↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Auteursarchieven: LHcornelis

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Tol betalen als dat niet kan

Louise Cornelis Geplaatst op 10 mei 2026 door LHcornelis30 april 2026  

Een tijdje geleden, namelijk op zaterdagochtend 7 maart, kwam een vriend van me uit omgeving Haarlem deze kant op via de ’toeristische’ route: over de dammen en de dijken (N59). Dan is het het handigste om via de tunnel in de A24 te rijden: de Blankenburgverbinding. Dat is een toltunnel, en dus keek hij van tevoren op de site hoe dat werkt. Toen zag hij dit:

Hij appte het mij nog: ik bof, en wat grappig dat ze excuses maken voor het niet hoeven te betalen van tol.  

Ik moet zeggen, als ik dat nou opschrijf, denk ik: ja, daar had een alarmbelletje moeten gaan rinkelen. Maar eerlijk gezegd: ik interpreteerde het precies zoals hij, namelijk dat hij bij een passage door de tunnel op die zaterdagochtend geen tol hoefde te betalen.

Hij keek dus aardig op z’n neus toen hij een tijdje later een rekening kreeg. Voor de tol, € 1,57, plus € 9 ‘administratiekosten’. Nou moe!

En toen pas viel het kwartje. Door de toch wat bijzondere constructie van die tolheffing betekent ’tol betalen’ het afrekenen dat je naderhand (of ervoor) zelf moet doen. Dat lag eruit – de website dus. Niet het systeem van tol heffen (de camera’s boven de weg).

Je moet dus tol betalen, ook op momenten dat je niet kunt betalen. Ja, dat is toch een beetje een kronkel. Die – denk ik – voor een deel ligt aan verwarrend taalgebruik. Iets meer woorden misschien, bijvoorbeeld:

U kunt dan niet op deze site terecht om uw tolbedrag te voldoen.

Of misschien helemaal expliciteren met een uitleg-zin erachteraan nog:

U kunt dan wel door de tunnel rijden en bent in dat geval ook tol verschuldigd.

Dat is iets wat je echt even zou moeten testen: wat werkt het beste?

Later die maand was het in het nieuws dat het vaak fout gaat met dat betalen. Ik vind dat niet gek. Ik ben er zelf ondertussen ook weer een keer doorheen gereden en toen viel me op hoe subtiel eigenlijk de signalen zijn. Je moet behoorlijk intensief de borden lezen om te weten dat je tol moet betalen, en dan moet je daarna dus nog gaan uitzoeken hoe dat moet. Wat me ook nog opviel: op de borden stonden de oude prijzen, met een melding erbij dat die niet meer golden (ik weet niet precies wat er stond, maar zoiets). Dat vond ik ook niet heel netjes. Het scheelt 6 cent ofzoiets, maar dat zouden ze toch moeten aanpassen, vind ik.

Het blijft natuurlijk ook gewoon echt raar:  er staan daar geen poortjes, maar je moet wel tol betalen, en dat moet je zelf maar uitzoeken verder. Paradoxaal genoeg rijd je bij de Westerscheldetunnel wél door poortjes, compleet met slagboom, maar hoef je géén tol te betalen. Het is echt lastig te begrijpen.

Of liever gezegd: het is allemaal heel logisch als je het weet….

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Barbaar!

Louise Cornelis Geplaatst op 6 mei 2026 door LHcornelis21 april 2026  

Ik ga altijd netjes om met mijn boeken. Ik schrijf er bijvoorbeeld niet in. Als ik aantekeningen maak, doe ik dat op een los blaadje. Dus geen strepen of opmerkingen in de kantlijn of accenten met een markeerstift. Dat doe ik nu niet, dat deed ik ook al niet als student. Ik heb er wel een paar met schade, maar dat is dan door ruig gebruik (vochtig geworden tijdens een kampeervakantie), intensief lezen (knak in de rug), een ongelukje (koffievlek) of de scherpe tandjes van onze huisdieren: hamsters. Dat vind ik dan ook weer niet heel erg: het zijn gebruiksvoorwerpen.

Dat ik ze niet ‘modificeer’ heeft er vooral mee te maken dat ik ze misschien nog wel een keer wil gebruiken of wil uitlenen of weggeven, en dan niet wil dat het eerste gebruik zo ‘opdringerig’ is. Ik heb wel herinneringen aan geleende of tweedehands boeken met markeringen die me afleidden.

Het is dus vooral om pragmatische redenen dat ik m’n boeken netjes behandel, en daarom maak ik er ook wel uitzonderingen op. Zoals laatst. We waren in voorbereiding op een fietsvakantie die grotendeels over beschreven routes voert. Daar hebben we de boekjes van aangeschaft. We navigeren wel met GPS, maar de boekjes zijn handig als back-up en voor de informatie, bijvoorbeeld over bezienswaardigheden, landschap en praktische zaken. Maar van elk van de routes deden we maar een deel. Op fietsvakantie wil ik het gewicht en volume van m’n bagage beperken, dus wat te doen? Welnu, ik heb de bladzijden die we niet nodig hadden, eruit gescheurd:

Ondanks m’n pragmatische inslag voel ik me dan toch een beetje een boeken-barbaar…

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Dank!

Louise Cornelis Geplaatst op 28 april 2026 door LHcornelis28 april 2026  

Ik kreeg afgelopen vrijdag tot mijn verrassing een bos bloemen thuisbezorgd van een opdrachtgever met wie ik een beetje een geschiedenis heb van problematische afhandeling van mijn facturen. De laatste was ook weer een tijd blijven liggen ergens, vandaar. Dat had ik trouwens ook pas laat ontdekt, vanwege de jaargrens – dan zie ik die lege plek in m’n oude administratie niet de hele tijd. Ze kunnen er ook niet altijd zelf wat aan doen en het komt uiteindelijk altijd goed. Een bloemetje had daarom echt niet gehoeven, maar ik vind het wel heel leuk! Ze werden vrijdagmiddag bezorgd en fleurden dus het lange weekend op.

Geplaatst in Uncategorized | Geef een reactie

Brief van de week

Louise Cornelis Geplaatst op 17 april 2026 door LHcornelis17 april 2026  

Ook mijn derde ingezonden brief aan de PZC (in twee jaar wonen in Kapelle) heeft de krant gehaald. Gister al online, en tot mijn verrassing vandaag in de papieren krant als ‘Brief van de week’:

Tekst brief onder kop 'brief van de week', met foto van snelweg met bord over de afsluiting

(klein dingetje wat me opvalt: in het online stuk staat berichten er over, da’s een spelfout, ik had zelf erover geschreven, zoals het hoort, en in de papieren krant is het woord weg!)

Geplaatst in verschenen | Geef een reactie

Boek over een soort collega besproken

Louise Cornelis Geplaatst op 7 april 2026 door LHcornelis7 april 2026  

Op Neerlandistiek.nl worden, in enkele maanden tijd, alle boeken besproken die zijn aangemeld voor de Libris Literatuurprijs (‘groslijst’). Dat doen een heleboel verschillende lezers van de site. Ik ben daar een van: gister is mijn recensie verschenen. Die gaat over Het tekstbureau van Alfons Hoefjes. Ik had dat boek uitgekozen omdat het gaat over een mede-tekst-ZZP’er. Ik vond het leuk om te doen, ook al vond ik het boek maar zo-zo. Hoe dat zit, lees daarvoor maar die recensie!

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

De slechtste ondertiteling ooit

Louise Cornelis Geplaatst op 27 maart 2026 door LHcornelis27 maart 2026  

Twee keer per jaar komt Martin Koolhoven naar ’t Beest om daar een masterclass te geven over een regisseur, acteur of genre, gevolgd door een bijpassende film naar zijn keuze. Het is voor ons inmiddels vaste prik, en zo keken we gisteravond naar Excalibur (1981), de film bij het thema ‘sword & sorcery‘. Dat is niet helemaal mijn genre, zal ik maar zeggen, maar ik hing zoals steeds aan Koolhovens lippen en de film viel me niet tegen: meeslepend verhaal en knap gemaakt, maar wel te lang en te veel.

Waar de film zelf niet zo veel aan kan doen en Koolhoven misschien ook niet, maar wat mijn beleving sterk beïnvloedde, was dat de ondertiteling dramatisch slecht was: die hing aan elkaar van vertaalblunders. 

Het eerste wat me opviel is dat er een keer hacken stond waar het hakken moest zijn – hacken, dacht ik, in 1981? Daarna ging het van kwaad tot erger. De meest opvallende waren fouten met synoniemen. Zo werd ’to call’ steeds vertaald met bellen in plaats van roepen, waardoor het leek alsof Koning Arthur in de vroege middeleeuwen opgebeld ging worden. Verder moest hij het zwaar Excalibur uit een rots tekenen, in plaats van trekken (’to draw’). ‘Charm’ werd charme in plaats van betovering of toverspreuk. Aan het eind moest Perceval het zwaard in een zwembad gooien (‘pool’). 

Ook grammaticaal ging het mis. Zo op het oog (het ging snel natuurlijk) werden ambiguïteiten random opgelost. Betrekkelijk voornaamwoord ’that’ werd lukraak met dat dan wel die vertaald, wat tot betekenisfouten leidde of onbegrijpelijke zinnen. De in het Engels qua vorm ambigue werkwoordsvorm van de eerste persoon en infinitief (‘come’) leken ook wel 50-50 opgelost, dus de helft van de keren fout, zelfs in van die simpele zinnetjes als ‘come here’ (komen hier). 

Andere zinsstructuren klopten ook niet. ‘All but’ werd alles maar in plaats van alles behalve. Een enkele keer verstond ik het Engels niet en raakte ik vervolgens verstrikt in een ontsporende ondertitel die ik waarschijnlijk eerst woord-voor-woord had moeten terugvertalen om te weten wat er gezegd was. Maar daarvoor gaan ondertitels te snel. Ergens halverwege verscheen zelfs iets met .com erachter. Wonderbaarlijk genoeg waren andere complexe zinnen dan wel weer raak. 

Het leidde me ontzettend af. Eerst vond ik het ergerlijk, daarna interessant (beroepsdeformatie) en vervolgens ook wel hilarisch. Dat laatste hadden er meer. Manlief zat met dat bellen een keer een draaischijf-gebaar te maken, en toen met dat zwaard in het zwembad gniffelde de hele zaal.

Het was duidelijk geen mensenwerk, misschien een vroege AI-toepassing waar verder niemand naar gekeken heeft. Wat mij intrigeert, daar heb ik het hier vaker over gehad, is hoe het kan zijn dat de tekstkwaliteitszorg zó gebrekkig is. Wie heeft dit vrijgegeven? Of hoe is dit proces verlopen? Het kan niet de ondertiteling uit 1981 geweest zijn, want toen was dat echt nog alleen mensenwerk. Waarom waren die oude ondertitels niet geschikt? Of niet meer vindbaar? En toen er een tijdje geleden dit maar in geflanst? Niet recent ook, want dan zou het beter geweest zijn. AI kan echt veel beter dan dit – wat bijzonder is, want aan deze blunders zag je maar weer eens hoe ingewikkeld vertalen is.

Fascinerend. En ik heb gelachen dus. Maar toch wel ook een beetje jammer van de film.

 

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Regionaal betekenisverschil

Louise Cornelis Geplaatst op 25 maart 2026 door LHcornelis23 maart 2026  

De afgelopen tijd deed ik een cursus verkeerskunde, overigens erg leuk, ik schreef er op mijn andere blog meer over. Aan verkeer zit natuurlijk ook een talige kant, en inderdaad ging het af en toe ook over borden, al dan niet in relatie met gedragsbeïnvloeding. Maar het grappigste moment qua taal was toen het ging over hubs. Dat zat zo.

Ruim een jaar geleden schreef ik hier dat ik me verbaasde over het gebruik van het woord hub als aanduiding van de plek waar de Flex stopt, of binnenkort gaat stoppen. Ik vind dat nog steeds wel: de hub hier vlakbij maakt toch vooral de overstap op de benenwagen mogelijk, en dan is dat toch echt een te ronkend woord. Maar een jaar later is het woord in die betekenis voor mij een stuk gewoner geworden. Zo gaat dat: ik zie de bordjes overal en ik hoor er mensen over praten. Dus hub betekent nu: Flex-halte, voor vraag-afhankelijk OV. 

In het gedeelte over mobiliteitsmanagement in de cursus ging het ook over hubs, met een slide erbij met onder andere dit beeld:

Aan zoiets dacht ik vroeger ook bij dat woord. Toen zei ik: ‘Hub betekent in Zeeland (en vast ook in andere OV-arme gebieden) ondertussen iets heel anders.’ Hij keek nogal wazig, volgens mij had hij geen idee waar ik het over had. Ik meende bij hem op dat en ook op andere momenten een licht dédain te proeven, zo van: met zulke uithoeken kunnen we geen rekening houden. Het zijn die dingen waar ik me sinds ik in Zeeland woon bewuster van ben geworden en waar het in de media ook best vaak over gaat: de Rand- of grootstedelijke arrogantie. Alsof ze zelf de maat der dingen zijn. Verder vond ik het trouwens wel een goede en prettige docent. 

Wat het me over taal maar weer eens deed inzien, was hoe zeer je referentiekader de betekenis van uitingen bepaalt, en dat dat kader nogal kan verschillen, van persoon tot persoon, van generatie tot generatie (mijn stuk in Tekstblad over de andere lezing van een lijdende vorm door de jongere generatie ging daarover), en dus ook van regio tot regio. Dat dat geldt voor, pak ‘m beet, bolus of ramp (de ramp hier kan er maar één zijn) ligt voor de hand. Maar het geldt dus ook voor een woord als hub.

Oftewel: als je schrijft voor een landelijk publiek en je doet een pretest, betrek dan je proefpersonen uit het hele land. 

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

AI analyseerde mijn stijl

Louise Cornelis Geplaatst op 23 maart 2026 door LHcornelis23 maart 2026  

Op neerlandistiek.nl kom ik voor in een stijlanalyse door AI van enkele bloggers voor die site. Ik kreeg de langere analyse dit weekend van Marc van Oostendorp toegestuurd. Ik heb het meteen gelezen, maar wist eerst niet zo goed wat ik ermee moest, dus ik heb het even laten bezinken tot eerder vanmiddag. Toen postte ik deze reactie:

Ik ben een van de geanalyseerde bloggers, kreeg er van Marc ook mail over met de langere analyse. Ik ben daar niet onverdeeld gelukkig mee. Ik voel me vereerd en vind het grappig om te lezen, maar ik denk ook: wat mij betreft is het zonde van het water en de energie die Claude hiervoor heeft verbruikt. Dit is voor mij typisch het gebruik van AI waarvan ik vind dat we het niet moeten doen. Want waarom wel? Dat AI best wel kan analyseren en schrijven maar niet zoals echte mensen, dat weten we al. Ik lees ook in de grotere analyse niets nieuws of verrassends. Wel een opmerkelijk geval van stereotypering: ik ben typisch ‘Zeeuws’. Ik woon welgeteld weer 2 jaar in Zeeland, na 40 jaar Randstad, waar mijn werk zich ook nog steeds afspeelt. Maarja, dat AI grossiert in stereotypes wist ik ook al.

(En naar aanleiding van de reacties: voor mij is het juist glashelder wat er voor menselijke schrijvers te doen overblijft. AI is echt niet op iets origineels of kritisch te betrappen. En het naar je hand zetten en fatsoeneren van wat AI genereert is soms meer werk dan zelf schrijven.)

 

Geplaatst in Leestips, Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Een vernieuwend eerste deel, daarna jeuk

Louise Cornelis Geplaatst op 19 maart 2026 door LHcornelis19 maart 2026  

Onlangs schreef ik hier dat ik nog terug zou komen op een soort zelfhulpboek waar ik wel enthousiast over was. Ik was op dat moment halverwege The Way of Excellence en ik moet bekennen dat ik door het tweede deel iets minder enthousiast ben geworden, maar dan nog: de moeite waard om hier aandacht aan te besteden.

The Way of Excellence, ondertitel ‘A Guide to True Greatness and Deep Satisfaction in a Chaotic World’ is het nieuwe boek van Brad Stulberg, een kerel die ik al jaren nauwgezet volg (zie deze blogpost over zijn vorige boek bijvoorbeeld). Ik vind hem en zijn vaste maatje Steve Magnuss originele en denkers die stevig onderbouwde vraagtekens durven te zetten bij dominante, hippe ideeën en zo een bijdrage leveren aan betere zelfzorg, zo vat ik het maar even samen.

The Way of Excellence is de jongste loot aan die stam. Het valt uiteen in twee delen: het eerste deel heet ‘Foundations’ en is beschouwend, meer theoretisch; het tweede heet ‘Mindsets, habits and practice’ en dat is meer zoals je je een zelfhulpboek voorstelt: het beschrijft wat je moet doen om te excelleren. Dat tweede deel is veel langer dan het eerste.

Ik vond het Foundations-deel smullen. Ik noemde in die vorige post The Way of Excellence vernieuwend, en dat zat ‘m in dit deel. Dat is enerzijds omdat ik graag dingen lees die me helpen om de wereld en het leven te begrijpen, en anderzijds omdat voor mij in het tweede deel veel te veel de maakbaarheid centraal staat.

Of nouja, centraal… het zit hem vooral in de voorbeelden. In zo’n beetje elk hoofdstuk wordt iemand opgevoerd die die zo’n mindset, habit of practice (de usual suspects ook nog, zoals discipline, focus, geduld, nieuwsgierigheid, gemeenschap en plezier) uitvoert en daar enorm succes mee heeft gehad. Dat is een vorm van de narratieve drogreden: iemand doet X en wordt succesvol, en legt daar een causaal verband tussen. Maar nee. Er zijn duizenden, miljoenen mensen die ook X deden en die niet succesvol werden. De maakbaarheidsillusie is dat als jij ook maar X doet, jij ook succesvol zult worden.

De narratieve drogreden is in maakbaarheidskringen zeer populair (dat eerdere zelfhulpboek, Essentialisme, stond er ook bol van), en het verbaast me een beetje dat Stulberg ‘m niet doorziet. Of, als hij hem wel doorziet, er toch zo veel gebruik van maakt. Ik kreeg er jeuk van. Maar dat kreeg ik dus pas in deel 2.

In deel 1 zet Stulberg uiteen wat hij onder excelleren verstaat. Dat is, grappig genoeg, niet eens knetter succesvol zijn, althans, niet in de zin van bestsellers verkopen, een topbedrijf runnen of een wereldrecord vestigen. Waar het om gaat, is ‘mastery and mattering’: je bent actief betrokken (‘involved engagement’) waar je goed in bent en steeds beter in wordt, en wat in lijn is met wat in jouw leven waardevol is. Zodoende maak je de wereld dus steeds een beetje beter. Dat geeft diepe voldoening.

Wat voor mij nieuw was, is dat Stulberg de drang om de wereld steeds een beetje beter te maken uit de biologie verklaart. Zelfs eencelligen doen dat al, die voelen zich aangetrokken tot ‘het goede’ en bewegen in die richting. Ik heb altijd gedacht dat het ‘better never stops’ een bijverschijnsel is van het kapitalisme en dat er tussen individuen nogal verschil zit in hoe zeer ze zich door een verbeterwens laten drijven. Maar Stulberg betoogt dus dat het dieper zit, en in ons allemaal. Wel verschilt natuurlijk nogal wát we willen verbeteren, hoe zich dat uit, en hoe goed iemand is.

De tweede vernieuwing vond ik dat Stulberg de koppeling maakt met voelen. Daar kom ik kop enigszins bekend gebied, want in ‘mijn’ tak van de taalkunde, de cognitieve, stond in de tijd dat ik er nog actief in was de gedachte van ‘ik voel dus ik ben’ ook in de aandacht. Ik kom zelfs dezelfde naam tegen: Antonio Damasio, die van: ‘ik voel dus ik ben’. Ik ken dat gedachtegoed dus, maar las met plezier hoe Stulberg dat verbindt met excelleren: meesterschap is gebaseerd op gevoel en verbonden met ons hele lichaam, niet alleen op denkwerk met ons hoofd. Omdat we met heel ons wezen voelen wat goed en slecht is, en daarnaar handelen.
Als we ons dan richten naar het goede, dan voelen we dat dus ook, en dat gevoel is wat ons in essentie menselijk maakt en wat ons leven zin geeft. Juist ook als we daar moeilijkheden bij overwinnen.

Ik herken daarin het diepe genoegen dat doelgericht trainen in de sport geeft, maar ook hoe ik schrijf en vooral: redigeer. Er zijn doorwrochte checklists voor een goede tekst in omloop en ik kijk soms zeker ook analytisch (met dat hoofd-denkwerk dus), en toch is mijn gevoel doorslaggevend in het verbeteren van een zin of passage. Zo’n 25 jaar geleden heb ik geprobeerd daar iets van onder woorden te brengen in het kader van mijn opleiding in de Gestalttherapie toen. Ik paste toen de Gestalt-term awareness toe op lezen en herschrijven en dat zit in die hoek. In het vakgebied is dat aspect van tekstenwerk een ondergeschoven kindje. En dat is eigenlijk wat Stulberg ook zegt: de manier waarop we praten over het verwerven van vaardigheden is eenzijdig, te weinig relationeel-interactief met de omgeving (‘you feel your way forward’).

Ik schrijf nu nog maar over de eerste 25 van de 276 pagina’s van het totaal en van van de 61 in deel 1 van het boek. In de rest van deel 1 contrasteert Stulberg vooral excelleren met dat waartoe het moderne leven nogal verleidt: de afleiding en chaos van sociale media en het streven naar externe waardering (geld, medailles), hedonistische kortetermijngeluk of immorele zaken. En daarna gaat het dus over het hoe van dat excelleren. Daar komt nogal wat bij kijken en dat is een goed samenhangend en hier en daar leerzaam verhaal, maar met dus die maakbaarheids-suggestie. Daar kreeg ik dus jeuk van, maar dat doet niets af aan mijn enthousiasme voor deel 1.

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

De d’s en t’s van ‘mijn’ schrijvers

Louise Cornelis Geplaatst op 11 maart 2026 door LHcornelis11 maart 2026 5

In mijn stukje over het VIOT-congres schreef ik dat ik nog apart zou terugkomen op spelfouten van ervaren schrijvers. Dat was naar aanleiding van de presentatie van Alex Reuneker, taalkundige en beheerder van de website Gespeld.nl, waar je kunt oefenen met werkwoordspelling (en daarnaast ook bevriende mede-sporter, maar dat terzijde). De data die het oefenen op Gespeld.nl oplevert, gebruikt Reuneker voor analyses: wat zijn de struikelblokken in de werkwoordspelling?

In de lezing laatst ging het over de fouten die ervaren schrijvers maken. Het ging om 453 personen met een WO- of HBO-achtergrond. Die blijken minder fouten te maken dan scholieren, en ook andere. Op de eerste plaats bij die ervaren schrijvers staan leenwerkwoorden. Die hebben wat freaky kanten. Het is bijvoorbeeld hypeten, ik basketbal versus baseball (want verschil in uitspraak), gestrest (met 1 s want gewoon Nederlandse regel) en geüpdatet, wat een idioot woordbeeld oplevert. Op 2 staan de homofonen van de tweede persoon: word je, versus wordt je broer ziek?

De gebiedende wijs met een misplaatste t erachter (houdt rekening met) staat niet in de top-drie, terwijl die bij scholieren op 2 staat. Scholieren hebben minder problemen met de leenwerkwoorden, wat wellicht een leeftijdskwestie is. Zij schrijven altijd al geüpdatet, mijn generatie heeft dat ooit moeten aanleren.

Wat mij opviel bij de lezing, was dat ik in het werk van ‘mijn’ schrijvers volgens mij nooit fouten met de leenwoorden aantref, en ook niet met die homofonen van de tweede persoon. Wat ik het meest zie, is wat die leerlingen ook fout doen: gebiedende wijzen met een t erachter waar dat niet moet. Gister had ik er twee achter elkaar in één tekst, allebei in een opsomming met andere gebiedende wijzen waarbij je hoort dat er geen t achter moet: regel, bepaal. Dus de leden van de opsomming begonnen met zoiets als: regel, bepaal, houdt, en onderzoek. Vind ik altijd frappant, kennelijk ziet zo’n schrijver de inconsistentie niet.

Die twee achter elkaar brachten de totaalscore van d/t-fouten in het werk dat ik sinds die lezing eind januari onder ogen heb gehad op vier. Dat was drie keer de gebiedende wijs en één keer gebeurd in plaats van gebeurt. Vier fouten in een dikke maand, valt nogal mee, en dat klopt – ik werk met echt goede schrijvers. Het is zo weinig dat er qua onderzoek niets over te zeggen is. Ik verzamel verder.

Maar ondertussen dan toch: hoezo zijn ze zo anders dan in Reunekers data? Ik denk dat dat er vooral aan ligt dat noch leenwoorden noch de tweede persoon veel voorkomen in de teksten die ‘mijn’ schrijvers schrijven, en gebiedende wijzen juist wel. Zo formuleren ze immers veelal adviezen. 

Als ‘mijn’ schrijvers op Gespeld.nl zouden oefenen, komen ze daar problemen tegen die in hun dagelijkse schrijfwerk niet voorkomen. Dat is niet erg natuurlijk, vooral niet omdat ze wel voor kunnen komen, in je eigen werk of als je bijvoorbeeld je kinderen met huiswerk helpt, ik noem maar wat. In mijn geval wil ik echt wel weten hoe je geüpdatet schrijft, ook al gebruik ik het zelf nooit: ik wil gewoon weten hoe het moet. Ik had Reunekers vijf opgaven gelukkig allemaal goed, maar gestresst kwam daar niet in voor en zou ik met twee s’en schrijven. Weer wat geleerd dus.

Het allerbelangrijkste is dat je leert de problemen die in je eigen werk wél voorkomen op te lossen. Dus vraag ik me af:  is er een truc om zeer ervaren en goede schrijvers bewust te maken van die inconsistentie in hun gebiedende wijzen? Bij de homofonen dringt het woordbeeld met een t zich kennelijk enorm op. Wat zou daartegen te doen zijn?

 

Geplaatst in schrijftips | 5 reacties

Bericht navigatie

← Oudere berichten

Recente berichten

  • Tol betalen als dat niet kan
  • Barbaar!
  • Dank!
  • Brief van de week
  • Boek over een soort collega besproken

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (330)
  • Opvallend (567)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (911)
  • Uncategorized (48)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (207)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • mei 2026
  • april 2026
  • maart 2026
  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑