↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Beter woord voor ‘emergerend’?

Louise Cornelis Geplaatst op 19 februari 2015 door LHcornelis17 februari 2015  

Onlangs gebruikte ik in een binnenkort te verschijnen artikel (daarover t.z.t. meer) het woord emergerend. Dat is niet zo mooi, kreeg ik van de redactie te horen. Nee, klopt, maar ik weet echt niets beters als vertaling van het Engelse emergent, in de context van emergent change.

De woordenboekvertaling daarvan is verschijnend, te voorschijn komend of opkomend, maar ‘verschijnende’ of ’tevoorschijnkomende’ verandering. – urgh, dat is geen verbetering. ‘Opkomend’ vind ik bovendien te zeer een positieve bijbetekenis hebben. Ten slotte denk ik dat mensen die de Engelstalige literatuur over organisatieverandering en/of het werk van Thijs Homan kennen, die Nederlandse woorden niet herkennen, en dat is ook een gemiste kans.

Daarom: toch maar emergerend, eventueel met toelichting. Of weet iemand iets beters? Dat hoor ik dan graag.

Enne: lastig kan het soms toch zijn, hè, schrijven/vertalen!

Geplaatst in schrijftips, Veranderen | Geef een reactie

‘So what?’ voor vrouwelijke sporters

Louise Cornelis Geplaatst op 10 februari 2015 door LHcornelis15 juni 2017  

In mijn favorieten-lijstje waar ik het gister ook over had, trof ik er nog eentje aan die ik had bewaard omdat ik er zo mooi mee kan illustreren waar mijn werk op neerkomt. Het is een tweet die in mijn Triathlon-twitter-kringen werd geretweet, afkomstig van van ‏@laurent_bannock. Die kondigt aan een “Overall take home message for female athletes with regards to nutritional considerations”, onder verwijzing naar deze slide*:

Slide met veel tekst

Wat mij betreft, staat die take home message er precies níet. Ik kan me niet voorstellen dat een vrouwelijke sporter de riedel eronder mee naar huis moet nemen namelijk. Ik denk dat ze zich afvraagt: ‘dus?’ (so what?).

Nou ben ik een vrouwelijke sporter, dus ik mag me dat zeker afvragen. Eigenlijk kom ik er niet uit, of althans, ik moet een beroep doen op wat ik weet, namelijk dat veel vrouwelijke sporters te weinig eten, vaak zelfs een eetprobleem hebben (ik niet hoor!). Dat kan ik relateren aan wat er staat, want dan is wat er staat argumentatie voor de boodschap ‘zorg dat je genoeg voedingsstoffen binnenkrijgt’. Haar vervolgvraag is ‘welke’ en dat gaat om eiwit, koolhydraten en micronutriënten, zoiets (met behoud van jargon overigens):

Make sure your diet contains all necessary nutrients:

• Protein: needed for for the building and repair of muscle tissue
• Carbohydrates: needed for muscle glycogen replacement
• Micronutrients: needed for…

– Bones (calcium, magnesium, vitamin D)
– Energy production (B vitamins)
– Red blood cell and haemoglobin synthesis (iron, folate, B12)
– Immune function (zinc, antioxidants, iron)

Frappante boodschaploze slide is het origineel, omdat het wel een take home message aankondigt – aankondigt, maar niet geeft. En dat zie ik best wel vaak gebeuren, zeker in het werk van deskundigen: de kennis staat er, maar de betekenis ervan voor ‘gewone’ mensen net niet. Schrijvers en presenteerders helpen die boodschappen wél te verwoorden, is de kern van mijn werk.

Overigens denk ik dat je dan nog niet veel bereikt tegen eetproblemen, maar dat is een andere kwestie.

————–

* Als je de slide op het plaatje slecht kunt lezen, dit staat er:

Overall take home message for female athletes with regards to nutritional considerations

Protein intake must be adequate for the building and repair of muscle tissues, while adequate carbohydrate intake is needed for muscle glycogen replacement. In addition, many of the micronutirents needed for bone (calsium, magnesium, vitamin D), energy production (B vitamins), red blood cell and haemoglobin synthesis (iron, folate, B12) and immune function (zinc, antioxidants, iron) must be present in the diet.

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Alweer een inspirerende NACV-meeting

Louise Cornelis Geplaatst op 6 februari 2015 door LHcornelis4 februari 2015  

Zoals ik eerder aankondigde, was ik vorige week naar de Expertmeeting van het NACV. Net als de vorige keer dat ik er was, twee jaar geleden, vond ik het een leuke en nuttige dag. Ik ervoer hem wel ook als heel anders, deels omdat het contrast tussen wetenschap en ‘de praktijk’ dan wel de karikatuur van dat laatste me nu niet is opgevallen, en deels omdat ik zelf wat deed (daar kom ik zo op terug).

Wat hetzelfde was, was dat ik sommige presentaties inspirerend en nuttig vond voor mijn eigen praktijk. Marjolein Bolster-Van der Werff & Thea Mepschen van de Hanzehogeschool beschreven bijvoorbeeld een intensieve schrijfdag waarvan ik dacht: ‘zo zou ik een training ook aan kunnen pakken’ en Jacky van den Dikkenberg van de HvA beschreef een leesvaardigheidstraining die me onmiddellijk op ideeën bracht voor een leestraining voor professionals. Alleen al daarom was de dag goud waard (en de moeite van de reis, want ik ‘strandde’ met de trein in Driebergen door een kabelbreuk en kwam uiteindelijk 45 minuten te laat).

Verder was ook de lezing van Jacqueline van Kruiningen en Femke Kramer van de RUG interessant. Die ging over ‘schrijven over schrijven’ door eerstejaars studenten, en wat daarin aan de orde kwam, was dat studeren op de universiteit natuurlijk óók een socialisatieproces betekent: je aanpassen aan hoe de dingen daar zoal gaan, inclusief schrijven.

Dat was meteen een bruggetje naar onze eigen discussie, over dat wij (Willy Francissen en ik) in de praktijk ervaren dat we een boel van dat aangeleerde gedrag weer moeten ‘afleren’: de praktijk stelt andere eisen aan schrijfvaardigheid dan de wetenschap, en veel professionals vereenzelvigen schrijven met die ene manier die ze tijdens hun studie hebben geleerd. Ik vond het een leuke discussie, we hebben de deelnemers duidelijk wel geprikkeld en aan het denken gezet, dus doel bereikt.

Wel had ik de indruk dat we een beetje preekten voor eigen parochie, of liever gezegd: dat we geen representatieve dwarsdoorsnede van universitair docenten in de groep hadden. Dat schrijven uit meer bestaat dan alleen volgens de academische conventies, daar was iedereen het wel mee eens. Maar wat daar precies de consequenties van moeten zijn, daarover was meer discussie. Bijvoorbeeld: als je studenten ook iets anders wilt laten schrijven, moet dat dan vanaf het begin, of wil je ze juist eerst aan de wetenschappelijke conventies laten wennen voordat je er iets naast zet? Daar zou wat ons betreft mee geëxperimenteerd moeten worden.

Aan het slot vatte Albert Pilot de dag samen. Hij was ook bij onze discussie geweest en vatte die samen als: wat als de studenten moeten weten dat er andere genres, contexten en lezers zijn, maar ondertussen de hele omgeving ‘framet’ richting die ene manier, de wetenschappelijke? Dat vond ik wel een mooie samenvatting, dus dat deed me deugd. En toen ging de terugreis gelukkig ook een stuk vlotter dan heen, dus ik kwam tevreden thuis.

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Waarom is geen hoe

Louise Cornelis Geplaatst op 4 februari 2015 door LHcornelis4 februari 2015  

Afgelopen zondag schoot ik tijdens het kijken naar Studio Sport in de lach. Na de samenvatting van de wedstrijd van FC Utrecht werd trainer Rob Alflen geïnterviewd, en die deed iets wat ik uit adviesrapporten ken: een waarom-vraag beantwoorden met vertellen hoe het zo gekomen was. In het (langere) filmpje op de website is het de passage die na 1 minuut begint.

De journalist vraagt aan Alflen waarom Alflen Kali toch had opgesteld – die had in de week ervoor een mede-speler een gebroken kaak geslagen. Alflens antwoord beschrijft hoe ze bij de club tot de beslissing zijn gekomen. Dat is geen antwoord op de vraag. De journalist doet nog een poging, en zodoende komt er later dan nog iets van argumentatie doorschemeren, maar makkelijk gaat dat niet.

De vraag ‘waarom’ beantwoorden met een beschrijving van een proces, dat zie ik ook wel in adviesrapporten. De onderbouwing van het advies is dan: ‘we hebben dit-en-dat uitgezocht en zus-en-zo op een rijtje gezet en dat zorgvuldig afgewogen en toen kwam dit advies eruit’. Dat is geen argumentatie voor het advies. Het wordt nog een klein beetje overtuigend als je alle afwegingen heel expliciet maakt, dus vooral goed uitlegt aan welke criteria de oplossing moest voldoen. Maar dan nog is het geen argumentatie.

Argumenten beginnen met omdat. Zo kun je gauw zien dat een procesbeschrijving dan niet de bedoeling is: ‘beste klant, u moet X doen, omdat we het zus-en-zo hebben aangepakt’. En dat is het hele eiereneten: een goed andviesrapport beantwoordt vragen van de klant, zet dus de klant centraal, niet het eigen proces.

Tenzij je natuurlijk niet zo graag het echte antwoord wil geven. Ik denk dat dat Rob Alflen parten speelde. Een speler die net zoiets heeft uitgevreten gewoon opstellen, dat is wel heel erg opportunistisch. Het is nog opportunistischer dat FC Utrecht Kali nu alsnog heeft geschorst. En dan noemen ze het een ‘inschattingsfout’. Tsja.

Geplaatst in Opvallend, Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

‘Concept’ nodigt uit tot commentaar

Louise Cornelis Geplaatst op 29 januari 2015 door LHcornelis29 januari 2015  

In de organisaties waar ik voor werk, moedig ik het gebruik van ‘halffabricaten’ van het schrijfproces aan: leg collega’s, je baas of zelfs je klant of andere beoogde lezer een structuur voor en/of de eerste versie van je tekst, om tijdig input te verzamelen en bij te kunnen sturen. Dat is een goed middel tegen de neiging die wij allemaal op school aangeleerd hebben gekregen, namelijk om schrijven te zien als eenzame onderneming die moet leiden tot een perfect eindproduct. Zo werkt schrijven in organisaties niet, en de neiging leidt tot verschillende problemen, onder andere vaak tot grote frustratie als de baas dat perfecte eindproduct helemaal niet zo perfect vindt, en zegt dat het helemaal anders had gemoeten.

Werken met halffabricaten gaat echter niet zonder slag of stoot. Meest gehoorde probleem is dat de input-gevers toch op dingen gaan letten die er nog helemaal niet toe doen. Vooral is dat dan het corrigeren van typ- en spelfouten en leestekens in de eerste versie van de tekst. Daar gaat het nog helemaal niet om dan, het gaat er in dat stadium alleen om of de goede inhoud op de goede plek staat. Juist het perfectioneren van de verzorging kost heel veel tijd, die verloren is als de tekst toch nog op zijn kop gaat. Ik hoorde laatst over een extreem geval van een leidinggevende die eerst alleen maar naar de komma’s keek, en als die goed waren pas naar de inhoud. Tsja, daar help je schrijvers echt niet mee.

Onlangs hoorde ik ook een nieuw probleem, namelijk dat input-gevers op basis van een eerste versie veel meer ter discussie stellen dan wanneer je hen een ‘affe’ tekst voorlegt, bijvoorbeeld ook de methode van onderzoek. Dat zou in dat stadium allang een gepasseerd station moeten zijn. Ik heb niet de tekst zelf gezien, het zou kunnen zijn dat er formuleringen zijn die dat soort commentaar oproepen. Los daarvan kwamen we erop uit dat het benoemen van een tekst als ‘concept’ misschien oproept dat alles nog ter discussie staat. Dat zou je framing kunnen noemen: de formulering (‘dit is nog maar een concept’) lokt een bepaalde manier van kijken en reageren uit.

Als schrijver kan je kijken of je bewust een ander frame kunt kiezen. Het lijkt mij verstandig om heel expliciet te maken wat je verwacht van de input-gever, en daarover tot een akkoord te komen. Ook denk ik dat het beter gaat als de input-gever ook al naar de opzet van de structuur gekeken heeft, want dat is het moment om echt nog te steggelen over de aanpak. Eenmaal daarmee akkoord, moet die niet daarna alsnog ter discussie staan.

En verder is goed samenwerken bij het schrijven iets wat je als organisatie ook simpelweg moet leren: schrijvers, maar ook degenen die hen input geven. En dat gaat niet zonder slag of stoot of zomaar in één keer goed. Er is sowieso geen enkel middel dat ervoor zorgt dat elk schrijfproces rimpelloos verloopt. Al is het alleen maar omdat er écht voortschrijdend inzicht kan zijn, op basis waarvan het in een laat stadium allemaal toch weer anders moet. Dat schrijven ‘eigenlijk’ probleemloos zou moeten zijn, is ook zo’n maf idee. Een beetje frustratie hoort erbij!

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Kwaliteitseisen van veeleisende klanten

Louise Cornelis Geplaatst op 14 januari 2015 door LHcornelis14 januari 2015  

Vorige week kreeg ik de vraag aan welke kwaliteitseisen een rapportage in de zakelijke dienstverlening tegenwoordig voldoen, dus wat maakt een rapport echt goed? Ik kreeg die vraag van iemand van een nieuw bedrijf dat zich nadrukkelijk op het hogere marktsegment richt. En daar hoort inderdaad natuurlijk uitmuntend rapporteren bij. Ik kan die kwaliteitseis met één woord omschrijven: maatwerk.

Ik hoor om me heen twee geluiden: enerzijds dat klanten in de zakelijke dienstverlening steeds veeleisender worden. Daardoor scheurt de markt in tweeën: het ene gedeelte gaat in de op de eis tot steeds goedkoper en wordt zo een prijsstunter; het andere gedeelte gaat in de op de eis tot hogere kwaliteit. In die laatste kringen moeten dienstverleners ‘raak’ schieten om competitieve acquisities te winnen. Want dat is het andere geluid: dat bedrijven acquisities verliezen omdat een andere partij beter in de gaten had waar het werkelijk om ging. Je kunt niet meer wegkomen met vertoon van kennis, je moet duidelijk maken dat jij als geen ander precies het probleem van de klant doorgrondt en op kunt lossen. Ga er maar aan staan!

Klanten accepteren geen pasklare standaard-oplossingen, ze willen dat hun dienstverlener betrokken is en er echt op gericht hen te helpen. Voor schrijven betekent dit dat ook elke tekst maatwerk is. Geen vaste sjablonen met kopjes waaronder ‘niet van toepassing’ staat, geen vaste tekstblokken die met wat knip- en plakwerk aan elkaar worden verbonden. Niet een oud rapport gebruiken en met zoek-en-vervang een nieuwe klantnaam erin zetten. Doe altijd eerst een grondige bezinning op hoe je de klant met deze tekst vooruit kan helpen. Vaak is het nodig om hem daarvoor nog wat beter te leren kennen. Investeer dus in het klantcontact. Praten is vaak de beste oplossing voor schrijfproblemen. Om in de metafoor te blijven: om maatwerk te leveren, moet je de maten secuur opnemen.

Iets concreter komt dat maatwerk dan vaak (maar niet altijd – er zijn geen standaard-aanpakken!) neer op een tekst die de échte vraag van de klant expliciteert, daar een helder antwoord op geeft, en dat antwoord dan verder uitwerkt al naar gelang de informatiebehoefte van de klant. Goed gedoseerd, dus niet te lang en niet te kort. In klare taal, dus zonder jargon, clichés of stijve schrijftaalzinnen. Netjes verzorgd. Tijdig afgeleverd op een voor de klant handige manier (papier versus digitaal, tekst versus presentatie, enzovoort). Soms met wat humor, soms met wat extra vriendelijke woorden. Maar soms dus ook juist helemaal anders!

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Filmpje kracht piramideprincipe

Louise Cornelis Geplaatst op 14 januari 2015 door LHcornelis14 januari 2015  

Op de website van de concullega’s van de Obermangroep (met wie ik overigens een vriendschappelijke relatie onderhoud) staat een geweldig filmpje dat laat zien wat de grote winst is van schrijven en presenteren volgens het piramideprincipe. Ik vind het zo leuk, ik ben er een beetje jaloers op!

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Met de helft inkorten?

Louise Cornelis Geplaatst op 9 januari 2015 door LHcornelis9 januari 2015  

Laatst kreeg ik de vraag hoe je een rapport met de helft kunt inkorten. Mijn gebruikelijke riedel van ‘het gaat niet om tekstlengte, het gaat om leesgemak, en als je zo structureert dat de lezer zelf zijn weg erdoorheen kan bepalen, mag de tekst best langer zijn’ had in dit geval niet zo veel zin: ik geloof daar zelf tegenwoordig toch iets minder in, omdat lezers toch gewoon graag korte teksten hebben en daar relatief meer van lezen. En de lezer heeft altijd gelijk, dat is mijn fundamentele uitgangspunt. Bovendien was het in dit geval de lezer zelf die een half zo korte tekst had geëist.

Met de stilistische kaasschaaf haal ik er meestal nog wel zo’n 10 à 20 procent af, maar geen 50. Dat kan niet zonder verlies aan inhoud. Er zijn drie mogelijkheden:

  1. De representatieve samenvatting, zoals hele lichtingen (inclusief ikzelf) die voor hun VWO-eindexamen Nederlands hebben gemaakt. Je handhaaft dan de hele structuur, en kort elk onderdeel even sterk in. Je houdt dus dezelfde tekst, maar dan beknopter. Je zou dit ‘van alles een beetje’ kunnen noemen.
  2. De hoofdlijnen-samenvatting. In piramidale termen laat je de lagere niveaus van de structuur weg. Je geeft dus alleen de hoofdlijn van de tekst, bijvoorbeeld alleen het niveau van de rode draad. Deze methode wordt ook wel voor managementsamenvattingen gebruikt. Dit is: ‘de hoofdlijn helemaal, de rest weglaten’.
  3. Toespitsen. Een tekst kan altijd korter als je preciezer weet wat je wilt zeggen. Oftewel: een tekst wordt langer als je er dingen in opneemt die niet strikt noodzakelijk zijn om die ene, welgemikte hoofdboodschap te ondersteunen. In het geval van de vraagsteller was dit zeker aan de hand: de tekst bevatte lange passages met hoofdstuktitels als ‘achtergrond’ en ‘overzicht’. Ik vond zelfs dat alleen het eerste hoofdstuk (van vier) nodig was voor de hoofdboodschap. De rest was meer vertoon van kennis (‘kijk eens wat ik ook nog weet over dit onderwerp’). Dat snap ik wel vanuit het schrijversstandpunt, maar als de lezer vraagt om maar 50 procent, dan weet ik wel welke onderdelen weg kunnen. En ja, dat doet zo’n schrijver ‘auw’. In piramidale termen beperk je je hier tot één tak van de structuur, of je ontwerpt een nieuwe, gerichtere piramide. En ik noem het: ‘met scherp schieten in plaats van met hagel’.

Mijn voorkeur schemert vast al wel door: optie 3. Die andere twee zijn geschikt als teaser: eigenlijk wil je dan dat de lezer om het hele verhaal gaat vragen. En dat is ook echt wat pesterig, vind ik. Geef dan de lezer maar het hele verhaal, en structureer dat zo goed en expliciet dat hij zelf kan bepalen of hij alles globaal wil lezen (komt neer op optie 1) of de hoofdlijn grondig en de rest overslaan (optie 2) – of alles, of nog een eigen, eigenzinnige keuze.

Anders gezegd, in de hagel-metafoor: als je toch niet raak kan of wil schieten, schiet dan maar royaal met hagel, dan vist de lezer er wel z’n eigen kogels uit. Maar raak schieten is beter.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Opschrijven wat ze willen

Louise Cornelis Geplaatst op 8 januari 2015 door LHcornelis8 januari 2015  

Laatst hoorde ik bij een overheids-instelling iemand zeggen ‘ik ben het wel niet eens met het advies, maar als dat is wat ze willen horen, schrijf ik het wel op.’ Het deed me denken aan soortgelijke verzuchtingen van schrijvende professionals bij de overheid. Bij een gemeente heb ik een keer een gesprek gehad waarna mijn indruk was dat de schrijvende professionals zich bijna als ghost writers gedroegen: notulisten van andermans mening. Die ander, die ‘ze’, dat is dan altijd een hoger geplaatste, iemand met politieke, bestuurlijke of leidinggevende verantwoordelijkheid.

Ik kom die houding in het bedrijfsleven nooit tegen. Ik vraag af wat het verschil uitmaakt. Is het de bureaucratische hiërarchie? Heeft de overheid een grotere variatie aan meningen in dienst, waar het bedrijfsleven meer uniformiteit recruteert en/of ‘kweekt’? Is (of lijkt) het speelveld in het bedrijfsleven eenduidiger?

In elk geval: ik vind het een onprettige en zelfs onethische houding. Ik snap het wel, hoor, daar niet van, maar je zal maar hoogopgeleide professional zijn met jarenlange expertise op je vakgebied, en dan moeten opschrijven wat ‘ze’ denken, ook al heb je goede redenen om het er niet mee eens te zijn. Ik zou dat niet uithouden ook, geef mij maar de obligation to dissent. Je zou het samen moeten uitvechten, is mijn mening. Daar kunnen beide partijen wat van leren, en het verhoogt de kwaliteit van het advies. Juist ook in de maatschappelijke context waar overheden in werken, waar jouw mening ongetwijfeld vaker voorkomt.

Maar voor dat soort discussies nemen ‘ze’ geen tijd, hoor ik dan. Of vragen de professionals die tijd niet?

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Blingbling

Louise Cornelis Geplaatst op 30 december 2014 door LHcornelis29 december 2014  

Ik wilde hier een plaatje laten zien van de wikkel van een relatie-tijdschrift dat ik laatst toegestuurd kreeg. Die is namelijk helemaal glimmend zilver, en ik vond dat niet kunnen: het is een echte dunne metaallaag, niet bepaald verantwoord – zo’n wikkel kan niet eens fatsoenlijk bij het oud papier, lijkt me. Maar nu lukt het dus ook niet om ‘m te scannen, daarvoor glimt die metaallaag te sterk – de scan wordt één zwart vlak van weerkaatst licht! Het is zelfs moeilijk om bij kunstlicht te lezen wat erop staat. Niet geslaagd, vind ik.

Ik wilde hem eigenlijk vooral scannen omdat ik de tekst erop vreemd vond. Er staat namelijk het volgende citaat op gedrukt:

Waar de ogen van de consument niet stoppen, gaan de voeten voort. De verpakking moet opvallen, beleving is de beslissende factor.

Die eerste zin, die kan volgens mij niet. Er moet in zo’n constructie met ‘waar….’een tegenstelling zitten. Wél kan ‘Waar de ogen van de consumenten stoppen, gaan de voeten voort’ of eventueel ook nog ‘Waar de ogen van de consument niet stoppen, doen de voeten dat wel’. Maar hier gaan de ogen én de voeten voort. En dat kan wat mij betreft niet.

Opvallen doe je zo wel, ja. Maar mijn beleving is ronduit negatief.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Het is niet zeker dat deze korte tip werkt
  • Intelligentie voor atleten?
  • Zware studiedag over schrijven met AI
  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (326)
  • Opvallend (563)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (905)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑