↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Auteursarchieven: LHcornelis

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Ze kunnen echt nog wel schrijven tegenwoordig

Louise Cornelis Geplaatst op 20 mei 2011 door LHcornelis20 mei 2011 1

Ik geef op dit moment een vak aan eerstejaars studenten Nederlands over het schrijven van wetenschappelijke teksten. Ze moeten dat zelf ook doen natuurlijk: een ‘nota’ schrijven. Thema daarvan dit jaar is wel toepasselijk: de nota’s moeten een doortimmerd betoog bevatten over het thema ‘ze kunnen niet meer schrijven tegenwoordig’.

Daarmee wordt bedoeld het klagen van de oudere generatie in het algemeen en het hoger onderwijs in het bijzonder over het gebrek aan schrijfvaardigheid van de generatie van, zeg, 16 à 20. Is het nou echt zo dat ‘ze’ niet meer kunnen schrijven tegenwoordig, en zo ja, hoe komt dat dan en wat is eraan te doen, en zo nee, wat is er dan wel aan de hand, enzovoort: het thema biedt allerlei aanknopingspunten voor een pittig betoog.

Ik heb de afgelopen weken de eerste versies nagekeken en van feedback voorzien. Ik was natuurlijk zelf benieuwd of ‘ze’ nog wel konden schrijven eigenlijk. Welnu, ik gaf ongeveer hetzelfde vak vier jaar geleden, en in vergelijking daarmee deed deze groep het beter: net iets meer studenten haalden meteen bij de eerste versie al een voldoende. Dat is niet representatief, natuurlijk, want het is een ander thema en een iets andere aanpak, en het zou ook kunnen dat ik minder kritisch geworden ben, maar toch, het is een indruk.

Het enige wat ik wel minder goed vond, was de toepassing van de wetenschappelijke conventies rond verwijzen, bronvermelding en bibliografie. Dat zou kunnen komen doordat het onderwijs in het eerste jaar in het algemeen iets is veranderd, en dat is studenten niet aan te rekenen, vind ik, het is iets wat heel specifiek is voor de wetenschap en wat eerstejaars dus simpelweg moeten leren. Dat was dus kennelijk nog niet voldoende gebeurd; in 2007 wel. Ik heb er een extra werkcollege aan besteed, en ik heb er alle vertrouwen in dat dit wel goed komt in de tweede versie.

Wat ik opvallend goed vond, was de breedte van de onderwerpskeuze, het retorische karakter (dus niet beschrijven, maar betogen, met een eigen standpunt als antwoord op de probleemstelling, en argumenten die dat standpunt onderbouwen) en de voorbeelden. Ik denk dat ik daaraan kon merken dat het een onderwerp is dat de studenten na aan het hart ligt: ze schrijven als het ware over zichzelf, over de taalvaardigheid van hun eigen generatie.

Maar ook kan het zijn dat er iets te zien is van wat veel studenten in hun nota’s aandroegen: het kan weliswaar zo zijn dat ‘de jeugd van tegenwoordig’ zich minder aantrekt van de officiële taalnormen en dus bijvoorbeeld meer spelfouten maakt, smiley’s gebruikt en ‘hun hebben’ zegt, maar die jeugd schrijft wel veel meer dan vroeger en vertoont daarin zowel creativiteit als publieksgerichtheid – dat alles dankzij de nieuwe media. Vroeger schreven scholieren omdat het moest, bij Nederlands; tegenwoordig krabbelen ze op Hyves, sturen ze elkaar om de haverklap SMS’en en tweets (waardoor ze bondig leren formuleren)  en houden ze een weblog bij – omdat het leuk is, en omdat ze gelezen (willen) worden.

Jaaaa, zeggen veel ouderen, maar je wilt niet wéten hoe slecht dat allemaal geschreven is. Oja? Het is anders, maar het is niet slecht. Het voldoet toch – ze kunnen ermee communiceren. En uit onderzoek blijkt dat jongeren de verschillende communicatieve situaties goed uit elkaar kunnen houden: ze beseffen dat ze in een opstel geen SMS-afkortingen moeten gebruiken. Het is alsof ze meerdere schrijftalen beheersen. In de nota’s dus heus geen smileys, afkortingen als ff of andere ‘moderne’ verschijnselen.

Wel zag ik spelfouten; gemiddeld te veel naar mijn smaak – voor Neerlandici dan. Een aantal studenten zal daar zeker nog aan moeten werken, en niet voor niets betoogden enkele nota’s dat het schrijfonderwijs op basis- en middelbare school wel beter zou kunnen. Ook vond ik sporen van taalverandering, zoals de voor mij ongrammaticale volgorde ‘echter is het zo dat…’ (voor mij moet dat zijn ‘echter, het is zo dat…’ of, liever ‘het is echter zo dat…’)

Ik heb me met het nakijken van de nota’s goed vermaakt. Het is een onderwerp dat mij bezighoudt, het totaal van de nota’s is inhoudelijk heel rijk. Op een aantal inhoudelijke zaken kom ik nog wel terug, en ik ben aan het nadenken over of er meer mee te doen zou zijn dan alleen weblogstukjes. Wordt dus vervolgd!

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | 1 reactie

Pas op!

Louise Cornelis Geplaatst op 18 mei 2011 door LHcornelis18 mei 2011  

Twee observaties over een ongetwijfeld goed bedoelde, maar erg vage waarschuwing: pas op!

  • Vorig jaar fietste ik een keer in een pelotonnetje racefietsers toen er vooraan iemand over z’n schouder naar ons riep: ‘pas op!’ Uh, ja, wáárop, wat moet ik nu? Wielrenners hebben een korte maar doeltreffende manier om aan elkaar door te geven waar ze rekening mee moeten houden. Als de voorste roept ‘voor!’ of ’tegen!’ weet de rest dat er zich iets (fietser, voetganger) respectievelijk aan de rechter- of linkerkant van het fietspad bevindt. ‘Auto achter’ spreekt voor zich: inschikken, hij wil ons inhalen. Enzovoort. Helder. Maar ‘pas op’ – geen idee wat ik dan moet of waar ik op moet letten.
  • Ik heb recentelijk medicijnen moeten gebruiken waar een sticker op zat met grote letters: ‘pas op met alcohol’. Ik heb de huisarts moeten vragen wat dat nou precies betekent. Ik kon nog wel bedenken dat ik er extra sloom van zou worden, maar zelfs dat spreekt niet voor zich: dat alcohol de werking van een medicijn opheft zou ook kunnen immers. En wat betekent het in de praktijk? Helemaal geen alcohol drinken? De bijsluiter was ook niet concreter. (Volgens de huisarts kon een glaasje geen kwaad overigens.)

Voor de roeper op de fiets en de bedenkers van die sticker sprak het waarschijnlijk voor zich waar ik op moest letten. Maar voor mij niet. Ja, voorzichtig zijn. Maar dat is in beide gevallen nog te weinig concreet.

Wat een vage term, eigenlijk, ‘pas op’. Het flapt er zo makkelijk uit, maar toch zou ik zeggen: wees liever concreet. Oftewel: oppassen met opgepast, dus!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Toveren met tekstkwaliteit

Louise Cornelis Geplaatst op 17 mei 2011 door LHcornelis17 mei 2011 1

Vorige maand rondde ik mijn cursus socratisch gesprek af en ik schreef daarover toen dat ik nog een keer zou terugkomen op de toepassingsmogelijkheden in mijn werk als trainer en adviseur op het gebied van schriftelijke communicatie. Welnu.

Het is al lang bekend dat trainingen schrijfvaardigheid in organisaties niet leiden tot een verbetering van de kwaliteit van de teksten van die organisatie. In O&O schreven Daniël Janssen er (met twee andere auteurs) daar in 1999 al over: de transfer van het geleerde naar de dagelijkse praktijk is nihil. Volgens mij komt dat vooral doordat in die trainingen schrijven te zeer gezien wordt als een individuele vaardigheid. Een probleem daarin is zou dan dus op te lossen zijn door een instrumentele, technische ingreep: een vaardigheidstraining.

Zo’n aanpak gaat echter voorbij aan een aantal andere zaken die goed schrijven belemmeren, bijvoorbeeld belemmeringen die het individu overstijgen, zoals de rol van de leidinggevende als coach en rolmodel bij het schrijven, of het ontbreken van een duidelijke standaard of beleid in de organisatie: zó willen wij schrijven/op papier met onze klanten omgaan. Ik besteed aan die belemmeringen in mijn trainingen wel aandacht en schreef daar op dit blog ook over, maar ik zoek ook altijd naar andere interventies, liefst voordat ik ga trainen. Het is bijvoorbeeld een goed idee om eerst beleid te ontwikkelen voordat er getraind wordt. Het gaat er dan niet om dat ik zeg hoe ‘het moet’, maar om samen nadenken over de gewenste schrijfcultuur en de belemmeringen daarvoor.

Ik ben bij zulke beleidsbepalende gesprekken tot nu toe altijd probleemoplossend geweest, zo realiseerde ik me door de cursus socratisch gesprek. Ik wist stiekem dus toch wél hoe het moest, had zelfs soms de panklare oplossing al achter de hand (‘piramideprincipe’). De volgende keer ga ik nadrukkelijker voorstellen er eerst samen over na te denken (de crux van het socratisch gesprek).

Het gesprek wil ik voeren volgens de TOVEREN-formule. In een gesprek van een uur (Tijd) wil ik met enkele betrokkenen (waaronder de leidinggevende) ‘de adviesrapporten van onze afdeling’ (Onderwerp) bespreken. Na mijn aftrap formuleren de deelnemers er Vragen bij, en vervolgens brengen zij Ervaringen in, gevolgd door Reacties en reflecties op elkaar. Tegen het eind benoemt de groep de Essentie ervan, en kaarten we Na.

TOVEREN in één belangrijk opzicht anders dan het lange socratische gesprek dat we tijdens de cursus voerden: er is nu wel een bepaald nuttig doel dat binnen enige tijd bereikt moet worden, want het gesprek is de opstap naar een interventie, waarschijnlijk naar herschrijfwerk (maken van een modeltekst) en training en coaching. Ik ben benieuwd of de deelnemers (en ikzelf?!) genoeg kunnen onthaasten om samen na te denken. Voor mij komt daar nog bij dat ik uit de expertrol moet stappen: als ik toch ga vertellen ‘hoe het moet’, komt er van samen nadenken niets terecht.

Natuurlijk bericht ik op dit weblog ook weer over mijn ervaringen.

Meer over TOVEREN staat in het boek Vrije Ruimte. Filosoferen in organisaties, zowel het basis- als praktijkboek, door Jos Kessels, Erik Boers en Pieter Mostert. En zie ook Het Nieuwe Trivium.

Geplaatst in Gesprek & debat | 1 reactie

Plakken

Louise Cornelis Geplaatst op 12 mei 2011 door LHcornelis12 mei 2011  

Ik ben op dit moment vooral bezig met het nakijken van nota’s van eerstejaars studenten Nederlands uit Leiden, ik wil daar nog wel meer over zeggen, maar pas als ik dat ook tegen hen gedaan heb, dus dat duurt nog even, maar één ding schoot me wel te binnen naar aanleiding van een paar lichte gevallen ervan, en dat is dat ik een hekel heb aan de zogenaamde ‘plakstijl’, dat is hoofdzinnen met komma’s aan elkaar verbinden, je moet wel een goede reden hebben om tussen twee hoofdzinnen géén punt te plaatsen, vind ik, en als ik die reden niet gauw zie, denk ik: doe dus maar gewoon wel, die punt, en als de zinnen toch meer bij elkaar horen dan dat, maak dan het verband expliciet door een signaalwoord te gebruiken, ofzoiets, ik denk dat deze blogpost wel aantoont waarom zinnen aan elkaar plakken met komma’s de tekst niet bepaald leesbaarder maakt!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Sudoku’s

Louise Cornelis Geplaatst op 9 mei 2011 door LHcornelis9 mei 2011  

Leuk stukje op Tekstblog: over het nut van sudokuën (of hoe spel je dat?) tijdens het schrijfproces: http://www.tekstblog.nl/schrijven-met-je-onbewuste/

Met sudoku’s heb ik geen ervaring, wel met het ‘laten sudderen’ en het nut van iets anders gaan doen. Vorige week had ik nog zo’n typisch geval ervan. Ik was bezig met een stukje en dat was te lang aan het worden. Maar hoe dan inkorten? Ik kwam er niet uit, dacht: ik kijk er morgen nog wel naar. Dus ik stopte, ging iets anders doen, iets huishoudelijks geloof ik, en uit het niets zag ik op een gegeven moment ineens precies voor me welke twee alinea’s er probleemloos uitkonden. Opgelost.

Voor mij werken huishoudelijke dingen zoals de was ophangen of de planten water geven (voordeel van werken aan huis) en m’n duursporten, fietsen en lopen, uitstekend om half- en onbewust verder te gaan met schrijven. Een nachtje slapen doet het ook goed. Alles beter dan te lang naar het scherm blijven staren!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Recensiestof

Louise Cornelis Geplaatst op 5 mei 2011 door LHcornelis5 mei 2011 2

Ik kondigde vorige week het verschijnen aan van mijn recensie van het Handboek Vrouw & Fiets. Die heeft nogal wat stof doen opwaaien op het forum dat bij het het blad Fiets hoort. Dat is altijd wel interessant. In het desbetreffende forum-topic kun je ze zelf nalezen. Je leest dan ook hoe hoofdredacteur Rodrick de opmerkelijke (vond ook ik) redactionele keuze uitlegt: mijn recensie stond in een interview met de auteurs. Verder legt hij ook mijn column nader uit. Heeft tenminste één iemand hem goed begrepen (;

Geplaatst in verschenen | 2 reacties

De kracht van net niet het piramideprincipe?

Louise Cornelis Geplaatst op 4 mei 2011 door LHcornelis1 december 2014 2

Natuurlijk wil ik op dit weblog aandacht besteden aan het verschijnen van een Nederlandstalig boek over het piramideprincipe. Maar De kracht van het piramideprincipe is een directe concurrent van mijn eigen Adviseren met perspectief. Dat brengt me in een lastig parket, want het is nogal wiedes natuurlijk dat voor mij geldt, analoog aan de beroemde WC-eend-slogan: ik van Adviseren met perspectief adviseer Adviseren met perspectief.

Oftewel: alles wat ik erover zeg en schrijf zal in het licht van mijn belang gezien en begrepen worden. Dus houd ik het kort, maar wel fundamenteel.

De methode voor ‘helder schrijven en denken’ die in De kracht van het piramideprincipe uiteengezet wordt, is niet HET piramidepricipe à la Barbara Minto, maar een verbrede en verdunde variant erop. Verbreed naar onder andere instructieve en informatieve teksten (waar Minto zich tot adviserende teksten beperkt); verdund door véél minder hoge eisen aan logica, argumentatie, synthese en formulering te stellen dan Minto.

Het duidelijkst wordt voor mij het verschil aan de hand van de voorbeeldteksten achterin het boek. Dat de kopjes van een ‘piramidenotitie’ (p. 93) en adviesrapport (p. 96) geformuleerd zijn als vragen in plaats van als boodschappen (ter vergelijking: dat is alsof een krantenkop zou luiden ‘wat is er gebeurd vandaag?’) en dat een ‘onderzoeksrapport’ bestaat uit de onderdelen ‘conclusie – aanbevelingen – onderzoeksresultaten – methode van onderzoek’ (p. 98) (= methodologische opbouw, maar dan omgekeerd) … pfoe, die twee dingen alleen al wijken wel heel sterk af van Minto.

Nou mag wat mij betreft iedereen met het piramideprincipe doen wat hij of zij goed acht, en er is volgens mij zeker behoefte aan een ‘light’ versie van het piramideprincipe; ik pleitte daar al eens voor en voor zo’n boek als dit is dus zeker ruimte op de markt.

Maar auteurs Eline Janssen en Marita van Hassel-van Rijssen doen het voorkomen alsof zij HET piramideprincipe brengen, en leggen nergens verantwoording af voor de verschillen met Minto. En dat vind ik simpelweg niet netjes, of, preciezer geformuleerd: dat overschrijdt mijn professionele normen voor omgang met bronnen.

Maarja, ik stel kennelijk in het algemeen wat hogere eisen. En adviseer ik daarom… enfin, dat spreekt voor zich!

Geplaatst in Leestips, Piramideprincipe-onderzoek | 2 reacties

Schrijversnachtmerrie

Louise Cornelis Geplaatst op 3 mei 2011 door LHcornelis3 mei 2011  

Ik ben sinds een paar dagen bezig in Het feest van list en bedrog van Herman Chevrolet. Centrale idee van dat boek is dat wielrennen zo fascinerend is omdat het dezelfde structuur heeft als mythen en klassieke verhalen. Dat is voor mij als wieler- en literatuurliefhebber natuurlijk een gedachte om van te smullen, en ik lees het boek dan ook met veel interesse. De uitwerking is een tikje moeizaam, vind ik, omdat het boek óók een geschiedenis van de wielersport wil zijn, en die twee structuurprincipes (geschiedschrijving versus betoog rond dat centrale idee) botsen. Maar het is wel de moeite waard.

Meteen de allereerste pagina (p. 7, ‘Ter verantwoording’) vond ik opzienbarend. Daar beschrijft Chevrolet namelijk de nachtmerrie van elke schrijver. Hij had het idee om de wielersport te koppelen aan de 36 dramatische situaties van Georges Polti, sterker nog, hij had dat al besproken met zijn uitgever. En toen verscheen er een nieuw nummer van het literaire wielertijdschrift De Muur, met daarin een artikel van Bert Wagendorp waarin die precies diezelfde gedachte uitwerkt: de 36 dramatische situaties geïllustreerd aan de hand van wielrennen, daarmee verklarend waarom dat zo’n mooie sport is.

Chevrolet en Wagenaar hadden allebei hetzelfde idee gehad, Wagenaar was eerder met de publicatie, Chevrolets plan viel in duigen. Ieks. Elke schrijver is er bang voor, volgens mij, dat je met iets bezig bent en dat dan net eerder iets verschijnt wat het gras voor je voeten wegmaait. Het leidt bij Chevrolet tot ‘wat binnensmonds gevloek’ – dat zal wel een understatement zijn, neem ik aan.

Het huidige boek is plan B, zal ik maar zeggen. Misschien verklaart dat ook wel waarom het net niet lekker loopt.

Geplaatst in Leestips, Opvallend | Geef een reactie

Schrijven in bed

Louise Cornelis Geplaatst op 2 mei 2011 door LHcornelis2 mei 2011  

Grappig berichtje dat ik ontdekte via SchrijvenOnline: http://www.guardian.co.uk/books/booksblog/2011/apr/28/writing-in-bed-robert-mccrum Het gaat erover dat nogal wat literaire schrijvers graag in bed schreven/schrijven. Van zakelijke schrijvers ken ik dat eigenlijk niet. Ikzelf doe het ook niet, ik zou het maar een moeizame houding vinden. Lézen in bed doe ik wel graag, ook het serieuzere werk, zoals vak- en studieliteratuur. ’s Ochtends dan. Erg luxe: de werkdag beginnen in bed! Inderdaad wat de schrijver van het stukje in The Guardian erover zegt: “both stimulating and restful, a good combination”.

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Verschenen: 2 columns en 1 recensie

Louise Cornelis Geplaatst op 29 april 2011 door LHcornelis29 april 2011 1

Van de week verschenen:

  • Fiets van mei, met daarin van mij niet alleen de gebruikelijke Fietsvrouw-column, maar ook een recensie van het boek Vrouw & Fiets.
  • Tekstblad nr. 2, met daarin een column van mij over dat lezers maar nare mensen zijn: dom, lui, egocentrisch en conservatief.
    (NB. ik lees zelf ook, en ben dan geen haar beter)
Geplaatst in verschenen | 1 reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Met een pro-drop naar de sportschool
  • Sprekend proefschrift
  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!
  • Wat sneeuw doet met leesbaarheid

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (324)
  • Opvallend (561)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (902)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑