↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

De olifant beïnvloeden

Louise Cornelis Geplaatst op 31 mei 2016 door LHcornelis1 juni 2016  

Cover van het boekVanochtend heb ik het boek Harder praten helpt niet. Zeven ongehoord goede strategieën om wél te overtuigen uitgelezen en net bekeek ik een presentatie die ik doorgestuurd had gekregen van collega Marieke Bos die vorige week naar een Tekstnet-workshop was geweest van een andere collega: Jeanine Mies. Beetje toeval, maar zo in een leuke volgorde, want de presentatie is een soort illustratie, toepassing op tekstschrijven en daarmee concretisering van het boek, dat dan ook (en dat is niet toevallig) in de bronnen genoemd wordt. Maar goed, verder over het boek dus, want de presentatie is helaas niet openbaar.

Thema is sturen en overtuigen op een andere manier dan puur met rationele argumentatie. Die doet immers alleen maar een beroep op onze ‘ruiter’, in de metafoor van het boek: ons bewuste en weloverwogen denkwerk (Kahnemans slow thinking). Die ruiter zit op de rug van een olifant: ons onderbewustzijn. Dat beïnvloedt ons handelen en onze mening veel meer dan we willen weten. Om meer gedaan te krijgen, is het dan ook goed niet alleen de ruiter aan te spreken, met logica en inhoud, maar ook die olifant. Met emoties, verhalen, nudges, framing en allerlei andere meer of minder subtiele technieken – boek én presentatie bevatten er talloze aansprekende voorbeelden van.

Ik las het boek met veel plezier en vind het zeer leerzaam en inspirerend. Tegelijkertijd heb ik de hele tijd ook zo’n lichte knoop in mijn buik: waar houdt gezonde beïnvloeding op en begint manipulatie? Nouja, ook daarom zijn dit nuttige werken, want je kunt er niet alleen van leren hoe je ze inzet, maar ook hoe je je ertegen verweert. Daarvoor moet je je immers eerst bewust zijn van de verleidingsstrategieën.

Auteurs Gagestein en Boersma wijden een paragraaf aan de valkuil van manipulatie. Zij onderscheiden die van beïnvloeding door te stellen dat je bij beïnvloeden je ‘huiswerk’ gedaan hebt en bewijslast hebt, dus je standpunt met argumenten kunt onderbouwen (p. 176), bij manipulatie niet. Alleen al daarom blijft óók het aanspreken van die ruiter belangrijk.

Bovendien, zo stellen ze, kun je niet niet beïnvloeden. Daarin vond ik het boek ook heel verfrissend: je bent nooit neutraal, objectief en zuiver en alleen met de rationele kant bezig. Al is het alleen maar omdat je altijd afhankelijk bent van je eigen beperkte en gekleurde waarneming. Inderdaad. En daar kun je je ook maar beter bewust van zijn!

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Tekstadvies begint in je lichaam

Louise Cornelis Geplaatst op 27 mei 2016 door LHcornelis27 mei 2016  

Laatst kwam ik bij het opruimen van een archiefkast het werkstuk tegen dat ik in 2001 schreef voor de opleiding die ik toen deed. Ik dacht: goh, dat is waar ook, dat spreekt voor mij nu helemaal voor zich, maar ik heb dat toen uitgeknobbeld, dat tekstadvies begint in je lichaam. Ik leg het uit.

In het werkstuk, dat ik deed voor de opleiding Gestaltmethodologie, pas ik het Gestalt-begrip awareness toe op het werken met teksten. Om het meteen maar te illustreren: als je een heel saaie, abstracte, wollige tekst leest, dan ervaar je dat in je lichaam: het kost moeite te blijven zitten, je moet je ogen als het ware naar de volgende zin duwen, misschien ga je zitten wiebelen of geeuwen, of je voelt je energie wegzakken en je hoofd zwaar worden. Daar gaat het om. Wat in het groot geldt voor een heel lange, saaie, wollige tekst, geldt ook in het klein (per zin of zelfs woord) en voor subtielere (minder heftige) of juist positieve (energie krijgen) fysieke sensaties bij een tekst.

Als je je bewust (‘aware’) wordt van dat type lichamelijke signalen, kun je je tekstadvies erop baseren. Daartoe moet je lezer die signalen serieus te nemen. Op school hebben we allemaal geleerd dat het aan jezelf ligt als je moeite hebt met verder lezen, en daardoor hebben we allemaal geleerd die fysieke impulsen te onderdrukken. De kunst van ze gebruiken voor tekstadvies is om ze in de eerste plaats toe te laten, en in de tweede plaats te zien als signalen die iets zeggen over de tekst, niet over jou.

Iedereen heeft dit type senssaties (denk ik tenminste). Het is de professionaliteit van een tekstadviseur om op basis ervan nog een aantal vervolgstappen te zetten:

  1. Onderscheiden wat echt een persoonlijk dingetje is (slaapgebrek kan ook tot vermoeidheid leiden en ik heb beslist overdreven allergieën voor sommige tekstverschijnselen) en wat daadwerkelijk wat zegt over de tekst.
  2. De oorzaak van de lichamelijke ervaring achterhalen: het analytische werk.
  3. Verbetersuggesties doen.

Bovendien merk ik zelf dat die awareness zich in de loop der jaren maar blijft ontwikkelen, door er bewust mee bezig te zijn. Ook dat onderscheidt de professional van andere lezers. Overigens, therapeuten werken net zo, alleen dan niet op teksten maar op andere mensen gericht. Zij scherpen hun awareness en de drie vervolgstappen aan in leertherapie; ik leer het meest van luisteren naar andere lezers (prof of niet), en ook wel uit de vakliteratuur.

Wat in die vakliteratuur niet aan de orde komt, is juist die gedachte dat tekstadvies begint vanuit je lichaam. De handboeken en bijvoorbeeld ook opleidingen beginnen bij stap 2: de analyse. Daartoe leer je bijvoorbeeld het CCC-model te hanteren: 3 criteria X 5 niveaus = 15 in te vullen ‘vakjes’ over een tekst. Maar dat is dus volgens mij maar een beperkt deel van het verhaal. Ten eerste is dat in de praktijk te omslachtig en ten tweede baseer je volgens mij je oordeel per vakje deels ook weer op je awareness.

Het concept awareness werpt ook licht op de vraag wat een tekst goed maakt: die geeft je een prettig gevoel. Ja, dat is zo vaag als wat, maar het is wel waar het mee begint. Ook dan kun je vervolgstap 1 en 2 zetten om te achterhalen waar dat goede ‘m in zit. Die vervolgstappen zijn sowieso nodig omdat je anders blijft steken op het beroep doen op je intuïtie: ‘dat zegt je taalgevoel je wel’. Wat precies awareness onderscheidt van intuïtie, daar ben ik voor dat werkstuk niet uitgekomen; de Gestalt is theoretisch niet heel sterk uitgewerkt. In de praktijk blijkt dat echter geen probleem.

Leuk om m’n eigen werkstuk weer eens te herlezen. Ik was welhaast vergeten dat ik dat toen had uitgedokterd, ook nog met wat praktijkonderzoek erin. Meer van die opleiding van toen is inmiddels voor mij vanzelfsprekend geworden: ik ben niet meer actief met Gestalt bezig, maar het heeft me in die twee jaar toen wel degelijk gevormd. Ik was die opleiding toen gaan doen omdat ik beter wilde worden in werken-met-mensen, en het heeft ook nog eens verrassend veel opgeleverd voor werken-met-teksten!   

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Twee nuttige links

Louise Cornelis Geplaatst op 23 mei 2016 door LHcornelis23 mei 2016  

Vandaag twee verschillende maar allebei nuttige links:

  • Op het Blogatelier een mooie uitleg over waarom je niet ‘voor iedereen’ kunt schrijven. Dat geldt niet alleen voor blogs, maar voor alle genres. Ik moest onmiddellijk denken aan de discussie die ik een paar maanden geleden voerde in een training met een deelnemer die beweerde dat zijn beleidsteksten ‘voor iedereen’ leesbaar moesten zijn. Ik betoogde toen ook dat dat onmogelijk was, maar ik had daar volgens mij een boel meer woorden voor nodig dan dit weblog!
  • Tekstnet heeft op een rijtje gezet wat de Wet DBA betekent voor tekstenwerk. Nuttig, geruststellend, en met dezelfde conclusie als waar ik ook al op uit was gekomen: in vrijwel geen enkel geval is een (model-)overeenkomst nodig voor het soort werk dat ik doe. De enige uitzondering voor mij is het werk dat ik doe voor de universiteiten. Dat kon al niet altijd als zelfstandige (helaas…), en dat gaat niet veranderen, dus is een overeenkomst als ik het wel als zelfstandige doe wel nodig.
Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Interview met mij

Louise Cornelis Geplaatst op 20 mei 2016 door LHcornelis20 mei 2016  

Lamar Communicatie heeft een nieuwe website. Die is sowieso de moeite waard om te zien, maar wat helemaal leuk is: ik sta erop! Ik ben geïnterviewd door Lyanne Lamar, met wie ik regelmatig samenwerk. Ze heeft me uitgehoord over mijn visie op beter schrijven in organisaties. Dat was al een heel leuk gesprek, en ik ben blij met en trots op het resultaat:  http://lamarcommunicatie.nl/interview-louise-cornelis/

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Plakkerig

Louise Cornelis Geplaatst op 9 mei 2016 door LHcornelis6 mei 2016  

Ik was in de loop van de jaren al wel vaker de ideeën van Chip en Dan Heath over de plakfactor (‘made to stick’) tegengekomen, maar pas nu net heb ik het boek gelezen, over waarom sommige ideeën aanslaan en andere niet. Dat boek is inderdaad de moeite waard, en de relevantie ervan werd me ook duidelijk.

De Heaths (het zijn broers) claimen dat het succes van een idee afhangt van zes kenmerken: het is eenvoudig, onverwacht, concreet, geloofwaardig, en gebracht met gevoel en met een verhaal. In het Engels kun je daar het acroniem succes van maken: simple, unexpected, concrete, credible, emotional, story. Dankzij de vele aansprekende voorbeelden is hun eigen idee wat mij betreft ook zeker succesvol.

Bovendien valt me op dat in elk geval de eerste twee factoren overeenkomen met de kenmerken van een goede hoofdboodschap in het piramideprincipe: het is die ene, kernachtige uitspraak (simpel) die de opdrachtgever op het puntje van zijn stoel krijgt (onverwacht). Een héél goede hoofdboodschap is daarnaast beslist ook concreet, geloofwaardig en misschien zelfs ook wel emotioneel. Dan houdt het wel een beetje op, want het piramideprincipe is juist niet narratief.

Eén van de eerste voorbeelden in het boek illustreert het verschil tussen narratief en piramidaal overtuigen. Om het idee ‘pas op voor onbekende mooie vrouwen in de grote stad die je een drankje aanbieden’ over te brengen, is het beroemde broodje-aap-verhaal over de gestolen nier overtuigend, waar het piramideprincipe om rationele argumentatie zou vragen. Ook al blijft het broodje aap beter hangen, met een broodje aap wil je je klant niet overtuigen natuurlijk.

Enfin, leuk boek, en ik had het nét uit toen ik thuis een fraai vormgegeven brochure aantrof van – uh, ja, van wat eigenlijk? Het heet ‘Route 33’, naar de buslijn die naar onze wijk voert. Maar de tekst zondigt tegen alle plakfactoren en daardoor krijg ik geen idee wat ze nou eigenlijk doen en of ik daar wat aan heb of mee kan:

Abstracte tekst

Wat hiervan blijft hangen is vooral de indruk van abstract beleid. Van het idee dat een ‘netwerk’ mij zou kunnen ‘ondersteunen’ krijg ik zelfs een beetje jeuk. Ik denk niet dat dat is wat de schrijvers wilden overbrengen. Misschien moeten ze De Plakfactor maar eens lezen.

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

De oogst aan links

Louise Cornelis Geplaatst op 4 mei 2016 door LHcornelis4 mei 2016  

Hier weer eens wat links naar interessante blogposts en webpagina’s die mij de laatste tijd bereikten via Twitter en soortgelijke kanalen:

  • Op http://www.dewereldmorgen.be/artikel/2016/02/26/jan-blommaert-let-op-elk-woord-neem-loonlast-voor-wie-is-dat-een-last laat Jan Blommaert mooi zien hoe ideologisch geladen woordkeuze is. Loonlast – voor de meeste mensen is loon bepaald geen last, dus als je dat woord gebruikt, schaar je je duidelijk aan een bepaalde kant. Het stuk is eigenlijk aan aankondiging van een boek van Blommaert, maar het is zo uitvoerig dat het zelfstandig prima leest – als pleidooi voor kritisch leren denken ook!   
  • Op http://www.sayx.nl/content/schrijfcursus-voor-werknemers-overbodig/ staat een (al wat ouder) betoog tegen losse schrijftrainingen, iets waar ik me goed in  kan vinden. De performancebenadering wordt als alternatief aangedragen, ik had het daar laatst ook al over, maar terecht volgt daarna een stukje over dat ook die niet altijd tot beter schrijven leidt. Soms kun je schrijven maar beter uitbesteden aan mensen die er hun vak van hebben gemaakt. Of ik zou zeggen: samen doen met. Want alléén kan zo’n tekstschrijver het ook niet.
  • Op https://pfauth.com/blogging-advice/effective-writer/ staat een mooi stuk over schrijven, ook alweer van een dik jaar oud, met als belangrijkste strekking: scheid schrijven van redigeren. Helemaal mee eens! En Blaise Pascal, die laat ik ook regelmatig voorbijkomen. Opvallend: is het blog van taal veranderd? De recente pots zijn in het Nederlands. En de 101  ‘thoughts’ eronder zijn dat niet helemaal…
  • Het Taalbeheerser-weblog was laatst heel productief, en daarvan vond ik deze post nuttig: zo’n lijstje zocht ik laatst, maar om als grap omgekeerd te gebruiken. Zo van: hoe kom je academischer over, dan wel hoe kom je aan meer woorden als je aan een minimumeis moet voldoen? 
  • Ik kan bijna elke keer dat ik zo’n lijstje met fraaie links hier post wel verwijzen naar slidemagic.com, het weblog van Jan Schultink over het ontwerp van investeringspitches waar ik groot fan van ben. Dus ook nu maar weer. Schultink had bijvoorbeeld een tijdje terug een interessante post over het verloren gaan van de hoofdboodschap in zo’n presentatie: http://www.slidemagic.com/blog/2016/4/7/ooff-but-we-answered-you-already.  
Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Uit de vakliteratuur

Louise Cornelis Geplaatst op 28 april 2016 door LHcornelis28 april 2016  

De afgelopen dikke week vielen Tekstblad en Tijdschrift voor Taalbeheersing in de bus. Uit allebei één dingetje voor hier:

  • Tekstblad heeft tegenwoordig in elke aflevering een paar ‘favoriete schrijfoefeningen’ van schrijftrainers. Ik vind die telkens leuk om te lezen, maar nu dacht ik voor het eerst: ‘dat ga ik ook een keer zo doen!’ Het gaat om de oefening van Leonore Noorduyn voor het formuleren van de hoofdboodschap, in dit geval voor een zakelijk blog, maar ik ga uitproberen of het ook zo lukt bij andere zakelijke teksten. Hij heet ‘De schreeuw op het station’ en dat is ook de kern ervan: je kan nog net je lezer toeroepen wat je te zeggen hebt voordat diens trein vertrekt. Dat bereid je voor, en je spreekt de hoofdboodschappen met elkaar na, vooral ook om te checken of de lezer er nieuwsgierig van wordt.
  • In Tijdschrift voor Taalbeheersing staat een verslag van onderzoek van Frank Jansen en Daniël Janssen naar de mate waarin spelfouten in sollicitatie- en sponsorbrieven de besluitvorming beïnvloeden. Die invloed is er inderdaad: lezers zijn negatiever over brieven met veel d/t-fouten. Anders dan de onderzoekers verwachten is er daarbij geen verschil tussen sollicitatie- of sponsorbrieven. Wel is de aard van het oordeel verschillend: bij sollicitatiebrieven is het oordeel meer over de schrijver, bij sponsorbrieven over de tekst. Dat oordeel over de schrijver is overigens niet alleen maar zwart: spelfouten zijn ook een teken van authenticiteit. Bovendien zijn mensen harder in hun oordeel over spelfouten dan over brieven-met-spelfouten. Sommige spelfouten passeren ongezien, en het lijkt erop dat lezers ook best wel een beetje vergevingsgezind zijn.
Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Piramideprincipe: willen en kunnen

Louise Cornelis Geplaatst op 21 april 2016 door LHcornelis21 april 2016  

Nog een terugblik op het college: over hoe het de studenten is vergaan met het piramideprincipe. Ze hebben daarin aan het begin één keer een korte training (1,5 uur) gehad en op het college daarna in een presentatie ermee geoefend. Dat is ongeveer overeenkomend met wat ik elders in organisaties wel als basistraining doe. De eerste twee oefeningen in die korte training waren zelfs precies hetzelfde.

Vervolgens moesten ze het gaan toepassen, op drie schrijfopdrachten die het cijfer voor het vak bepaalden en waar ik het op dit blog ook telkens over heb gehad: een theorie-opdracht over de vraag wat een advies goed maakt, een praktijkopdracht over wat er terechtkomt van communicatie-advies en een reflectieverslag. Samen maakten die 90 procent van het cijfer uit, en dat vond ik achteraf te veel, niet zozeer vanwege zo veel piramideprincipe, maar omdat het allemaal schriftelijke communicatie was, alsof je als adviseur niet heel veel mondeling doet. Als ik het vak nog een keer zou geven, wat dus niet zo is want het houdt op te bestaan, zou ik dat anders doen; ik had het nu overgenomen van eerdere jaren.

Maar goed, schriftelijke piramides dus, en ik vond dat de studenten dat prima gedaan hebben. In het begin was er een beetje gepruttel vooral over de noodzaak tot die ene hoofdboodschap. Zo’n onderwerp als ‘een goed advies’ is heel breed, en dan lijkt zo’n eis beperkend. Dat is-ie niet, volgens mij, want een hoofdboodschap kan zelf ook breed zijn – zo komt er in die breedte wel een duidelijke kern. Om maar een reden te noemen waarom de eis geldt. Ik heb dat nog eens uitgelegd in iets wat ik FAQ’s ging noemen, zie hieronder.

Maar verder ging het goed en zag ik helder gestructureerde, logisch samenhangende teksten, in de tweede ronde alweer meer dan in de eerste. Dat ging dus hartstikke goed – veel beter dan in de gemiddelde organisatie die het piramideprincipe aanleert. De meeste studenten hadden er volgens mij ook wel lol in om eens zo anders te schrijven dan meestal op de universiteit, en ze zagen de relevantie voor de praktijk wel. Hoe komt het toch dat ik zo vaak ene andere houding aantref bij mensen die een paar jaar verder zijn?

Eén deel-antwoord op die vraag gaven de studenten indirect toch ook. Er was er één van wie ik geen goede piramide heb gezien en die zei, toen we erover spraken, het niet te zien zitten, dit type opdrachten zo structureren. Daar speelde meer mee, maar één ding leek me zeker te gelden: niet kunnen en niet willen gingen hand in hand, vormden een voor mij niet zomaar te ontwarren knoop. Bij één op 28 studenten is dat een incident; bij, zeg, acht van twaalf te trainen medewerkers gaat het om serieus verzet waarin met een beetje pech die andere vier ook worden meegetrokken. En dan moet ik dus eigenlijk acht of twaalf van die willen-kunnen-knopen gaan ontwarren!

—————————————————————————————————————————-

Uit de FAQ’s – Waarom die ene hoofdboodschap?

Vraag: Waarom moet je eigenlijk per se die ene, kernachtige hoofdboodschap formuleren? Het antwoord op de klantvraag kan toch ook uit een paar onderdelen bestaan? Die vraag heb ik gehoord, maar ik zie ook een aantal meervoudige hoofdboodschappen in jullie uitwerkingen van opdracht 1 – dus hoofdboodschappen met en of komma’s en/of andere voegwoorden erin, of zelfs bestaande uit meerdere zinnen.

Antwoord: Ik heb daar een aantal argumenten voor, die misschien wel op hetzelfde neerkomen: omdat dat je ‘dwingt’ je gedachten tot die ene kern ‘door te duwen’ (’to push your thinking’):

  • Omdat je zo de ‘sense of urgency’ uit kunt drukken, zie http://www.lhcornelis.nl/schrijftips/over-het-nut-van-de–hoofdboodschap/
  • Omdat je hoofdboodschap waarschijnlijk anders een samenvatting is van de rode draad, en niet iets overkoepelends zegt. Daarmee beantwoord je dan dus ook niet de so-what-vraag over de elementen van de rode draad: wat betekenen die samen? Dus als je bijvoorbeeld zegt, in opdracht 1: een advies is goed als de adviseur oprecht is en de stappen van het adviesproces goed zet, en paragraaf 1 is dan ‘oprechtheid’ en 2 ‘stappen’, dan herhaalt de hoofdboodschap alleen maar het niveau van de rode draad. Dat is trouwens ook gek in de tekst, die herhaling, alsof de tekst stilstaat. De lezer kan aan het eind blijven zitten met de vraag ‘dus?’
  • Omdat je bij een meervoudige (hoofd-)boodschap geen eenduidig startpunt hebt voor je logica. Zelfde voorbeeld als net: als je dan de waarom-vraag gaat beantwoorden, slaat dat waarom (en dus ook het antwoord) op het eerste deel van de HB, op het tweede deel, of op allebei samen?
  • Omdat een meervoudige hoofdboodschap er soms op duidt dat je nog net niet helemaal uitgedacht bent. Dat is dan vaak het geval als je in de hoofboodschap twee keer ongeveer hetzelfde zegt, waardoor de twee delen ervan overlappen, maar bijvoorbeeld in het tweede gedeelte preciezer (‘een advies is goed als de adviseur kwalitatief goed werk aflevert en de stappen van het adviesproces goed doorloopt’). Dat is een soort multiple choice: welk van de twee delen is het nou écht? Hak een knoop door, laat dat niet over aan de lezer!
  • Omdat het je hoofdboodschap moeilijker vindbaar maakt, vooral bij afzonderlijke zinnen. De lezer leest de eerste en denkt ‘m te pakken te hebben. Dan komt er nog één. En nog één? En nog één??? Lezers kunnen dat als ‘wollig’ ervaren. Een goede tekst ís kernachtig, en dat zit hem dus ook hierin.

En hoe doe je dat nou, zo’n eenduidige hoofdboodschap formuleren? Nou, dat is dus vooral een kwestie van nog langer, beter, dieper denken, er het beroemde nachtje over slape, eens met iemand over praten, enzovoort…. Zie verder hoofdstuk 4 van Adviseren met perspectief!

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Slot adviseren over Communicatie

Louise Cornelis Geplaatst op 19 april 2016 door LHcornelis20 april 2016  

Vorige week hebben we het vak ‘Adviseren over communicatie’ afgerond. De slotweek begon ermee dat de studenten hun reflectieverslag inleverden. Ik heb die verslagen met veel plezier gelezen. De meest opvallende zin uit de stapel van 28 verslagen was deze openingszin van Eva van Schaijk:

De afgelopen periode heb ik voor mijn studie voor het eerst stukken van twee pagina’s geschreven in plaats van vijftig pagina’s tellende rapporten.

Toen ik ‘m voor het eerst las, schoot ik spontaan in de lach, terwijl ik later dacht: het is ook eigenlijk om te huilen hoe slecht het hoger onderwijs studenten voorbereidt op de praktijk. Enfin, daar heb ik het hier vaker over (laatst nog). Het contrast tussen onderwijs/universiteit en praktijk is in het vak regelmatig aan de orde gekomen, en ik hoop dat ik de studenten zo wél een beetje heb voorbereid.

Verder waren de reflectieverslagen heel uiteenlopend. Ik heb meer een reactie gegeven dan echte feedback, en ook mijn reacties waren heel verschillend. Wel gaf ik een aantal tips meerdere keren, en die heb ik voor hier bij elkaar geharkt:

  • Over adviseren over schrijven/teksten: Blijf vooral doorgaan met het ontwikkelen van je eigen schrijven. Dat doe je door veel te schrijven, deels voor jezelf (‘freewriting’ – de studenten kennen dat) en deels ook in allerlei contexten, dus met een variatie in genres en lezers. Vraag op die tweede vorm vooral ook veel feedback, dat is dé manier om steeds beter te gaan schrijven.
  • Over beter luisteren, een boekentip: De kracht van luisteren. Inzicht in communicatie van Larry Barker en Kittie Watson (Den Haag: BZZTôh, 2001, alleen tweedehands nog te verkrijgen, of anders in het Engels: Listen up!) Daar kun je praktisch mee aan de slag, en er staan bovendien veel leuke voorbeelden in.
  • Over beter ‘nee’ zeggen: wat mij heeft geholpen is om het ‘ja’ zeggen uit te stellen. Ik bedoel: ik vond (of vind nog steeds) het in eerste instantie lastig om ‘nee’ te zeggen, en wat ik me heb aangeleerd is om dan iets te zeggen als ‘vind je het goed als ik er later op terugkom/als ik het je morgen laat weten’ e.d. Zo geef ik mezelf de kans om na te gaan wat ik écht wil zeggen en dat eventueel ook te onderbouwen, of met een alternatief te komen.
  • Over beter overtuigen: overtuigen bij adviseren begint met het opbouwen van partnerschap. Dan hoef je namelijk niet te overtuigen, want je hebt het advies samen gemaakt en zo al commitment gekweekt.
  • Over flexibel zijn: ja, belangrijk, maar zorg ervoor dat je niet te flexibel wordt, want dat heeft minstens twee valkuilen: qua tijd kan het ten koste gaan van de balans in je leven, en inhoudelijk neigt al te veel flexibiliteit kan gaan neigen naar de handlangersrol met de opdrachtgever (‘u vraagt, wij draaien’, c.q. ‘zegt u het maar’. Dan ben je dus niet voldoende gelijkwaardig.
  • Als er naar mijn idee wel heel vaak ‘moeten’ voorkwam in het verslag heb ik daar ook iets over gezegd, zo van: kijk vooral ook naar wat je al kunt, zet jezelf niet te veel onder druk, wat als je ‘moeten’ overal eens zou vervangen door ‘willen’?

Op het laatste college hebben de studenten deze en andere reacties van me teruggehad, we moesten verder nog wat andere dingetjes regelen en tot slot hebben de studenten allemaal een kaart uitgekozen en aan zichzelf geschreven die ze over een paar maanden van me terugkrijgen. Ze zijn dan stage aan het lopen en die kaart gaat hen eraan helpen herinneren dat goed stage lopen nog iets anders is dan echt adviseren. Deze kaarten zijn het:

Kaarten van&voor de studenten

En toen zat het erop! Ik heb het geven van het vak als best pittig ervaren, en daarom was ik er blij om dat het afgelopen was, maar toch vond ik het ook jammer: ik leerde de studenten pas net echt kennen. En nu zie ik ze niet meer! Er komt ook geen vervolg, want het vak houdt op te bestaan. Ik heb het met veel plezier gegeven en er zelf ook veel van geleerd. Dat zat hem in wat voor mij ook nieuwe literatuur, in de gastcolleges, maar vooral in de leuke, goede en slimme dingen waar de studenten mee kwamen. Ik praatte nog even na met de hoogleraar waaronder het vak valt, en die zei dat ook: precies dat is het leuke van werken met studenten!

Geplaatst in Leestips, Opvallend | Geef een reactie

Freewriting vaak ondergewaardeerd

Louise Cornelis Geplaatst op 11 april 2016 door LHcornelis11 april 2016  

In een recente blogpost beschrijft Alison Donaldson (schrijfadviseur met originele ideeën) haar denkproces in de aanloop naar een workshop voor studenten over het schrijven van een goed essay.  Ze komt erop uit dat ze drie dingen over wil brengen. De eerste twee daarvan liggen nogal voor de hand, zo zegt ze zelf ook: organiseer je denken en schrijf goede zinnen.

De derde is inderdaad een veel zeldzamer advies. Donaldson bepleit het bevrijden van je creativiteit, bijvoorbeeld door freewriting (’taking pen and paper and spending a few minutes handwriting whatever comes to mind on a particular subject without stopping or erasing anything’) en door te praten, bijvoorbeeld met een mede-student.

Over dit advies zegt ze dat het often underrated is. Ik ben het daarmee eens: het is een uitermate nuttig advies, en je hoort het inderdaad veel te weinig!  

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!
  • Wat sneeuw doet met leesbaarheid
  • Frieten zonder c
  • Fietsen langs de sporen van het Nederlands in de VS

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (323)
  • Opvallend (560)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (900)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑