↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: Opvallend

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Een memorabel cabaretseizoen

Louise Cornelis Geplaatst op 1 juni 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Een paar jaar geleden schreef ik hier over het vele goede cabaret dat ik toen in een half jaar gezien had. Tussentijds bleef ik naar het theater gaan en wat ik zag, was de moeite waard, maar net dit nu aflopende seizoen was opnieuw memorabel. Memorabel genoeg voor weer eens een blogpost.

We zagen achtereenvolgens Fabian Franciscus, René van Meurs, Wim Helsen (try-out), Henry van Loon, Tobi Kooiman, Alex Ploeg, Hans Teeuwen, Sezgin Gülec, Martijn Koning, Lisa Osterman (try-out), Rob Scheepers, Micha Wertheim en David Linszen. Twijfelgevallen qua genre (waar ligt de grens van cabaret precies?) waren Erik van Muiswinkel (over Drs. P.), Roel C. Verburg (liedjes) en Nasrdin Dchar (verhaal).

We gingen vooral naar de drie Zeelandtheaters en Podium Reimerswaal; soms naar elders. We reizen er tegenwoordig meer voor dan vroeger, maar dat hebben we er graag voor over.  

Net als een paar jaar geleden zagen we vooral blanke mannen, gemiddeld misschien net iets jonger – wat je van het publiek niet kan zeggen: meerdere cabaretiers maakten opmerkingen over hun vergrijzende publiek. Er waren een paar nieuwe namen voor ons bij en die waren veelbelovend. De twee uitersten kwamen wel van de bekenden: Hans Teeuwen vonden we niet goed, daar hoeven we niet meer heen; Micha Wertheim ‘voor iedereen’ was een van de beste voorstellingen die ik ooit heb gezien. Dat zat hem vooral in de sublieme combinatie van licht (goede grappen) en donker (zware problematiek, diepgaande vragen) die zowel zeer persoonlijk als universeel was, maar ook in de theatrale keuzes: er was meer te zien en te horen dan bij een doorsnee cabaretvoorstelling. 

De relatie met m’n tekstenwerk is de taal. Ik kan enorm genieten van absurdistisch taalspel waarin de werkelijkheid op z’n kop gaat (Tobi Kooiman en Wim Helsen!), maar ook van goede taalgrappen, zoals die van Drs. P (Erik van Muiswinkel). Ik onthoud ze niet allemaal, maar wel een paar van David Linszens geweldige meertalige grappen, bijvoorbeeld dat een wortel in je kont een ‘peen in the ass’ is. Daar kan ik weer even op teren!

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Veranderend werk – een reflectie op 7 jaar

Louise Cornelis Geplaatst op 27 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Toen ik die blogpost laatst schreef over de opdrogende links-stroom realiseerde ik me bij de eerste bullet dat ik me al in geen jaren heb bezig gehouden met slide design. Nog wel een beetje met sliduments die alleen tekst bevatten, maar visualisering van boodschappen, grafiekvormkeuze enzo, dat is heel lang geleden. Dat is geen bewuste keuze, dat is zo gelopen: mijn huidige opdrachtgevers schrijven tekst, ze maken geen visuele presentaties. Ik vraag me af of dat echt toevallig zo, of is echte tekst weer aan een opmars bezig, ten koste van PowerPoint? Dat weet ik niet.

Ik ben een beetje ambivalent over deze verandering in mijn werk. Enerzijds zou ik het leuk vinden om me weer eens met een groepje slimme mensen te verdiepen in het visualiseren van boodschappen, anderzijds herinner ik me nog dat het me af en toe ging tegenstaan hoe weinig vooruitgang er is. Ik bedoel: toen ik eind jaren ’90 met PowerPoint ging werken, had ik nooit verwacht dat we in 2026 nog steeds zouden zitten knoeien met te volle slides, knetterlelijke grafieken en gebrekkige aanduiding van de hiërarchie. Het verbaast me dat nog steeds iedereen wat dat laatste punt betreft het wiel zit uit te vinden: er zijn nog steeds geen uitgekristalliseerde conventies. Dat was ik wel eens een keertje zat. Deels heb ik daar allemaal nog steeds mee te maken vanwege de sliduments, en ja, daar ga ik ook wel eens van zuchten. Maar een grote rol speelt dat niet in mijn werk.

Er is wel nog een andere grote verandering. Toen we 2 jaar geleden naar Kapelle verhuisden, ben ik gestopt met het geven van losse trainingen inleiding piramideprincipe. Dat was een beetje een melkkoe en financieel heb ik die niet meer nodig. Ik vond het bovendien altijd wel leuk om te doen, maar het rendement ervan was niet altijd groot (losse trainingen volstaan daarvoor niet), en zodoende vond ik het niet meer de moeite waard om daarvoor de hele tijd de reis naar de Randstad te maken. Een groot deel ervan kan immers mijn e-learning prima vervangen, en die doet dat ook.

Ik wilde me meer richten op werk dat, om het in consultants-termen te zeggen ‘meer waarde toevoegt’ en waarvan ik zelf ook veel leer, zoals schrijfbegeleiding (dus meewerken aan de totstandkoming van rapporten), trajecten tekstkwaliteitsverbetering en train-de-trainers, gevorderden- en gespecialiseerde trainingen en coaching. Dat is hartstikke goed gelukt en daar ben ik blij mee. 

Wat ik me alleen vooraf niet had gerealiseerd, is dat mijn werk daarmee ook een stuk intensiever is geworden. Die beginnerstrainingen kon ik na 20 jaar drómen, dus het voorbereiden en uitvoeren ervan kostten weinig moeite en waren voorspelbaar. Nu is de overgrote meerderheid van wat ik doe maatwerk. Onvoorspelbaar en onzeker dus, en het vraagt een boel denkwerk, zowel piramidaal als creatief (werkvormen uitdenken en dergelijke). Ik werk bovendien ook veel vaker intensief samen en dan zit er soms veel tijd in het coördineren van de samenwerking. Zo zeer zelfs dat ik me af en toe bijna manager voel. Dat vind ik allemaal hartstikke leuk: het is precies wat ik zocht. Maar het is wel een hele inspanning! Ik werk sinds onze verhuizing minder uren, maar dat voelt daarom niet altijd zo.

Samen met de ontwikkelingen op AI-gebied, inhoudelijk de grootste verandering op mijn vakgebied die ik heb meegemaakt, betekent dit dat mijn werk in een paar jaar tijd enorm is veranderd. Net daarvoor hadden we bovendien nog de coronatijd, waarvan het online werken is overgebleven, iets wat ik ook heb moeten leren toen.  Alles bij elkaar ervaar ik het, om nog maar een consultants-term te gebruiken, als een transformatie: 7 jaar geleden zag mijn werk er wezenlijk anders uit. Het is veranderd op een manier die ik me toen niet had kunnen voorstellen; in de ongeveer 20 jaar als zelfstandige daarvoor veranderde het veel minder hard.

Het is wel aanpoten (geweest)! Daar staat niet meer geld tegenover. Gemiddeld per uur wel, maar ik ben minder gaan werken en de inflatie was (en is weer) ook stevig. Ik denk dat ik niet de enige zelfstandige ben van wie het tarief de inflatie niet eens kan bijhouden, laat staan dat ik meer kan vragen voor dat intensievere werk. Ik vind nog steeds wel dat ik goed genoeg verdien.

De tijd die is vrijgekomen doordat ik minder werk, is vooral gevuld met onbetaald werk in de politiek. Daardoor ben ik niet minder druk dan voorheen; de mix is anders. Het fijne aan het politieke werk is dat het hier in de buurt is en dat ik ook daarin een boel nieuwe dingen leer (voorbeeld). En met de totstandkoming van de nieuwe partij volgende maand zijn het boeiende tijden.

De afgelopen 7 jaar leverden me een steile leercurve op. Wat overeind blijft, is de waarde van het piramideprincipe voor helder en overtuigend denk- en schrijfwerk. Dat doorstaat de veranderingen met vlag en wimpel! 

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Veranderende informatiestromen

Louise Cornelis Geplaatst op 20 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Tot bijna twee jaar geleden postte ik hier regelmatig een ‘oogst aan links’: een overzicht van interessante online bronnen die ik was tegengekomen. Die laatste post noemde ik al ‘karig’ en sindsdien is het er niet meer van gekomen. Dat komt volgens mij door een opeenstapeling van verschillende oorzaken die maar weinig met elkaar te maken hebben. Er is een vage gemeenschappelijke deler en dat is de rol van technologie, maar die pakt dan wel op verschillende manieren uit:

  •  SlideMagic was altijd goed voor een paar links in die oogst. Eerst viel dat stil vanwege de oorlog in Gaza en toen het weer een beetje op gang kwam, ging het over de integratie van AI in de presentatie-software, wat mij niet zo interesseert.
  • Ik haalde nogal wat van Twitter, en daar ben ik mee gestopt enige tijd nadat dat X werd. Ergens is dat jammer: ik mis zo echt wel interessante dingen, van vakgenoten die zelf schrijven of die verwijzen naar interessante zaken die zij elders zijn tegengekomen. Maar ik wilde niet meer meedoen met dat zootje van Elon Musk en ik vond ook dat ik veel te veel bagger moest verwerken om er de leuke dingen tussenuit te pikken.
  • Dat van die bagger geldt ook voor LinkedIn. Dat volg ik nog wel zijdelings, maar ook daar moet ik tussen grote hoeveelheden van wat een vriendin van me noemt ‘schaamteloze zelfpromotie’ te hard zoeken naar interessante zaken.  Wat ook niet meewerkt, is dat ik na een hack van mijn LinkedIn-account alleen kan inloggen met twee keer het dual-authentication-proces te doorlopen. ‘Even’ een blik werpen is er zo niet bij.
  • Schrijven met generatieve AI is zo mainstream geworden dat ik ben gestopt met het verwijzen naar interessante stukken daarover. Dan kan ik wel bezig blijven namelijk. Je moet wel onder een steen leven om niet te lezen over de kansen en mogelijkheden én de risico’s, zorgen en problemen ermee. Alleen de hoogst relevante dingen voor mijzelf en/of schrijvende adviseurs neem ik hier mee, en daarover post ik dan meteen.
  • Ook al eerder gesignaleerd: er verschijnt niet zo heel veel opzienbarends over schrijven, anders dan hoe je dat met AI doet (zie vorige bullet). Mijn indruk is dat het vakgebied hard bezig is met het absorberen van die grote verandering. 

Ook ik worstel met de overdaad aan sociale en andere media, en sommige daarvan begrenzen is zelfbescherming. Er blijven nog wel bronnen over die ik nauwgezet volg, daar ligt het niet aan. Ik bedoel: ik ben niet mijn interesse verloren ofzoiets. De belangrijkste daarvan is Neerlandistiek.nl. Ook lees ik van papier: naast de krant Onze Taal, Tekstblad, Tijdschrift voor Taalbeheersing en Schrijven Magazine. Ik blijf interessante dingen daaruit hier rapporteren, maar dat doe ik dan meteen, want opsparen duurt te lang. Ten opzichte van de tijden dat ik regelmatig een oogst aan links kon posten is dat jammer: toen leerde ik meer uit zulke bronnen. Maarja, de tijden veranderen, het is niet anders.

 

Geplaatst in Leestips, Opvallend | Geef een reactie

Tol betalen als dat niet kan

Louise Cornelis Geplaatst op 10 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Een tijdje geleden, namelijk op zaterdagochtend 7 maart, kwam een vriend van me uit omgeving Haarlem deze kant op via de ’toeristische’ route: over de dammen en de dijken (N59). Dan is het het handigste om via de tunnel in de A24 te rijden: de Blankenburgverbinding. Dat is een toltunnel, en dus keek hij van tevoren op de site hoe dat werkt. Toen zag hij dit:

Hij appte het mij nog: ik bof, en wat grappig dat ze excuses maken voor het niet hoeven te betalen van tol.  

Ik moet zeggen, als ik dat nou opschrijf, denk ik: ja, daar had een alarmbelletje moeten gaan rinkelen. Maar eerlijk gezegd: ik interpreteerde het precies zoals hij, namelijk dat hij bij een passage door de tunnel op die zaterdagochtend geen tol hoefde te betalen.

Hij keek dus aardig op z’n neus toen hij een tijdje later een rekening kreeg. Voor de tol, € 1,57, plus € 9 ‘administratiekosten’. Nou moe!

En toen pas viel het kwartje. Door de toch wat bijzondere constructie van die tolheffing betekent ’tol betalen’ het afrekenen dat je naderhand (of ervoor) zelf moet doen. Dat lag eruit – de website dus. Niet het systeem van tol heffen (de camera’s boven de weg).

Je moet dus tol betalen, ook op momenten dat je niet kunt betalen. Ja, dat is toch een beetje een kronkel. Die – denk ik – voor een deel ligt aan verwarrend taalgebruik. Iets meer woorden misschien, bijvoorbeeld:

U kunt dan niet op deze site terecht om uw tolbedrag te voldoen.

Of misschien helemaal expliciteren met een uitleg-zin erachteraan nog:

U kunt dan wel door de tunnel rijden en bent in dat geval ook tol verschuldigd.

Dat is iets wat je echt even zou moeten testen: wat werkt het beste?

Later die maand was het in het nieuws dat het vaak fout gaat met dat betalen. Ik vind dat niet gek. Ik ben er zelf ondertussen ook weer een keer doorheen gereden en toen viel me op hoe subtiel eigenlijk de signalen zijn. Je moet behoorlijk intensief de borden lezen om te weten dat je tol moet betalen, en dan moet je daarna dus nog gaan uitzoeken hoe dat moet. Wat me ook nog opviel: op de borden stonden de oude prijzen, met een melding erbij dat die niet meer golden (ik weet niet precies wat er stond, maar zoiets). Dat vond ik ook niet heel netjes. Het scheelt 6 cent ofzoiets, maar dat zouden ze toch moeten aanpassen, vind ik.

Het blijft natuurlijk ook gewoon echt raar:  er staan daar geen poortjes, maar je moet wel tol betalen, en dat moet je zelf maar uitzoeken verder. Paradoxaal genoeg rijd je bij de Westerscheldetunnel wél door poortjes, compleet met slagboom, maar hoef je géén tol te betalen. Het is echt lastig te begrijpen.

Of liever gezegd: het is allemaal heel logisch als je het weet….

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Barbaar!

Louise Cornelis Geplaatst op 6 mei 2026 door LHcornelis21 april 2026  

Ik ga altijd netjes om met mijn boeken. Ik schrijf er bijvoorbeeld niet in. Als ik aantekeningen maak, doe ik dat op een los blaadje. Dus geen strepen of opmerkingen in de kantlijn of accenten met een markeerstift. Dat doe ik nu niet, dat deed ik ook al niet als student. Ik heb er wel een paar met schade, maar dat is dan door ruig gebruik (vochtig geworden tijdens een kampeervakantie), intensief lezen (knak in de rug), een ongelukje (koffievlek) of de scherpe tandjes van onze huisdieren: hamsters. Dat vind ik dan ook weer niet heel erg: het zijn gebruiksvoorwerpen.

Dat ik ze niet ‘modificeer’ heeft er vooral mee te maken dat ik ze misschien nog wel een keer wil gebruiken of wil uitlenen of weggeven, en dan niet wil dat het eerste gebruik zo ‘opdringerig’ is. Ik heb wel herinneringen aan geleende of tweedehands boeken met markeringen die me afleidden.

Het is dus vooral om pragmatische redenen dat ik m’n boeken netjes behandel, en daarom maak ik er ook wel uitzonderingen op. Zoals laatst. We waren in voorbereiding op een fietsvakantie die grotendeels over beschreven routes voert. Daar hebben we de boekjes van aangeschaft. We navigeren wel met GPS, maar de boekjes zijn handig als back-up en voor de informatie, bijvoorbeeld over bezienswaardigheden, landschap en praktische zaken. Maar van elk van de routes deden we maar een deel. Op fietsvakantie wil ik het gewicht en volume van m’n bagage beperken, dus wat te doen? Welnu, ik heb de bladzijden die we niet nodig hadden, eruit gescheurd:

Ondanks m’n pragmatische inslag voel ik me dan toch een beetje een boeken-barbaar…

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

De slechtste ondertiteling ooit

Louise Cornelis Geplaatst op 27 maart 2026 door LHcornelis27 maart 2026  

Twee keer per jaar komt Martin Koolhoven naar ’t Beest om daar een masterclass te geven over een regisseur, acteur of genre, gevolgd door een bijpassende film naar zijn keuze. Het is voor ons inmiddels vaste prik, en zo keken we gisteravond naar Excalibur (1981), de film bij het thema ‘sword & sorcery‘. Dat is niet helemaal mijn genre, zal ik maar zeggen, maar ik hing zoals steeds aan Koolhovens lippen en de film viel me niet tegen: meeslepend verhaal en knap gemaakt, maar wel te lang en te veel.

Waar de film zelf niet zo veel aan kan doen en Koolhoven misschien ook niet, maar wat mijn beleving sterk beïnvloedde, was dat de ondertiteling dramatisch slecht was: die hing aan elkaar van vertaalblunders. 

Het eerste wat me opviel is dat er een keer hacken stond waar het hakken moest zijn – hacken, dacht ik, in 1981? Daarna ging het van kwaad tot erger. De meest opvallende waren fouten met synoniemen. Zo werd ’to call’ steeds vertaald met bellen in plaats van roepen, waardoor het leek alsof Koning Arthur in de vroege middeleeuwen opgebeld ging worden. Verder moest hij het zwaar Excalibur uit een rots tekenen, in plaats van trekken (’to draw’). ‘Charm’ werd charme in plaats van betovering of toverspreuk. Aan het eind moest Perceval het zwaard in een zwembad gooien (‘pool’). 

Ook grammaticaal ging het mis. Zo op het oog (het ging snel natuurlijk) werden ambiguïteiten random opgelost. Betrekkelijk voornaamwoord ’that’ werd lukraak met dat dan wel die vertaald, wat tot betekenisfouten leidde of onbegrijpelijke zinnen. De in het Engels qua vorm ambigue werkwoordsvorm van de eerste persoon en infinitief (‘come’) leken ook wel 50-50 opgelost, dus de helft van de keren fout, zelfs in van die simpele zinnetjes als ‘come here’ (komen hier). 

Andere zinsstructuren klopten ook niet. ‘All but’ werd alles maar in plaats van alles behalve. Een enkele keer verstond ik het Engels niet en raakte ik vervolgens verstrikt in een ontsporende ondertitel die ik waarschijnlijk eerst woord-voor-woord had moeten terugvertalen om te weten wat er gezegd was. Maar daarvoor gaan ondertitels te snel. Ergens halverwege verscheen zelfs iets met .com erachter. Wonderbaarlijk genoeg waren andere complexe zinnen dan wel weer raak. 

Het leidde me ontzettend af. Eerst vond ik het ergerlijk, daarna interessant (beroepsdeformatie) en vervolgens ook wel hilarisch. Dat laatste hadden er meer. Manlief zat met dat bellen een keer een draaischijf-gebaar te maken, en toen met dat zwaard in het zwembad gniffelde de hele zaal.

Het was duidelijk geen mensenwerk, misschien een vroege AI-toepassing waar verder niemand naar gekeken heeft. Wat mij intrigeert, daar heb ik het hier vaker over gehad, is hoe het kan zijn dat de tekstkwaliteitszorg zó gebrekkig is. Wie heeft dit vrijgegeven? Of hoe is dit proces verlopen? Het kan niet de ondertiteling uit 1981 geweest zijn, want toen was dat echt nog alleen mensenwerk. Waarom waren die oude ondertitels niet geschikt? Of niet meer vindbaar? En toen er een tijdje geleden dit maar in geflanst? Niet recent ook, want dan zou het beter geweest zijn. AI kan echt veel beter dan dit – wat bijzonder is, want aan deze blunders zag je maar weer eens hoe ingewikkeld vertalen is.

Fascinerend. En ik heb gelachen dus. Maar toch wel ook een beetje jammer van de film.

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

AI analyseerde mijn stijl

Louise Cornelis Geplaatst op 23 maart 2026 door LHcornelis23 maart 2026  

Op neerlandistiek.nl kom ik voor in een stijlanalyse door AI van enkele bloggers voor die site. Ik kreeg de langere analyse dit weekend van Marc van Oostendorp toegestuurd. Ik heb het meteen gelezen, maar wist eerst niet zo goed wat ik ermee moest, dus ik heb het even laten bezinken tot eerder vanmiddag. Toen postte ik deze reactie:

Ik ben een van de geanalyseerde bloggers, kreeg er van Marc ook mail over met de langere analyse. Ik ben daar niet onverdeeld gelukkig mee. Ik voel me vereerd en vind het grappig om te lezen, maar ik denk ook: wat mij betreft is het zonde van het water en de energie die Claude hiervoor heeft verbruikt. Dit is voor mij typisch het gebruik van AI waarvan ik vind dat we het niet moeten doen. Want waarom wel? Dat AI best wel kan analyseren en schrijven maar niet zoals echte mensen, dat weten we al. Ik lees ook in de grotere analyse niets nieuws of verrassends. Wel een opmerkelijk geval van stereotypering: ik ben typisch ‘Zeeuws’. Ik woon welgeteld weer 2 jaar in Zeeland, na 40 jaar Randstad, waar mijn werk zich ook nog steeds afspeelt. Maarja, dat AI grossiert in stereotypes wist ik ook al.

(En naar aanleiding van de reacties: voor mij is het juist glashelder wat er voor menselijke schrijvers te doen overblijft. AI is echt niet op iets origineels of kritisch te betrappen. En het naar je hand zetten en fatsoeneren van wat AI genereert is soms meer werk dan zelf schrijven.)

 

Geplaatst in Leestips, Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Zware studiedag over schrijven met AI

Louise Cornelis Geplaatst op 9 februari 2026 door LHcornelis9 februari 2026  

Kort na het VIOT-congres had ik vrijdag alweer zoiets: de jaarlijkse NACV-dag voor docenten academische communicatieve vaardigheden waar ik graag heen ga (zoals vorig jaar). Op basis van het programma stelde ik me voor dat het dit keer een soort studiedag ‘schrijfonderwijs in tijden van AI’ voor me zou worden, en daar had ik wel zin in.

Nou, dat liep wat anders. Op de heenweg strandde mijn trein in Rotterdam in meervoudige storingen; een stuk Randstadrail, tram en bus via Zoetermeer later was ik uiteindelijk een uur te laat ter plekke. En dat viel nog mee: er vervielen een paar praatjes omdat de spreker zich gewonnen had gegeven in de treinenchaos. (Ik kon me dat voorstellen: ik had ook overwogen om te draaien, vooral toen ik opgepropt in een benauwde metro druk stond te hannesen met de relevante apps om uit te vogelen hoe ik misschien toch nog in Leiden kon komen – wat overigens wel verbondenheid gaf met de lotgenoten.)

Bovendien waren er zieken, en zo was het programma nogal op de schop gegaan, en het was al niet zo heel veel. Daarbij een praktische consequentie: met soms maar 2 in plaats van 4 parallelsessies was er niet genoeg plek in de zaaltjes voor alle belangstellenden. Dat betekende staan en op de grond zitten. Na die reis trok ik dat even niet, en zo liet ik nóg een ronde praatjes gaan, waarin mijn voorkeurslezing toch al was vervallen.

Tsja, en daarbij nog wat randzaken die me anders misschien niet zwaar waren gevallen, maar nu wel: de zalen door de drukte warm en benauwd, geen garderobe, dus lopen sjouwen met tas en jas, heel slechte koffie, een rij voor de lunch, eerst niet genoeg vegetarische broodjes (was foutje, het kwam later goed)… Overmacht speelde een grote rol en mijn verwachtingen op basis van eerdere NACV-meetings ook, maar toch: ik vond het ronduit armoedig en voor mij zelf werd het alles bij elkaar zo een best wel zware dag.  

Eerlijk gezegd: daar stond inhoudelijk niet genoeg tegenover. Ik heb uiteindelijk drie praatjes wel bijgewoond en die waren leuk, maar van het niveau: ‘dit is hoe wij in onze opleiding omgaan met AI’. Ik herkende vrij veel, vond af en toe een andere inkadering of werkvorm wel interessant maar ik hoorde weinig écht nieuws en ik miste overstijging van de ervaringen of iets van onderzoek of theorievorming.

Dat was jammer, maar het glas is beslist ook halfvol, zo concludeerde ik: ik ben wel goed bij, qua schrijven met AI. Ik bedoel: toen ChatGPT opkwam en ik ineens in trainingen vragen kreeg als ‘waarom moeten we zelf nog leren schrijven?’ wist ik me geen raad en ben ik me dus snel gaan verdiepen in het thema en ermee gaan experimenteren, zelf en in mijn trainingen. Dat heb ik echter niet heel erg veel gedaan: ik vind dat er aan het gebruik van generatieve AI dusdanig veel haken en ogen zitten dat ik er voor mezelf zeer terughoudend in ben. Daardoor is mijn ervaring ermee beperkt, vind ik zelf. Dat maakt me wel eens wat onzeker tegenover ‘heavy users’.

Maar vandaag stelde me gerust over wat ik weet over wat de opmars van AI betekent voor het leren schrijven voor hoger opgeleiden. Iedereen is nog aan het experimenteren kennelijk en echt vernieuwende inzichten zijn er niet. Ja, studenten moeten leren waarvoor ze AI wel en beter niet kunnen gebruiken, dat het het soms moeilijker dan wel slechter maakt, en dat het alleen maar belangrijker is geworden om zelf kritisch te kunnen lezen en denken én het schrijfproces goed te beheersen.

Dat wist ik allemaal al, zie mijn artikel in Tekstblad, maar de geruststelling dat ik niet ergens iets over het hoofd zie is de moeite waard. En gelukkig was het, net als in Antwerpen de week ervoor, wel gezellig en reed de trein terug naar huis gewoon in een keer door.

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Zweedse koks in Antwerpen

Louise Cornelis Geplaatst op 2 februari 2026 door LHcornelis23 februari 2026  

Als het enigszins uitkomt, ga ik er altijd heen: het VIOT-congres, de wetenschappelijke conferentie op mijn vakgebied. Vorige week was het weer zover, in Antwerpen, op een mooie plek in de oude binnenstad. De keer daarvoor was twee in plaats van de gebruikelijke drie jaar geleden en dat is de nieuwe frequentie, begrijp ik. Van mij mogen ze over twee jaar wat kritischer kijken naar het programma, want dat ging wat mij betreft als een nachtkaars uit: de eerste dag was overladen, de tweede dag was nog tot half 3 interessant, en daarna was er voor mij te weinig om nog voor in Antwerpen te blijven en dat heb ik dan ook niet gedaan.

Die krappe twee dagen waren echter wel weer de moeite waard, als uitje, reünie (zo noemde een vakgenoot het terecht) en ook wel omdat ik het leuk vond om het deel van mijn hoofd dat zich graag bezighoudt met methoden van onderzoek weer eens aan te spreken. Punt. Wat er ontbreekt hier is dat het zakelijk nuttig en dus inhoudelijk relevant voor mijn werk was, en dat klopt. De trend die ik twee jaar geleden signaleerde, dat ‘schrijven door/teksten van professionals’ uit is, zet zich voort.

Er was slechts één lezing met misschien een link naar mijn praktijk: die van Henk Pander Maat over herschrijven. Die was echter wel behoorlijk theoretisch en aan het eind ontging me iets – het was tegen het einde van die volle eerste dag en mijn hoofd was een beetje klaar. Mogelijk ook doordat de CO2-meter in de ruimte tot diepdonkerrode waarden was opgelopen – ik had zicht op de meter en vroeg me af waarom die er hangt als niemand er iets mee doet. Nouja, Henk gaat me z’n Powerpoint sturen en dan ga ik er nog eens beter over nadenken.

Er was wel een duidelijke rode draad – natuurlijk ook wel ingegeven door mijn keuzes in de parallel-sessies, maar de trend was meteen al gezet in de plenaire openingslezing: de taalbeheersing moet naarstig op zoek naar nieuwe onderzoeksmethoden. In die eerste lezing ging Hans Hoeken nader in op wat hij al samen met Daniel O’Keefe in 2021 op de kaart zette: dat het effect van tekstontwerpkeuzes op de overtuigingskracht in experimenteel onderzoek niet aan te tonen is.

Het effect van tekstontwerpkeuzes is er niet, klein en/of onvoorspelbaar. Later drukte Carel van Wijk het in zijn lezing uit als de ‘Januskop’ van tekstontwerpkeuzes: wat voor de een levendig geschreven is, is voor de ander verwarrend. De een vindt een informele stijl aardig een vertrouwd overkomen, een ander neemt zo’n tekst niet serieus. Mij leert dat dat je goed moet weten voor wie je schrijft, en ook dat je bij het schrijven niet je best hoeft te doen op perfectie.

Voor een schrijvende professional is zo’n relativerende boodschap niet verkeerd, maar voor onderzoekers is het slecht nieuws. Hoeken noemde zichzelf daarom tegenover het publiek de ‘meest deprimerende collega’. Maar zo zwart is het eigenlijk niet, zei hij zelf, en inderdaad: als met behulp van de juiste ontwerpkeuzes een tekst wel heel erg overtuigend te maken is, worden onze overtuigingen rechtstreeks bepaald door zo’n tekst. Dan zouden wij allemaal speelballen zijn in de handen van tekstschrijvers. Zo makkelijk is overtuigen gelukkig niet. 

Toch is het ergens wel het ideaalmodel van de taalbeheersing, zo schetste Hoeken: dat er een recept zou zijn als, zeg: pak drie sterke argumenten voor, weerleg een zwak argument tegen, voeg er wat humor aan toe en een bepaalde dosis levendigheid, en klaar is je overtuigende tekst. Hij toonde daarbij een plaatje van een topkok. Maar, zo zei hij, wij taalbeheersers lijken eerder op de…

Zweedse kok van de Muppetshow (bron plaatje: https://nl.pinterest.com/pin/2251868552177727/)

Zo’n plaatje zat echt in Hoekens presentatie, heerlijk! Met als strekking: taalbeheersers-Zweedse-koks weten dus eigenlijk niet wat de succes-ingrediënten zijn van een overtuigende tekst. Hoeken liet zien wat dat voor de methoden van onderzoek betekent. Eén van de problemen is de vaagheid van de gemeten termen. Wat is ‘levendig’ bijvoorbeeld, als het om een tekst gaat? Hoeken bepleitte een stevigere fundering in de theorie, betere definities bijvoorbeeld.

Nou, de toon was gezet. In de rest van de conferentie werd ik heen en weer geslingerd tussen een soort vertwijfeling als er wéér een Zweedse kok op zoek ging naar een ingrediënt op basis van weinig theorie, vage operationalisaties, twijfelachtige manipulatie van de onafhankelijke variabele* en wel een dikke dosis precisie-statistiek – steeds dikker, want dankzij een nieuwe methode kan iedereen aan de haal met mediërende factoren. Mij stoort dat al sinds ik als ‘buitenstaander’ (niet-wetenschapper) mijn vakgebied bekijk, dus al meer dan 25 jaar.

Maar aan de andere kant: er was ook hoop. Omdat het er nu eindelijk expliciet over ging. Meteen na Hoekens lezing verontschuldigden twee sprekers zich voor hun eigen verhaal, omdat ze moesten erkennen dat ze in de net door hem geschetste valkuil waren gevallen. En op donderdagochtend was een heel panel gewijd aan methoden voor het onderzoek naar het effect van stijl. Ook daar weer Zweedse koks, maar ook interessante discussie, overigens zonder duidelijke conclusie, hooguit iets over de waarde van ‘mixed methods’. 

Buiten deze rode draad heb ik eigenlijk niet eens zo heel veel gehoord. Nouja, een paar andere presentaties. Over stoken als taalhandeling, spelfouten van ervaren schrijvers (kom ik nog een keer apart op terug), over herschrijven dus, en tot slot (nouja, voor mijn vertrek) een plenaire lezing door Walter Daelemans over generatieve AI, inzoomend op de mogelijkheden en beperkingen van Nederlandse taalmodellen.

Mijn conclusie van de twee dagen was: dikke inhoudelijke crisis. En daar ligt zowel dreiging als kans. De kans is dat er echt iets gaat veranderen. Ik zou niet weten welke kant op en hoe, maar dat is ook niet aan mij. Wel stemt het me hoopvol. Bij de dreiging voegt zich echter dat het geen makkelijke tijd is voor de wetenschap in het algemeen en voor Letteren in het bijzonder. Als Zweedse kok kun je wel over het ingrediëntje dat je toevoegt publiceren, en als dat voorop staat, verandert er weinig. Sterker nog, dan dreigt fragmentatie en steeds dieper wegkruipen in het laboratorium, in de zin van: steeds verder af komen te staan van wat gewone taalgebruikers doen met tekst. Want dat was bij sommige experimenten wel heel ver.

Ik kijk al uit naar het volgende congres, want ik ben benieuwd hoe de taalbeheersing er over 2 jaar voorstaat. Dat is wel spannend. Niet alleen signaleerde ik die inhoudelijke crisis en het nachtkaars-programma, maar ook waren er maar weinig deelnemers. Toch wat zorgelijke ontwikkelingen, lijkt me. Gaat het vakgebied die trend keren?

 

* Onafhankelijke variabele: de tekst en de herschrijving die je in het experiment aan proefpersonen voorlegt om ze met elkaar te vergelijken – als dat bijvoorbeeld maar één tekst is, kan alles wat je vindt toevallig aan die ene tekst liggen

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Met een pro-drop naar de sportschool

Louise Cornelis Geplaatst op 30 januari 2026 door LHcornelis27 januari 2026  

Afgelopen maandag stond er op nos.nl een sportbericht met deze kop:

Uit het bericht begreep ik dat ik dat citaat moet lezen met ik erin: ‘Maar ik ga niet mee naar de sportschool’. Bij mij wringt dat. Ik kan ga eigenlijk niet anders lezen dan als gebiedende wijs, dus al advies of waarschuwing van Van der Vaart aan Van Barneveld dat Raymond maar beter niet met Rafael mee kan gaan naar de sportschool, want niet leuk, te zwaar of iets dergelijks. 

Maar dat is het dus niet. Ga is geen gebiedende wijs maar de eerste persoon tegenwoordige tijd van gaan, alleen zonder ik. Dat is een geval van pro-drop: weggelaten voornaamwoord. In veel talen is dat heel gewoon (Spaans, Latijn en Russisch zijn bekende voorbeelden), maar in het Nederlands niet. Op de Wikipedia-pagina wordt het als behorend tot ‘zeer informele registers’ bestempeld. ‘Is goed’ er een veelvoorkomend voorbeeld van, maar ik kan me nog herinneren dat dat opviel toen het oprukte rond de eeuwwisseling, in elk geval bij taalkundigen. 

Voor mij is een nieuwskop met pro-drop ergens toch onacceptabel, althans, dat leid ik af uit mijn verkeerde interpretatie van de kop. Manlief had er echter geen moeite mee. Hij baseerde wel zijn correcte interpretatie op de aanwezigheid van mee in de zin. Dus meer uit de inhoud afgeleid dan uit de vorm van ga.

Dus zou ik zeggen: doe maar niet, pro-drop in een kop.

 

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Recente berichten

  • Liever cijfers in getallen
  • Een memorabel cabaretseizoen
  • Veranderend werk – een reflectie op 7 jaar
  • Veranderende informatiestromen
  • Informatieparadox: de leesinspanning waard

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (332)
  • Opvallend (570)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (912)
  • Uncategorized (48)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (207)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • juni 2026
  • mei 2026
  • april 2026
  • maart 2026
  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑