↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Overige bordjes

Louise Cornelis Geplaatst op 9 juli 2026 door LHcornelis25 juni 2026  

In de vorige posts zijn al wat markante bordjes van onze recente fietsvakantie in Frankrijk en Spanje gepasseerd; hier komt een verzamelpost van 10 andere, allemaal dingen die me opvielen vanaf de fiets. 

Om te beginnen: de Franse bordjesoverdrijving. Ik denk dat iedereen het wel weet: in het Franse verkeer doen ze het met veel meer bordjes dan wij. Zo hangt er onder elk driehoekig bord ‘voorrangsweg’ ook nog een kleintje met de tekst ‘cédez le passage’, waarbij ik altijd denk: ‘maar dat betekent het bord ook al’. Of neem de talrijke rappel-bordjes, alsof ze een heel slecht geheugen hebben. Op de voies vertes, de gecombineerde fiets- en wandelpaden, barst het van de bordjes die dat aanduiden:

Bordje voie verte met hekken over het pad, in de verte een kasteel en ik fietsend, op de rug gezien

Vaak voorzien van zo’n obstakel. Hier snap ik het helemaal niet, maar ook als het alleen maar was bij de oversteek van een karrenpad uit een weiland leek het me nogal overdreven. Overal moeten fietsers voorrang geven, en draaien om die hekken… Verder was het er heerlijk op fietsen.

Ook die voie verte-borden spreken niet voor zich, want er hing heel vaak een bord onder dat de toegang voor auto’s specificeerde, zoals dit:

Bordje voie verte met eronder 'Sauf ayants droit autorisés'

Maar daar is iets geks mee. Er staat eigenlijk: dit is een pad voor voetgangers en fietsers, behalve voor rechthebbenden. Huh? Je moet daar zelf eerst een tussenstap zetten: ‘dus verboden voor auto’s’. Daar grijpt behalve op aan. Dat maakt het een extra interessante, maar los daarvan denk ik: bij ons hoeft dat er niet elke keer onder te staan, dat spreekt voor zich, dat bijvoorbeeld een dienstauto over het fietspad mag. 

Dat was niet de enige keer dat de borden verwarden. In Saint-Jean-Pied-de-Port hebben we een tijdje staan puzzelen op deze overdosis met wat fascinerende details (bijvoorbeeld: het ontbreken van 3 in het bovenste Eurovelo-symbool):

Wirwar van fietsbordjes, bijvoorbeeld: zowel naar links als naar rechts kun je naar Roncevaux en Pampelune

Pampelune voor Pamplona vond ik dan weer leuk klinken.

De voie vertes bepaalden dagenlang ons fietsende bestaan. De ViaRhôna volgden we het langst, 4,5 dag, en toen konden we dit bordje dromen: 

Fietsbordje ViaRhôna

In Spanje hadden we ook nog een keer een weg met heel veel bordjes, namelijk toen we het dal van de Erro volgden. De weg stak het riviertje regelmatig over, en bij elk bruggetje stond een bordje. Ook daarbij dacht ik: alsof ik het zo snel vergeet. Na een paar dacht ik: ik had ze moeten tellen. Ik nam me voor om de eerstvolgende dan maar op de foto te zetten, en toevallig was dat net de meest aftandse:

Bordje Erro

Wat ik in Frankrijk dan weer grappig vond, was dat ik sommige geografische aanduidingen nogal met wijn associeer, en dus bijvoorbeeld moest grinniken bij de naam van dit kanaal:

Canal Entre Champagne et Bourgogne

Dat klinkt in mijn oren toch een beetje als de slokdarm van een wijnliefhebber.

En dan nog een, beetje flauw, maar als Bevelander is het grappig om te zien dat het Franse Goes er een accentje bij krijgt:

Goès

Ook een grappige: in Spanje word je, als er een snelweg nadert, als fietser op een hoop gegooid met paard en wagen:

Pijl 'uit' voor voetgangers, fietsers, tractoren en paard&wagen (blauwe cirkels met pictogram)

Op de fiets zijn pasbordjes me altijd dierbaar. Het waren er niet veel, maar deze in de Pyreneeën stond op het letterlijke en figuurlijke hoogtepunt van ons fietsen:Ibañeta 1057 m

Dan nog eentje waarvan dit de enige foto is, bij een bakker, maar het verschijnsel heb ik vaker gezien: aankondigen dat je tous les jours open bent, terwijl op het bordje blijkt dat dat niet zo is. 

Horaires. Tous les jours... Mercredi: fermetureDaar zou ik toch ander advies over geven, maar aangezien ik het vaker zag, is het in Frankrijk misschien minder ‘fout’ of verwarrend dan hier? Merk ook op dat de verdeling van de tekst over het blad ook niet handig is, vooral voor wat betreft de mededeling over de machine waar je ’s middags brood uit kunt halen.

Dit soort observaties, ja, het is beroepsdeformatie, maar ik vind het echt iets toevoegen aan mijn vakantieplezier. Dat is gelukkig niet strijdig met elkaar: mijn vak hoeft niet ‘uit’ als ik op vakantie ben.

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

Philips beluisterd

Louise Cornelis Geplaatst op 9 juli 2026 door LHcornelis9 juli 2026  

In een van mijn vakantieterugblikken (nog niet afgelopen) schreef ik onlangs dat ik ook in Nederland regelmatig verzucht ‘een beetje meer tekstkwaliteitszorg, graag’, als ik me verbaas over het gebrek daaraan bij bedrijven en overheden. Zeker als dat gerenommeerde organisaties zijn. Ik had er net weer een voorbeeld van.

We hebben een raar probleem met onze TV van Philips. Die is al een paar jaar oud maar sinds kort vraagt hij elke keer een paar minuten na aanzetten of hij onze gegevens mag doorspelen aan tig ‘partners’. Wat we ook doen, dat scherm komt elke keer terug, erg irritant. Op advies van Philips hebben we hem gereset, wat niet hielp, maar in dat proces kwam wel een melding voorbij met dit zinnetje:

Wat u ook kijkt, speelt, of beluisterd.

In eerste instantie dacht ik: hoe is het toch mogelijk, zo inconsistent spellen, met eerst 2 juiste t’s en dan toch een foute d. Meteen daarna realiseerde ik me dat kijkd en luisterd onmogelijke woorden zijn en beluisterd niet, dat zal het verklaren. 

Maar dan nog denk ik: hoe kan er bij zo’n bedrijf als Philips zo’n oenige d/t-fout doorglippen? Ik leg qua spelling heus niet op elk slakje zout, maar dit vind ik typisch een voorbeeld van onvoldoende tekstkwaliteitszorg. Dat de marketeer die dit heeft verzonnen niet goed is in werkwoordspelling, okee. Maar kijkt daar dan verder niemand naar? Dat vind ik raar. En dat is wat ik bedoel met ‘zorg’: bouw iets in in de kwaliteitszorg waardoor iemand dit soort fouten corrigeert voor ze de markt op gaan. 

 

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Product zonder naam

Louise Cornelis Geplaatst op 6 juli 2026 door LHcornelis25 juni 2026  

Het leuke van vakantie is dat je met frisse ogen kijkt naar dingen die thuis vanzelf spreken. Althans, zo interpreteer ik de observatie die ik eerst in Frankrijk en Spanje deed, en later thuis ook: ik eet een product zonder naam.

Ik eet graag sojayoghurt bij mijn ontbijt. Gelukkig was dat in Frankrijk en Spanje in de meeste supermarkten ook verkrijgbaar. Sterker nog, ze hadden een smaak die hier niet verkrijgbaar is en die ik erg lekker vond, met stukjes geweekte haver erin:

Ik keek er eens goed naar, en toen viel me op dat er niet op de verpakking staat wat erin zit. Natural is niet de inhoud, dat is alleen maar de smaakaanduiding: zonder toegevoegde smaak. Vergelijk maar met wél een smaak, mango:

Wonderlijk, ik noem dat toch echt sojayoghurt. Ik ben daarin zeker niet de enige, zo blijkt als ik google. Al valt me dan meteen op dat sommige supermarkten hun huismerk ook niet zo noemen, maar soja gurt of soja plantaardig alternatief voor yoghurt. Dat bekt ook niet lekker, maar het heeft tenminste wel een naam.

Het zal wel te maken hebben met de moeilijkdoenerij rond plantaardige alternatieven. Yoghurt mag niet als het geen zuivel is, en het ene merk trekt zich daar meer van aan dan de ander. Kwark mag kennelijk wel, althans, dat staat gewoon als productnaam op de website van Alpro. Eén van de redenen waarom ik dat verbod jammerlijk vind, is dat op die manier een kloof schept tussen officiële bewoordingen en dagelijks taalgebruik. Iedereen noemt dit spul sojayoghurt. 

Maar goed, dat je als groot merk voorzichtig bent, okee, maar een product zonder stofnaam, dat is gek. Daar moet je toch de naamsbekendheid van Spa voor hebben, dan wordt de merknaam de stofnaam. Dat lijkt me bij Alpro niet het geval. Ik vind gurt en plantaardig alternatief voor ook niets, maar kom op, Alpro, een beetje creativiteit….

Dat had ik op vakantie bedacht, en toen dacht ik nog: in Nederland staat het er wel gewoon op. Maar nee, het was me nog niet eerder opgevallen dat het ook hier een product zonder naam is:

Dat is het resultaat van vakantie: met frisse ogen kijken naar alledaagse dingen.

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

Korstjes in je sla

Louise Cornelis Geplaatst op 30 juni 2026 door LHcornelis25 juni 2026  

Op onze vakantie kwamen we in twee situaties in aanraking met Nederlands dat door Franstaligen is vertaald: in Wallonië vanwege het tweetalige land en in Frankrijk met het oog op de vele Nederlandse toeristen. Ik vond het frappant hoe veel fouten daarin te zien waren. Soms hilarisch. Van beide een voorbeeld.

  • In Namen aten we Mexicaans in een aardig restaurant. De kaart was er in verschillende talen, waaronder het Nederlands. Nouja, Nederlands… Eén van de gerechten was ‘Sla met korstjes’. Dat klinkt nou niet echt smakelijk… Dat je tussen salade en sla de verkeerde kiest en dat woord zo eigenlijk teveel ‘vernederlandst’, okee, maar die korstjes… het kostte toch even denkwerk met behulp van Google Translate om te achterhalen dat het Franse origineel croûtons geweest moest zijn, want croûte is Frans voor korst. Tsja, daar gebruiken wij een Frans leenwoord voor, dat moet je maar net weten. De hele verdere vakantie hebben wij ermee gegrapt: ‘wil jij nog korstjes in je soep?’
  • Op een camping in Frankrijk hing dit bordje:
    Les sanitaires sont réservés aux résidents du camping --> Gezondheid alleen voor bewoners van de campingDaar moesten we hartelijk om lachen. Maar sneu voor de niet-kampeerders is het wel!

Okee, grappig, en de tweede deed me mijmeren over hoe moeilijk vertalen is en dat sanitair natuurlijk inderdaad met gezondheid te maken heeft. Maar het verbaast me ook wel dat bedrijven geld uitgeven aan menukaarten en bordjes en dan zo achteloos met de tekst omgaan. Google Translate doet het in beide gevallen al beter (croutons en de sanitaire voorzieningen), dat inzetten is toch niet zo veel gevraagd? Of anders hoef je maar een Nederlandse gast aan te spreken, vast wel iemand die het leuk vindt om even mee te denken (ik!) Een beetje tekstkwaliteitszorg, graag! Iets wat ik wel vaker verzucht, ook in Nederland…  

Tot slot nog eentje van een iets andere orde: die onderaan is alleen een schrijffout, en eentje die ik me kan voorstellen, want onze ij is echt een rare letter:Vier richtingbordjes, onderste is naar Rjik ZwaanMaar dan nog…. als het mijn bedrijf was, zou ik toch even bellen.

Geplaatst in schrijftips, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

Franse vaardigheden

Louise Cornelis Geplaatst op 26 juni 2026 door LHcornelis25 juni 2026  

Zoals ik op dit blog gemeld had, ben ik 2 jaar bezig geweest met het opkrikken van  m’n Frans. Eerst met een e-learning, daarna met les. De laatste les was alweer een jaar geleden toen onze fietsreis ons onlangs 4 weken in Frankrijk bracht. Voor dat tussenliggende jaar had ik plannen gemaakt om mijn luistervaardigheid nog te verbeteren, maar daar is niks van gekomen – zo gaat dat. Ik was benieuwd hoe het me zou vergaan.

Welnu, dat luisteren is inderdaad een dingetje, dat blijft echt moeilijk. Spreken ook. Net als tijdens Franse les moest ik soms alle zeilen bijzetten om het gezegde te volgen, en dan bleef er in mijn hoofd niet genoeg ruimte over om te bedenken hoe te reageren. Dat viel me niet helemaal mee, al had ik ook wel bevredigend succesvolle interacties (‘jippie, ze verstaan me!’) Dat beperkt zich dan wel tot functionele zaken; ouwehoeren in het Frans is me te moeilijk.

Soms was ik wel trots op m’n gesprekjes. Een keer werden we aangesproken door een fietster die iets vroeg wat ik niet helemaal verstond, maar wel bij elkaar kon gokken: of iets (een brug?) verderop wel open was. Ik antwoordde iets met ‘nous espérons’ erin en hoorde vervolgens hoe zij zich tot haar mede-fietsers wendde met iets als ‘ze weet het ook niet, ze hoopt van wel’. Yes! Het bleek overigens niet zo te zijn, wat 20 kilometer omrijden betekende:

Wat me soms wat frustreerde, is dat Fransen veel makkelijker dan vroeger overschakelen op Engels. Dat ik dan in m’n beste Frans iets vroeg, en antwoord kreeg in het Engels. Dat maakte oefenen lastig – iets wat je van leerders van het Nederlands ook altijd hoort. In het algemeen maakt het het land wel toegankelijker en makkelijker, moet ik zeggen. Ik heb ook niet meer de ervaring gehad van vroeger: dat Fransen je niet leken te willen verstaan als je het niet precies goed uitsprak.

Schrijven en lezen ging me beter af. Dat geeft simpelweg meer tijd. Ik heb wat dingetjes geschreven vooral in contact met verhuurders van appartementjes enzo, en dan vond ik het leuk om  m’n best te doen op goede werkwoordsvervoegingen (‘kijk eens, ik gebruik een subjunctief!’). Een beetje vak-idioot voel ik me dan wel.

Ik vond het ook leuk om, soms met behulp van Google, tekstjes te ontcijferen. Ik had aanleiding om een rouwkaart te kopen, en in de verpakking zat een papiertje met 9 te kopiëren standaardtekstjes. Ik kan me verwonderen over hoe eloquent die klinken, vooral door de beknopte bijzinnen met een deelwoord:

Bouleversés par cette terrible nouvelle, nous vous adressons nog plus fidèles pensées et nou nou associons à votre chagrin

Très affligés par cet événement cruel, nous avons peine `à trouver les mots.

Mooi uitgedrukt zeg, tsjonge. Ik kan daar een soort-van jaloers op zijn, zo van: ik wou dat ik het zelf zo mooi kon formuleren. Ergens kriebelt het nog steeds wel om door te gaan met Frans, maar hoe dan? Daar ben ik nog niet uit. Wat wel motiveert, is dat ik het zeer naar mijn zin heb gehad, 4 weken lang – ik wil er echt wel vaker op vakantie.

Ik heb ook nog wel wat bijgeleerd. Op vakantie kom je woorden tegen die je op les niet leert. Barrée en déviation kende ik al, maar passerelle voor fietsbrug niet bijvoorbeeld. In de hittegolf in de Pyreneeën kreeg ik last van voetschimmel. Dat heb ik eens in de zoveel jaar, zalfje smeren en opgelost. Dus ik naar de apotheek voor zo’n zalfje. Maar wat is voetschimmel in het Frans? Daar gaat het in een cursus niet over. Het bleek pied d’athlète te zijn en daar kon ik wel wat mee, want in het Engels is het ook athlete’s feet. Succesvolle interactie: ik kreeg wat ik nodig had en verstond de instructie over deux fois par jour. Bij het afrekenen ging de apotheker over op het Engels, hmm, jammer.

Eenmaal terug op de camping las ik de bijsluiter, en daaruit begreep ik dat het Franse woord voor dit type schimmel is…. champignon! Daarover maken we nog steeds grapjes. Zowel dat ik champignons kweekte op m’n tenen als dat we voetschimmel doen door de ratatouille. Een Frans woord dat ik niet meer vergeet.

 

Geplaatst in Opvallend, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

Werken op een voormalige bowlingbaan

Louise Cornelis Geplaatst op 24 juni 2026 door LHcornelis24 juni 2026  

Voor alles is een eerste keer… vanmiddag heb ik voor het eerst ooit een zaaltje gehuurd voor mezelf om te kunnen werken. En dat na 25 jaar als zelfstandige!

Het was in De Koploper, naast het station in Goes. Leuke plek, met speelse details als dat de zaaltjes perron heten (ik zat in perron 4) en dat het blad van mijn werktafel gerecycled was: in zijn vorige leven was het de bowlingbaan van een hotel in Cadzand, 40 jaar lang, zo stond op een bordje aan de muur.

Dat ik uitweek, had te maken met een samenloop van omstandigheden: training geven, treinen rijden deze week niet hier, en thuis was er herrie door werkzaamheden aan de badkamer. Daar kwam de hitte nog bij, maar dat was toeval. De Koploper heeft geen airco, maar ik vond het er goed te doen. Het was er koeler dan in mijn eigen werkkamer.

Mijn eerste externe werkplek: voor herhaling vatbaar.

 

 

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Grice in Navarra

Louise Cornelis Geplaatst op 23 juni 2026 door LHcornelis24 juni 2026  

Aan het eind van mijn blogpost van vorige week hintte ik naar de maximes van Grice om te kunnen uitleggen waarom Sjef van Oekel zo grappig is. Als taalgebruikers weten we allemaal onbewust dat een uiting coöperatief is: dat je niet zomaar iets zegt, dat je informatief bent, eerlijk, helder en ter zake. Met nuances overigens, maar dat is wel de basis. En als het lijkt dat je niet informatief, eerlijk en ter zake bent, bedoel je er kennelijk iets mee, en dan ben je het alsnog. 

Die maximes houden onder andere in dat je met je uiting nadrukkelijk iets anders niet zegt. Ik moest dat laatst nog uitleggen aan iemand van een actiegroep hier in de buurt die posters verspreidde met protest tegen de koeltorens bij eventuele nieuwe kerncentrales in Borssele. Als je met je poster zegt ‘we willen geen koeltorens in Borssele’, impliceer je daarmee dat kerncentrales zonder koeltorens dus wel okee zijn. Ik vroeg me af of dat de bedoeling was; volgens hen zag ik het verkeerd (; 

Aan datzelfde principe moest ik op de fiets door Navarra regelmatig denken. De gemeentes hadden daar bij het ingaan van de bebouwde kom veelal zo’n bordje:

(Het gaat nu even niet om de tweetaligheid of het Baskisch, maar merk op: Vianak zou wel eens de ergatief kunnen zijn van Viana, en de woordvolgorde is dan gelijk aan de Indo-Europese, met de handelende persoon voorop – maar dat weet ik niet zeker).

Gemeente Viana tolereert sexistische agressie niet, dat is mooi, maar het impliceert ergens ook dat het buiten de gemeente wel okee is en dat andere vormen van agressie in Viana wel getolereerd worden. En dat ik daar niet mee overdrijf, illustreerde manlief wel, die spontaan zei: dus als we de gemeente uit zijn, mag ik jou weer slaan?

Ik snap de bordjes wel, maar ik krijg er toch ook jeuk van. Niet alleen vanwege Grice, maar ook omdat ik niet geloof dat zulke bordjes iets oplossen. Hopelijk doen de Navarrese gemeentes meer dan dit.

Ik bewonderde op zo’n bordje in Los Arcos wel de woordvorming met LGBTI in beide talen:

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

Verwondering over streektalen

Louise Cornelis Geplaatst op 19 juni 2026 door LHcornelis22 juni 2026  

In onze vakantie doorkruisten we twee gebieden met een eigen taal: Occitanië en Baskenland. Ik heb gekeken en geluisterd om erachter te komen wat daar de positie van was, een beetje zoals ik vorig jaar ook in Ierland deed (terzijde: het Iers is een officiële landstaal, Occitaans en Baskisch niet, dat zijn streektalen, in Frankrijk niet eens officieel). Mijn observaties waren wonderlijk tegenovergesteld aan wat ik  had verwacht, en ergens snap ik daar niks van. Dus dit is een blogpost meer met verwondering dan met antwoorden.

In de eerste plaats: wat er te horen viel. Ik heb meer Occitaans gehoord dan Baskisch. In Arles op de markt was Occitaans te horen: voor mijn oren een wonderlijke kruising tussen Spaans en Frans, waar ze geen grip op krijgen. Later werden we in de bergen een keer in het Occitaans aangesproken door een automobilist die ons zag zoeken naar de goede weg. Als omgangstaal lijkt het dus springlevend.

Voor Baskisch heb ik mijn oren gespitst, tijdens de kleine week dat we door Baskenland fietsten. Ik zei voor de grap: ik wil graag een ergatief in het wild spotten. Ik heb het niet gehoord. Niet op straat, in winkels, op de markt, in kroegjes, in de trein…Nouja, de omroep in de trein, zodra we vanuit Burgos de grens met Baskenland overstaken: meteen alles tweetalig. Ik had meer verwacht, want ik had begrepen dat het Baskisch het dankzij stimuleringsbeleid goed doet. In Spanje althans.

Op het allerlaatst, in Pamplona, heb ik wel even gepraat met een Baskischtalig stel, maar ik heb ze door de slechte akoestiek in het restaurant het niet horen gebruiken. Het was wel even interessant. Ze vertelden dat in de autonome regio Navarra het Baskisch niet zo veel status heeft, het zijn ook niet heel veel sprekers, en dat terwijl Pamplona van oudsher de hoofdstad van Baskenland is. De autonome regio Baskenland ligt westelijker, en daar is het Baskisch beter beschermd, bijvoorbeeld verplicht voor mensen in overheidsdienst. We zijn daar maar heel even geweest, in een hoekje van Álava, maar net daar wordt amper Baskisch gesproken: de grenzen van de autonome regio’s corresponderen niet met het taalgebied. Om het ingewikkeld te maken!

Het enige andere spoor van actief gebruik van het Baskisch was een liturgie die ik in een kerk in Saint-Jean-de-Port (Frankrijk) zag liggen: alleen de Bijbellezingen waren in het Frans. Maar ook daar heb ik het niet gehoord. 

Geschreven was het precies andersom. Ook in Frankrijk vallen de grenzen van Baskenland niet samen met enige vorm van provincie- of staatsgrens, maar aan de officiële bordjes was goed te zien wanneer we in Baskenland waren: meteen alles tweetalig. In Navarra idem dito. De regio verwelkomde ons bijvoorbeeld zo:

Deze, iets verderop, vond ik leuk omdat het woord voor fietsers erop te zien is, txirrindulariak, maar wel vraag ik me af of je door de week dan niet op ze hoeft te letten? Wij reden er op een dinsdag…

Je ziet aan deze twee voorbeelden heel goed hoe anders Baskisch is!

In Frankrijk was bovendien relatief veel Baskisch activisme te zien, bijvoorbeeld door alle Franse aanduidingen door te krassen:

In Spanje is dat mogelijk niet meer nodig, daar heeft het Baskisch tegenwoordig meer z’n plek, dankzij de decentrale politiek met de autonome regio’s. Frankrijk is veel centralistischer immers. In Spanje zagen we nog wel leuzen op muren, maar geen doorkrassingen. 

Geschreven Occitaans heb ik niet gezien, nouja, niet anders dan op tweetalige plaatsnaambordjes, en dan ging het om – in mijn ogen – spellingsvarianten. De Frans gn-klank bijvoorbeeld schrijven ze kennelijk als nh, dus dan wordt Perpignan Perpinhan, maar dat is niet zo spannend. De plaatsnamen klonken soms wel voor in Frankrijk nogal exotisch: Bram bijvoorbeeld, of Badens:

Ze leken bovendien nogal op Catalaans, wat inderdaad nauw verwant is, bijvoorbeeld met ciutat (‘stad’) erin. Daardoor leek het af en toe wel anders dan de rest van Frankrijk. 

Eigenlijk snap ik hier dus helemaal niks van. Occitaans wordt volop gesproken maar niet geschreven en staat onder druk; Baskisch precies andersom. Hoezo al die tweetalige bordjes door de hele provincie als er lokaal maar weinig Baskischtaligen zijn? En sowieso vrijwel alle Baskischtaligen het Spaans ook beheersen. Is dat dan symbolisch? Duidelijk maken: wij doen het anders dan in de tijd van Franco? Maar hoe zit dat dan in Frankrijk – dat is echt een lege huls dan, of niet? Of: in onze tijd in Baskenland hoorde ik wel volop Arabisch of Berber, maar tweetaligheid voor die bevolkingsgroep – ho maar. Hoe moet ik dat dan plaatsen – is dat oneerlijk of toch niet?

Boel vragen dus, en ik denk dat de antwoorden meer politiek dan taalkundig van aard zijn. Me dit soort dingen afvragen op de fiets, daar word ik wel blij van. Ik bedoel: ik vind het erg leuk als er tijdens een vakantie op taalgebied van alles te observeren is. Vorig jaar was dat in Ierland zo, en nu weer. Mooie bestemmingen!

 

 

Geplaatst in Opvallend, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

De strekking van Wim T. Schippers

Louise Cornelis Geplaatst op 17 juni 2026 door LHcornelis17 juni 2026  

De vorige week overleden Wim T. Schippers was in meerdere opzichten grandioos. Ik sta daarom vandaag kort even stil bij zijn overlijden, door mijn belangrijkste herinnering aan zijn werk (nouja, samen met de pindakaasvloer) op te schrijven.

Eén van de dingen die Schippers goed kon, was spelen met het verschil tussen de letterlijke betekenis van een uiting en de strekking. Dat het de strekking is die de hoofdrol speelt in communicatie, is een van de dingen die beginnende studenten Nederlands of taalkunde moeten leren, inclusief de principes op basis waarvan wij mensen die strekking afleiden uit de woorden. Vandaar dat er in het eerstejaars vak dat ik zo’n 20 jaar geleden in Leiden gaf, Taal & Handelen, cartoons van Sjef van Oekel zaten.

Eentje is mij in het bijzonder bijgebleven. Je ziet Sjef in de trein zitten, en hij rookt een dikke sigaar. Dan komt de conducteur en die zegt:

Er wordt hier niet gerookt.

Waarop Sjef antwoordt:

O nee?

Hilarisch. We voelen het allemaal aan: Sjef reageert op de niet-bedoelde strekking van de conducteur, alsof het een feitelijke constatering, terwijl de conducteur het als gebod (‘roken is hier verboden’ of ‘u mag hier niet roken’) bedoelt. Maar hoe weten we dat? Dus hoe komen we van uiting tot strekking in dit geval? Dat zou voor dat vak een mooie tentamenvraag geweest zijn! Ik geef een hint.

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Wat is ergativiteit?

Louise Cornelis Geplaatst op 15 juni 2026 door LHcornelis22 juni 2026  

De posts sinds begin mei verschenen ‘achter mijn rug’: ik ben terug van een lange vakantie. In 5 weken zijn we van huis naar Burgos gefietst en er kwam daar en voor de terugreis nog een week bij. Het was een heerlijke vakantie, om een boel redenen, en een ervan was dat ik veel schrijfinspiratie opdeed. Op de fiets zie ik altijd een boel bordjes enzo, en nu kwamen we ook nog door taalkundig interessante gebieden: naast ‘gewoon’ Frankrijk en Spanje waren we ook in Wallonië, Occitanië en Baskenland. Ik keek mijn ogen uit. Daarover de komende tijd dus meerdere posts, en ik begin meteen vandaag met de vraag waar ik op de fiets over heb nagedacht: hoe zou ik ergativiteit uitleggen? 

Huh, ergativiteit? Dat zit zo: in het boekje dat ik had voor de Katharen-Basken-route (die we overigens weinig echt hebben gevolgd maar die onze route langs de Pyreneeën wel heeft geïnspireerd) stond over het Baskisch de volgende uitleg:

Het is een zeer archaïsche taal, waarin de passieve vorm overheerst. “De man bewerkt het land”, wordt dan: “Door de man wordt het land bewerkt”.

Ik was meteen geïnteresseerd natuurlijk, want ik promoveerde ooit op het passief. Maar ik dacht ook meteen: ik kan me dat niet voorstellen, die overheersing van het passief, en met archaïsch heeft dat niets te maken, in de zin van: het is niet zo dat men vroeger in passieven sprak ofzoiets.

Ik dacht ook meteen, wetende dat Baskisch geen familie is van de Indo-Europese talen: het gaat vast om een ergatieve taal en de schrijver heeft die klok horen luiden maar weet niet precies waar de klepel hangt. Even googlen leerde me dat ik op dat eerste punt gelijk had, en dat tweede punt inspireerde me om te bedenken hoe ik zelf zou uitleggen wat dat betekent, iets begrijpelijker dan Wikipedia dat doet. Komt-ie (overigens zonder praktische relevantie voor mijn tekstenwerk, gewoon taalkunde voor de leuk).

In de talen die bij ons het meest gangbaar zijn (bijvoorbeeld: onze hele eigen taalfamilie, het Indo-Europees) hebben zinnen ruwweg deze twee basispatronen: 

Piet slaapt.
Karel slaat Bram.

Excuus voor dat gewelddadige tweede voorbeeld, dat legt het beste uit, en ook die mannelijke vormen zijn expres, want als je hier allemaal verwijzingen van maakt, krijg je dit:

Hij slaapt.
Hij slaat hem.

En dan zie je: die twee hij’s zijn hetzelfde en hem is de afwijking, daar maakt de taal een uitzondering voor. In naamvaltermen is hem de accusatief (lijdend voorwerp). Onze talen zonderen dus als het ware de accusatief uit, en zien overeenkomsten tussen die twee hij‘s: de nominatief. Dit soort talen worden daarom accusatieve talen genoemd.

Ergatieve talen doen precies dan anders. Die zien overeenkomst tussen Piet en Bram, dus tussen de eerste hij en ons hem, en zonderen Karel uit. De naamval van Karel heet dan ergatief. Ik heb geen idee hoe de vormen in het Baskisch zijn, maar je krijgt dan dus eigenlijk qua vorm zoiets:

[naamval 1] slaapt.
[naamval 2; ergatief] slaat [naamval 1]. 

Dan denk je: huh, dat is raar! Maar het is echt niet knettergek. Je zou kunnen zeggen dat de overeenkomst tussen Piet en Bram in de voorbeeldzinnetjes is dat ze de actie als het ware ondergaan. Karel is dan anders omdat hij degene is die het slaan daadwerkelijk veroorzaakt: een handelende persoon.

Wij hebben ook wel sporen van dat er een verschil is tussen de rollen van Piet en Karel. ‘De bliksem sloeg in’ en ‘De auto reed hard’ kunnen goed – dat zijn zinnetjes van het type ‘Piet slaapt’. Maar de volgende twee zinnen, die het patroon van ‘Karel slaat Bram’ volgen, wringen en zijn zeldzaam: 

De bliksem trof de man.
De auto reed de vrouw aan.

Dat is net alsof de bliksem en de auto daar schuld aan hebben, en dat is niet zo. Die positie, dus de handelende persoon van dat type werkwoorden (’transitief’) als onderwerp (naamval: nominatief), geeft er iets van moedwilligheid, van bewuste veroorzaking aan. Dat komt overeen met de betekenis die door de ergatieve naamval wordt uitgedrukt. (overigens: als je er ‘De man werd door de bliksem getroffen’ en ‘De vrouw werd door de auto aangereden’ van maakt, is die gedachte aan moedwilligheid weg. Dat is wat de lijdende vorm – onder andere – doet: de handelende persoon als minder intentioneel veroorzakend voorstellen – daar gaat een heel stuk van mijn proefschrift over). 

De rol van Piet is dus inderdaad anders dan die van Karel. Het is dus niet zo gek om die positie van Karel, handelende persoon van een transitief werkwoord, uit te zonderen van andere zinsposities. En dat is dus wat ergatieve talen doen.

Eén stapje verder nog, enigszins op glad ijs. Als ik het goed gezien heb, komt daar voor het Baskisch nog bij dat de woordvolgorde zo kan zijn dat Bram als geslagene voorop staat: ‘Bram slaat Karel[veroorzaker/ergatief]’ of ‘Bram Karel[veroorzaker/ergatief] slaat’ (welk van die 2 heb ik niet kunnen zien en ik weet ook niet hoe vrij de woordvolgorde is – het was steeds een kwestie van bordjes vergelijken met het Spaans en dan moest ik de woorden ook nog kunnen herkennen, wat eigenlijk alleen voor leenwoorden lukte, want het Baskisch is zo anders dat ik weinig houvast had). Bram voorop in de betekenis van geslagene doet denken aan ons passief:  ‘Bram wordt door Karel geslagen’. Maar dat is het dus niet. Helemaal niet zelfs, want die hem wordt wel degelijk voorgesteld als intentionele veroorzaker, in tegenstelling tot in ons passief. 

En om het dan nog afwijkender te maken: het Baskisch agglutineert ook nog, wat wil zeggen dat ze een boel aan het werkwoord vastplakken in allerlei vervoegingen wat bij ons in losse woorden zit. Om de ergatief uit te drukken, vervoeg je dan dus slaan op een bepaalde manier. Dus ‘Hij slaat Bram’ zou dan dus iets kunnen zijn als ‘Bram slaan[ergatief 3e persoon enkelvoud tegenwoordige tijd]’.

Voor ons, sprekers van een accusatieve taal waarin het object na het werkwoord staat en waarin het werkwoord niet heel veel informatie bevat, is de manier waarop Baskisch het doet ontzettend anders. Die taal is dan ook in Europa een zeldzaam buitenbeentje: niet verwant aan de andere talen. Maar wereldwijd gezien is het helemaal niet zo heel gek: er zijn een boel meer ergatieve talen.

Archaïsch is ergativiteit ook niet. Wel heeft het Baskisch betere tijden gekend – maar ook slechtere (zie Wikipedia). Over wat ik daar zelf aan waarnam binnenkort meer.

 

Geplaatst in Opvallend, Vakantieterugblik '26 | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Recente berichten

  • Overige bordjes
  • Philips beluisterd
  • Product zonder naam
  • Korstjes in je sla
  • Franse vaardigheden

Categorieën

  • Geen rubriek (11)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (332)
  • Opvallend (579)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (917)
  • Uncategorized (47)
  • Vakantieterugblik '26 (7)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (207)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • juli 2026
  • juni 2026
  • mei 2026
  • april 2026
  • maart 2026
  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑