↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Leiding geven aan schrijvende professionals

Louise Cornelis Geplaatst op 22 mei 2017 door LHcornelis11 april 2018  

Een paar weken geleden heb ik met succes een nieuwe dienst uitgeprobeerd: een workshop ‘Leiding geven aan schrijvende professionals’. Die heeft twee doelen:

  • Het verbeteren van de relatie tussen manager en schrijver. Ik heb in de loop van mijn jaren als trainer en coach van schrijvende professionals nogal wat verhalen gehoord waaruit ik concludeer dat dat de moeite waard is. Ik hoor die verhalen vooral van één kant, en dan bijvoorbeeld in de vorm van: ‘mijn baas stuurt me op deze training omdat hij/zij vindt dat ik niet goed schrijf, maar wat ik ook doe, het is toch nooit goed / maar verandert zelf constant van mening over wat er met de tekst moet / maar geeft veel te onduidelijke opdrachten / maar wil vooral de eigen zin doordrijven / enzovoort’.
    Een relatie is iets wat van twee kanten komt, en ik probeer in zo’n geval altijd de schrijver te ‘empoweren’ en aan te zetten tot, bijvoorbeeld, het stellen van goede vragen. deze workshop legt de aandacht aan de kant van de leidinggevenden. Hoe geef je eigenlijk goede feedback aan een schrijvende professional, hoe begeleid je een schrijfproces? 
  • Het verbeteren van de schrijfcultuur in een organisatie. Dat gaat dus verder dan de relatie tussen één manager en diens schrijvende professional(s), het gaat om de organisatie als geheel.
    Het meest voorkomende organisatiebrede schrijfprobleem dat ik tegenkom is dat er een te grote afstand is tussen de opdrachtgevers en de schrijvers. De opdrachtgever roept een vage opdracht, de schrijver gaat alleen aan de slag en beide hopen dat dat schrijven tot een perfect eindproduct zal leiden. Dat is bijna nooit zo (voorbeeld).
    Een ander soms diepgeworteld probleem is een sfeer van wantrouwen: de schrijvers zijn meer bezig met het overtuigen van en het zich verantwoorden tegenover hun baas dan met het gezamenlijke belang dat ze dienen. Dat zijn allemaal zaken die niet snel of makkelijk te verantwoorden zijn, maar waar je met goede wil wel aan kunt werken.

Belangrijkste inzicht dat ik leidinggevenden wil meegeven is dat hun rol afhangt van de fase in het schrijfproces. Ruwweg kun je drie van die fasen onderscheiden:

  • Voorbereiding, leidend tot de opzet van de structuur (bouwplan, piramide) van de tekst. In deze fase is de rol van de leidinggevende die van meedenker. Wat is precies doel, publiek, randvoorwaarden, welke vraag beantwoordt de tekst, welke hoofdboodschap is dus geschikt, hoe zit de structuur verder in elkaar? Dat is dus niet echt feedback, maar samenwerken op deze punten.
  • Uitschrijven, leidend tot de eerste versie van de tekst. Op de eerste versie kan de leidinggevende twee soorten feedback leveren: precieze feedback op de inhoud (de inhoud moet op de goede plek staan) en globale feedback van redactionele aard (‘als je de tekst verder gaat afwerken, houd er dan rekening mee dat je zinnen nogal lang zijn’).
  • Afwerken, leidend tot het eindproduct. Nu is het tijd voor redactioneel detailcommentaar op formuleringen, vormgeving en correctheid.

In elke fase is het goed als de leidinggevende onderscheid maakt tussen feedback die gericht is op het eindproduct en die gericht is op coaching, het verder ontwikkelen van de vaardigheden van deze schrijver. Die laatste fase bijvoorbeeld: in geval van nood kan de leidinggevende de tekst overnemen van de schrijver om hem te corrigeren, zodat er een goed afgewerkte tekst naar de lezer gaat. De schrijver leert daar echter niets van. Het is één van de manieren van werken die tot frustratie leidt; expliciet zijn over het wat wanneer en waarom van het overnemen van de tekst kan daartegen helpen.

De workshop is 2 à 2,5 uur lang, en altijd aangepast aan de organisatie. Ik heb hem ontwikkeld op verzoek van een opdrachtgever, daar met succes gegeven – en hij is nu dus ook beschikbaar voor anderen.

Geplaatst in schrijftips, Veranderen | Geef een reactie

Het was alweer even geleden: de links!

Louise Cornelis Geplaatst op 19 mei 2017 door LHcornelis17 mei 2017  

Hoogste tijd voor de oogst aan links van de afgelopen tijd. Dat blijkt wel, want ik begin maar met eentje die al wat verouderd lijkt, al blijft de strekking ervan relevant: collega Jeanine Mies sprak in februari op BNR Radio over hoe de ‘Stem op een vrouw’-campagne beter met ‘magneetwoorden’ geformuleerd had kunnen worden, en ze schreef er ook op haar blog over.

Hier is de rest:

  • Een leuke én goede blogpost op Tekstnet over bloggen – ik vind ‘m inhoudelijk goed, maar de vergelijking met De Dijk maakt ‘m ook nog eens hartstikke leuk.
  • Ook leuk geschreven en inhoudelijk goed: blogpost over waarom je op school niet voorbereid wordt op het echt schrijfwerk. In het Engels. I could not agree more!
  • Aardige maar wel een beetje schoolse test van de Taalwinkel om je sterke en zwakke kanten als schrijver op te sporen.
  • Een blogpost op Neerlandistiek.nl over formuleringen als ‘ik merk dat ik boos word’. Marc van Oostendorp legt daar vanuit de taalkunde iets uit wat ik vanuit een therapeutenopleiding wel eens had gehoord: dat zoiets zeggen betekent dat je je zit te beheersen (retroflectie, in de Gestalttherapie).
  • De disclaimer is een nogal ondergeschoven genre, maar in deze blog van Kiezel Communicatie staan adviezen ervoor.
  • Deze voorbeelden van ambtelijk taalgebruik (of meer in het algemeen: formele schrijftaal) vind ik inderdaad ook afkeurenswaardig (blog van Schrijfvis).
  • Een blog op Dekrachtvancontent van een student van mij van vorig jaar in Utrecht, Annemarie Cleijpool, over waarom het zo moeilijk is voor organisaties om helder te schrijven (voor degenen die net als ik een beetje jeuk krijgen van B1: lees het genuanceerde verhaal daarover waarnaar die blogpost verwijst).

En dan was het weblog van Jan Schultink ook weer de moeite waard de afgelopen  tijd – ik verwijs vaker naar Slidemagic (it’s easy to create business presentations) . Een paar voorbeelden: over de indruk die de lange lijst van client-logo’s maakt (niet zo’n grote), de levensduur van een presentatie die je vaker gebruikt (beperkt), de ontwikkeling van presentatie-ontwerp door de jaren heen, samenwerken aan een presentatie in een druk café (niet doen), verschillende visies van presentatie-ontwerpers (moraal: kies er één en blijf daarbij), en de balans tussen ingewikkeld en simpel. En dat is nog niet eens alles! Ik vind de posts leerzaam en herkenbaar – en als ik herken wat hij schrijft, vind ik dat hij het goed uitdrukt. Bovendien is het blog visueel prachtig!  

Dit alles met dank weer aan Twitter.

 

Geplaatst in Leestips, Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Handvat(t)en

Louise Cornelis Geplaatst op 16 mei 2017 door LHcornelis7 juni 2017  

Vorige week beweerde ik in een training iets wat ik even heb gecheckt: dat handvatten tegenwoordig vaker verkeerd geschreven wordt, als handvaten, dan goed. Nou, dat zag ik te somber, om twee redenen:

  • Handvatten is wel degelijk frequenter dan handvaten, als ik Google mag geloven. Het scheelt zelfs meer dan een factor twee.
  • Handvaten is niet meer fout! Dat was nog niet tot me doorgedrongen. Het Groene Boekje geeft sinds de nieuwste editie beide meervouden, en goede taaladviessites sluiten zich daarbij aan. Hooguit krijgt handvatten als oudste vorm de voorkeur. Mooi voorbeeld van hoe iets goed wordt als maar genoeg mensen ’t fout doen.

Goed, en nu ga ik dus proberen op te houden me aan handvaten te ergeren (;

 

 

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Populisten en overtuigen

Louise Cornelis Geplaatst op 8 mei 2017 door LHcornelis23 mei 2017  

Afgelopen vrijdag was het Bevrijdingsdag, en ging het college over overtuigende teksten (draad) dus niet door. Het is sowieso nog maar één keer, op 18 mei: het semester zit er bijna op. Neemt niet weg dat de studenten achter de schermen aan het werk zijn, met peer review van elkaars herschreven teksten, en dat ook ik nog wel mee bezig ben.

Zo viel me dit weekend in een column van Bas Heijne in de NRC op dat hij daar aan de stelt (vast niet als enige overigens) wat bij ons ook uit het lezersonderzoek naar voren was gekomen: dat de heftigheid van Wilders’ retoriek en van die van andere radicale populisten alleen nog maar voor eigen parochie pleit. Heijne citeert Le Monde naar aanleiding van het optreden van Marine le Pen in diens slotdebat vorige week:

Wie voor haar is, zal op haar stemmen, maar de zwevende kiezers niet.

In termen van de theorie over overtuigende teksten bevinden zwevende kiezers zich in het non-commitmentgebied, of, iets preciezer: bij sommige zwevende kiezers valt in principe het gedachtegoed van Le Pen in hun non-commitmentgebied, maar door er zo ‘met gestrekt been’ in te gaan (schrijft Heijne), bereikt ze die niet.

Dat non-commitmentgebied, dat is waar een overtuigende tekst zich op moet richten. Immers, iemand met al een heel sterke overtuiging voor of tegen iets, die kun je met een tekst niet van gedachten veranderen. Maar mensen die het nog niet zo zeker weten, die kun je wellicht net dat duwtje geven.

Uit het lezersonderzoek dat één duo studenten (Willemijn en Leonie) deden naar een tekst van Wilders bleek precies hetzelfde: als je niet al heel erg pro-PVV bent, vind je zo’n tekst alleen maar afstotelijk. En dat zit hem dus ook in tekstkeuzes. In kleine dingen ook: het woord ons bijvoorbeeld. Dat komt nogal veel voor in de tekst: de hoofdkop is ‘Nederland weer van ons’, de subkoppen respectievelijk: ‘onze vrijheid’, ‘onze zorg’, ‘onze grenzen’, ‘onze veiligheid’ en ‘ons geld’. Lezers ergeren zich daaraan, het is wij-zij-uitsluiterig, en wie is die wij eigenlijk?

Maar het zit hem natuurlijk ook in waar het de vorige keer over ging, in wat Lubach in één keer onder de aandacht bracht in de vorm #hoedan: het klinkt allemaal leuk, maar als je er echt kritisch naar gaat kijken, zijn de voorgespiegelde voordelen zowel onwaarschijnlijk als onwenselijk (want niet grondwettelijk bijvoorbeeld).

Het ‘gestrekte been’ is inmiddels een beproefde communicatiestrategie, maar wellicht niet degene met wie je de meest winst boekt. Over Marine le Pen schrijft Heijne nog: ze wist afgelopen week al dat ze ging verliezen. Dan gaat het niet meer om stemmen werven, maar om je profileren, om het verschil met de winnaar zo duidelijk mogelijk te maken. Dan is het misschien wel degelijk tactisch geweest.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Hoe lezers argumentatie evalueren

Louise Cornelis Geplaatst op 1 mei 2017 door LHcornelis1 mei 2017  

Afgelopen vrijdag hebben we op het college Tekstontwerp en Persuasieonderzoek (draad)  gekeken naar hoe de lezers in de pre-tests reageerden op de tekst. Bijzonder onderwerp was  hoe lezers kritische vragen formuleren over de argumentatie in de tekst. Eerder hadden we aan de orde gehad dat teksten die gericht zijn op gedragsverandering argumenteren op basis van voordelen, en dat je die voordelen kunt evalueren op hun wenselijkheid en op  de waarschijnlijkheid dat ze optreden als gevolg van het gedrag (zie eerdere post daarover).

Nou is er natuurlijk geen enkele lezer die zegt: ‘ik twijfel aan de waarschijnlijkheid van het optreden van dit voordeel en daarom ben ik niet overtuigd’. Lezers gebruiken andere termen. Om dat te illustreren zocht ik nog de ochtend voor het college naar een goed voorbeeld. Hoera, de dagelijkse omgeving wemelt van de persuasieve teksten, en zo kon ik op weg naar het college deze foto maken op station Schiedam Centrum:

Stel, ik was proefpersoon in een pre-test van deze poster, en ik mocht er open op reageren (dus zonder voorgekookte vragen). Dan zou ik zeggen:

  • “Gratis CD van Guus Meeuwis??? Alsof ik daarop zit te wachten…” Daarmee trek ik dus de wenselijkheid van het voordeel van kopen bij het Kruidvat (de beoogde gedragsverandering) in twijfel. Ik hoef die CD niet, dus op dit punt is de argumentatie niet overtuigend.
  • “Bij aankoop van 1 of 2 deelnemende actieproducten – welke dan, dat staat er niet? Vast net niet wat ik nodig heb.” Daarmee trek ik de waarschijnlijkheid van het optreden van het voordeel in twijfel. Zo van: dan ga ik naar het Kruidvat maar die actie geldt alleen bij heel suffe producten, dus dan koop ik wat maar dan krijg ik nóg geen CD van Guus Meeuwis (gesteld dat ik ‘m wel zou willen hebben). Ook niet bepaald overtuigend. Of misschien vooral: niet volledig. Op zo’n poster kun je lastig een lijst met actieproducten kwijt, maar iets meer zou wel kunnen. Het plaatje van de CD kan best kleiner. Of doe iets met ‘veelgebruikte’ of ‘dagelijkse’ producten ofzoiets.

Met andere woorden: lezers in een pretest reageren daadwerkelijk op de argumentatie en zijn daar kritisch op – maar je moet dan wel goed naar ze luisteren!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Lezers zien echt andere dingen

Louise Cornelis Geplaatst op 25 april 2017 door LHcornelis25 april 2017  

Afgelopen vrijdag hebben de studenten in het college over overtuigende teksten (draad) geoefend met het afnemen van een pre-test. Ze ervoeren zelf wat mij ook weer opviel: dat het leuk is om met andere lezers te praten over een tekst. Leuk én nuttig, want andere lezers zien echt andere dingen dan jij, ook al heb je nog zo grondig studie gemaakt van de tekst.

De methode voor pretesten die we gebruiken is de plus-min-methode. Lezers zetten dan tijdens het lezen plusjes en minnetjes in de tekst bij passages die positief of negatief opvallen, en naderhand stelt de onderzoeker daar open vragen over. Je krijgt zo idealiter een goed gesprek over de tekst en over de leeservaring van deze ene lezer.

De lezers in deze pre-tests lijken nog eens meer op elkaar dan ‘echte’ lezers, want het zijn allemaal studenten van hetzelfde vak, en ze hadden elkaars teksten ook al wel eens eerder gezien, dus ze waren niet meer onbevooroordeeld. Desalniettemin waren er toch wel tegengestelde leeservaringen, naast een heleboel gelijksoortige – voor zover ik gehoord heb, ik heb hier en daar meegeluisterd.

Wat het mij opnieuw leert, en wat ik heel vaak zeg:

  • Leg altijd alle belangrijke teksten aan minstens één ander iemand voor. Een buitenstaander ziet écht andere dingen dan jij!
  • Houd voor ogen dat lezers verschillen. Wat de een okee vindt, daar ergert een ander zich aan. De kunst van goed schrijven is door die verschillen heen schipperen. Gister kwam daar nog een voorbeeld van ter sprake bij een training die ik gaf: moet een rapport een inhoudsopgave hebben? Nou, van mij als lezer hoeft dat niet per se, ik sla die meestal over. Maar andere lezers doe je er wel een plezier mee. En daarom moet er dus inderdaad wél een inhoudsopgave in een langer rapport. Omdat je een deel van de lezers ermee behaagt, en anderen kunnen ‘m makkelijk overslaan.
Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Twee Spaanse teksten

Louise Cornelis Geplaatst op 20 april 2017 door LHcornelis21 april 2017  

De afgelopen twee posts verschenen ‘achter mijn rug’ terwijl ik lekker liep te wandelen in de Spaanse zon: ik was even op vakantie, in Cómpeta, Spanje, bij ontspanje.nl Lekkere week gehad en natuurlijk ook weer een paar tekstobservaties gedaan – ik kan het niet laten.

Eerst het bordje bij de olijfoliefabriek van Cómpeta. Niet alleen is dat ongelofelijk krom Engels, maar ook lijkt het erop dat de maker van het bordje meende dat die taal de harde return niet kent en dat alleen links uitlijnen uit den boze is, waardoor er heel rare gaten tussen de letters vallen:

Krom EngelsHet opvallendst vind ik punt 2, ‘Are cleaned and screened the olives’, met z’n foute woordvolgorde en het passief als vertaling van de constructie met se. Letterlijk is dat iets als ‘de olijven maken zich schoon’, maar dat kunnen wij niet zo zeggen, en de Engelsen ook niet. Op zich is het passief daar een okee vertaling van, maar dan moet de woordvolgorde wel anders en dan krijg je een iets andere nadruk. (Nee, ik spreek amper Spaans, maar ik ben immers ooit gepromoveerd op het passief en daarom kan ik zo’n passief-achtige constructie wel herkennen.)

Op de laatste dag was ik in Málaga en daar ben ik naar het Picasso-museum geweest. Dat was me een waar genoegen, maar niet qua lezen. Op het Engelstalige foldertje kwam ik deze zin tegen, de tweede, beginnend met These themes:

Extreem lange zin

Ik heb hem gister bij de koffie zitten tellen en kwam toen op 112 woorden! Op zich is zinslengte niet zo’n ramp bij een recht-toe-recht-aan zin – ik schreef de dag ervoor in het gastenboek van Ontspanje.nl ook iets ellenlangs met een opsomming erin. Maar toch, en hier gaat bovendien iets mis, want verwijst ’these themes’ naar issues of aspects uit de zin ervoor? Allebei zijn dat vage woorden, en wat de opsomming nu precies opsomt, is voor mij onduidelijk. Een ability is geen aspect uit het oeuvre, bijvoorbeeld. Dat is het risico van lange zinnen.

Bovendien is het niet alleen de lengte: de zin is erg abstract en het zijn ook nog eens kleine (de foto is vergroot), witte lettertjes op een rode achtergrond in een taal die voor een groot deel van de bezoekers niet de moedertaal is (zoals in mijn geval).

Kan het slechter leesbaar? Bijna niet!

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Car(r)ous(s)el?

Louise Cornelis Geplaatst op 18 april 2017 door LHcornelis11 april 2017  

Vorige week was ik bij een opdrachtgever en keek ik mee naar een presentatie waar het woord carrousel in stond. Ik vond dat een raar woordbeeld en zei: volgens mij is dat met twee s-en en één r, net andersom dus, maar ik weet het niet zeker, dus zoek maar even op…’ 

Nog voor ik erachteraan had kunnen zeggen ‘op woordenlijst.org’ had m’n gespreksgenoot het woord al gegoogled, nouja, carousel.

Als je snel kijkt, vind je carousel inderdaad – je moet beter kijken om te zien dat dat (vooral) Engels is. Dus, dacht ik: niet carrousel of caroussel, maar carousel – maar zoek toch maar even op in de enige echt betrouwbare bron, die woordenlijst.org dus, het online Groene Boekje.

Nou, dus toch carrousel. Weer wat geleerd. Ik vind het maar een raar woordbeeld – kennelijk zie je dat woord vaker fout dan goed gespeld.

Motto: pas op met spelling nagaan via Google!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Overtuigen in 1994

Louise Cornelis Geplaatst op 12 april 2017 door LHcornelis7 juni 2017  

Afgelopen vrijdag hebben we het in het college over overtuigende teksten (draad) gehad over pretesten, en daar ga ik hier niet uitgebreid op in. Wel viel me op dat het boek dat we daarover lezen, De tekst getest van Ben Vroom, zelf zondigt tegen een principe dat we de afgelopen weken tegen waren gekomen: positief beginnen.

Althans, mijn editie van dat boek: ik heb het nog op papier, het is er inmiddels alleen nog maar als PDF. Het is dan ook uit 1994, maar nog steeds onovertroffen. En ‘beginnen’ is relatief: ik heb het over de achterkant. Maar dat is wel de blurp, dus belangrijk als overtuigende tekst die aan zou moeten zetten tot kopen en lezen.

De tekst op de achterkant begint zo:

Communiceren via teksten die op grote schaal verspreid worden, is niet altijd eenvoudig. De lezer begrijpt onderdelen niet, stoort zich aan formuleringen, blijkt informatie niet te onthouden, of volgt instructies verkeerd op. problemen die vaak moeilijk te voorzien zijn. Het is daardoor vooraf nooit zeker of met de tekst het beoogde doel wordt bereikt.

Nou, daar is de moed me al in de schoenen gezakt. Die voel ik zakken, en het nooit in de laatste zin slaat het laatste restje weg. Frappant, hoor. Speelt de tijdgeest een rol? Hoefde het in 1994 nog niet zo positief allemaal? Kon je een probleem toen nog gewoon zo noemen, later werd dat uitdaging? Of heeft er gewoon iemand bij de uitgeverij even niet zitten opletten? 

Pas daarna komt de tekst ter zake, maar, met meestal erin, toch nog wat weifelend:

Daarom is het meestal van belang de doelgroep voor publikatie te raadplegen.

Vervolgens duurt het echter nog een paar zinnen voordat er staat waar het boek over gaat:

De tekst getest is een complete handleiding voor het opzetten en uitvoeren van een effectieve kleinschalige pretest.

Hèhè. Was daar nou mee begonnen, en had dan betoogd welke voordelen een pretest oplevert, dat was een stuk overtuigender geweest. Volgens de theorie, maar hier ervaar ik dat als lezer ook sterk zo. Was dat in 1994 anders?

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Hoe veel vragen?

Louise Cornelis Geplaatst op 11 april 2017 door LHcornelis11 april 2017  

Het blijft me opvallen: onduidelijke aankondigingen in de krant. Vorige maand had ik er al twee bij Tom Meeus (terug te vinden via deze post) en afgelopen zaterdag viel me de middelste ingezonden brief hieronder op,  ‘DIGITAAL ONDERWIJS – Geen gelijke kansen meer’:

Er staat ‘drie belangrijke vragen worden niet gesteld’. Als ik goed tel, volgen er daarna maar liefst tien vragen. Welke drie daarvan zijn ‘belangrijk’? Ik zou het (weer) niet weten. In de alinea meteen na die aankondiging staan er drie, maar vooral de tweede en derde daarvan hangen zo nauw met elkaar samen dat ik ze niet als belangrijker dan de andere vragen kan zien.

Als ik vooral inhoudelijk ga kijken naar hoe het stuk in elkaar zit, dan zie ik nog wel een driedeling in de thematiek van de vragen: (1) reflectie/bildung e.d., (2) rol docent en (3) toenemende ongelijkheid. Maar daarvoor moet ik dus heel goed lezen en denken, en zelf die driedeling maken, want ik word op geen enkele manier geholpen door het stuk.

Drie alinea’s of een opsomming of het markeren van de hoofdvraag per thema ofzoiets, dat had me wél geholpen. Mogelijk heeft zoiets in de ingezonden brief wel gestaan, maar is het in de krant weggevallen?

Dan nog hadden de schrijvers het iets anders kunnen doen, door per thema echt maar één vraag te stellen, en de rest in stellende zinnen als toelichting. Het is nu sowieso een beetje een vragen-oerwoud.

Maar wel goede vragen.

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Het is niet zeker dat deze korte tip werkt
  • Intelligentie voor atleten?
  • Zware studiedag over schrijven met AI
  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (326)
  • Opvallend (563)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (905)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑