↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Liever cijfers in getallen

Louise Cornelis Geplaatst op 9 juni 2026 door LHcornelis23 april 2026  

Ik leerde onlangs van collega Elke dat je getallen tegenwoordig beter in cijfers dan in woorden kunt opschrijven. Dus 3, 12 en 20 in plaats van drie, twaalf en twintig. Online zijn cijfers beter leesbaar, en het meeste wordt online gelezen. Zoals dit blog bijvoorbeeld ook. De richtlijnen die voorschrijven dat je tot 20 als woord uitschrijft, zijn eigenlijk een beetje ouderwets. Of nouja: geschikt voor papier. Ik hield me daar tot voor kort aan, maar doe tegenwoordig meer in cijfers. Een lezer die heel goed oplette, had het al kunnen merken.

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Een memorabel cabaretseizoen

Louise Cornelis Geplaatst op 1 juni 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Een paar jaar geleden schreef ik hier over het vele goede cabaret dat ik toen in een half jaar gezien had. Tussentijds bleef ik naar het theater gaan en wat ik zag, was de moeite waard, maar net dit nu aflopende seizoen was opnieuw memorabel. Memorabel genoeg voor weer eens een blogpost.

We zagen achtereenvolgens Fabian Franciscus, René van Meurs, Wim Helsen (try-out), Henry van Loon, Tobi Kooiman, Alex Ploeg, Hans Teeuwen, Sezgin Gülec, Martijn Koning, Lisa Osterman (try-out), Rob Scheepers, Micha Wertheim en David Linszen. Twijfelgevallen qua genre (waar ligt de grens van cabaret precies?) waren Erik van Muiswinkel (over Drs. P.), Roel C. Verburg (liedjes) en Nasrdin Dchar (verhaal).

We gingen vooral naar de drie Zeelandtheaters en Podium Reimerswaal; soms naar elders. We reizen er tegenwoordig meer voor dan vroeger, maar dat hebben we er graag voor over.  

Net als een paar jaar geleden zagen we vooral blanke mannen, gemiddeld misschien net iets jonger – wat je van het publiek niet kan zeggen: meerdere cabaretiers maakten opmerkingen over hun vergrijzende publiek. Er waren een paar nieuwe namen voor ons bij en die waren veelbelovend. De twee uitersten kwamen wel van de bekenden: Hans Teeuwen vonden we niet goed, daar hoeven we niet meer heen; Micha Wertheim ‘voor iedereen’ was een van de beste voorstellingen die ik ooit heb gezien. Dat zat hem vooral in de sublieme combinatie van licht (goede grappen) en donker (zware problematiek, diepgaande vragen) die zowel zeer persoonlijk als universeel was, maar ook in de theatrale keuzes: er was meer te zien en te horen dan bij een doorsnee cabaretvoorstelling. 

De relatie met m’n tekstenwerk is de taal. Ik kan enorm genieten van absurdistisch taalspel waarin de werkelijkheid op z’n kop gaat (Tobi Kooiman en Wim Helsen!), maar ook van goede taalgrappen, zoals die van Drs. P (Erik van Muiswinkel). Ik onthoud ze niet allemaal, maar wel een paar van David Linszens geweldige meertalige grappen, bijvoorbeeld dat een wortel in je kont een ‘peen in the ass’ is. Daar kan ik weer even op teren!

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Veranderend werk – een reflectie op 7 jaar

Louise Cornelis Geplaatst op 27 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Toen ik die blogpost laatst schreef over de opdrogende links-stroom realiseerde ik me bij de eerste bullet dat ik me al in geen jaren heb bezig gehouden met slide design. Nog wel een beetje met sliduments die alleen tekst bevatten, maar visualisering van boodschappen, grafiekvormkeuze enzo, dat is heel lang geleden. Dat is geen bewuste keuze, dat is zo gelopen: mijn huidige opdrachtgevers schrijven tekst, ze maken geen visuele presentaties. Ik vraag me af of dat echt toevallig zo, of is echte tekst weer aan een opmars bezig, ten koste van PowerPoint? Dat weet ik niet.

Ik ben een beetje ambivalent over deze verandering in mijn werk. Enerzijds zou ik het leuk vinden om me weer eens met een groepje slimme mensen te verdiepen in het visualiseren van boodschappen, anderzijds herinner ik me nog dat het me af en toe ging tegenstaan hoe weinig vooruitgang er is. Ik bedoel: toen ik eind jaren ’90 met PowerPoint ging werken, had ik nooit verwacht dat we in 2026 nog steeds zouden zitten knoeien met te volle slides, knetterlelijke grafieken en gebrekkige aanduiding van de hiërarchie. Het verbaast me dat nog steeds iedereen wat dat laatste punt betreft het wiel zit uit te vinden: er zijn nog steeds geen uitgekristalliseerde conventies. Dat was ik wel eens een keertje zat. Deels heb ik daar allemaal nog steeds mee te maken vanwege de sliduments, en ja, daar ga ik ook wel eens van zuchten. Maar een grote rol speelt dat niet in mijn werk.

Er is wel nog een andere grote verandering. Toen we 2 jaar geleden naar Kapelle verhuisden, ben ik gestopt met het geven van losse trainingen inleiding piramideprincipe. Dat was een beetje een melkkoe en financieel heb ik die niet meer nodig. Ik vond het bovendien altijd wel leuk om te doen, maar het rendement ervan was niet altijd groot (losse trainingen volstaan daarvoor niet), en zodoende vond ik het niet meer de moeite waard om daarvoor de hele tijd de reis naar de Randstad te maken. Een groot deel ervan kan immers mijn e-learning prima vervangen, en die doet dat ook.

Ik wilde me meer richten op werk dat, om het in consultants-termen te zeggen ‘meer waarde toevoegt’ en waarvan ik zelf ook veel leer, zoals schrijfbegeleiding (dus meewerken aan de totstandkoming van rapporten), trajecten tekstkwaliteitsverbetering en train-de-trainers, gevorderden- en gespecialiseerde trainingen en coaching. Dat is hartstikke goed gelukt en daar ben ik blij mee. 

Wat ik me alleen vooraf niet had gerealiseerd, is dat mijn werk daarmee ook een stuk intensiever is geworden. Die beginnerstrainingen kon ik na 20 jaar drómen, dus het voorbereiden en uitvoeren ervan kostten weinig moeite en waren voorspelbaar. Nu is de overgrote meerderheid van wat ik doe maatwerk. Onvoorspelbaar en onzeker dus, en het vraagt een boel denkwerk, zowel piramidaal als creatief (werkvormen uitdenken en dergelijke). Ik werk bovendien ook veel vaker intensief samen en dan zit er soms veel tijd in het coördineren van de samenwerking. Zo zeer zelfs dat ik me af en toe bijna manager voel. Dat vind ik allemaal hartstikke leuk: het is precies wat ik zocht. Maar het is wel een hele inspanning! Ik werk sinds onze verhuizing minder uren, maar dat voelt daarom niet altijd zo.

Samen met de ontwikkelingen op AI-gebied, inhoudelijk de grootste verandering op mijn vakgebied die ik heb meegemaakt, betekent dit dat mijn werk in een paar jaar tijd enorm is veranderd. Net daarvoor hadden we bovendien nog de coronatijd, waarvan het online werken is overgebleven, iets wat ik ook heb moeten leren toen.  Alles bij elkaar ervaar ik het, om nog maar een consultants-term te gebruiken, als een transformatie: 7 jaar geleden zag mijn werk er wezenlijk anders uit. Het is veranderd op een manier die ik me toen niet had kunnen voorstellen; in de ongeveer 20 jaar als zelfstandige daarvoor veranderde het veel minder hard.

Het is wel aanpoten (geweest)! Daar staat niet meer geld tegenover. Gemiddeld per uur wel, maar ik ben minder gaan werken en de inflatie was (en is weer) ook stevig. Ik denk dat ik niet de enige zelfstandige ben van wie het tarief de inflatie niet eens kan bijhouden, laat staan dat ik meer kan vragen voor dat intensievere werk. Ik vind nog steeds wel dat ik goed genoeg verdien.

De tijd die is vrijgekomen doordat ik minder werk, is vooral gevuld met onbetaald werk in de politiek. Daardoor ben ik niet minder druk dan voorheen; de mix is anders. Het fijne aan het politieke werk is dat het hier in de buurt is en dat ik ook daarin een boel nieuwe dingen leer (voorbeeld). En met de totstandkoming van de nieuwe partij volgende maand zijn het boeiende tijden.

De afgelopen 7 jaar leverden me een steile leercurve op. Wat overeind blijft, is de waarde van het piramideprincipe voor helder en overtuigend denk- en schrijfwerk. Dat doorstaat de veranderingen met vlag en wimpel! 

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Veranderende informatiestromen

Louise Cornelis Geplaatst op 20 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Tot bijna twee jaar geleden postte ik hier regelmatig een ‘oogst aan links’: een overzicht van interessante online bronnen die ik was tegengekomen. Die laatste post noemde ik al ‘karig’ en sindsdien is het er niet meer van gekomen. Dat komt volgens mij door een opeenstapeling van verschillende oorzaken die maar weinig met elkaar te maken hebben. Er is een vage gemeenschappelijke deler en dat is de rol van technologie, maar die pakt dan wel op verschillende manieren uit:

  •  SlideMagic was altijd goed voor een paar links in die oogst. Eerst viel dat stil vanwege de oorlog in Gaza en toen het weer een beetje op gang kwam, ging het over de integratie van AI in de presentatie-software, wat mij niet zo interesseert.
  • Ik haalde nogal wat van Twitter, en daar ben ik mee gestopt enige tijd nadat dat X werd. Ergens is dat jammer: ik mis zo echt wel interessante dingen, van vakgenoten die zelf schrijven of die verwijzen naar interessante zaken die zij elders zijn tegengekomen. Maar ik wilde niet meer meedoen met dat zootje van Elon Musk en ik vond ook dat ik veel te veel bagger moest verwerken om er de leuke dingen tussenuit te pikken.
  • Dat van die bagger geldt ook voor LinkedIn. Dat volg ik nog wel zijdelings, maar ook daar moet ik tussen grote hoeveelheden van wat een vriendin van me noemt ‘schaamteloze zelfpromotie’ te hard zoeken naar interessante zaken.  Wat ook niet meewerkt, is dat ik na een hack van mijn LinkedIn-account alleen kan inloggen met twee keer het dual-authentication-proces te doorlopen. ‘Even’ een blik werpen is er zo niet bij.
  • Schrijven met generatieve AI is zo mainstream geworden dat ik ben gestopt met het verwijzen naar interessante stukken daarover. Dan kan ik wel bezig blijven namelijk. Je moet wel onder een steen leven om niet te lezen over de kansen en mogelijkheden én de risico’s, zorgen en problemen ermee. Alleen de hoogst relevante dingen voor mijzelf en/of schrijvende adviseurs neem ik hier mee, en daarover post ik dan meteen.
  • Ook al eerder gesignaleerd: er verschijnt niet zo heel veel opzienbarends over schrijven, anders dan hoe je dat met AI doet (zie vorige bullet). Mijn indruk is dat het vakgebied hard bezig is met het absorberen van die grote verandering. 

Ook ik worstel met de overdaad aan sociale en andere media, en sommige daarvan begrenzen is zelfbescherming. Er blijven nog wel bronnen over die ik nauwgezet volg, daar ligt het niet aan. Ik bedoel: ik ben niet mijn interesse verloren ofzoiets. De belangrijkste daarvan is Neerlandistiek.nl. Ook lees ik van papier: naast de krant Onze Taal, Tekstblad, Tijdschrift voor Taalbeheersing en Schrijven Magazine. Ik blijf interessante dingen daaruit hier rapporteren, maar dat doe ik dan meteen, want opsparen duurt te lang. Ten opzichte van de tijden dat ik regelmatig een oogst aan links kon posten is dat jammer: toen leerde ik meer uit zulke bronnen. Maarja, de tijden veranderen, het is niet anders.

 

Geplaatst in Leestips, Opvallend | Geef een reactie

Informatieparadox: de leesinspanning waard

Louise Cornelis Geplaatst op 14 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

In mijn blogpost van een tijdje geleden beloofde ik terug te komen op de tweede leestip uit het tekstkadertje in het boek bij Marieke. Dat betreft De informatieparadox. Een blinde vlek in het openbaar bestuur van Ed van Thijn en Teresa Cardoso Ribeiro. Het is uit 2004 en niet meer in de handel; ik kreeg een tweedehands exemplaar. 

Het was de moeite waard, maar wel een taaie dobber. Het is ronduit slecht geschreven. Ik snapte niks van de structuur, in de zin dat elke volgende paragraaf als een soort verrassing kwam, ik geen lijn te pakken kreeg en regelmatig dacht: ‘dit heb ik toch al gelezen?’ Het bevat nauwelijks alinea’s, en/of de alinea’s zijn veel te lang. Er zijn er van anderhalve pagina! En een fiks aantal zinnen is lang en complex, met een boel tangen en haakjes en gedachtestreepjes, en met abstracte woorden. Hier is een voorbeeld, de eerste zin van hoofdstuk 2 (p. 41):

De sterke groei en professionalisering van het ambtelijk apparaat in combinatie met de functionele inrichting van het openbaar bestuur – een hoge piramide met informatielijnen die langs vele beleidskolommen lopen geordend naar beleidsterrein van gemeente tot het rijk en van uitvoerende dienst op afstand (tussen Den Helder, Maastricht, Groningen en Middelburg) naar de secretaris-generaal (SG) – weerspiegelen het detailleringsvermogen van de bureaucratie om tegemoet te komen aan de sterk gedifferentieerde verwachtingen van de postmoderne burger/kiezer (Rosenthal, 1996: p. 4; Van Leeuwen 1997, p. 40). 

Een van de extremere voorbeelden, dat wel, maar wel typerend voor de stijl. Ik vond het boek op het randje van onleesbaar en heb het dan ook niet allemaal grondig gelezen. Wel de passages waarvan ik dacht: hé, daar zit iets in! Want dat was wel degelijk zo, en uiteindelijk was het dus toch de moeite van de inspanning waard. Het directe raakvlak met mijn eigen werk is dat het knetterbelangrijk is om de voorkeuren van je lezer helder te hebben. Ik werk dat hieronder uit.

De paradox van de titel houdt in dat er steeds meer informatie komt, maar dat er toch dingen mis gaan als gevolg van gebrekkige informatievoorziening. Dat slaat dan in het bijzonder op de rijksoverheid, dus op de informatievoorziening van ambtenaren naar de bewindspersonen en de Tweede Kamer. Uit parlementaire enquêtes bleek dat informatie steeds een grote rol speelde in de affaires uit de jaren voor de publicatie van het boek (onder andere Srebrenica, bouwfraude, Bijlmerramp).

De gebrekkige informatievoorziening heeft een inhoudelijke kant (ambtenaren moeten selecteren), maar ook een vormkant: hoe presenteren ze de geselecteerde informatie? Voor het antwoord daarop maakt het boek een onderscheid tussen twee typen lezers, meer in het bijzonder: twee typen ministers (‘archetypen’):

  • Dossiervreters. Die willen zo veel mogelijk informatie zelf ontvangen en kunnen maar weinig delegeren. Ze willen frequent gedetailleerde informatie ontvangen, ook over hoe het proces verloopt.
  • De liefhebbers van A4’tjes. Die vertrouwen op het selectievermogen van hun ambtenaren en willen alleen rapportage op hoofdlijnen, en niet te vaak. Accent moet dan liggen op het al dan niet behalen van het eindresultaat.

Ambtenaren moet dus weten voor welk van de twee typen ze schrijven. Op basis daarvan bepalen ze wat ‘relevant’ is. Dat is een kwestie van ‘fingerspitzengefühl’ – er zijn nergens richtlijnen voor. De auteurs noemen de informatievoorziening dan ook weinig geprofessionaliseerd, in een wereld die verder aan elkaar hangt van de protocollen en de richtlijnen.

Eigenlijk is het aan de bewindspersoon zelf om duidelijkheid te scheppen welke informatie en hoe veel die nodig heeft, maar dat werkt in de praktijk niet goed, onder andere omdat de minister de sluitpost is van een lang selectieproces in de ambtelijke hiërarchie dat ergens aan de basis begint. Wat de minister bereikt, is het resultaat van een lang proces van selecteren en interpreteren. De ambtenaren die dat doen, zijn niet eindverantwoordelijk; de minister wel – een recept voor problemen.

Die ambtenaren verschillen bovendien ook weer van elkaar. Je hebt er bijvoorbeeld meer en  minder risicomijdende types tussen, en dat maakt uit voor hoe ze communiceren. Iemand die ‘zeker’ wil zijn, stelt het informeren van de minister soms te lang uit. Voor het selecteren en interpreteren speelt bovendien de wijdere context een belangrijke rol: sommige dossiers liggen onder het vergrootglas van de media of kunnen de minister diens politieke kop kosten. Wat relevant is, is context-gebonden. Dat maakt het formuleren van criteria lastig.

Enkele voorbeelden van hoe dat selectieproces mis kan gaan, komen me erg bekend voor:

  • Aan de minister voorleggen van een dichtgetimmerd beleidsadvies, waar keuzes met hun voors en tegens meer op hun plek waren geweest. Dat doen adviseurs ook, al doen ze vaker juist het omgekeerde, maar dat is de andere kant van dezelfde medaille: de voorkeur van de lezer onvoldoende voor ogen hebben. 
  • Compromissen worden verborgen achter verhullende taal. Zo houd je het conflict weg bij de minister. Eén van de oorzaken voor de ‘wolligheid’ van veel beleidsschrijven, niet op te lossen met er zomaar B2 of een andere norm voor heldere taal op los te laten. 
  • Als je de minister niet in het proces meeneemt, loop je het risico dat die te laat bijstuurt. Citaat: ‘Dan kan je weer opnieuw beginnen als het niet goed is’ (p. 80).

Een leuke anekdote vond ik nog dat minister Dales (BZK) via een cassettebandje werd bijgepraat, met klassieke muziek tussen de updates. Wat een mooi maatwerk! Zo zijn er wel meer heel persoonlijke voorkeuren.

In de bijlage staat dan wel een voorbeeld van een soort protocol, namelijk van toetspunten van BSG (?). Dat gaat echter nogal om de tekst, niet om het selectieproces. Het bepleit tot mijn genoegen hoofdboodschap voorop (‘Nota begint bij voorkeur met een kort en bondig advies, liefst vet gedrukt’, p. 107). Wel laat zo’n protocol wat mij betreft zien hoe moeilijk het is, want het bepleit bondigheid maar vraagt ook ‘Is alle relevantie informatie aanwezig?’ en ‘Zijn de afwegingen zichtbaar?’ (p. 106). Dat zijn voor alle schrijvers lastige spanningsvelden.

En als ik het dan toch over de bijlagen heb… daarin staat een lijst van 30 redenen om de minister (nog) niet te informeren, allemaal  naar voren gekomen uit het bevragen van ambtenaren. Die vonden ze allemaal ‘dwingend, legitiem’. Het gaat dan om redenen als ‘onderwerp te futiel’, ‘geen slapende honden wakker maken’, ‘geen maten naaien’ en ‘minister is on his way out‘ (p. 103/104). Daar keek ik wel van op!

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Tol betalen als dat niet kan

Louise Cornelis Geplaatst op 10 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Een tijdje geleden, namelijk op zaterdagochtend 7 maart, kwam een vriend van me uit omgeving Haarlem deze kant op via de ’toeristische’ route: over de dammen en de dijken (N59). Dan is het het handigste om via de tunnel in de A24 te rijden: de Blankenburgverbinding. Dat is een toltunnel, en dus keek hij van tevoren op de site hoe dat werkt. Toen zag hij dit:

Hij appte het mij nog: ik bof, en wat grappig dat ze excuses maken voor het niet hoeven te betalen van tol.  

Ik moet zeggen, als ik dat nou opschrijf, denk ik: ja, daar had een alarmbelletje moeten gaan rinkelen. Maar eerlijk gezegd: ik interpreteerde het precies zoals hij, namelijk dat hij bij een passage door de tunnel op die zaterdagochtend geen tol hoefde te betalen.

Hij keek dus aardig op z’n neus toen hij een tijdje later een rekening kreeg. Voor de tol, € 1,57, plus € 9 ‘administratiekosten’. Nou moe!

En toen pas viel het kwartje. Door de toch wat bijzondere constructie van die tolheffing betekent ’tol betalen’ het afrekenen dat je naderhand (of ervoor) zelf moet doen. Dat lag eruit – de website dus. Niet het systeem van tol heffen (de camera’s boven de weg).

Je moet dus tol betalen, ook op momenten dat je niet kunt betalen. Ja, dat is toch een beetje een kronkel. Die – denk ik – voor een deel ligt aan verwarrend taalgebruik. Iets meer woorden misschien, bijvoorbeeld:

U kunt dan niet op deze site terecht om uw tolbedrag te voldoen.

Of misschien helemaal expliciteren met een uitleg-zin erachteraan nog:

U kunt dan wel door de tunnel rijden en bent in dat geval ook tol verschuldigd.

Dat is iets wat je echt even zou moeten testen: wat werkt het beste?

Later die maand was het in het nieuws dat het vaak fout gaat met dat betalen. Ik vind dat niet gek. Ik ben er zelf ondertussen ook weer een keer doorheen gereden en toen viel me op hoe subtiel eigenlijk de signalen zijn. Je moet behoorlijk intensief de borden lezen om te weten dat je tol moet betalen, en dan moet je daarna dus nog gaan uitzoeken hoe dat moet. Wat me ook nog opviel: op de borden stonden de oude prijzen, met een melding erbij dat die niet meer golden (ik weet niet precies wat er stond, maar zoiets). Dat vond ik ook niet heel netjes. Het scheelt 6 cent ofzoiets, maar dat zouden ze toch moeten aanpassen, vind ik.

Het blijft natuurlijk ook gewoon echt raar:  er staan daar geen poortjes, maar je moet wel tol betalen, en dat moet je zelf maar uitzoeken verder. Paradoxaal genoeg rijd je bij de Westerscheldetunnel wél door poortjes, compleet met slagboom, maar hoef je géén tol te betalen. Het is echt lastig te begrijpen.

Of liever gezegd: het is allemaal heel logisch als je het weet….

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Barbaar!

Louise Cornelis Geplaatst op 6 mei 2026 door LHcornelis21 april 2026  

Ik ga altijd netjes om met mijn boeken. Ik schrijf er bijvoorbeeld niet in. Als ik aantekeningen maak, doe ik dat op een los blaadje. Dus geen strepen of opmerkingen in de kantlijn of accenten met een markeerstift. Dat doe ik nu niet, dat deed ik ook al niet als student. Ik heb er wel een paar met schade, maar dat is dan door ruig gebruik (vochtig geworden tijdens een kampeervakantie), intensief lezen (knak in de rug), een ongelukje (koffievlek) of de scherpe tandjes van onze huisdieren: hamsters. Dat vind ik dan ook weer niet heel erg: het zijn gebruiksvoorwerpen.

Dat ik ze niet ‘modificeer’ heeft er vooral mee te maken dat ik ze misschien nog wel een keer wil gebruiken of wil uitlenen of weggeven, en dan niet wil dat het eerste gebruik zo ‘opdringerig’ is. Ik heb wel herinneringen aan geleende of tweedehands boeken met markeringen die me afleidden.

Het is dus vooral om pragmatische redenen dat ik m’n boeken netjes behandel, en daarom maak ik er ook wel uitzonderingen op. Zoals laatst. We waren in voorbereiding op een fietsvakantie die grotendeels over beschreven routes voert. Daar hebben we de boekjes van aangeschaft. We navigeren wel met GPS, maar de boekjes zijn handig als back-up en voor de informatie, bijvoorbeeld over bezienswaardigheden, landschap en praktische zaken. Maar van elk van de routes deden we maar een deel. Op fietsvakantie wil ik het gewicht en volume van m’n bagage beperken, dus wat te doen? Welnu, ik heb de bladzijden die we niet nodig hadden, eruit gescheurd:

Ondanks m’n pragmatische inslag voel ik me dan toch een beetje een boeken-barbaar…

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Dank!

Louise Cornelis Geplaatst op 28 april 2026 door LHcornelis28 april 2026  

Ik kreeg afgelopen vrijdag tot mijn verrassing een bos bloemen thuisbezorgd van een opdrachtgever met wie ik een beetje een geschiedenis heb van problematische afhandeling van mijn facturen. De laatste was ook weer een tijd blijven liggen ergens, vandaar. Dat had ik trouwens ook pas laat ontdekt, vanwege de jaargrens – dan zie ik die lege plek in m’n oude administratie niet de hele tijd. Ze kunnen er ook niet altijd zelf wat aan doen en het komt uiteindelijk altijd goed. Een bloemetje had daarom echt niet gehoeven, maar ik vind het wel heel leuk! Ze werden vrijdagmiddag bezorgd en fleurden dus het lange weekend op.

Geplaatst in Uncategorized | Geef een reactie

Brief van de week

Louise Cornelis Geplaatst op 17 april 2026 door LHcornelis17 april 2026  

Ook mijn derde ingezonden brief aan de PZC (in twee jaar wonen in Kapelle) heeft de krant gehaald. Gister al online, en tot mijn verrassing vandaag in de papieren krant als ‘Brief van de week’:

Tekst brief onder kop 'brief van de week', met foto van snelweg met bord over de afsluiting

(klein dingetje wat me opvalt: in het online stuk staat berichten er over, da’s een spelfout, ik had zelf erover geschreven, zoals het hoort, en in de papieren krant is het woord weg!)

Geplaatst in verschenen | Geef een reactie

Boek over een soort collega besproken

Louise Cornelis Geplaatst op 7 april 2026 door LHcornelis7 april 2026  

Op Neerlandistiek.nl worden, in enkele maanden tijd, alle boeken besproken die zijn aangemeld voor de Libris Literatuurprijs (‘groslijst’). Dat doen een heleboel verschillende lezers van de site. Ik ben daar een van: gister is mijn recensie verschenen. Die gaat over Het tekstbureau van Alfons Hoefjes. Ik had dat boek uitgekozen omdat het gaat over een mede-tekst-ZZP’er. Ik vond het leuk om te doen, ook al vond ik het boek maar zo-zo. Hoe dat zit, lees daarvoor maar die recensie!

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Recente berichten

  • Liever cijfers in getallen
  • Een memorabel cabaretseizoen
  • Veranderend werk – een reflectie op 7 jaar
  • Veranderende informatiestromen
  • Informatieparadox: de leesinspanning waard

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (332)
  • Opvallend (570)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (912)
  • Uncategorized (48)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (207)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • juni 2026
  • mei 2026
  • april 2026
  • maart 2026
  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑