden. Dat begint heel duidelijk met het aanloopje naar de vraag: ‘quand vous courriez’ (’toen u wielrende’). Dat perspectiveert het antwoord. In de cruciale zin (‘Impossible de gagner sans dopage’) staat niet eens een werkwoord. Als Armstrong iets over het heden had willen zeggen, had hij dat, zoals dat heet, moeten ‘markeren’: nadrukkelijk moeten aangeven, door bijvoorbeeld iets te zeggen als ‘en dat is nog steeds zo’.

Wat laat dit zien? Volgens mij het tekort schieten van de journalistiek. In de eerste plaats rukt Le Monde de uitspraak van Amrstrong al uit zijn verband door de keuze voor de kop boven het artikel. Daar is alles wat het perspectief van de verleden tijd geeft, uit weggelaten.

In de tweede plaats: journalisten lezen dus kennelijk niet verder en nemen die kop klakkeloos over. In de Avondetappe van zaterdag wist geen van de aanwezige sportjournalisten hoe het zat, en Bert Wagendorp lulde zich eruit met iets vaags over hoe moeilijk de vertaling zou zijn. Voor zover ik na kan gaan, is dat onzin.

Mijn vertrouwen in de wielerjournalistiek is ernstiger beschaamd dat dat in de wielersport. Dat is al een tijdje zo, en dit soort incidenten maakt het niet beter.

Geplaatst in Gesprek & debat, Opvallend | Geef een reactie

Eindelijk weer een Fietsvrouw-column

Louise Cornelis Geplaatst op 28 juni 2013 door LHcornelis28 juni 2013  

Het was al even geleden, maar net is er weer een Fiets Magazine verschenen met daarin een column van mij, of eigenlijk zelfs bijna een mini-essay, over de vraag: hoe krijg je je vrouw/vriendin zo ver om óók te gaan fietsen?

En ook recentelijk verschenen, niet van mij, maar ik gaf er wel tekst- of eigenlijk alinea-advies aan: het boek Vrij Spel, van Robijn Tilanus.

Geplaatst in verschenen | Geef een reactie

Goed spellen is veiliger

Louise Cornelis Geplaatst op 27 juni 2013 door LHcornelis27 juni 2013  

Ik kwam net een argument tegen voor goed spellen dat ik nog niet kende: het is veiliger. Ik internetbankierde net even, en toen kreeg ik bij ING het verzoek of ik hun nieuwe beveiligingssoftware ‘Trusteer Rapport’ wilde installeren. Ik dacht: ik doe dat niet zomaar, eerst eens even kijken of dat wat is. Dus ik googlen, en toen kwam ik op een pagina van Computable waar Cor Rosielle zegt:

Het feit dat Trusteer zelf onzorgvuldig is met de spelling van hun producten op hun eigen website (ze schrijven Trusteer Rappport soms met twee p’s en soms met drie p’s) is ook al in het voordeel van de malware-schrijvers, omdat de gebruikers niet vertrouwd worden gemaakt met een consequente spelling.

Dat vind ik interessant. Ik vind het vooral slordig als een bedrijf de naam van z’n eigen product niet goed spelt, maar het is dus ook onveilig. De gedachte is kennelijk dat je, als je altijd Rapport ziet staan, went aan dat woordbeeld en dus eerder doorziet als criminele software er een variant op geeft.
Dat spelling vooral een kwestie is van gewenning, dat weet ik dan weer wel, en dat ken ik ook als argument voor goed spellen en voor het lezen van verzorgde teksten. Als je nooit krijgd ziet staan, weet je gewoon dat hij krijgd fout is (zie deze post van 4,5 jaar geleden; het aantal hits op krijgd is inmiddels fors opgelopen).
Rappport met 3 p’s vind ik trouwens sowieso gek. Het was niet om die reden, maar ik heb het (nog?) niet geïnstalleerd.
Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Schrijftip: maatwerk

Louise Cornelis Geplaatst op 20 juni 2013 door LHcornelis19 juni 2013  

Eerder deze week kregen wij een brief van het hoogheemraadschap (althans – om precies te zijn kregen wij drie brieven van het hoogheemraadschap. Ons huis was ooit een boven- en benedenwoning; fysiek zijn die al lang samengevoegd en qua officieel adres sinds een jaar, maar we kregen de brief voor huisnummer 9, 9A en 9B – terwijl dat dus allemaal door één brievenbus in één huis belandt. Maar dat terzijde.)

De brief was gericht ‘aan de bewoners en perceeleigenaren aan een kade’ en had als onderwerp ‘U hebt een eigendom en/of woont aan een kade. Wat betekent dat voor u?’ Dit is hem (klik erop om ‘m leesbaar te krijgen):

IMG

Ik had er moeite mee – wat bedoelen ze nou eigenlijk, wat is de strekking, wat moet ik hiermee? Ik geloof: niets. Via die genoemde website is met enig speurwerk te achterhalen dat ze volgend jaar iets gaan doen aan onze kade. Maar wij wonen daar niet echt langs of op, en ik geloof ook niet dat onze schutting de kade beïnvloedt.

Onze 80-jarige buurman heeft echter een huisje waar zijn duiven in wonen, en hij was dus lichtelijk in paniek. We konden hem niet anders geruststellen dan door te zeggen dat het nog minstens een jaar duurt allemaal. Maar wat precies – geen idee. De website helpt wel iets, maar het is erg lastig om die algemene informatie op een concreet geval toe te passen.

Redactioneel is er wel het een en ander te verbeteren aan de brief. Er kan wat overbodige informatie uit, en wat er staat kan concreter met behulp van de informatie op de website. Maar dan nog blijft het een veel te algemene brief: aan eigenaren en/of bewoners en/of gebruikers, waarvan sommige wel en andere niet schuttingen en huisjes enzo hebben die wel of niet aan de regels voldoen en die wel of niet of tijdelijk weggehaald moeten worden, of waarvoor wel of niet een vergunning aangevraagd moet worden.

Als er zo veel vrijheidsgraden zijn, kun je nooit een duidelijke strekking (‘so what’) formuleren, want die verschilt te zeer per lezer. Soms kan een stroomschema in zo’n situatie soelaas bieden, maar dat wordt hier al gauw toch ook te ingewikkeld. Je kunt dus ook nooit een goede brief schrijven. Mijn advies hier zou dan ook zijn: niet doen. Sowieso niet nu communiceren, maar pas op het moment dat het actueel is. En dan niet in algemene zin, maar specifiek: wat betekent het voor deze lezer.

Een mogelijkheid zou bijvoorbeeld maatwerk zijn. Ongetwijfeld begint dat ‘iets’ wat ze gaan doen aan de kade met een inspectie. Zorg ervoor dat je dan een aantal brieven of kaartjes hebt die je bij bewoners in de bus kunt doen, met een boodschap die voor hen van toepassing is: ‘Beste bewoner, u hebt daar een schutting staan en die moet tijdelijk weg’ of ‘de boom in uw achtertuin mag daar niet staan’ – enzovoort. Liefst een kaartje per situatie, en anders een duidelijk en concreet invulformulier, waarop de inspecteur kan aankruisen wat van toepassing is.

De rest van de bewoners kun je eventueel laten weten dat er iets op til is, maar zonder allerlei moeilijke en dreigende dingen over moeten vrijmaken, legaal, terugplaatsen, vergunning, teleurstellingen enzo. Zo van: er gaat gewerkt worden, en als u niets hoort, hoeft u niets te doen.

Het is jammer dat de (semi-)overheid zo’n sterke neiging heeft om brieven te schrijven (zie hierover ook De brievenbus van mevrouw de Vries). Soms kun je dat beter laten. Doe het goed, of doe het niet. En goed wil zeggen: maatwerk.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Graag gedaan!

Louise Cornelis Geplaatst op 18 juni 2013 door LHcornelis18 juni 2013  

Net uit: Tekstblad nr. 3 van dit jaar, met daarin een column van mij met een schrijfadvies voor de plek van de hoofdboodschap, losjes gebaseerd op een post in dit blog, die weer gebaseerd was op piramide-onderzoek van Groningse studenten, en dus met dank aan Alette, Josien, Hilde en Sharissa.

Het is mijn laatste Tekstblad-column. Ik stop ermee omdat mijn inspiratie verminderde en ook omdat ik niet-betaalde werktijd vrij wilde maken voor andere dingen, zoals het boek over schrijven en organisatieverandering. Jammer natuurlijk, dat zeker, maar ik zal vast nog wel eens wat schrijven voor Tekstblad, en geïnteresseerden in mijn visie zijn hier op dit weblog van harte welkom.

In het redactioneel van dit nummer word ik mooi uitgezwaaid – ben ik blij mee! Ik citeer:

Deze editie bevat bovendien de laatste bijdrage van columniste Louise Cornelis. Louise laat zich lezen als een pittige tante, die in een luchtige en herkenbare stijl schrijft over schrijven en schrijfadviezen. Ze is wars van de sirenestijl (‘doe dit, doe dat’), maar geeft steeds een genuanceerd beeld van wat een goede tekst maakt. Onze dank is innig en gemeend.

Graag gedaan!

Geplaatst in verschenen | Geef een reactie

Helder gedacht (en opgeschreven)

Louise Cornelis Geplaatst op 18 juni 2013 door LHcornelis17 juni 2013  

Het boek bestaat al sinds 2010, maar ik heb het pas onlangs leren kennen. Vandaar dat ik nu pas kan zeggen dat ik erg enthousiast ben over Helder denken. De routeplanner voor je brein van Kees Kraaijeveld en Suzanne Weusten.

In de eerste plaats oogt het boek al heel mooi, zeker gezien het onderwerp. Kleuren, diagrammen, foto’s, schema’s, tabellen, veel wit, tussenkopjes… het is prachtig en functioneel vormgegeven. Dat is een soort practice what they preach, want de auteurs betogen dat het bij helder denken helpt om je redenatie of argumentatie uit te tekenen. Zo kom je eerder achter de zwakke plekken erin. Helemaal mee eens – niet voor niets lijken de argumentatieladders in dit boek sterk op piramides. Vorm, inhoud en leereffect gaan hier dus heel mooi samen.

In de tweede plaats heeft het boek een rijke inhoud. Drie onderdelen haal ik eruit. Voor alle drie geldt dat het boek zich daarmee onderscheidt van vergelijkbare boeken die ik ken:

  1. Het gedeelte over de relatie tussen helder denken en formuleren. Volgens dit boek kun je niet helder denken als je vaag formuleert, bijvoorbeeld door onvoldoende te specificeren met werkwoorden (zoals de handelende persoon bij lijdende vormen), in vergelijkingen (‘iets is groter’… dan wat?), in oordelen (wie zegt dat iets ‘veel te duur’ is?) en in verwijzingen, en door te veel jargon en generalisaties te gebruiken. Mee eens, en goed om dit probleem behandeld te zien als denk- en niet zozeer als schrijftechnisch probleem.
  2. Het hoofdstuk over denkfouten. Dingen waar we allemaal intuinen, zoals de zelfoverschatting, het halo-effect en het beschikbaarheidseffect. In de mij bekende boeken over argumentatieleer worden die niet zo behandeld – daar heb je drogredenen, maar zonder deze achterliggende mechanismen. Misschien is dat vanwege de achtergrond van de auteurs, die geen taalbeheersers of retorici zijn, maar psychologen.
  3. Het hoofdstuk erna, ‘Denker worden’. De levenshouding van de denker wordt daarin getypeerd door vier woorden: vurig, waar, helder en vrij. Vooral het eerste woord spreekt me aan: de vurigheid van de nieuwsgierigheid, de verwondering, de twijfel, van willen weten hoe het zit. Dat kan gedrevenheid voor de inhoud zijn, maar ook voor het denken zelf. Denkwerk klinkt als droog hersenwerk, maar zonder dat vuur heb je niet de puf om het te doen. Want helder denken is niet makkelijk en het gaat niet vanzelf. Het vuur is nodig om de inspanning ervoor op te kunnen brengen.

Tot slot bevat het boek leuke doe-dingetjes: opdrachten, een quiz, raadsels… en die zijn af en toe best pittig! Je kunt het dus lezen en ermee aan de slag – en dat is beslist de moeite waard! Ik ben me sinds een paar dagen weer een stuk bewuster van m’n denkfouten. Al is dat vast ook een beetje beschikbaarheidseffect.

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Sprekend proefschrift
  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!
  • Wat sneeuw doet met leesbaarheid
  • Frieten zonder c

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (324)
  • Opvallend (560)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (901)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑