↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Klaas (Buitenkunst-teksten 4) (doet ’t nu!)

Louise Cornelis Geplaatst op 11 augustus 2011 door LHcornelis11 augustus 2011  

Gisteren schreef ik erover dat ik schrijvend ontdekte waar de ’troefkaart’ eigenlijk over ging. Dat soort ontdekkingen fascineren me: het voelt alsof het verhaal er ‘al is’, en dat ik als schrijver het alleen maar hoef te ontdekken. Zo is het natuurlijk niet echt, of althans, ik geloof daar niet in: alles komt voort uit mijn eigen verbeelding, en ineens gaat daarin een nieuw deurtje open ofzoiets. Hoe dan ook: ik vind het één van de mooiste ervaringen tijdens het schrijven.

Het sterkst had ik deze ervaring vorige week woensdag. We hadden toen eerst allemaal een personage bedacht. Ik had Klaas handen en voeten gegeven, maar pas toen ik ging schrijven ‘ontdekte’ ik een heel belangrijke eigenschap van hem. Dat kwam mede door het contact met één van de andere personages, want dat was de opdracht: alle personages hadden ‘iets’ met een plein, en op dat plein speelde van ieder van ons een kort verhaal zich af. Die korte verhalen hebben we ingesproken en de andere Buitenkunst-deelnemers konden op donderdagavond naar ons ‘luistercafé’ komen om ze af te luisteren.

Vandaar dit keer een luisterverhaal. Maak kennis met Klaas.

We hadden bij deze opdracht een begrenzing aan de lengte opgekregen van 500 woorden in de eerste versie; de tweede mocht dan iets langer zijn. Voor mij is dat niet zo’n probleem, omdat mijn columns allemaal 500 woorden of minder zijn: ik ben gewend aan die lengte. Mijn eerste versie was zelfs maar 400 woorden en op basis van de feedback van docente Jannemieke heb ik er elementen aan toegevoegd die het meer een ‘filmpje’ maken, zodat je de mensen en de scene beter voor je ziet. Dat was leerzaam – en leuk!

[ Edit 12 augustus: ‘Klaas’ deed het eerst niet, maar nu wel! ]

Geplaatst in schrijftips, verschenen | Geef een reactie

Ruzie (Buitenkunst-teksten 3)

Louise Cornelis Geplaatst op 10 augustus 2011 door LHcornelis10 augustus 2011 1

Gister had ik het erover dat er in het theater conflict moet zijn. Op dinsdag tijdens mijn Buitenkunst-week hebben we dat helemaal gethematiseerd door een ruzie te schrijven. Bovendien werkten we die dag met een heuse enscenering, iets wat vanwege de focus op schrijven verder amper aan de orde kwam.

De scene was als volgt: je zit op een mooie zomerse dag in de tuin. Achter de schutting ontspint zich een ruzie tussen de buren… We schreven dus de tekst voor die ruzie, en twee daarvan, waaronder de mijne, zijn ’s avonds inderdaad uitgevoerd, compleet met en schutting op het toneel. Ikzelf las de vrouwenstem, van achter de schutting dus: ik stond op het toneel, maar kon het publiek niet zien en omgekeerd. Bovendien kon ik ook niet zien wat de groepsgenoot vóór de schutting deed. Die had als enige een meer acterende rol, maar hij acteerde minimaal – en schijnt dat erg goed gedaan te hebben!

Hier is mijn tekst; het gaat om een man en een vrouw. In eerste instantie had ik hem tot aan de lange stilte geschreven; de laatste zin is nogal groepswerk geweest.

M: Jij nog thee?
V: …
M: Oehoe
V: …
M (hard): Hé!
V: Huh?
M: Waar ben jij nou mee bezig?
V: Gewoon, ik zit hier te lezen.
M: Gewoon, noem je dat gewoon, met oordoppen in je oren in de tuin zitten.
V: Lekker rustig hoor.
M: Stel je niet zo aan.
V: Aanstellen? Ik?
M: Ja, dat slaat toch nergens op.
V: Waar maak je je druk om, dat maakt toch niet uit, daar heb jij toch geen last van, als ik hier met oordoppen zit?
M: Nou, ik begrijp echt de boodschap wel, hoor.
V: Boodschap? Wat bedoel je daar nou weer mee?
M: Mevrouw vindt weer dat ik de muziek te hard heb staan. Ze gunt me dat lolletje niet eens.
V: Stel je niet zo aan. Ik doe juist die oordoppen in zodat jij ongestoord kun luisteren. En nou maak jij daar een probleem van. Ik snap echt niet waar dat over gaat.
M: Zo hard stond m’n muziek helemaal niet.
V: Onee? Nou, ga de buren maar vragen! Maar dat kan je niet schelen natuurlijk, hè, dat iedereen mag meegenieten van jouw ‘lolletje’. Mag meegenieten? Móet meegenieten. Meneer draait een muziekje en daar mag n-i-e-m-a-n-d aankomen.
M: Nou, dan ga ik wel, dan hoef je het nooit meer aan te horen.
V: Jaja, dat kun je wel, hè, als het moeilijk wordt: ervandoor gaan. Net als toen.
M: Oh, nee, daar gaan we weer. Ik dacht laatst al: wanneer krijg ik dat weer eens voor mijn voeten. Ik heb hem al een tijdje niet gehoord. Maar verdwijnen doet het nooit.
V: Verdwijnen doet het zeker nooit. Voor jou misschien, maar voor mij niet.
M: Oh ja, want voor een vrouw is dat véél erger natuurlijk, daar kan ik me natúúrlijk niets bij voorstellen.
V: Jij kon weglopen, ik niet.
M: Nee, en hoe ik het ook wend of keer, nóóit zal het voor mij hetzelfde zijn. Het was jouw buik, jouw pijn, jouw falen. Maar het was ook mijn kind, hoor je dat?!
[ 30” stilte ]
V: Toen op die dag, hè, waar was je toen eigenlijk?

Wat ik hiervan vooral geleerd heb, is het belang van het uitspelen van een ’troefkaart’, wat de vrouw hier doet door ‘net als toen’ in te zetten. Dat is de doorgang naar de diepere laag van dit conflict, waardoor het niet blijft steken in gehakketak over muziek – wat voor het publiek of de lezer niet zo interessant is. De scene die ik in eerste instantie had geschreven, was wel blijven steken.

Tijdens het nadenken over de troefkaart, ondertussen vijlend en schavend aan de tekst, beleefde ik weer één van die bijzondere schrijfmomenten, namelijk dat die diepere laag zich als het ware vanzelf aandiende, alsof hij er al was en ik hem alleen maar hoefde te ontdekken. Schrijvers zeggen daarover ook wel dat het op zo’n moment lijkt alsof het verhaal zichzelf schrijft – en dat voelt erg lekker!

Geplaatst in schrijftips, verschenen | 1 reactie

Groen (Buitenkunst-teksten 2)

Louise Cornelis Geplaatst op 9 augustus 2011 door LHcornelis9 augustus 2011 1

Eén van de leuke en leerzame dingen van vorige week was dat we steeds vanuit een ander uitgangspunten begonnen met schrijven. Bijvoorbeeld: vanuit een herinnering, vanuit improvisatie, vanuit verbeelding (‘bedenk een personage’) en vanuit zintuiglijke waarneming. Van dat laatste een voorbeeld.

Op maandag (het was toen prachtig weer) werden we na een inleidende oefening ‘weggestuurd’ om ergens op of bij het Buitenkunst-terrein precies op te schrijven wat onze zintuigen ervoeren. Je kan makkelijk schrijven ‘het is hier mooi’, maar dat heeft een lezer maar van je aan te nemen dan. De kunst is om wat je zintuigen als ‘mooi’ ervaren zo op te schrijven, dat een lezer gaat vóelen ‘het is daar mooi’, zonder dat je dat woord hoeft te gebruiken – iets wat in de schrijftheorie wel bekend staat onder het motto ‘show, don’t tell‘.

Ik ging zitten op een planken bruggetje over een greppel naast het terrein, en schreef uiteindelijk onder andere dit:

Eskimo’s hebben toch al die woorden voor sneeuw? Ik wou dat ik zo vel woorden had voor groen. Kroosgroen op 30 centimeter onder mijn bungelende voeten, grasgroen en rietgroen aan mijn rechterkant. Iets verderop brandnetelgoen en daarna lindegroen en eikgroen. Een buitenbeentje is berkgroen, dat is donkerder en harder. Links zuringgroen, klavergroen, weilandgroen, poldergroen; daarboven polderblauw met polderwitte wolkjes, voortbewogen door een polderfrisse wind. Die ik ook in mijn gezicht voel. Erin voel ik de ruimte.

Maar we waren bezig met dialogen, dus aan het eind van de dag had dit fragment de volgende metamorfose ondergaan:

A: Eskimo’s hebben toch al die woorden voor sneeuw?
B: Eskimo’s? Oh, de Inuit, ja, ga verder.
A: Nou, ik wou dat ik zo veel woorden had voor groen.
B: Groen! Wauw – daar houd ik van. Het allergroenst is het regenwoud. Toen ik laatst in Brazi…
A: Grasgroen en rietgroen, bedoel ik, zo ver als je kunt kijken. En kroosgroen in de sloot.
B: Kroosgroen – kroos is helemaal niet groen. Olijfgroen en cactusgroen, dat zijn pas
groenen! Ben je wel eens in de woestijn geweest?
A: Geef mij maar lindegroen en eikgroen langs het water.
B: Zwets niet, de baobab, díe is pas groen – maar die zul je wel niet kennen.
A: Berkgroen, dat is donkerder en harder. En zuringgroen, klavergroen, weidegroen.
B: Weidegroen. Nú kan ik je volgen. Je bedoelt de Alpen: weilandje, koetje erop, scherpe toppen, plukje sneeuw in de ver…
A: Neehee, niks Alpen, poldergroen, bedoel ik.
B: Poldergroen?
A: Ja, Poldergroen. En erboven polderblauw, met polderwitte wolkjes.
B: Wat moet je dáár nou mee?

Om mijn zoektocht naar het onder woorden brengen van wat ik mooi vind aan de Flevopolder los te laten en over te stappen op een toch wat narige dialoog, dat was even een horde. Maar uiteindelijk was ik wel tevreden, en het is gewoon zo dat een dialoog pas interessant wordt als er iets van frictie is, een conflict – het heet niet voor niets drama…

Geplaatst in schrijftips, verschenen | 1 reactie

Het beste schrijfadvies dat ik ooit kreeg

Louise Cornelis Geplaatst op 9 augustus 2011 door LHcornelis9 augustus 2011  

Net online gegaan, in de zomerserie van Tekstblog ‘het beste schrijfadvies dat ik ooit kreeg’, dat van mij: ‘schrijf door!’, oftewel: scheid de scheppende fase van het redigeren. http://www.tekstblog.nl/schrijfadvies-louise-cornelis-scheid-creeren-en-redigeren/

Geplaatst in schrijftips, verschenen | Geef een reactie

‘Pijn is tijdelijk’ staat er helemaal!

Louise Cornelis Geplaatst op 29 juli 2011 door LHcornelis29 juli 2011 3

De afgelopen weken ben ik bezig geweest met het, in hoog tempo, herschrijven en publiceren van de roman die ik vorig jaar in concept schreef. Ik heb dat gedaan als feuilleton op mijn andere weblog, met elke dag een aflevering. Het is na te lezen door vanaf het begin de dagelijkse weblogposts te volgen. Dat is nog een beetje omslachtig, zeker ook omdat de data van het verhaal zelf anders zijn dan die van de weblogposts, terwijl het verhaal ook weblog-achtig van vorm is, dat loopt wat vreemd door elkaar. Daar ben ik zelf niet helemaal tevreden over, maarja, ik zag geen betere manier. ik wil nog wel gaan zorgen voor een wat makkelijker leesbare variant, maar dat kan even duren.

Ik doe elk jaar rond de Tour de France een schrijfproject, vooral erop gericht om er zelf van te leren (in een tijd van het jaar die qua werk verder rustig is). En dan vind ik het niet alleen leuk als andere mensen het kunnen volgen, het is ook noodzakelijk: mijn schrijven krijgt pas echt vorm als ik weet dat het gelezen kan en zal worden.

Vorig jaar, bij het schrijven van de eerste versie, was ik vooral gericht op het ontwikkelen van het verhaal en het draaien van ‘productie’: volgens de methode die ik toen volgde (en die me erg goed bevallen is), moest ik dan zo’n 1600 woorden per dag halen, en dat was af en toe stevig aanpoten. Ik herkende nu bij het herschrijven stukken waarvan ik dacht: pfff, wat een onzin/moeilijkdoenerij/uitweiding – maarja, vorig jaar leverde dat een boel woorden op. Eerder had ik mezelf nog niet op die woordenmassa’s weten te betrappen: mijn eerdere herschrijfactiviteiten waren nog niet echt lezergericht geweest, maar vooral inhoudelijk. Dat is voor mij het meest leerzame geweest: dat vreemde ogen dwingen, of liever gezegd: dat schrijven verandert op het moment dat het echt gelezen gaat worden.

De roman is nog zeker niet ‘af’. Aan zoiets moet je met regelmatig herschrijven langdurig slijpen en bijslijpen. Gaandeweg heb ik alweer dingen bedacht die anders zouden moeten, kleine inhoudelijk dingen bijvoorbeeld. En als ik er echt nog veel tijd in wil stoppen, zou ik een volgende herschrijving eens een heel ander perspectief geven, want dat blijft wel een beetje worstelen: de vorm is alsof het Frances’ dagboek is, een beetje zoals Bridget Jones. Maar om de lezer voldoende op de hoogte te houden, kon ik er niet omheen om af en toe dingen te schrijven en uit te leggen die zo’n meisje echt niet in haar dagboek zou zetten. Het bleef schipperen en wringen, en misschien zou ik het eens over een andere boeg moeten gooien.

Ik heb vorig jaar voor deze vorm gekozen omdat ik zelf dagelijks morning pages schrijf en dus vertrouwd ben met deze vorm, hij rolt makkelijk uit mijn pen, makkelijker (denk ik) dan andere perspectieven, en dat leek me een pré bij zo’n eerste roman. Ik dacht vorig jaar, en blijf dat denken, dat het verhaal zich echter ook zou lenen voor een filmscript. Daar heb ik alleen helemaal geen ervaring mee.

De lol van het schrijven zat hem vooral in het scheppen van de fictieve wereld. Dat was vorig jaar intenser dan dit jaar. Toch was het ook weer leuk, en kropen Frances, Mike en Juan weer in mijn gedachten en onder mijn huid. Dat is iets wat ik zeker nog wel vaker mee wil maken!

Geplaatst in schrijftips, verschenen | 3 reacties

Moeilijke zin

Louise Cornelis Geplaatst op 25 juli 2011 door LHcornelis25 juli 2011  

De Tour de France is net afgelopen, maar ik wil graag toch nog iets posten wat ermee te maken heeft. Nouja, een beetje. Ik ben Koersdagen aan het lezen, een verzameling columns van één van mijn favoriete wielerschrijvers (en oud-coureur) Peter Winnen. Op de voorkant daarvan staat een citaat van het GPD om het aan te prijzen:

Zijn verrassend knappe stijl van schrijven is levendig met fraaie formuleringen, verkapte humor en cynisme en nodigt uit om lekker door te lezen.

Oei, wat een moeizame zin! Ik moest er even over nadenken wat er nou precies niet aan klopt, en het zijn volgens mij zeker één en misschien wel twee dingen.

In elk geval moeten er wat komma’s bij om de opsomming in één keer goed te krijgen, vooral om in één keer te doorzien dat ‘met fraaie formuleringen, verkapte humor en cynisme’ bij elkaar hoort, maar het gedeelte daarna niet :

Zijn verrassend knappe stijl van schrijven is levendig, met fraaie formuleringen, verkapte humor en cynisme, en nodigt uit om lekker door te lezen.

Maar dan krijg je dus wel erg veel komma’s, wat haperend leest.

Dan het tweede, daar twijfel ik wat meer over. Eigenlijk staat er, weer wat overzichtelijker gemaakt:

Zijn stijl is levendig en [ zijn stijl ] nodigt uit om lekker door te lezen.

Zijn stijl is dus samengetrokken: het grammaticaal onderwerp staat er één keer, voor twee zinnen. In de zin vóór en is zijn stijl onderwerp van een naamwoordelijk gezegde en in de zin erna van een ‘gewoon’, werkwoordelijk gezegde. Er is geen enkele regel die dat verbiedt, volgens mij, maar voor mij klinkt het toch (een beetje) vreemd. Ik weet niet of meer mensen mijn taalgevoel hierover delen?

Mijn alternatief:

Zijn verrassend knappe stijl is levendig, met fraaie formuleringen, verkapte humor en cynisme – een manier van schrijven die uitnodigt om lekker door te lezen!

Enne… Winnen zelf schrijft (inderdaad) beter!

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Geen bewustzijn van lezergerichtheid

Louise Cornelis Geplaatst op 21 juli 2011 door LHcornelis21 juli 2011  

Een tijdje geleden meldde ik hier dat er op een recensie van mij voor Fiets nogal heftig gereageerd werd. Onlangs verscheen er op een andere recensie van mij opnieuw een wat zurige of verdedigende reactie. Er valt me een overeenkomst op tussen die reacties, namelijk dat de reageerders niet lijken te beseffen dat zo’n recensie voor een bepaalde doelgroep is.

Als ik, bijvoorbeeld, in Leven schrijf dat het niet zo interessant is om alleen maar te lezen wat iemand eet,  dan schrijf ik dat voor andere vegetariërs – want dat zijn mijn lezers. Voor niet-vegetariërs zou dat heel anders liggen, en zou ik ook een andere recensie geschreven hebben. Zoiets was bij die recensie in Fiets ook aan de hand, en in de forum-discussie daarover heeft de hoofdredacteur dat nogalliefst uitgelegd. Dus dat je mijn oordeel moet begrijpen in het licht van de beoogde lezers van de recensie.

Het is niet de enige en absolute waarheid, en zelfs niet het enige of meest ware wat ik erover zou weten te zeggen. En het zou ook kunnen zijn dat, als jij niet de beoogde lezer bent, je het een heel stomme en onterechte recensie vindt. Maar daarmee is de recensie niet slecht.

Deze internet-reageerders geven dus weinig blijk van besef van de lezergerichtheid van teksten. Daar ontbreekt het volgens mij sowieso bij veel mensen aan, dat merk ik in trainingen ook. Ik maak regelmatig mee dat deelnemers daaraan in en door de training zich gaan realiseren dat je schrijft voor een ander. Het is geen kwestie van de juiste informatie op een rijtje zetten of zelf ‘leeglopen’, nee, je doet het opdat een ander het kan lezen.

Als ik, in deze dagen, weet dat iemand een hekel heeft aan wielrennen en die vraagt of er nog wat interessants is op de tv, dan zeg ik toch ook: ‘nee, niet voor jou’ – terwijl ikzelf en miljoenen mensen met mij uren aan de buis gekluisterd zitten – en al die miljoenen het dus een stom antwoord zouden vinden? Nou, dat werkt met schrijven net zo.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Wees een Pericles

Louise Cornelis Geplaatst op 20 juli 2011 door LHcornelis20 juli 2011  

Mooi citaat vond ik vandaag, nogalliefst in een boek over mentale training in de sport dat ik aan het lezen ben (sowieso goed en interessant):

When Demostracles speaks, the people say, ‘My, what a wonderful speaker he is.’ But when Pericles speaks, the people say, ‘Let us march!’

Het citaat (op p. 78) wordt toegeschreven aan een ancient Greek adage. En ik zie dus een fraaie link naar adviesrapporten en andere zakelijke teksten en presentaties: je wilt niet dat mensen zeggen ‘wat een goed geschreven rapport/mooie presentatie’. Je wilt dat ze iets gaan doen: je advies opvolgen, uitvoeren. Wees een Pericles, dus.

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Natuur of inspanning?

Louise Cornelis Geplaatst op 19 juli 2011 door LHcornelis19 juli 2011  

Ik kom nog even terug op wat ik eerder vandaag tussen haakjes schreef, namelijk dat het mij stoort dat Minto zich beroept op achterhaalde inzichten uit de cognitiewetenschap. Wat is daar nou zo erg aan? Dat vroeg ik me af toen ik na het posten van vanochtend wegfietste. Je zou ook kunnen zeggen dat Minto haar tijd ver vooruit was door zich al bij de eerste druk van The pyramid principle, in 1987, te beroepen op de werking van de hersenen. Inmiddels is dat ‘hip’.

Maar als ik dat in mijn vorige post aangehaalde verslag lees, krijg ik toch de kriebels, en dat ligt eraan dat Minto het voorstelt alsof we ‘van nature’ piramidaal schrijven, maar dat hebben afgeleerd. Daarmee doet ze het voorkomen alsof er niets logischers is dan het piramideprincipe. Dat komt allebei niet overeen met de ervaring van leerders en gebruikers ervan dat het hartstikke moeilijk is om aan te leren en toe te passen. Dat ervaar ik zelf, dat hoor ik in mijn trainingen, en dat is de bevinding uit het op schrijvers gerichte gedeelte van ons piramideprincipe-onderzoek.

Een voorbeeld: regelmatig krijg ik de vraag voorgelegd hoe je in gesprekken en meetings ook het piramideprincipe toe zou kunnen passen. Zo’n vragensteller wil dan leren om ook mondeling sneller to-the-point te komen, bijvoorbeeld door ook dan de hoofdboodschap voorop te zetten. Probleem daarbij is echter dat je uitgedacht moet zijn vooraleer je de hoofdboodschap kunt brengen. Als je het antwoord op de vraag nog niet paraat hebt, kun je het niet geven. Je moet dan eerst, al dan niet hardop, nadenken. Een aardige truc in gesprekken en meetings is om dat aan te kondigen (‘even hardop nadenken, hoor’). Zo schep je duidelijkheid en creëer je ruimte voor jezelf.

Maar er is geen manier om boem-pats met het antwoord te komen. Dus als er dan in dat verslag staat dat ‘onze hersens als ze een vraag zien, willen reageren met een antwoord’, dan denk ik: nouja… als ze dat antwoord al hebben, dus als de vraag heel simpel is. In complexere gevallen, en daar gaat het om bij adviseren, is de reactie van onze hersenen: nadenken. En dan is het dus juist natuurlijk om het belangrijkste (uitkomst, conclusie, hoofdboodschap wellicht) pas aan het eind van dat denkproces te geven. Het piramideprincipe is dan juist zo onlogisch en onnatuurlijk als wat: je moet je als schrijver echt distantiëren van je eigen denkproces.

Je past niet het piramideprincipe toe omdat het zo goed aansluit bij de menselijke hersenen, nee, je past het toe omdat je lezer- en dus klantgericht wil schrijven. Het is dienstverlening aan de lezer, en daar mag je je best voor inspannen. Door te benadrukken hoe goed het principe aansluit bij onze hersenen vind ik dat Minto aan die inspanning voorbij gaat, en dat vind ik weinig empathisch. En dat verklaart mijn ergernis.

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Een schrijfprofessional gebruiken

Louise Cornelis Geplaatst op 6 juli 2011 door LHcornelis6 juli 2011 1

In mijn meest recente column in Tekstblad pleit ik ervoor dat meer mensen gebruiken zouden moeten maken van een professioneel tekstschrijver. Zo van: iedereen denkt maar dat-ie kan schrijven, maar daar plukken we de wrange vruchten van in de vorm van rapporten en offertes vol met jargon en jaren ’50 schrijftaalclichés (‘hopende u hiermede voldoende te hebben geïnformeerd’).

Vanochtend viel mijn oog op een uitspraak van Sarah Notenboom, zelfstandig ondergoedproducent voor de grotere maten, in de huidige Opzij (p. 89). Ze geeft drie tips, en één ervan luidt:

Investeer in je presentatie. Een eindredacteur kijkt mijn teksten na, een professionele fotograaf fotografeert modellen met mijn ontwerpen.

Zoiets zie ik niet vaak staan. Notenboom komt over als kwaliteitsbewuste ondernemer, en daar hoort zorg voor de kwaliteit van teksten bij, natuurlijk. ‘Nakijken’ vind ik nog wat minimaal klinken, want een tekst-professional kan veel meer dan dat, maar toch: uit zo’n uitspraak blijkt dat ze zich ervan bewust is dat goed schrijven vakwerk is. Inderdaad.

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | 1 reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool
  • Sprekend proefschrift
  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (324)
  • Opvallend (562)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (903)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑