↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Leestijd: 3’44

Louise Cornelis Geplaatst op 19 juni 2015 door LHcornelis12 juni 2015  

Via het weblog Slidemagic kwam ik laatst terecht  bij een interessante presentatie op DocSend over succesvolle pitches aan investeerders door start-ups. Er ligt onderzoek aan ten grondslag onder andere naar het ‘deck’, dus de stand-alone papieren of digitale presentatie (neem ik aan). De gemiddelde investeerder kijkt daar 3 minuten en 44 seconden naar, en dat komt neer op 10 tot 25 seconden per pagina. Ik denk dat dat een stuk minder is dan de makers ervan verwachtten!

Ik moet zeggen dat ik wel nieuwsgierig ben naar hoe het onderzoek precies gedaan is, en ik ben het, net als Jan van Slidemagic, niet eens met sommige conclusies. ‘Meeste tijd naar kijken’ is niet per se ‘belangrijkste’ slide: een ingewikkelde slide lezen kost meer tijd. Ik weet ook niet of je kunt zeggen dat het goed is om het deck tot 20 pagina’s te beperken omdat de leestijd maar 3’44 is. Dat lijkt mij een omkering van oorzaak en gevolg bij dit onderzoek, waarin de gemiddelde lengte 19 pagina’s was. Misschien krijgt een dik deck wel meer tijd juist, en meer in het algemeen is de relatie tussen leestijd en lengte niet zo eenduidig.

Desalniettemin: interessante data. Die 3’44 ga ik onthouden!

Geplaatst in Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Leestip: twintiger

Louise Cornelis Geplaatst op 11 juni 2015 door LHcornelis4 juni 2015  

Vorige week was er weer een bijeenkomst van onze Tekstnet-intervisiegroep. We houden ons bezig met de vraag wat een tekst ‘goed’ maakt. Ter illustratie had Verena een link doorgestuurd die ik hier graag doorplaats, want ik vond die tekst inderdaad jaloersmakend goed geschreven – sowieso, maar helemaal gezien het feit dat het om een ’twintiger’ gaat: http://www.detwintiger.nl/werkloos/werken-bij-de-ns-dag/

En wat maakt die tekst goed? In elk geval het taalspel, met de lange zinnen (veel snelheid daardoor), de hoofdletters, zo’n vondst als één. voor. één. Daarnaast inhoudelijk:de mix van humor, eerlijkheid en herkenbaarheid, met rake typeringen die me plaatsvervangende jeuk geven, zoals die NS-professional met Prezi, die zie ik zó voor me, of het ‘individueel WELKOM! heten met exact dezelfde woorden’- urgh, ja!

Tamara de Reus verdient het om niet te lang werkloos te zijn dan wel bij de Hema te werken!

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Geredigeerd worden

Louise Cornelis Geplaatst op 5 juni 2015 door LHcornelis4 juni 2015  

Zoals hier al eerder vermeld, komt er een derde druk van Adviseren met perspectief. Een maand geleden heb ik de kopij ingeleverd bij de uitgeverij. Het proces gaat voortvarend: eerder deze week heb ik de geredigeerde versie daarvan gefiatteerd.

Mijn tekst was dus geredigeerd, en dat is altijd een gemengd genoegen. Er waren zeker een boel dingen verbeterd, van die correctheidskwesties die er bij mij makkelijk doorheen glippen omdat ik er net te weinig belang aan hecht (vraag-antwoord-dialoog of vraag-antwoorddialoog? ik neig naar de eerste, maar het is de laatste), ik heb nog wat dingen verduidelijkt, er kon nog wat worden ingekort, enzovoort.

Maar voor een deel ben ik te eigenwijs om iemand anders aan mijn tekst te laten zitten. Smaakkwesties wil ik op mijn manier. Ik zeg en schrijf lezergericht en niet lezersgericht, en de regel voor de tussen-s biedt vrijheid. Ik ben zelfs recalcitrant genoeg om niet in alles de officiële regels te willen volgen. Op alle gevallen van één die je als één uitspreekt, wil ik die accentjes, ook als ze volgens de officiële regel overbodig zouden zijn – want het zíen en niet uit de context hoeven afleiden helpt volgens mij lezers. En in mijn tekst geen typefout maar typfout, ook al is het Groene Boekje het daar niet mee eens (zie ook dit taaladvies).

Eén ding kostte me wat meer hoofdbrekens. De redacteur had een heel aantal gevallen van terugverwijzen naar dingen (boodschap, vraag, presentatie) veranderd van een persoonlijk voornaamwoord (hij, zij) naar een aanwijzend voornaamwoord (deze), bijvoorbeeld:

De hoofdboodschap wordt dus in de loop van het project steeds concreter. Ook anderszins kan deze zich sterk ontwikkelen.

Ik snap wel waar dat vandaan komt: boodschap is vrouwelijk, maar onze intuïties daarover zijn zo afgesleten dat met zij terugverwijzen toch een beetje gek is, en hij is fout. Maar deze is voor mijn taalgevoel ook fout, zelfs nog fouter dan hij. Deze kan voor mij alleen maar terugverwijzen naar andere grammaticale rollen dan het onderwerp – het verschil tussen deze twee zinnen:

Jan ging met Piet naar de bioscoop. Hij had de film nog niet gezien. (= Jan)
Jan ging met Piet naar de bioscoop. Deze had de film nog niet gezien. (= Piet)

Ik heb zo veel mogelijk het verwijsprobleem proberen te omzeilen, en een enkele keer toch gewoon hij gebruikt. Bij vraag mag dat sowieso, dat is mannelijk, en bij presentatie gaat zij dan weer moeiteloos, dat ervaar ik kennelijk nog wel als vrouwelijk. Lastige kwestie, hoor, in het Nederlands!

Maar… ondertussen wel op weg naar een mooie nieuwe druk!

Geplaatst in schrijftips, verschenen | Geef een reactie

Nog meer leuks in Tekstblad

Louise Cornelis Geplaatst op 6 mei 2015 door LHcornelis5 mei 2015  

In het nummer van Tekstblad waar ik zelf een artikel in had, staan nog meer interessante artikelen. Ik pik er twee uit:

  • Meteen na het mijne staat er een van Jos Pieterse over de rol van taal bij veranderingstrajecten. Dat is sowieso leuk, en er is duidelijk een bruggetje naar mijn artikel. Het mijne gaat over een verandertraject, althans, dat is mijn visie: dat beter schrijven in een organisatie een verandertraject is (of vergt). Ik beschrijf het weerbarstige daaraan, en Pieterses artikel roept dan ook de vraag op in hoeverre de taal daarbij een rol speelt. In mijn artikel gaat het daar een beetje over: tijdens het beschreven project kwam ik erachter dat ‘klantgericht’ en ‘lezergericht’ voor mij wellicht een positievere betekenis hebben dan voor mijn deelnemers.
  • In haar column beschrijft Xaviera Ringeling hoe deelnemers aan haar workshop over bloggen alleen maar geïnteresseerd zijn in de vlugge tips en trucs, niet in haar verhaal over ‘hard werken, veel schrijven, veel doen, veel lezen, nadenken over doelgroep en doel van je tekst’. Dat vind ik heel herkenbaar: ook ik zie wel glazige blikken als ik het heb over de inspanning en moeite van goed schrijven. Al merk ik ook wel eens het omgekeerde – vorige week nog. Toen zuchtte een deelnemer juist eens van grote opluchting: hij had altijd gedacht dat het aan hem lag dat schrijven hem zo veel moeite kostte!

 

 

Geplaatst in schrijftips, Veranderen | Geef een reactie

Flexibilisering – so what?

Louise Cornelis Geplaatst op 4 mei 2015 door LHcornelis4 mei 2015  

Deel columnIn de NRC van vorige week zaterdag staat een mooi voorbeeld van een controversiële so what: een als boodschap geformuleerde interpretatie van de data.

Randstad  hield een enquête over de flexibilisering van de arbeidsmarkt. Op de vraag ‘Hoe staat u tegenover een arbeidsmarkt met uitsluitend flexibele contracten?’ antwoordde tweederde van de respondenten negatief. Marike Stellinga, NRC-columniste, vindt dat een logisch antwoord: de meeste mensen hebben liever de zekerheid van een vast contract. Dat is dus haar interpretatie.

Maar Randstad concludeerde zorgelijk: ‘Nederland niet voorbereid op flexibele arbeidsmarkt van de toekomst’. Tsja, dat verrast mij ook. Maar het is inderdaad een mogelijke so what.

Twee dingen herken ik hierin van het formuleren van (hoofd-)boodschappen bij adviseren:

  1. Als je wilt dat je lezer een bepaalde conclusie trekt, moet je hem er luid en duidelijk in zetten, want jouw logica is zeker niet altijd die van de lezer. Zonder zo’n expliciete conclusie van Randstad waren Marike en ik niet op het idee gekomen dat dat zorgelijke de strekking is van de data.
  2. Een hoofdboodschap is controversieel: je steekt er je nek mee uit. Je lezer kan het ermee oneens zijn. Dat is omdat een goede hoofdboodschap de data overstijgt. Die interpretatie, die doe je zelf, die is niet per se objectief of neutraal. Je voegt er als het ware wat aan toe – in dit geval is Randstads belang duidelijk, en misschien is de kleuring dus wat te sterk. Maar zonder kleuring kan het niet!
Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

PROA: mooi hulpmiddel, maar schrijf liever piramidaal

Louise Cornelis Geplaatst op 1 mei 2015 door LHcornelis1 mei 2015  

Bij een van mijn huidige opdrachtgevers werken ze met PROA, een ‘krachtige en overtuigende adviesaanpak’ – althans, dat is de ondertitel van het boek erover dat ik maar eens gelezen heb, want ik was wel benieuwd. Ik kende het nog niet en ik hoorde dat het een model is voor adviserend schrijven.

Mijn indruk van Wat is nu eigenlijk het probleem is dat PROA dat laatste niet is: ik vind het geen geschrikt model voor adviserend schrijven. Het lijkt me wel een nuttig analysemodel dat adviseurs kan helpen om helder te krijgen wat precies het probleem is dat ze helpen op te lossen. PROA staat voor Probleem-Risico-Oorzaak-Advies en door die stappen bewust te zetten kun je als adviseur het eigenlijke probleem opsporen en oplossen en voorkom je dat je bijvoorbeeld aan symptoombestrijding doet.

Ik vind het dus inderdaad een krachtige adviesaanpak, maar geen schrijfrecept – terwijl het dat wel wil zijn. Ik kijk natuurlijk door een bril die sterk is beïnvloed door het piramideprincipe. Die opdrachtgever wil daarnaar overstappen en dat lijkt me terecht. Daar zijn twee redenen voor:

  • Het piramideprincipe zorgt voor grotere lezergerichtheid. Door te presenteren met het advies aan het eind (de A van PROA) duurt het lang voordat de lezer/klant het antwoord op zijn adviesvraag te horen krijgt. PROA houdt de klant aan het lijntje, op dezelfde manier als de methodologische, academische volgorde dat doet. Klanten roepen een adviseur in om een probleem op te lossen, dus voor de A, en een adviseur moet het PRO-werk goed doen, maar geef die klant eerst maar de A, zou ik zeggen – daar help je hem mee. Het piramideprincipe heeft daarom een sterke voorkeur voor ‘hoofdboodschap voorop’ (zie verder paragraaf 2.2 van Adviseren met perspectief over de voors en tegens van ‘hoofdboodschap voorop’).
  • Het piramideprincipe zorgt voor stevigere argumentatie voor het advies. Het advies als zodanig is in PROA niet onderbouwd en ik vind het daarom ook niet altijd zo overtuigend. Het moet logisch voortvloeien uit de O, maar die logica is niet zichtbaar. Ik zie dat in de teksten van die opdrachtgever, en ook een voorbeeld op p. 90 vind ik op dit punt onvoldoende overtuigend.
    Het voorbeeld in het boek gaat om een probleem in de managementinformatie, waarvan de oorzaak is dat ‘de controllers niet vaardig genoeg zijn om de informatie te analyseren’. En dan volgt het advies: ‘Wij adviseren om de controllers een training aan te bieden, waarin zij leren de financiële informatie te vertalen naar de wensen van het management’. Ik denk dan: hoezo een training? Enerzijds denk ik dat omdat het mijn eigen vakgebied betreft, waardoor ik weet dat trainingen vaak een doekje zijn voor elk bloeden in een organisatie, met een twijfelachtig rendement. Anderzijds denk ik dat omdat ik als lezer behoefte heb aan onderbouwing van dit advies. Samen komt dat erop neer dat ik behoefte heb aan argumentatie voor het advies. Zijn er bijvoorbeeld andere organisaties die met een training dit probleem doeltreffend hebben verholpen? Dat zou me helpen te overtuigen. Nu denk ik: verkoopt deze adviseur soms ook trainingen?
    Voor mijn gevoel start het overtuigen pas bij het geven van het advies, terwijl het er bij PROA eindigt. Dat is onbevredigend, en PROA lapt zo bovendien eeuwen nadenken over overtuigingskracht (de oude Grieken begonnen daar al mee) aan zijn laars. Het piramideprincipe begint daar juist: op het advies volgt een waarom-vraag, en zo werk je aan de onderbouwende argumentatie.

Neemt niet weg dat het goed kan zijn om een heldere analyse te maken van het probleem, alvorens een oplossing te bedenken. Veel oplossingen zijn immers voorbarig. Als je PROA ziet als stappen van een adviestraject, zou je voor de P, de R, de O en de A allevier een aparte piramide kunnen maken, die je op verschillende momenten bespreekt met de klant, zodat je de uitkomsten van de analysestappen gezamenlijk vaststelt. PROA is dus zeker een nuttig analysemiddel, maar schrijf en presenteer liever klantgericht dan analytisch.

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

En in de derde druk

Louise Cornelis Geplaatst op 17 april 2015 door LHcornelis17 april 2015  

Zoals ik hier al eerder meldde, komt er een derde druk van Adviseren met Perspectief. Ik heb daar sinds november aan gewerkt, en ik ben nu klaar. Binnenkort ga ik de spullen (tekst, figuren en webmaterialen voor de docentenhandleiding) inleveren bij de uitgeverij, en dan ben ik erg benieuwd wat zij ervan gaan maken qua redactie en vormgeving enzo. Ik ben over mijn deel in elk geval nu dik tevreden.

Ik had wel nog even wat uit te pluizen. Eén van mijn laatste proeflezers zei op een gegeven moment dat ze nogal wat taalfouten in het boek had aangetroffen. Nou ken ik mezelf, en het kan zeker zijn dat er nog slordigheden in staan – daarom ben ik blij met een redacteur. Maar taalfouten? Enerzijds weet ik wel dat dat echt zal meevallen, en toch schrik ik op zo’n moment.

Het duurde nog even voor ik haar detail-commentaar kreeg, dus ik vond het toch een beetje spannend. Wat bleek? Die taalfouten betroffen vooral gevallen van en na een punt of komma, en aanverwante ‘fouten’. Dat zijn wat mij betreft geen fouten. En (!) ik sta daarin niet alleen: de Taalunie noemt het verbod op en na een komma een ‘oude schoolregel’.

Diezelfde Taalunie vindt en aan het begin van de zin wat minder geschikt voor ‘zakelijke schrijftaal’ en dat illustreert meteen het punt dat ik met die ‘fouten’ wil maken: schrijftaal mag van mij stukken informeler dat wat ik gemiddeld zie. Van vele (proef-)lezers van Adviseren met Perspectief heb ik in de loop der jaren gehoord dat ze het boek prettig leesbaar vinden, omdat het is alsof ze me erin horen praten. En (!) dat zit hem dus ook in de en-nen.

Geplaatst in schrijftips, verschenen | Geef een reactie

Nog een moeizaam begin

Louise Cornelis Geplaatst op 15 april 2015 door LHcornelis9 april 2015  

Laatst schreef ik over een moeizaam begin van een artikel in Opzij, dat te maken had met verwarring over wie de hoofdrolspeler was en wat daarover gezegd werd. Frappant: ik kwam net opnieuw zoiets tegen! In een heel ander blad: Voetbal International. Het gaat om de rubriek Balverliefd in het huidige nummer (8 april); de kop luidt ‘Verknocht aan kerk en Kuip’. Dit is het begin, namelijk de lead en de eerste alinea:

In Balverliefd elke week aandacht voor de gang van zaken achter de schermen van het voetbal en opvallende gebeurtenissen aan de rand van het veld. Deze week over Ed de Kever, pastoraal medewerker en fanatiek Feyenoord-fan.

De dokters hadden het tegen Diny de Kever gezegd: ‘Laat uw zoon maar veel over Feyenoord praten, dat is goed voor hem.’ En dus is de vermoedelijk kwiekste negentigjarige van Nederland blij met het bezoek van VI aan het Rotterdamse revalidatiecentrum Rijndam. Sinds een paar maanden is dat de thuisbasis van Ed, haar zoon die op 18 januari werd getroffen door een zware herseninfarct. Hij was op dat moment net bij zijn ouders, na zoals zo vaak een hele dag op Varkenoord te hebben doorgebracht.

Dat kostte me toch ook weer echt even puzzelen. Wie is de ‘vermoedelijk kwiekste negentigjarige’? En is een negentigjarige pastoraal medewerker? Oh, wacht, het gaat om de móeder, en die heeft dus géén herseninfarct gehad, maar haar zoon wel, en dat is dus die Ed uit de lead, en die is pastoraal medewerker en Feyenoord-fan. Ook de andere lezer die ik het vroeg, moest puzzelen.

Want ik ging even twijfelen aan mezelf, omdat het zo leek op dat vorige voorbeeld, en dus dacht ik: misschien is dit wel gebruikelijker dan ik weet, en snappen andere lezers het wel. Maar niet dus. Met ‘dit’ bedoel ik dan: aan artikel waarin persoon X centraal staat beginnen vanuit het perspectief van persoon Y. In dit geval gaat het artikel over Ed, maar het begint vanuit het perspectief van zijn moeder. En net als bij het vorige geval speelt de inhoud een deuntje mee: het is logischer dat een 90-jarige een herseninfarct krijgt dan haar zoon.

Iets beter dan bij het Opzij-voorbeeld zie ik hier dat het een schrijf- en redigeerkwestie is:

  • Schrijf: Ik denk dat de schrijver te zeer zijn eigen ervaringen chronologisch heeft verteld – hij is waarschijnlijk eerst tegen ma aangelopen, misschien is de afspraak wel via haar tot stand gekomen. En dus begint hij te vertellen over haar, ook al is dat voor een lezer niet logisch.
  • Redigeer: Het begin van het artikel was misschien te redden geweest zonder die lead, die grotendeels standaard is voor de rubriek: de eerste zin en het aankondigende ‘deze week over’ staat er elke week. Daardoor presenteert de lead Ed nadrukkelijk als hoofdpersoon, en dat maakt het begin over iemand anders extra verwarrend.

Frappant, twee keer zo’n zelfde begin-puzzel in een artikel. Dus, ik herhaal: maak het je lezer makkelijk, vooral aan het begin!

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Reflectieve leerstijl waardeert e-learning minder

Louise Cornelis Geplaatst op 9 april 2015 door LHcornelis9 april 2015  

Afgelopen dinsdag heb ik met mijn Leidse studenten een mini-experimentje uitgevoerd – ik geef daar weer een paar weken college over communicatie-onderzoek. De vraag was of er een relatie is tussen leerstijl en waardering van e-learning. Ik ben namelijk al een tijdje aan het uitzoeken of ik tijd zal gaan stoppen in het ontwikkelen van een e-learning als aanvulling op mijn trainingen en/of Adviseren met Perspectief, samen met Kriton (zie ook learning.nl). Ik zie het nut er wel van in, maar tot nu toe heb ik nog maar weinig mensen gesproken die enthousiast zijn over e-learning.

Dinsdag stond een artikel op het college-programma over de relatie tussen leerstijl en schrijf-e-learning. Mijn vraag sloot dus mooi aan en bood de studenten de gelegenheid even aan een e-learning te snuffelen.

Wat bleek? Mijn verwachting (‘hypothese’) kwam uit: de groep studenten met een reflectieve leerstijl (dromers en denkers) waardeerde de e-learning lager dan die met een actieve leerstijl (doeners en beslissers): rapportcijfer 6,5 om 7,5. Dat had ik verwacht omdat een computerprogramma nogal gericht is op handelen, en het bijvoorbeeld vervelend is om van beeldscherm te lezen als je behoefte hebt aan theoretische reflectie. Dat zeiden de reflectieven dan ook: we willen er liever een boek bij (ga ik onthouden – Adviseren met Perspectief ernaast dus!).

Ik had het bovendien verwacht vanwege de opzet van het experimentje: ik gooide de studenten er nogal voor. Dat past beter bij een actieve leerstijl, en inderdaad: die groep vond het wel leuk om een beetje te ‘spelen’ met het programma. Vandaar: helemaal geen wetenschappelijke pretentie bij dit onderzoekje. Grote beperking was ook de ongelijke verdeling van de studenten over de twee groepen: net als in eerdere jaren had de overgrote meerderheid van de studenten een reflectieve leerstijl. Dat is een conclusie die ik na vier jaar wel durf te trekken: van de Leidse studenten Nederlands en Taalwetenschap die het vak ‘methoden communicatie-onderzoek’ volgen, heeft een grote meerderheid (ongeveer driekwart) een reflectieve leerstijl.

En ikzelf? Ik ben een beslisser – actieve leerstijl. Ik speel ook wel graag met zo’n programma. Maar lezen doe ik ook liever van papier.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Bied meer dan een antwoord op de historische vraag

Louise Cornelis Geplaatst op 9 april 2015 door LHcornelis9 april 2015  

Een tekst geeft een antwoord op een vraag. Die vraag, die heet ook wel de centrale vraag. Als je schrijft volgens het piramideprincipe, geeft de hoofdboodschap in één keer kernachtig antwoord op die centrale vraag, en de rest van de tekst werkt dat antwoord verder uit. Als je gaat schrijven, bepaal je vraag en antwoord in samenhang met elkaar, zo dat je de lezer het meest vooruit helpt.

Bij veel zakelijk schrijven speelt ook nog een andere vraag een rol, of meerdere zelfs: de onderzoeksvraag of -vragen. De opdrachtgever stelt aan het begin van het project een vraag, en vaak leidt de onderzoeker daarvan subvragen af om richting te geven aan het onderzoek. Soms, nee, váák, sluit de meest saillante hoofdboodschap daar niet op aan. Dat is een kwestie van voortschrijdend inzicht, of van pas weten wat de vraag ‘eigenlijk’ had moeten zijn als je weet wat het antwoord is – typerend voor adviseren.

Wat dan? Want je moet die historische vra(a)g(en) toch ook beantwoorden? Ja en nee:

  • Ja: in een piramidale tekst komen de antwoorden op de onderzoeksvragen terecht in de onderbouwing van de hoofdboodschap, dus ergens in de piramide, ergens in de tekst, maar niet noodzakelijkerwijs in de historische vorm of volgorde.
  • Nee: je bent als schrijver niet gebonden aan de historische vraag – het is geen proefwerk. zo lang je maar meer doet, voor de lezer/opdrachtgever: meer waarde toevoegen, hem verder helpen, zinvoller en nuttiger zijn. Het belang van de lezer/opdrachtgever op het moment van schrijven ‘overrulet’ de historische vraag. Als je gaat schrijven, bepaal je dus overnieuw welke vraag je tekst beantwoordt.

Een voorbeeld. In een organisatie gaat er op beleidsterrein X iets mis. De managers zijn daar verantwoordelijk voor. De hoogste baas huurt ene adviseur in voor een onderzoek naar het misgaan van X. De vraag die ze samen bepalen is: ‘Wat zijn de knelpunten voor het uitvoeren van X?’ De adviseur gaat aan de slag door vijf managers te interviewen (A, B, C, D en E). Die rapporteren in totaal zes knelpunten, zoals in de tabel.

Tabel met resultaten onderzoek; knelpunt 3 sprint eruit

Een keurig antwoord op de historische vraag is een opsomming van 1 t/m 6, of eventueel 3-1-2-4-5-6, op volgorde van belang. Maar je helpt de organisatie er meer mee als je hoofdboodschap luidt ‘Los knelpunt 3 op’ – althans, als dat oplosbaar is; die hoofdboodschap heeft minstens twee onderbouwende argumenten nodig: ‘het komt uit de interviews naar voren als veruit het belangrijkste knelpunt’ en ‘het is oplosbaar’.

Maar ‘los knelpunt 3 op’ is geen antwoord op de vraag ‘wat zijn de knelpunten?’ Nou, wat let je dan om de centrale vraag van de tekst aan te passen tot iets als ‘hoe zorgen we ervoor dat X verbetert?’ Ergens in de inleiding of in de bijlage met de methode van onderzoek kun je de historische vraag wel noemen, en als onderbouwing van het eerste argument noem je de andere knelpunten ook. De baas krijgt dus ook een antwoord op die ooit gestelde vraag – maar hij krijgt meer. En wat mij betreft is dat altijd de moeite waard.

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Het is niet zeker dat deze korte tip werkt
  • Intelligentie voor atleten?
  • Zware studiedag over schrijven met AI
  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (326)
  • Opvallend (563)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (905)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑