↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Links-rechts…. nog een keer over de tube tandpasta!

Louise Cornelis Geplaatst op 22 februari 2011 door LHcornelis22 februari 2011 2

En dan gaan we nog even verder. Want op diezelfde tubes tandpasta als waar ik gisteren over schreef staat nóg iets waar ik me al even lang aan erger (ik ga me nu afvragen of ik niet eens op zoek moet naar een ander merk?). In een afwijkend kleurtje van de rest van de tekst en gecentreerd (waar de rest is uitgelijnd) staat er aan het eind van de tekst:

Sensodyne, het meest geadviseerd door tandartsen en mondhygiënisten.

Ja – niet door de dierenarts of de loodgieter, hèhè…

Wat hier misgaat, is interessant: het is een illustratie van het links-rechts-principe in schrijftaal. Bij gebrek aan intonatie is het gebruikelijk om het meest informatieve, nieuwswaardige van een geschreven zin naar het einde (rechts) te plaatsen, en aan het begin juist aan te knopen bij iets bekends. Het hoofdstuk over dit principe in het onvolprezen boek Formuleren begint met een voorbeeldzin die aan het begin van een artikel stond:

Osteoporose, verhoogde botafbraak, treedt op in de menopauze bij vrouwen.

Voel je ‘m aan? (“Uh, ja – niet bij mannen.”)

Hoe dit op te lossen? Dat is bij de Sensodyne-zin niet eens zo makkelijk. Een paar pogingen: 

Sensodyne – de tandpasta die tandartsen en mondhygiënisten het meest adviseren.
Sensodyne, door tandartsen en mondhygiënisten het meest geadviseerd.

Als iemand iets beters weet, hoor ik het graag!

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | 2 reacties

Tandpastawoede

Louise Cornelis Geplaatst op 21 februari 2011 door LHcornelis21 februari 2011 2

In Onze Taal van deze maand staat en leuk artikel over ‘boemboewoede’: de irritatie die de tekst op verpakkingen van artikelen op kan wekken. Op boemboe van Conimex staan oosterse spreuken, die de schrijver van het artikel, Arjen van Veelen, woedend maken, om hun inhoud en om hun rare plek: Conimex dat aan Confucius-achtige inzichten doet, dat is een tang op een varken.

Nou heb ik ook zo mijn irritaties, ik beschreef er de afgelopen tijd al één over een flesje van Bloem, en later mijn vreugde toen er verbetering bleek te zijn (***kuch***). Naar aanleiding van het artikel realiseerde ik me dat ik op dit weblog nog nooit over mijn grootste irritatie heb geschreven, want die bestaat al veel langer dan dit weblog. Al meer dan twintig jaar zelfs, want zo lang is het minstens geleden dat mijn tandarts me adviseerde om met een specialse tandpasta voor gevoelige tanden te poetsen, ‘Sensodyne’ geheten.

Zo gezegd, zo gedaan, en vanaf het begin (als ik het me goed herinner) tot op de dag van vandaag heb ik aangekeken tegen de volgende opsomming, in deze versie afkomstig van m’n huidige tube Sensodyne Whitening:

Sensodyne whitening:

  • Legt een beschermend laagje rond de tandhalzen.
  • Pijnprikkels kunnen de zenuw niet meer bereiken.
  • Versterkt het tandglazuur en helpt (wortel)cariës te voorkomen.
  • 2 X per dag poetsen zorgt voor een blijvend resultaat 
  • Verwijdert veilig aanslag en geeft de tanden hun natuurlijke witheid terug. Bovendien helpt Sensodyne Whitening de aanhechting van nieuwe aanslag voorkomen.

In die twintig jaar is de bullet enorm opgerukt, en is het algemeen gebruik om hem niet meer alleen voor echte opsommingen te gebruiken, maar voor elke nieuwe gedachte of zin – kijk maar hoe enkele kranten het belangrijkste nieuws tot twee of drie bullets inkorten, of zie vrijwel elke Powerpointpresentatie. De betekenis van een bullet is verworden tot iets vaags als ‘dit had ik ook nog bedacht’.

Toch ben ik nog van de puriteinse leer: een bullet is een opsommingsteken, en dat zet je alleen voor leden van een échte opsomming. Die leden horen van dezelfde orde te zijn, en daarom ook van dezelfde grammaticale vorm. Een teken dat alleen maar ‘dit had ik ook nog bedacht’ betekent, voegt helemaal niks toe. Sterker nog: het versluiert. Het versluiert complexe relaties tussen de zinnen – en ik heb net in mijn vorige blogpost betoogt dat het helpt om relaties expliciet te maken. Een bullet is daarvoor niet het geëigende middel. Of liever gezegd: een bullet is daarvoor een geweldig middel, maar dan moet de relatie er wel één zijn van ‘volgende element in opsomming’.

Bij Sensodyne gaat het op alle fronten mis. De opsomming klopt inhoudelijk noch grammaticaal. In deze versie valt me vooral de bovendien op in de laatste bullet: hé, daar is ineens wel een relatie geëxpliciteerd, en nou juist één die een opsommend verband aanduidt. Dáár had nou juist een bullet voor gemoeten! De paar keer en in de tekst doen me ook zoiets vermoeden, al denk ik daarbij ook een keer dat de relatie complexer is dan simpelweg en: tussen ‘verwijdert veilig aanslag’ en ‘geeft de tanden hun natuurlijke witheid terug’ zit volgens mij een oorzaak-gevolg-relatie. De meest complexe verdoezelde relatie zit tussen de eerste en de tweede bullet.

Al met al kom ik tot de volgende herschrijving:

Sensodyne whitening:

  • Legt een beschermend laagje rond de tandhalzen, waardoor pijnprikkels de zenuw niet meer kunnen bereiken.
  • Versterkt het tandglazuur.
  • Helpt (wortel)cariës te voorkomen.
  • Geeft de tanden hun natuurlijke witheid terug door veilig aanslag te verwijderen.
  • Helpt de aanhechting van nieuwe aanslag te voorkomen.

2 X per dag poetsen zorgt voor een blijvend resultaat!

En dat sta ik dus al ruim twintig jaar regelmatig te bedenken, bij het tandenpoetsen!

Geplaatst in Opvallend, Presentatietips, schrijftips | 2 reacties

Maak relaties expliciet, maar niet te

Louise Cornelis Geplaatst op 18 februari 2011 door LHcornelis18 februari 2011  

Gisteren ben ik in Leiden* naar een taalbeheersingslezing geweest, van professor Ted Sanders uit Utrecht. Paar interessante dingen voor de praktijk.

In de eerste plaats het al wat langer bekende feit dat veel VMBO-schoolboeken te simpel zijn geschreven, of liever gezegd: dat de makers daarvan een verkeerd beeld hebben van hoe je teksten eenvoudig leesbaar maakt. Ze ‘fragmentariseren’ de tekst: allemaal korte, losse hoofdzinnetjes. Uit onderzoek is gebleken dat juist verbanden toevoegen de tekst beter te begrijpen maakt. Ook al worden de zinnen dan langer doordat er verbindingswoorden bijkomen, en bijzinnen aan verbonden.

In de tweede plaats blijkt dat andere lezers niet zo veel verschillen van VMBO-leerlingen. Ik bedoel: het expliciet maken van het verband tussen zinnen helpt sowieso bij het lezen. Dus schrijf niet ‘De winstverwachting is goed. We kunnen een nieuwe investering doen’ – dan laat je de lezer raden naar het verband. Beter is ‘De winsverwachting is goed. Daarom kunnen we een nieuwe investering doen’. Zo’n signaal voor wat voor het verband het is, helpt.

Maar je moet daar niet in doorslaan. Het blijkt dat het lezers niet helpt en soms zelfs kan tegenstaan als je al te voor de hand liggende verbanden expliciteert. ‘Het gaat regenen. Ik neem mijn paraplu mee’ heeft geen dus nodig.

Sanders had het ook nog kort over het NWO-onderzoeksprogramma ‘Begrijpelijke taal’. Dat ga ik natuurlijk goed in de gaten houden!  

 

* Ik geef op het ogenblik weer een beetje college in Leiden. Als zich daar relevante dingen voordoen, doe ik natuurlijk op dit weblog verslag. Tot nu toe heb ik nog geen duidelijke link kunnen leggen met mijn schrijf- en adviespraktijk, of nouja, ik geef weer hetzelfde vak als vorig jaar, Methoden Taalbeheersingsonderzoek, maar daarover rapporteerde ik toen al, bijvoorbeeld over overgangen in een Powerpointpresentatie. Het andere vak dat ik geef, is nogal analytisch. Maar ik houd het scherp in de gaten natuurlijk, en als ik iets kan kruisbestuiven naar dit weblog, zal ik het zeker doen!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Hard writing makes easy reading

Louise Cornelis Geplaatst op 4 februari 2011 door LHcornelis4 februari 2011  

Ik ben inmiddels bezig met het nakijken van de reflectieverslagen van de studenten van het piramideprincipe-onderzoekscollege. In een ervan kwam ik een citaat tegen dat ik niet kende, maar dat ik wel heel treffend vind: ‘hard writing makes easy reading’, van Wallace Stegner.

Ik heb het vaak over dat verschijnsel, maar dan dus niet in deze woorden; ik gebruik de laatste tijd meestal de metafoor van de communicerende vaten, of liever gezegd: eigenlijk communiceren deze vaten juist niet, want ze balanceren niet uit naar hetzelfde niveau (wat bij communicerende vaten veroorzaakt wordt door een verschil in druk). Het is meer zo dat als je het volume in het ene vat opvoert, het peil in het andere vat daalt, en omgekeerd.

Wat ik daarmee bedoel: de inspanning die jij als schrijver doet, maakt de taak van de lezer makkelijker. En als jij je er als schrijver makkelijk van afmaakt, heeft de lezer het moeilijker.

Daarom is schrijven vaak zo’n inspanning. En daarom zie je vaak de moeite van de schrijver helemaal niet af aan de korte, heldere tekst die er het resultaat van is. En daarom zijn slecht geschreven stukken zo’n moeizame puzzel. En daarom ook Pascals beroemde citaat over geen tijd hebben voor een kortere brief. Dat komt allemaal op hetzelfde verschijnsel neer. Dat uitleggen biedt wel eens troost aan schrijvende professionals die ervaren dat (goed) schrijven tijd en moeite kost. Ja, dat is zo. En die bespaar je je lezer.

Naast Pascal ga ik vanaf nu vaker Stegner citeren! (Met dank aan Marit.)

Geplaatst in Piramideprincipe-onderzoek, schrijftips | Geef een reactie

Met de hand schrijven goed voor hersens

Louise Cornelis Geplaatst op 27 januari 2011 door LHcornelis27 januari 2011  

En nog zo’n verheugend onderzoeksberichtje dan: schrijven is goed voor je hersens. Mits je het met de hand doet. Dit berichtje is alweer ietsje ouder, maar het lijkt erop dat de relatie tussen schrijven en gezondheid ‘hot’ is!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Schrijven & gezondheid

Louise Cornelis Geplaatst op 26 januari 2011 door LHcornelis26 januari 2011  

De laatste tijd waren er een paar berichtjes over de relatie tussen schrijven en (geestelijke) gezondheid die mij goed deden:

  • Nieuw onderzoek van de University of Chicago over dat vooraf schrijven examen-angst kan reduceren en tot betere resultaten kan leiden.
  • Een overzicht van al bestaand onderzoek naar de werking (gunstig!) van schrijven, op een rijtje gezet door Mark Mieras van de Kunstfactor. Conclusie: schrijven is een hulpmiddel om vitaal te blijven.
Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Vorderingen

Louise Cornelis Geplaatst op 5 januari 2011 door LHcornelis5 januari 2011 1

Even een updateje weer over de roman die ik aan het (her-)schrijven ben. Laatste nieuws hier was begin november, toen ik constateerde dat ik niet meer tevreden was over het eind. Het heeft even geduurd, mede door drukte met m’n ‘gewone’ werk, maar net vandaag heb ik het nieuwe einde afgemaakt – dankzij de rustige periode rond de feestdagen. Naast drukte speelde ook ertegenaanhikken een rol: het is best een heftig einde geworden, en ik vond dat niet makkelijk om te schrijven. Het is nu wel veel beter. Ik heb nu dus eigenlijk een nieuwe eerste versie: de inhoud staat nu wel op z’n plek. Ik ga de komende tijd een lichte redactieslag doen zodat het manuscript fatsoenlijk genoeg is voor de eerste proeflezer. Het zal wel weer niet zo heel hard gaan, gezien mijn overige werkzaamheden, maar ik meld met trots: het vordert!

Geplaatst in schrijftips | 1 reactie

Terechte aarzeling bij slecht nieuws

Louise Cornelis Geplaatst op 29 december 2010 door LHcornelis29 december 2010 1

In geval van ‘slecht nieuws’ aarzelen veel schrijvers bij het voorop plaatsen van de hoofdboodschap: is dat niet wat al te hard en direct? Uit het piramideprincipe-onderzoekscollege kwam dit op twee manieren aan de orde: de geïnterviewde recentelijk getrainde gebruikers van het principe spraken zich erover uit (“Sommige situaties vragen om een minder directe aanpak, bijvoorbeeld als je weet dat de klant het niet eens is met je advies” zei er één), en in één van de op lezers gerichte experimenten ging het er specifiek over. Uit dat experiment bleek dat de aarzeling terecht is.

In dat experiment hadden de studenten (Rianne en Rosalie) twee versies gemaakt van een adviesbrief aan het faculteitsbestuur over de openingstijden van de kantine, met daarin het advies die te beperken (‘slecht nieuws’) dan wel te verruimen (‘goed nieuws’). De brieven waren hetzelfde van structuur, opbouw en schrijfwijze.

De proefpersonen waren allemaal studenten aan de desbetreffende faculteit, onderverdeeld in gebruikers en niet-gebruikers van de kantine. Ze kregen één van de brieven voorgelegd, met daarbij een aantal vragen over de begrijpelijkheid van de hoofdboodschap, hun acceptatie van de boodschap en de toon/beleefdheid van de tekst die in de vorm van een interview werden afgenomen.

In het experiment werd de positieve brief unaniem positief beoordeeld, in termen als ‘helder’ en ‘duidelijk’. De negatieve brief lag een stuk moeilijker: ‘dwingend’, ‘geforceerd’ en ‘opgelegd’ waren de gebruikte woorden. Maar liefst zeven van de acht respondenten hadden een negatief oordeel over de toon. Eén van de respondenten zei: “Het is niet onbeleefd gebracht, maar het advies staat al helemaal vast.” Betrokkenheid (wel of niet vaak gebruik maken van de kantine) maakte daarbij niet uit.

Wat verder nog opviel, was dat de respondenten in de positieve brief allemaal feilloos de hoofdboodschap aanwezen; in de negatieve brief hadden ze daar meer moeite mee.

Wat concluderen we hieruit? Dat de inhoud van de boodschap gevolgen heeft voor de waardering van de vorm van de brief. Bij ‘goed nieuws’ kun je recht-toe-recht-aan schrijven. Bij ‘slecht nieuws’ kan het handig zijn om de directheid van het piramideprincipe te compenseren, en is het wellicht ook nodig om extra maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat de beoogde boodschap overkomt.

Daarmee pleit ik er niet voor om bij slecht nieuws de hoofdboodschap maar achterop te zetten. Dat is zelfs in strijd met de regels voor het geven van slecht nieuws. Wel is er wat te doen met formuleringen, praten, en ‘positieve beleefdheid’ (het creëren van voldoende common ground).

Over de mogelijke onbeleefdheid van het piramideprincipe zette ik eerder tijdens het college al wat op een rijtje. Het meeste daarvan onderschrijf ik nog steeds. Ik ga alleen schrijvers wel wat vaker gelijk geven in hun zorgen en hun angst, om ze vervolgens te laten nadenken over hoe ze duidelijk en helder kunnen zijn, én netjes met hun lezer om kunnen gaan.

Geplaatst in Piramideprincipe-onderzoek, schrijftips | 1 reactie

Vraag je lezer

Louise Cornelis Geplaatst op 27 december 2010 door LHcornelis27 december 2010  

Eén van de dingen die duidelijk naar voren zijn gekomen uit de resultaten van het piramideprincipe-onderzoekscollege is dat lezers verschillen in hoe ze piramidale rapporten ervaren. Een paar voorbeelden:

  • Waar sommige lezers de beknoptheid van een piramidale tekst waarderen, ervaren anderen dat als ‘onprofessioneel’: een adviesrapport ‘hoort’ in hun ogen meer informatie te bevatten en misschien zelfs wollig geformuleerd te zijn. Anders gezegd: voor sommige lezers voldoet een piramidale tekst niet aan hun normen en verwachtingen voor een adviesrapport.
  • Waar sommige lezers de heldere structuur waarderen, vinden anderen een piramidaal rapport zelfs ongestructureerd, vanwege het ontbreken van de vertrouwde woorden als conclusie en aanbevelingen. (Hierover schreef ik vorige week al iets).
  • Waar sommige lezers een piramidale brief met ‘slecht nieuws’ als onvriendelijk ervaren, hebben andere lezers daar geen moeite mee.

Voor de prakijk betekent dit: ga goed na wat de voorkeuren zijn van de lezer(s) voor wie je schrijft. Eén belangrijk punt om na te gaan lijkt de vertrouwdheid met het piramideprincipe: de eerste twee punten van hierboven hebben daarmee te maken. In het algemeen: lezers die niet vertrouwd zijn met piramidale adviesrapporten waarderen piramidale teksten lang niet allemaal. Pas dan dus op. Sowieso is het helemaal niet gek om met de lezer in gesprek te gaan over diens communicatie-voorkeuren, en niet klakkeloos een rappor te schrijven ‘zoals je dat altijd doet’.

Het laatste punt laat zien dat het terecht is om in het geval van slecht nieuws voorzichtig te zijn met het piramideprincipe. In het algemeen was de waardering voor de beleefdheid van een piramidale slecht-nieuws-brief niet slecht, maar er waren lezers die de brief onvriendelijk en onprofessioneel vonden. In het algemeen is er dus bij slecht nieuws geen reden om, bijvoorbeeld, de hoofdboodschap achterop te zetten, maar voor sommige lezers is dat misschien toch beter. Een alternatief is: zorgen dat je voldoende andere vriendelijke en professionele tekstkenmerken in de tekst verwerkt. En hoe weet je wat je moet doen? Nou, opnieuw: door met je lezer te praten, bijvoorbeeld eens een concept of voorbeeld voor te leggen.

Extra voordeel van het praten met je lezer: mocht die nog niet vertrouwd zijn met het piramideprincipe, dan wordt hij of zij dat alsnog, doordat je wat kunt uitleggen.

Deze resultaten laten nog één ander aspect van het college zien, meer voor onderzoekers dan voor schrijvende professionals: gemiddelden zeggen niet zo veel. Bij één onderzoek (dat van Lyjanne en Roos) scoorde de piramidale versie van een rapport gemiddeld slechter dan de methodologische variant (klein verschil). Bij betere beschouwing bleken de scores van het piramidale rapport veel verder uit elkaar te liggen dan van de methodologische: piramidaal scoorde zowel vieren als achten en gemiddeld een 6,5; methodologisch kreeg alleen zevens (grof gezegd). Bij analyse van de data bleek ‘m dat vooral te zitten in de tweede bullet van hierboven: sommige lezers ervoeren een gebrek aan structuur. Bij de lezers die de piramidale structuur wel doorzagen, scoorde die tekst stelselmatig hoger dan de methodologische versie.

Verschillen tussen lezers en dan echt goed gaan kijken naar wat hen beweegt, daarvoor is kwalitatief onderzoek geschikter dan kwantitatief. Oftewel: soms is meten helemaal niet weten.

Geplaatst in Piramideprincipe-onderzoek, schrijftips | Geef een reactie

100 verboden woorden

Louise Cornelis Geplaatst op 24 december 2010 door LHcornelis24 december 2010 2

Leuk: http://www.bureauzuijdgeest.nl/site/info_top100.html, een inventarisatie van de woorden die sinds 1961 door schrijfadviseurs afgeraden worden, variërend van archaïsche als amoveren tot managementjargon als pro-actief: onbegrijpelijk, aanstellerig en ergerlijk taalgebruik. De lijst staat er niet om je aan te houden, niet als serieus ‘verbod’ dus, maar om te laten zien dat ondanks dit soort schrijfadviezen het gebruik hardnekkig is. Het aanleggen van verboden-woorden-lijsten is zinloos, zo concludeert Peter Zuijdgeest:

Veel modewoorden zijn een veel langer leven beschoren dan taalpublicisten lief is. Ze zijn misschien niet duidelijk, mooi of origineel maar voorzien kennelijk in een behoefte. Doen ze dat niet of niet meer, dan verdwijnen ze vanzelf.

Interessant vind ik dan: waar komt die behoefte vandaan? Laatst hoorde ik ook weer van iemand een ‘missie’ die zo aan elkaar hing van nietszeggende jargonwoorden (ik herinner me synergie – hé, dat staat niet in de lijst!) dat ik dacht: hoe kan het zijn dat de bedenkers hiervan menen dat ze zo echt wat zeggen?

Een nadeel van de verbodslijsten is dat ze schrijvers kunnen blokkeren. Daar ben ik het mee eens, met de nuance dat het is aan te leren om je bij het doorschrijven (uitschrijven van de 1e versie van de tekst) van geen enkel verbod iets aan te trekken, en bij het redigeren (herschrijven tot de 2e versie van de tekst) wel.

Blijft over dat zulke lijstjes vermakelijk zijn – en dat lijkt me een mooi besluit, zo vlak voor de kerst!

Geplaatst in schrijftips | 2 reacties

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool
  • Sprekend proefschrift
  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (324)
  • Opvallend (562)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (903)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑