↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: Leestips

Interessante boeken, artikelen en websites.

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Boodschap aan het verkeerde adres

Louise Cornelis Geplaatst op 27 juni 2018 door LHcornelis27 juni 2018  

In het huidige nummer van Tekstblad staat een interview met Kees Maat dat in mijn beroepsgroep stof doet opwaaien. De kern ervan staat meteen al op de voorpagina: Maat, ooit de oprichter van de gerenommeerde afdeling Schriftelijke Bedrijfscommunicatie van Vergouwen Overduin, roept op: ‘Schrijftrainer, investeer in jezelf’. Hij vindt dat schrijftrainers dat onvoldoende doen. De kernpunten uit zijn betoog daarover:

  1. Schrijftrainers (en tekstschrijvers) hebben volgens Maat te weinig tijd en geld om zich te ontwikkelen, door de druk van deadlines en lage tarieven
  2. Maat zag geen schrijftrainers bij het VIOT-congres, terwijl daar wel heel nuttige en voor de praktijk bruikbare presentaties gegeven werden over goed en relevant onderzoek.
  3. Maat ziet in trainen veel adviezen waaruit blijkt dat degene die ze geeft de boot heeft gemist van wetenschappelijke inzichten. Hij geeft daarbij als voorbeeld het advies om de lijdende vorm zo veel mogelijk te vermijden.

Ik herken hiervan twee punten niet en eentje heel goed.

Voor degenen die mijn achtergrond kennen zal het geen verbazing zijn dat ik bij punt 3 alleen maar zéér instemmend kan reageren, zeker door het voorbeeld dat Maat geeft. Ik kijk in het werk van collega’s (boeken, sites/blogs en trainingen) altijd naar de manier waarop de lijdende vorm behandeld wordt, en als daar simpelweg staat ‘niet doen, actief maken’ is dat voor mij een signaal om meteen achterdochtig te worden over de vakkennis en het inzicht, écht inzicht, in schrijven en teksten van die vakgenoot. 

Ik kan er nog iets anders tegenover zetten waarbij ik het werk van Maat gebruik. Die stond ooit aan de wieg van de succesvolle methode Leren Communiceren. De eerste editie daarvan is uit 1980 en toen introduceerde het boek de ‘vaste structuren’. Ik kijk nu ook altijd of een methode die vaste structuren gebruikt of meer of iets anders zegt over structuur. Nog steeds alleen maar  Leren Communiceren (1980)? Kom op, zeg, bij een dokter die al 38 jaar hetzelfde aanraadt zou ik ook niet aankloppen.

Dus ja, ik herken zeker dat er heel veel onprofessionele teksttrainers en -adviseurs rondlopen. Ik heb zelfs ook wel eens een vrij hoog iemand in de schrijftrainingswereld zich erop horen voorstaan dat het bijhouden van zijn vak (lezen van Tekstblad, Onze Taal) niet nodig was…

Ik vind dus ook niet, wat Maat wel zegt, dat het vak van schrijftrainer in de geprofessionaliseerde fase zit. Ook al niet om nog iets anders: de zeer geringe transfer van training naar praktijk, maar dat terzijde. Je hoeft sowieso aan geen enkele norm te voldoen om jezelf schrijftrainer te noemen, en er is geen enkele eis van bijvoorbeeld evidence-based werken. Je kunt van alles roepen, en juist dat verkoopt, lijkt het soms wel. 

Maar dan de andere twee punten. Ik was dit keer ook niet op het VIOT-congres, ik zat in Nieuw-Zeeland. Sinds 1993 ben ik echter wel elke drie jaar geweest. Ik vind het altijd wel aardig en goed voor de contacten, maar inhoudelijk nuttig? Mwah. Kijk bijvoorbeeld naar wat ik er hier over schreef toen ik bij het vorige congres was geweest. Dat waren leuke inzichtjes, maar de investering van het vrij hoge inschrijfgeld, de reis naar Leuven, de overnachting én de dagen niet betaald kunnen werken was hoog. Je moet dat vooral ook leuk vinden.

Want in mijn ogen gebeurt er juist helemaal niet zo veel relevant onderzoek. Althans niet voor mijn soort werk. Ik lees het wetenschappelijke tijdschrift en ik houd nog wat andere dingetjes bij, maar dat levert heel weinig op voor mijn dagelijkse praktijk.

Om een voorbeeld te geven: er zit op dit moment veel onderzoekstijd en -aandacht in een groot project over begrijpelijke taal. Voor het soort teksten en schrijvers waar ik mee werk is begrijpelijkheid echter van ondergeschikt belang. Natuurlijk speelt het een rol: een adviesrapport of beslisdocument moet begrijpelijk zijn. Maar het is nog lang niet genoeg om je klant of de bestuurder te krijgen waar je hem hebben wilt. Ik weet van geen recent onderzoek naar de relatie tussen tekst en beslissing, iets waar ik graag meer over zou weten. Om maar iets te noemen – ik heb nog veel meer door de wetenschap onbeantwoorde grote vragen.

Volgens mij is het probleem op het gebied van professionalisering veel meer dat er juist zo weinig relevants is. Ik heb al jaren  moeite met het vinden van geschikte, interessante bijscholing op mijn vakgebied. Wel ernaast, in gebieden als coaching, didactiek, creativiteit en organisatieontwikkeling en -verandering. Ook puur praktisch: mijn eigen schrijfvaardigheid op peil houden en uitbreiden.

Maar vakinhoudelijk? Ik zou het net weten. Ik ben er wel mee bezig, praat er wel over met collega’s, altijd geïnteresseerd of zij nog iets nuttigs en/of leuks hebben gedaan op cursus- of opleidingsgebied, of iets interessants hebben gelezen. Het leeft wel degelijk. 

Het eerste punt herken ik al helemaal niet. Ten opzichte van tekstschrijven is schrijftraining goed betaald. Ik verdien een mooi inkomen met daarnaast veel tijd voor niet-declarabele zaken. Ik heb het idee dat dat als zelfstandige juist makkelijker is  dan in loondienst, want ik bepaal zelf hoe veel tijd en geld ik daarin wil investeren – voor mij geen dwingend percentage declarabele uren.

Ik vind mezelf ontwikkelen bovendien belangrijk. Want voor mij is het verdienen van genoeg geld al lang niet meer de grootste uitdaging van het zelfstandigenbestaan. Veel meer is dat: hoe houd ik het leuk en interessant? Natuurlijk, ik kan  niet alles doen. Afgelopen vrijdag was er mogelijk een interessante themadag bij het afscheid van Leo Lentz, maar in mijn agenda stond eerder al een training bij een opdrachtgever. Zo gaan die dingen.

In hun leerbehoefte en ontwikkelbereidheid verschillen mijn vakgenoten. Maar ik voel me door Maat dus wel een beetje op een (grote?) hoop gegooid. En dat is dan ook wat de stof doet opwaaien, want bijvoorbeeld ook tekstschrijvers die actief zijn bij Tekstnet herkennen zich niet (voorbeeld).

Als Maat z’n boodschap als wake-up call heeft bedoeld, was het aan het verkeerde adres. Want juist de mensen die wél ontwikkelen, lezen Tekstblad. 

 

Geplaatst in Leestips, Opvallend | Geef een reactie

Beknopt schrijven = lastig

Louise Cornelis Geplaatst op 25 juni 2018 door LHcornelis25 juni 2018  

… volgens De Speld: https://speld.nl/2018/06/23/onderzoek-wijst-uit-dat-beknopt-schrijven-lastig-blijkt-te-zijn-voor-mensen-die-studeren-maar-bijvoorbeeld-ook-voor-mensen-die-werk-hebben/ Erg grappig! 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Nieuw: privacyverklaring

Louise Cornelis Geplaatst op 18 mei 2018 door LHcornelis18 mei 2018  

Deze website heeft er net een paginaatje bijgekregen: mijn privacyverklaring. Om te voldoen aan de AVG, maar eigenlijk is alles wat er staat voor mij al heel lang de praktijk en dus ook common sense. Dat het dat was, dat heeft me toch wel wat tijd en moeite gekost om uit te zoeken.

Ook al doe ik mijn best een goed geïnformeerde zelfstandige te zijn, toch drong het pas een maand geleden tot me door dat de AVG ook voor mij consequenties had. Ik dacht nog dat dat door mijn afwezigheid kwam, maar inmiddels heb ik begrepen dat het voor een heleboel zelfstandigen zo gegaan is. In april had ik ineens een halve inbox vol met AVG-mail.

Toen ben ik me erin gaan verdiepen en eerst snapte ik er helemaal niks van. Ook dat, denk ik dan, ligt niet aan mij: ik ben niet dom en ik ben handig met tekst. Maar ik wist eerst bijvoorbeeld niet eens precies wat een ‘persoonsgegeven’ was, en bovendien is de meeste voorlichting gericht op het verzamelen van grote hoeveelheden gegevens via een website. Dat doe ik niet – en dan? Moet ik aan kunnen tonen dat er niemand ooit bij mij pc kan – dat kan niet, er kan altijd ingebroken worden. En dan? Vaak staat er dat je moet voldoen aan de wettelijke bewaartermijn. Dat is een minimum, maar is er ook een maximum? Ik heb geen idee, nog steeds niet. En zo was er meer.  

Dus wat ik heb gedaan is dat ik heb opgeschreven welke moeite ik doe (altijd al deed en zal blijven doen) om enerzijds zorgvuldig om te gaan met persoons- en andere gegevens (ik werk bijvoorbeeld ook wel eens met beursgevoelige informatie) en anderzijds wel een beetje normale bedrijfsvoering mogelijk te maken. Die privacyverklaring is daar het resultaat van. Ik heb ervoor ook wel een beetje wat rondgeneusd bij anderen, ter inspiratie.

Ik vind het maar een lastig genre, hoor, die verklaring. Er worstelen vast een heleboel meer mensen mee op het ogenblik! En wordt het daar nou echt zo veel beter van? Ik moet het nog zien. 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Het was even geleden, hier zijn ze weer: de links!

Louise Cornelis Geplaatst op 9 mei 2018 door LHcornelis8 mei 2018  

Ik heb ongetwijfeld tijdens mijn reis heel wat gemist, maar sinds ik terug ben spaar ik weer nuttige en leuke links, zoals:

  • Een herkenbare post op Redactieprofs, over waar je als je met teksten werkt allemaal wel of geen verstand van hebt. Ik vind het trouwens wel leuk om te leren over de gebieden waar ‘mijn’ teksten over gaan. Vorige week legde een opdrachtgever nog iets inhoudelijks uit over software-ontwikkeling dat ik interessant vond.
  • Uit de tijd van de gemeenteraadsverkiezingen: een peilingenblog fileert – terecht – een Nijmeegs taartdiagram.
  • Iets wat elke schrijver wel herkent: soms loop je tegen een muur aan.  Het advies van Julia Cameron van The Artist’s Way is: wees bereid slecht te schrijven. 
  • Op het weblog van de collega’s van Kiezel Communicatie staat een korte, heldere versie van het (vereenvoudigde) piramidemodel. 
  • Dacht je te kunnen sjoemelen met een jaarverslag? Een computer kan dat aan je woordkeus zien, volgens dit stuk. Hoe, dat is niet helemaal duidelijk. 
  • Inez Weski kwam in het nieuws door kritiek van de Orde van Advocaten op haar pleitstijl. Haar zin van 400 woorden ging rond. Dat juristen ‘gek’ schrijven is voor mij niks nieuws – het gaat hen niet altijd om begrijpelijkheid. Dat de orde daar commentaar op heeft, dat vond ik wel opvallend. Zou er iets gaan veranderen? 
  • Het weblog SlideMagic van Jan Schultink is altijd goed voor een paar mooie posts. Deze bijvoorbeeld, waarin ik hetzelfde radicale standpunt herken dat ik hanteer: de lezer (of het presentatie-publiek) heeft altijd gelijk. Dus als iemand het niet snapt, is dat het probleem van de schrijver/maker. Of zie deze praktische post over het maken van een goede legenda. of als je genoeg hebt van de Powerpoint-reflex, hier zijn een paar alternatieve vormen als je gaat pitchen. Of wat ik ook leuk vind en met instemming lees: dat er soms redenen zijn om elke design-regel te overtreden, bijvoorbeeld die van niet te veel bullets. En dat is maar een kleine greep. Ik heb al veel vaker gezegd: als je veel zakelijke presentaties maakt, volgen dat blog! Het is interessant, nuttig en vooral ook heel mooi.
  • Op het weblog van Taalbeheerser stond een erg leuke reactie van een klantenservice die iemand kreeg na een klacht. Zo kan het ook! 
  • Een erg grappige van De Speld: een vacature voor een vacaturetekst-ontcijferaar.
Geplaatst in Leestips, Opvallend, Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Piekschrijven (2)

Louise Cornelis Geplaatst op 17 april 2018 door LHcornelis17 april 2018  

Afgelopen zomer besprak ik hier enthousiast het boek Peak Performance. Ik schreef daarin:

Als klap op de vuurpijl werd vroege intekenaars een extra stuk van Stulberg beloofd over ‘peak performance’ in het schrijven. Ik watertandde! Nou moet dat extra stuk nog komen, dus daar kom ik later nog op terug.

Dat extra stuk, een handout, dat kwam maar niet, en toen het er na mijn terug-van-weggeweest nog steeds niet was, heb ik er een mailtje aan gewaagd en toen kreeg ik het per kerende post.

(Terzijde: ik ben ondertussen een klein beetje benieuwd of de vertraging te maken heeft met Stulbergs overspannenheid. Want dat is hij geweest, althans, hij noemt het zelf ‘mental illness’. Hij is er open over (zie hier), wat bewonderenswaardig is, vind ik – hij is tenslotte zelf stress-expert. Hij vindt grotere openheid – terecht – belangrijk. En oja, dat weet ik omdat ik hem en co-auteur Magness op Twitter volg; (ze inspireren me zeer – binnenkort post ik hier een resultaat daarvan).

Het is een mooie handout, ‘Brad’s writing principles’, waar ik instemmend van ging knikken, bijvoorbeeld bij van die adviezen als ‘Write daily’ (ja, oefening baart kunst), ‘Read daily’ (ligt minder voor de hand maar heb ik vorige week nog aan iemand aangeraden die vond dat hij onvoldoende gevoel had voor schrijftaal), ‘Don’t write and edit at the same time’ (yep, scheid die fasen die zo sterk verschillen in de rol van de interne criticus). 

Die adviezen zijn niet heel revolutionair, maar eentje is in veel schrijfadviesliteratuur totaal afwezig: ‘Exercise daily’. Stulberg werkt dat als volgt uit (het is een handout, dus allemaal beknopt):

My best everything—from ideas for articles to sentences to titles—always seem to pop into my mind during aerobic exercise.

Ja, bij mij ook, en ik weet dat het nog bij meer mensen zo werkt.  Het gaat er wel eens over, maar meer in kringen van filosofen (Marc Van den Bossche heeft er uitvoerig over geschreven, bijvoorbeeld in zijn boek Wielrennen) en duursporters – ik heb zelf ook wel eens kleine duiten in dat zakje gedaan. Maar in standaard schrijfadviezen is dit advies afwezig. Super goed dat Stulberg het wél opneemt.

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

So What Strategy als e-boek

Louise Cornelis Geplaatst op 26 oktober 2017 door LHcornelis26 oktober 2017  

Vorige maand stak ik hier de loftrompet van het boek The So-What Strategy. Ik kreeg net bericht dat het er ook als e-boek is, dus dat meld ik dan ook graag hier. Wel alleen als Kindle, via Amazon.

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Tekstpraktijk bij het Rijk

Louise Cornelis Geplaatst op 10 oktober 2017 door LHcornelis5 oktober 2017  

In de meest recente editie van Tekstblad (jaargang 23, nummer 4) staat een goed artikel van mijn gewaardeerde collega Jeanine Mies over de ’tekstpraktijk’ bij het Rijk – over waarom goede schrijfintenties vaak sneuvelen, zo staat het als vraag in de ondertitel. Mies geeft daar vijf antwoorden op, een overzicht dat ik herkenbaar vind, en waar ze adviezen aan verbindt:

  1. Schrijven in een bubbel. Je gaat schrijven zoals gebruikelijk is in een organisatie en op een gegeven moment zie je niet meer wat ‘gek’ is. Dat burgers zichzelf zo niet noemen bijvoorbeeld, of dat andere mensen echt niet weten wat PPS is (publiek-private samenwerking). Om de bubbel te doorbreken moet je af en toe de blik van een buitenstaander organiseren. 
  2. Schrijven terwijl je nog denkt. Vaak is een tekst nodig om over de inhoud met anderen te kunnen overleggen, maar voor die ‘praatversie’ gaat dan de ‘wet van behoud van tekst’ gelden. Eigenlijk zou je dat praten moeten doen aan de hand van iets schematisch. 
  3. Blindstaren op B1. Alsof heldere taal alles is. Maar een tekst met allemaal goede en heldere zinnen en woorden kan toch de plank misslaan. Met inhoud en structuur is meer leesbaarheidswinst te boeken dan met formuleringen. 
  4. Iedereen mag reageren. Dan geldt wat Mies de Wet van Scholten noemt: de kwaliteit van een tekst is omgekeerd evenredig aan het aantal mensen dat eraan heeft meegeschreven. Het is belangrijk dat de regie bij één iemand rust!
  5. Onvoldoende ondersteuning. Weliswaar doet de overheid al veel, maar dat wordt niet altijd als hulp gezien, soms eerder als wijzend vingertje. Of soms mag beter schrijven niet van de leidinggevende. Goed schrijven vraagt om een goede schrijfcutuur. Overigens niet alleen bij de overheid, voeg ik er maar aan toe! 

Aanrader, dat artikel, voor iedereen die met schrijven en tekstkwaliteit in organisaties bezig is!

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Een onderkant-van-de-piramide-boek

Louise Cornelis Geplaatst op 6 oktober 2017 door LHcornelis4 oktober 2017  

Cover van het boekHet is al uit 2009, maar ik ontdekte het pas recentelijk: het boek De tranen van Kuif den Dolder van Nico Dijkshoorn. Ik vond het leuk en grappig, maar vooral indrukwekkend door de vorm. Het zijn namelijk allemaal kleine stukjes citaten van mensen die die Kuif den Dolder ooit gekend hebben. Het is alsof de auteur met hen groepsgewijs in gesprek is gegaan en die gesprekken klakkeloos heeft opgeschreven, terwijl de sprekers op Kuif terugblikten en vertelden over hun gezamenlijke, nogal absurdistische belevenissen.

Maar de gesprekken zijn niet altijd coherent; tussen al die terugblikken zitten gaten en tegenstrijdigheden: iedereen heeft zo zijn eigen visie. Er is geen overkoepelend perspectief, geen verteller die uitlegt wat er is gebeurd. En het zijn allemaal kleine fragmentjes, een paar zinnen lang.

Al die fragmentjes zijn een soort puzzelstukjes, die je als lezer zelf tot een plaatje moet leggen. Je krijgt echter het verhaal net niet helemaal rond: je weet net niet helemaal precies wat er gebeurd is, al krijg je wel een heel sterk vermoeden. Maar dat is gebaseerd op suggestie, en dat is ook knap beklemmend aan het boek: het heeft iets benauwends, er wordt veel gesuggereerd, veel ingevuld ook, soms lijkt het roddelen.

Het boek doet een groot beroep op je interpretatievermogen en dat is leuk. En je kunt er dus deels een eigen draai aan geven.

Het puzzelen tijdens het lezen van dit boek doet me denken aan een piramide-structuur waarvan je alleen de onderkant krijgt, en dan nog in een rommelige volgorde en niet alle ‘vakjes’ kloppen. Voor een voor-de-lol-boek vind ik dat leuk lezen. Maar voor een adviesrapport zou het vervelend zijn! 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

En weer eens een boel links

Louise Cornelis Geplaatst op 29 september 2017 door LHcornelis29 september 2017  

Hoogste tijd voor de oogst aan nuttige, leuke en interessante links weer!

  • De beste quote van de afgelopen tijd vond ik in een blog dat betoogt dat er wel degelijk plek is voor langere teksten:

Perhaps people don’t have a short attention span.  Maybe your content has a short interesting span.

  • Julia Cameron, van de onovertroffen Artist’s Way, schreef een mooie blogpost waarin ze vragen beantwoordt over morning pages, wat mij betreft hét instrument om schrijf- en andere creativiteit te bevorderen.
  • Inhoudelijk verwant aan Cameron: een hele site met blog over de innerlijke criticus! Wauw! Van Nicole Baars ken ik ook al een goed artikel over feedback geven op teksten, zij doet interessant werk! En ja, om goed en efficiënt te kunnen schrijven moet die innerlijke criticus zijn plaats kennen.  
  • De methode (leesbaarheidsformules) is discutabel, maar de conclusie van dit onderzoeksartikel is toch opmerkelijk: de leesbaarheid van wetenschappelijke pubicaties gaat achteruit. 
  • Een aardige tip voor een out-of-office-reply: laat de mailer zelf bepalen hoe urgent de boodschap is.
  • Waarom het niet zo makkelijk is om in simpele taal te schrijven, zeker niet als je schrijft voor zowel leken of beginners als experts. Prima betoog!
  • Maar als je dan toch heldere taal wilt schrijven, zeker bij de overheid, dan heb je wel wat aan deze tips van de Ambassadeur Heldere Taal.
  • Jan Schultink van SlideMagic was ook weer goed op dreef de laatste tijd, ik verwijs vaker enthousiast naar hem. Een paar highlights: hij relativeert terecht het belang van action verbs, legt kort en simpel uit dat je moet structureren in boodschappen/antwoorden, niet in vragen, betoogt dat slides soms best druk mogen zijn, en hij vertaalt storytelling-inzichten naar investeringspresentaties. Volg dat blog!
  • Leuk en ook wel een ietsiepietsie herkenbaar, ik kreeg ‘m van een trainingsdeelnemer: ‘how tech writing ruined me as a letter writer’
  • Een grappig herkenbare post op neerlandistiek.nl: ik sta ook regelmatig bij een kassa een heleboel keren ‘nee’ te zeggen, alsof ik helemaal niks wil.
  • Ook leuk, en met een relevant standpunt: een overdreven focus op grammaticale correctheid staat creativiteit in de weg. Ja, ook bij zakelijke teksten.

Dank weer aan de blogs en de tweeps die ik volg.

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Eindelijk!

Louise Cornelis Geplaatst op 25 september 2017 door LHcornelis21 september 2017  

Hoera! Eindelijk is er weer een echt goed boek verschenen dat geïnspireerd is op het piramideprincipe en het ook heel veel recht doet. Het heet The So What Strategy, met een heel lange ondertitel: Introducing classic storylines that answer one of the most uncomfortable questions in business. Schrijvers zijn Davina Stanley en Gerard Castles, allebei ook oud-McKinsey en met Davina heb ik af en toe contact. Davina en Gerard runnen het Clarity College, en ze hebben ook fraaie software voor storylining ontwikkeld, Neosi – om maar een paar goeie dingen te noemen die ze doen.

En nu hebben ze dus een boek. Het ziet er goed te behappen uit en is qua omvang te vergelijken met mijn eigen boek (128 pagina’s). De inhoud is grotendeels ook vergelijkbaar, en voor mij is het erg leuk om eens in andere woorden te lezen wat ik zelf zo vaak zeg, bijvoorbeeld over waarom goed structureren zo waardevol is: omdat het leidt tot helder denken en heldere communicatie, omdat besluitvorming erdoor verbetert, omdat het een goede manier van samenwerken bij complexe vraagstukken versterkt en omdat je er vertrouwen mee opbouwt. Da’s hoofdstuk 1!

Er zijn drie dingen wel echt anders dan mijn boek:

  1. De hele inhoud hangt aan vijf stappen. Die redenen om goed te structureren, hoofdstuk 1, zijn samen stap 1: ‘understanding why mastering storylining is worth the investment’. Dat is een enigszins kunstmatige manier om een betoog (waarom) te verstoppen in een actieplan (hoe), maar dat is dan ook het enige wat ik erop aan te merken heb. Verder ben ik jaloers op zo’n simpele structuur!
  2. Het boek benoemt zeven klassieke patronen voor de structuur van zakelijke stukken (‘storylines’). Die hebben grappige namen, zoals Action Jackson (voor actieplannen), To B or Not to B (voor de keuze uit opties) en Houston, we have problem (voor de oplossing van dat probleem). Het zijn een soort uitgeklede, invulbare piramides. Ik werk zelf nooit met zulke vaste patronen, al was ik me er wel van bewust dat die er zijn. Ik praat met collega-piramidekenners wel eens in die termen ‘dat wordt zo’n structuur van hoofdboodschap die urgentie uitdrukt en dan maatregelen eronder’ of ‘dat wordt zo’n opties-bij-criteria-betoog’. Dus in mijn hoofd zijn die patronen er wel. Hier staan ze op papier. Goeie vondst, ik ga ermee experimenteren om ook bij cliënten ermee te werken als ik help structureren, al is het maar om een eerste schets te maken.
  3. De schrijvers zijn meer fan van de enkelvoudige argumentatie, zoals ik hem noem, deductie bij Barbara Minto. Ze gebruiken de enkelvoudige argumentatie waar ik andere oplossingen zou kiezen en ze maken gebruik van Minto’s terminologie, die veel mensen verwart en die ik vreemd vind afwijken van de termen in de klassieke argumentatietheorie. En net als bij Minto mag de nevenschikkende argumentatie kennelijk van Davina en Gerard ook niet, althans, ze noemen hem niet. Ik denk dat hun keuze deels een kwestie van smaak is, en deels vind ik het ook wel bewonderenswaardig dat ze het aandurven om deductie te behandelen. Voor veel van mijn groepen gaat dat te ver, in mijn eigen boek is de argumentatietheorie dan ook verdiepingskennis.

Ik hoop The So What Strategy te gaan gebruiken – voor Engelstalige groepen. Die kan ik nu eindelijk iets anders bieden dan Minto’s boek (dat ik te duur vind voor hoe verouderd het is, en sowieso niet zo heel geweldig geschreven) of mijn eigen artikel in vertaling.

En jammer toch dat Davina en Gerard zo ver weg wonen… Down Under!

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Het is niet zeker dat deze korte tip werkt
  • Intelligentie voor atleten?
  • Zware studiedag over schrijven met AI
  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (326)
  • Opvallend (563)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (905)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑