↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Passief imago

Louise Cornelis Geplaatst op 15 april 2009 door LHcornelis15 april 2009 2

Het lijkt soms wel mijn vorige leven: ruim 12 jaar geleden promoveerde ik op onderzoek naar het effect in teksten van het passief, de lijdende vorm. Ik ben er niet veel meer mee bezig. Af en toe zeg ik nog wel eens wat ter verdediging ervan, want in talloze adviesboeken en trainingen wordt schrijvers afgeraden de lijdende vorm te gebruiken (sic).

Functies
In mijn onderzoek heb ik laten zien dat de constructie juist heel goed te gebruiken is als het in een tekst niet mogelijk of niet gewenst is dat de lezer zich identificeert met de verantwoordelijke handelende persoon. Dat betekent dat de lijdende vorm bijvoorbeeld geschikt is als:

  • De handeling automatisch verricht wordt: ‘als u op F7 drukt, wordt het document afgedrukt’
  • De actie door een niet-levend iets veroorzaakt wordt: ‘hij werd door de bliksem getroffen’.
  • De actie door een onbekende veroorzaker in gang gezet wordt: ‘hé, er wordt gebeld’.
  • Iedereen zich een beetje aangesproken moet voelen, maar niemand in het bijzonder, de ‘wie-de-schoen-past-trekke-hem-aan-passieven: ‘racisme moet met kracht bestreden worden’
  • De handeling bedreigend is voor de lezer: ‘het geld kan niet worden teruggestort’.

Scriptie
Het is leuk om te merken dat mijn onderzoek na al die jaren een medestander gekregen heeft. Want aan mijn eigen alma mater, de VU, is een paar maanden terug Remco Verhezen afgestudeerd op de functie van de lijdende vorm. Het onderwerp sluit aan bij het laatste voorbeeld van net hierboven: het passief gebruiken voor negatieve handelingen. Het theoretische kader van zijn scriptie wordt voor het deel over het passief gevormd door mijn proefschrift, vandaar dat Remco contact met me heeft gezocht en me een exemplaar van zijn scriptie heeft toegestuurd. De scriptie heet Dat wordt nog onderzocht. De invloed van passieve formuleringen in het Nederlands op het imago van de afzender.

Remco onderzocht in hoeverre het imago van een bedrijf beïnvloed kan worden door strategische gebruik te maken van lijdende vormen in slecht-nieuwsbrieven. Hij manipuleerde daartoe fictieve maar in mijn ogen zeer realistische brieven van energiebedrijven en zorgverzekeraars over vervelende zaken als afwijzing van een verzoek of klacht en administratieve fouten in het nadeel van de klant. In de ene variant gebruikte het bedrijf actieve zinnen, in de andere passieve. ‘We verhogen de prijzen voor energie vanwege de hogere inkoopprijzen’ werd ‘De prijzen voor energie worden verhoogd vanwege de hogere inkoopprijzen’ en ‘De vordering dragen we vervolgens over aan de gerechtsdeurwaarder’ werd ‘De vordering wordt vervolgens overgedragen aan de gerechtsdeurwaarder’.

Inderdaad invloed op imago
Remco’s hypothese was dat de passieve varianten gunstig zouden uitpakken voor het imago. Immers: het bedrijf komt niet als handelende persoon en daarmee verantwoordelijke voor de ellende naar voren in de tekst. Deze hypothese werd bevestigd, zij het krapjes. Maar dit soort onderzoek naar stilistische verschillen leidt nooit tot grote effecten; een klein maar significant effect is al heel wat en meer dan ik zou hebben durven voorspellen.

En wat scheelt dat?
Gister zaten we in een training over een memo gebogen en de formuleringen onder de loep te nemen en toen vroeg een deelnemer: maar maakt dat nou echt uit, de details van zo’n formulering? Het ging ook om een passief: een memo begon met ‘Door de directie is besloten dat…’ en dan voel je als lezer afstand, net alsof de schrijver wil zeggen ‘maar daar ben ik het niet mee eens’. Dat blijft dan impliciet en daardoor wat slapjes. Ik zei: ik durf erom te wedden dat dit enig effect heeft op het imago van de schrijver.

Andere naam
Het passief heeft zijn naam niet mee, met ook nog eens lijden erin. Het imago van de constructie zelf is uiterst negatief. Een overdaad aan passieven is inderdaad een kenmerk van bepaalde slecht geschreven teksten, maar het passief is daarin symptoom, geen oorzaak of schuldige. Het is een symptoom van bijvoorbeeld geen ik durven te zeggen (‘hieronder wordt ingegaan op…’) of het vermijden van het neerleggen van de verantwoordelijkheid waar zij thuishoort (‘er moet iets worden gedaan’).

Goed gebruikt is het passief juist één van de vele subtiele instrumenten die de taal ons biedt: het passief kan een tekst effectiever maken. De constructie zou daarom eigenlijk iets als ‘identificatievermijder’ moeten heten. Maar dat krijgen Remco en ik er vast niet in…

 

(Meer weten? Ik praat nog steeds graag over het passief. Aarzel dus niet om contact op te nemen.)

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | 2 reacties

Albanezen en hun vrouwen

Louise Cornelis Geplaatst op 6 april 2009 door LHcornelis6 april 2009  

Eindelijk vond ik donderdag in Metro een stukje tekst met daarin een verschijnsel dat ik vaak hoor, op de radio bijvoorbeeld. Dat is lastig citeren, en zo kon ik dit verschijnsel nog niet eerder op dit weblog aansnijden. De Metro is meeneembaar, dus hier komt het verschijnsel. Lees het fragment eerst eens, en kijk dan of je wat opvalt. Het komt uit een column, van Luuk Koelman, over de grote economische groei van Albanië.

In 1997 deden bijna alle inwoners van Albanië mee aan een reusachtig piramidespel. Aanvankelijk leek er geen vuiltje aan de lucht. Albanezen die al vroeg hun spaargeld in de piramide hadden gestopt, maakten enorme rendementen. <knip> Alles ging goed, totdat op een dag het spaargeld van álle Albanezen in de piramide zat. Toen stokte de toevoer van geld. <knip> Het westen keek meewarig toe. Wie trapt er nu in een piramidespel? Die rare Albanezen ook met hun vierkante Slavische koppen, trainingspakken uit 1962 en echtgenotes met snor.

En? Iets opgevallen?

Het gaat mij om die laatste paar woorden en hun effect op de voorafgaande tekst. Uit het feit dat het gaat om Albanezen die ‘echtgenotes met snor’ hebben, kun je niet anders dan afleiden dat die ‘rare Albanezen’ alleen de mánnen zijn. De tekst ervoor, die het had over ‘alle inwoners van Albanië’, ‘Albanezen’ en ‘álle Albanezen’ ging toch slechts over de helft van de bevolking van dat land.

Impliciet sexisme, heet dit. Er stáát nergens dat vrouwen niet meedoen, maar het wordt wel geïmpliceerd. In dit geval pakt dat eigenlijk niet slecht uit voor de vrouwen, want die waren kennelijk niet zo dom om al hun spaargeld in een piramidespel te stoppen. Maar toch…

Als het gaat om ‘Albanezen’, zijn dat mannen én vrouwen. ‘Nederlanders’ idem dito. En, ooit gehoord als voorbeeld hiervan, niet de ‘Batavieren en hun vrouwen’ zakten de Rijn af, nee, de Batavieren.

Sexe-neutraal taalgebruik is nastrevenswaardig maar niet altijd reëel of elegant. Ik houd ook niet van de hele tijd hij/zij of m/v in de tekst. Maar een paar simpele trucs zijn er wel, zoals meervoud gebruiken om hij/zij te voorkomen. Ernaar streven vind ik belangrijk, zonder dat het een molensteen om de nek wordt bij het schrijven. In trainingen behandel ik het niet expres, maar ik geef er wel feedback op als ik iets signaleer in een tekst.

Dus deze columnist had ik graag op de vingers getikt. Alleen al echtgenotes vervangen door vrouwen had gescheeld, en met vervangen door een dubbele punt had het dan verder opgelost. Helemaal mooi wordt het met mannen erin: ‘Die rare Albanezen ook: vierkante Slavische koppen, mannen in trainingspakken uit 1962 en vrouwen met snor’. Dan is het nog steeds niet een heel fraai beeld van Albanese vrouwen, maar dat is wat anders…

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Tien stijlvalkuilen

Louise Cornelis Geplaatst op 1 april 2009 door LHcornelis1 april 2009  

1. Te lange zinnen:
a. Te complex (aanloopjes, tussenzinnen, tangconstructies, haakjes, veel bijzinnen)
b. Plakstijl: zinnen verbinden met een komma
Oplossing: zet vaker een punt

2. Abstract taalgebruik: ‘bekijk of de aspecten relevant zijn voor de ophanging van de processen’, gaat vaak samen met fletse werkwoorden (gebeuren, plaatsvinden)
Oplossing: schrijf concreet, beeldend

3. Onpersoonlijk taalgebruik, inclusief de lijdende vorm (‘er kan geconcludeerd worden dat…’)
Oplossing: gebruik rustig u, we, ik en wijs verantwoordelijken aan. Pas echter op met beschuldigend taalgebruik (‘u stelt dat…’)

4. Te korte zinnen, doorgeschoten Jip-en-Janneke-stijl.
Oplossing: breng meer verband aan door middel van signaalwoorden.
  
5. Vage en nietszeggende woorden: een zevental in plaats van zeven.
 Oplossing: houd het kort en krachtig
  
6. Vage verwijzingen: welke deze?
Oplossing: niet verwijzen, maar uitschrijven
  
7. Foutieve opsommingen, onterechte en te veel bullets
Oplossing: de elementen van een opsomming zijn van één orde. Welke orde, dat wordt aangekondigd (zoals hier: ‘valkuilen’)

8. In brieven: jaren-vijftig-schrijftaal:
a. Woorden met een prima modern equivalent: derhalve, heden, te allen tijde
b. Clichés, vooral in opening en slot: ‘Naar aanleiding van uw schrijven delen wij u mede dat’, ‘Hopende u hiermede voldoende te hebben geïnformeerd’
Oplossing: vervang door modernere variant (a) en laat weg of bedenk iets persoonlijkers (b)

9. In e-mail en powerpoint: te beknopt
Oplossing: schrijf altijd minstens mini-boodschappen (onderwerp + uitspraak erover)
  
10. In e-mail: te spreektalig (en daardoor bv. bot, onduidelijk, emotioneel, etc.)
Oplossing: tel tot tien en lees je mail dan nog eens voordat je op send drukt

(Deze valkuilen zijn gebaseerd op mijn subjectieve waarneming bij mijn opdrachtgevers in de zakelijke dienstverlening en aanverwanten, en ze gaan alléén over stijl – en dat is niet het belangrijkste probleem van zakelijke teksten.)

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Belegen woorden

Louise Cornelis Geplaatst op 31 maart 2009 door LHcornelis31 maart 2009 1

Leuke website voor taalliefhebbers: http://belegenwoorden.nl/, van het Nederlandsch Genootschap ter bevordering van het Belegen Woord. Doel: alom vergeten en verstofte woorden aan de vergetelheid te ontrukken. Ik heb er vorige week één voorgedragen, opdat, en die is nu inderdaad opgenomen, met als status ‘jong belegen’. Ik kreeg een in prachtige archaïsche termen gestelde bedank-e-mail.

Maarre… ik houd toch helemaal niet van stoffige, oude taal? Nee, vooral niet van de stijve jaren-vijftig-schrijftaalclichés als ‘Naar aanleiding van uw schrijven deel ik u mede dat’ en ‘hopende u hiermede van dienst te zijn geweest’. Van derhalve maak ik dus, van tevens ook en van welke die. Omdat dat uitstekende equivalenten zijn, en omdat de oude woorden daar clichématig zijn. Goed gebruikte archaïsche woorden zijn juist origineel, denk maar aan het werk van Gerard Reve en de Bommel-boeken.

Bovendien kunnen ze een beeld van een schrijver oproepen. Die schrijftaalclichés roepen vooral een stijf, houterig beeld op; mooie archaïsmen hebben iets erudiets en sjieks. Mits correct gebruikt natuurlijk – ik zie ook bij die jaren-vijftig-woorden wel fouten gemaakt: te allen tijde gespeld met de n precies waar hij niet moet staan (ten alle tijden) of welke als betrekkelijk voornaamwoord verwijzend naar een het-woord (‘het paard welke in de wei stond’). Dat is alleen maar onbeholpen – want dat is zo’n mooi en simpel alternatief.

Het mooie aan een woord als opdat is dat er geen alternatief voor is. Als dat uitsterft, verliezen we een klein stukje uitdrukkingsmogelijkheid. Geen ramp, wel jammer.

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | 1 reactie

En nog een nieuwsberichtje: lang leve verbindingswoorden!

Louise Cornelis Geplaatst op 16 maart 2009 door LHcornelis16 maart 2009  

Als ik het dan toch heb over het nieuws, hier een al wat ouder berichtje: http://www.nu.nl/wetenschap/1911301/vmboer-niet-gebaat-bij-simpele-taal.html

Tsja, altijd al geroepen dat Jip-en-Janneke-taal helemaal niet zo heel makkelijk is… Bij gebrek aan verbindingswoorden moet je als lezer alle relaties zelf leggen. En bij de echte Jip en Janneke gaat dat nog wel, maar als het wat lastiger wordt niet meer. Lang leve de verbindingswoorden!

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

De begripskloof dichten

Louise Cornelis Geplaatst op 6 maart 2009 door LHcornelis6 maart 2009  

Hieronder had ik het over leesblindheid voor je eigen tekst, iets wat bij schrijven altijd lastig blijft. Er zijn meer van die dingen, het doseren van de informatie bijvoorbeeld. Hoe schat je in wat je lezer niet weet en jij dus moet uitleggen? Als je dat te weinig doet, snapt de lezer je niet. Als je het te veel doet, ergert hij zich en wordt de tekst lang.

Opnieuw: dit blijft bij schrijven altijd lastig. Er zijn wel weer een paar tips te geven:

  1. Zorg dat je de lezer zo goed mogelijk kent. Bij schrijven voor een bekende lezer wéét je wat die wel en niet weet.
  2. Presentatie? Vráág het aan het publiek of je nog meer moet uitleggen of niet – of bedenk een andere manier om de kans op interactie met het publiek te benutten: het grote voordeel ten opzichte van het schrijven van gewone tekst!
  3. Structureer goed. Als je stelselmatig werkt met de hoofdboodschap voorop en dan gaandeweg meer details en daarbij boodschaptitels gebruikt, geef je de lezer de mogelijkheid zelfstandig te kiezen of hij de details wil lezen of niet. De krant is hierbij het ideaalmodel: een lezer die álles wil weten, leest alles. Andere lezers zijn vrij om te bepalen wanneer ze stoppen. Paragrafen met kopjes als ‘achtergrond’ en dergelijke helpen ook al, of dingen als verklarende woordenlijsten achterin.
  4. Maak een bewuste afweging. Wil je liever dat je lezer af en toe denkt ‘huh, snap ik niet’ en dan misschien bij je terug komt voor meer informatie, of wil je liever dat je lezer ‘jaja, nou weet ik het wel’ denkt? Daar kun je een keuze in maken, afhankelijk van je doel en de situatie.
  5. Overschat de lezer niet. Jij bent met het onderwerp bezig geweest en voor jou kan alles logisch en vanzelfsprekend zijn – maar de lezer weet van niets. Je hebt dus altijd een begrips- en kenniskloof te overbruggen en je bent geneigd de diepte van die kloof te onderschatten. Leg dus liever wat te veel uit dan te weinig, dan is de kans groot dat je precies goed mikt. Lezers zijn ‘dommer’ dan je denkt – ik ook, als ik lees!

Dit laatste punt doet mij altijd denken aan de grootste blunder die ik zelf ooit heb gemaakt bij het inschatten van mijn publiek. Ik deed een workshop over columns schrijven, en ik had een column meegenomen die ik had geschreven voor Fiets en die volgens mij zeer geslaagd was. In die column beschreef ik dat ik mezelf een lekke-banden-zondagskind vond, omdat ik 10.000 kilometer zonder één enkele lekke band had gefietst. Ervaren fietsers weten dat dat bijzonder weinig is. De deelnemers aan en docent van die column-workshop wisten dat echter niet, zij hadden geen gevoel voor wat bijzonder of normaal is op dit punt – en daarmee viel die hele column in het water. Als feedback kreeg ik dat het ‘overdreven’ was, een ‘mislukte poging tot ironie’ en gewoon ‘onduidelijk’. Eén man zei: ‘mijn laatste lekke band is ook al meer dan een jaar geleden’. Uh, ja, maar ik denk níet dat jij in dat jaar 10.000 kilometer gefietst hebt…

Er werd geen spaan van mijn column heel gelaten. Niet fijn, maar gelukkig kon ik door wat doorvragen achterhalen dat het onbegrip dat had veroorzaakt: de kenniskloof tussen mij en deze lezers (niet de doelgroep natuurlijk). Ik had dat niet verwacht. Op dit punt is het een zeer leerzame workshop geweest, aan de feedback heb ik verder niet veel gehad….

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Schrijfblindheid

Louise Cornelis Geplaatst op 3 maart 2009 door LHcornelis3 maart 2009  

Schrijven heeft een paar lastige kanten die altijd lastig blijven, ook voor ervaren schrijvers. Een ervan is dat je door het herlezen blind kunt worden voor je eigen tekst en er dus niet meer kritisch naar kunt kijken. Zo blijven suffe typfouten erin staan maar ook kun je het gevoel houden dat er iets met de structuur niet klopt – maar wat?

Schrijfblindheid, altijd lastig. Hier zijn wat tips:

  • Slaap er een nachtje over, liefst meerdere. Leg de tekst op z’n minst een tijdje weg en laat de tijd z’n werk doen.
  • Laat een ander ernaar kijken en vraag feedback – onovertroffen als middel tegen schrijfblindheid.
  • Creëer ‘leesvervreemding’ zodat je met frisse ogen naar je eigen werk kijkt. Lees hem eens op papier als je vooral op het beeldscherm werkt (of omgekeerd), print hem eens in een gek lettertype en ander papierformaat, lees hem eens van achter naar voren, enzovoort.
  • Gebruik voor de kleine dingen de computer. Spellingchecken natuurlijk, en je kunt ook de computer laten zoeken naar fouten waar je zelf makkelijk overheen leest, blind voor bent. Ik zoek bijvoorbeeld belangrijke teksten altijd na op dubbele punten, want ik weet van mezelf dat ik die te vaak gebruik, soms zelfs twee in één zin. Heerlijk dat de computer (control-F in Word) die priegeldingetjes voor me aan kan wijzen, zodat ik één voor één na kan gaan wat ermee moet. Zo heb ik een heel ‘schrijfchecklijstje’ met mijn opzoekbare blinde vlekken, en dat gebruik ik aan het eind van het redigeren altijd

Om op dat laatste punt verder te borduren: om zo’n schrijfchecklist te maken, moet je weten wat je blinde vlekken zijn. Daarvoor is goede feedback krijgen noodzakelijk. Sowieso is regelmatige feedback dé manier om beter te gaan schrijven. Je scherpt er je eigen kritische zin ook mee aan, en dat is de allerbelangrijkste bestrijder van schrijfblindheid.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Inspirerende citaten (en hun bronnen)

Louise Cornelis Geplaatst op 2 februari 2009 door LHcornelis2 februari 2009 2

Vorige week kreeg ik twee visitekaartjes met een citaat op de achterkant. Is dat een trend? Beide kaartjes kreeg ik van mensen die ook in het communicatievak zitten, en de citaten zijn treffend:

  • ‘Where there is perfection there is no story to tell’ (Ben Okri; het kaartje is van Astrid Schutte van Story Ventures
  • ‘Everything should be made as simple as possible, but not simpler’ (Albert Einstein, het kaartje is van Sander Reijn van de Presentatie Architect.

Met twee andere citaten die ik zelf regelmatig gebruik ben ik in diezelfde week bezig geweest, namelijk om de herkomst te achterhalen – zonder succes overigens:

  • ‘Kill your darlings’ is waarschijnlijk helemaal geen citaat, maar gewoon een gevleugelde uitdrukking uit de Engelstalige literaire wereld (zie Wikipedia erover)
  • ‘Sorry dat deze brief zo lang is geworden; ik had geen tijd om een kortere te schrijven’ kende ik als toegeschreven aan een Engelse beroemdheid van wie de verzamelde brieven zijn uitgegeven (Orwell? Churchill?). Even googlen leidt echter tot Franse namen als Blaise Pascal en Voltaire, en op een weblog zag ik staan dat dat ook Tsjechov, Plato, Multatuli en Goethe wel genoemd worden als bron (die post houdt het op Pascal). Als iemand echt weet hoe het zit, hoor ik dat graag!

Los van de herkomst en de vindplaats: vier uitspraken ter inspiratie!

Edit, op 9 september 2010: het duurde even, maar inmiddels heb ik bevestiging dat het tweede citaat inderdaad van Pascal is. Het staat volgens mijn informant (oud-collega Raymond – dank!) in Pascals Lettres Provinciales nr. 17.

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | 2 reacties

Geeltjes

Louise Cornelis Geplaatst op 2 februari 2009 door LHcornelis2 februari 2009 1

Noodzakelijk hulpmiddel voor iedereen die een goed schrijf- of presentatie-maak-proces wil doorlopen: geeltjes, oftewel Post-its. Curicaal voor zo’n goed proces is dat je bezint eer je begint, dus dat je goed nadenkt voordat je gaat werken aan het eindproduct, over bijvoorbeeld de hoofdboodschap en de onderbouwing en de visualisaties. Oftewel: je structureert en maakt een storyboard voordat je in Word of Powerpoint aan de slag gaat.

Structureren en storyboarden zijn actieve processen met talloze tijdelijke tussenproducten. Je hoeft immers niet in één keer het ideale eindproduct neer te zetten; tijdens het werken groeien je ideeën en gedachten en verandert dus het product. Structureren lijkt bijvoorbeeld wel eens op Rummikub: je schuift met argumenten en feiten en boodschappen net zo lang tot je alles tot een verhaal verwerkt hebt. En vorige week maakte ik nog mee hoe een team erachter kwam dat er in hun storyboard-in-working nog een slide tussen moest. Ze waren bezig met stift op papier en dat leidde dus tot gestreep en pijlen. Dat werd er niet overzichtelijker op.

Structureren en storyboarden doe je dus bij voorkeur met materialen die passen bij het vele veranderen van het zich ontwikkelende product. Liever met potlood dan met pen dus. Geeltjes werken ook heel prettig omdat je ze eindeloos kunt schuiven. Ze maken rummikubben mogelijk en een slide ertussen in het storyboard is zo gedaan: je ‘verplakt’ ze gewoon. Hun vorm past dan ook nog eens prima bij zowel structureren als storyboarden – al heb je zeker voor storyboarden wel het grotere formaat nodig.

De foto’s geven een paar indrukken van hoe ik geeltjes gebruik. Op de eerste foto ben ik bezig met een eerste opzet van de structuur voor een artikel, met ‘paarsjes’. Op de tweede staat mijn voorraad trainingsmateriaal. De derde foto is een handig boekje met geeltjes van divers materiaal dat ik vorige week kreeg van de Presentatie Architect. Die aan de rechterkant zijn groot genoeg voor een storyboard; de kleine gekleurde links zijn handig voor iets anders: als bladwijzer. Bijvoorbeeld om aan de slides van een eerste versie van de print van een presentatie te plakken op de pagina’s waar nog wat mee moet gebeuren.

Geeltjes zijn simpel en doeltreffend, en dus onontbeerlijk. Deze weblog-posting is dan ook zowel een tip (voor wie ze nog niet ten volle benut) als een ode. Ode aan het product dat begon als mislukking: de lijm hield niet goed, wat moest je daar nou mee? Inmiddels weten we het antwoord…

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | 1 reactie

Invloed van lezen op schrijven

Louise Cornelis Geplaatst op 22 januari 2009 door LHcornelis22 januari 2009  

Leuke vraag kreeg ik vorige week op een training: ga je van veel lezen beter schrijven? Ik heb er nooit onderzoek over gelezen, hooguit met vakgenoten overgespeculeerd, en dan is het antwoord een voorzichtig ja. Mits je goede dingen leest.

Onze indruk, zo herinner ik me vooral van gesprekken hierover met mijn oud-collega’s van McKinsey, was dat het lezen van goede boeken tegengif biedt tegen al het kantoor- en consultantsjargon. Misschien hoef je daar zelfs niet eens wereldliteratuur voor te lezen, maar volstaat zelfs een boeketreeksromannetje of elke thriller – zo lang het maar anders is dan het ‘optimaliseren van de leverage voor de best-practice’, bij wijze van spreken (of vul je eigen jargon in).

Op veel lager schrijfniveau speelt de invloed ook. Er wordt in mijn vakgebied al wel gevreesd bijvoorbeeld dat ‘de jeugd van tegenwoordig’ een minder stabiel woordbeeld ontwikkelt vanwege alle bagger die ze te zien krijgen op internet. Probleem daaraan is dat je als je niet op basis van het woordbeeld weet hoe je een woord schrijft, spellen veel meer moeite kost en vaker fout zal gaan. Mijn generatie (eerder deze week 43 geworden) hoefde amper te leren dat krijgd niet bestaat, daar hoef je de d/t-regels niet voor te kennen; het is een onmogelijk woordbeeld. Maar Google vindt in een wip 2430 hits, dus is het ineens een woord dat je wél kunt tegenkomen.  Nou kun je erover debatteren of hij krijgd  schrijven heel erg is (de jongeren die dat schrijven, schreven 25 jaar geleden waarschijnlijk helemaal niet voor het oog van anderen) – maar ánders is het wel.

Ook is mijn indruk bij iets oudere jongeren (beginnende studenten) dat een beetje belezen zijn uitmaakt voor hun gevoel voor schrijftaalzinnen, voor hoe geschreven taal eruit ziet, en ook wel een beetje voor genres – dat ze weten dat een artikel iets anders is dan een brief. Dat zijn dingen die moeilijk zijn om uit te leggen, en die je niet uit hóeft te leggen aan mensen met voldoende ervaring met teksten.

Op nog hoger schrijfniveau, dat van de schrijvende professionals, zou het wel eens kunnen zijn dat je stijl frisser blijft van lezen. Misschien. Want degenen die graag lezen, zullen misschien ook liever schrijven, en of het lezen dan het betere schrijven veroorzaakt, is maar helemaal de vraag. Slechter word je er echter zeker niet van, dus als je het niet heel vervelend vindt, zou ik altijd zeggen: pak af en toe eens een goed boek. Vergeet vooral niet ervan te genieten!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool
  • Sprekend proefschrift
  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (324)
  • Opvallend (562)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (903)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑