↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: schrijftips

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Veel links

Louise Cornelis Geplaatst op 31 oktober 2018 door LHcornelis30 oktober 2018  

Een grote oogst aan links dit keer! Met dank aan twitter en de blogs en nieuwsbrieven die ik volg.

Over schrijven

  • Goeie tip van Kiezel Communicatie: mail maar over één onderwerp tegelijk. 
  • Een fraai stuk uit de New York Times over dat de grootste experts niet bepaald de beste leermeesters zijn – en ook niet de beste schrijvers.
  • Een troostrijke column uit Het Parool voor iedereen die bang is taalfouten te maken, en daardoor niet lekker schrijft.
  • Het is altijd goed om kritisch te zijn op ‘lege’ woorden. Maar helemaal betekenisloos is eigenlijk geen enkel woord. Ook eigenlijk niet, betoogt deze blogpost (eigenlijk persbericht). 
  • Ook van neerlandistiek.nl: Henk Wolf fileert een zogenaamd ‘eenvoudige’ herschrijving van een column van Sheila Sitalsing. Herkenbaar, hoor!
  • Even scrollen, naar het tweede gedeelte van deze nieuwsbrief, over hoe belangrijk het is om dingen weg te laten. In coachen, en in schrijven, ja.  En ja, dat zijn die van Peak Performance weer!
  • Tot slot nog een ouwetje (mei 2017) dat ik laatst aan iemand doorstuurde en toen kwam ik erachter dat ik hem hier nooit heb vermeld: nieuwsbericht over dat vriendelijkere incassobrieven meer opleveren.

Over spreken en presenteren, ook over angst, maar dan voor spreken in het openbaar. Omdat dat zo eng is, willen sommige scholieren in de VS het niet meer hoeven doen. Wat mij betreft precies het foute plan – leer maar ’to feel the fear and do it anyway’. Juist vaker presenteren dus! Zie ook de reactie van de schrijvers van Peak performance erop: embrace, don’t avoid, discomfort (even scrollen).

Over presenteren, zoals bijna altijd weer de highlights van SlideMagic:

  • wat te doen met de samenvattingspagina in een presentatie? 
  • de noodzaak altijd een ander naar je presentatie (of tekst) te laten kijken
  • de relatie tussen businessplan en presentatie: alsof er een voice-over bijkomt
  • zijn PowerPointpresentaties echt zo weinig subtiel dat ze ‘dumb down’ het publiek?

Over overtuigen en beïnvloeden:

  • Hoe overtuig je iemand anders eigenlijk, vroegen de collega’s van Clarity College zich af. Ze lazen er een boek over waarin staat dat dat zeker niet alleen met feiten gebeurt. In hun blogpost geven ze een idee van waarmee dan wel.
  • Twee interessante dingen over gedragsbeïnvloeding: dat nudges ook niet het antwoord op alles zijn (omdat je soms juist wil dat het gedrag niet automatisch verandert, maar juist bewust), en er verscheen een instructie van de Rijksoverheid voor beïnvloeden in brieven en mails.  

En de rest:

  • Twee dingen die ik waardeer zijn digitaler geworden: je kunt The Artist’s Way online doen en er is een app van The Pyramid Principle (via App Store en Google Play), al is dat niet meer dan een samenvatting van Minto’s boek en daarvoor dus wel erg duur. 
  • Over Minto gesproken: hier weer eens iemand aan het woord die veel heeft aan het piramideprincipe.  Het is een vrij lang verhaal, dat over het piramideprincipe zit in het derde stuk, over executive summaries. 
  • Dan was er een heleboel te doen in mijn vakgebied vanwege de sterke terugloop van het aantal studenten Nederlands. Ik pik er twee dingen uit: ik vond dit wel een mooi stuk over wat een Neerlandicus eigenlijk toevoegt aan de wereld, en Fokke en Sukke waren raak, zeker als je weet dat deze cartoon verscheen tussen twee oraties in de Neerlandistiek in, én dat twee van hun eigen makers Nederlands hebben gestudeerd (Geleijnse en Van Tol). 
Geplaatst in Leestips, Opvallend, Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Het nut van suffe vragen

Louise Cornelis Geplaatst op 24 oktober 2018 door LHcornelis24 oktober 2018  

De afgelopen weken heb ik een paar keer ondervonden hoe belangrijk het is om te structureren aan de hand van heel gewone, bijna suffe vragen. Het verband tussen de niveaus van een piramidale structuur bestaat van boven naar beneden uit simpele waarom- en hoe-vragen (met wat varianten) en van onder naar boven uit ‘wat betekent dat?’ oftewel ‘so what?’ Steeds maar die vraag stellen, en dan net zo lang totdat daar een bevredigend antwoord op komt, dat is de grote kunst van goed structureren. 

Waarom bewees zijn nut vooral als de structuur eigenlijk een analytische was, bijvoorbeeld een berekening. Een sommetje is geen verhaal, en al gauw veel te ingewikkeld voor een lezer om te kunnen volgen. Om er wél een verhaal van te maken, ontrafel je de som in z’n saillante onderdelen.

In het meest veelzeggende geval ging het erom hoe veel studenten er jaarlijks tot een bepaalde opleiding toegelaten moesten worden. Nou, hadden die adviseurs uitgerekend: A+B+C-D=X. Hoofdboodschap X, vier hoofdstukken over A, B, C en D. Ja, dat is wel vagelijk piramidaal, maar ik snapte er toch niet zo veel van De redenatie bleek te zijn:

je moet er X toelaten
<waarom>
omdat de vraag naar afgestudeerden stijgt en je er nog meer moet toelaten omdat niet iedereen de opleiding afmaakt’.
Vervolgvraag over de eerste tak: waarom stijgt de vraag? Omdat vergrijzing leidt tot meer gepensioneerden en de ‘afzetmarkt’ sowieso groeit, al gaan er ook weer vanaf door automatisering.

Aha. Nou kan ik het volgen! Zo is het van een som een verhaal geworden. Door die simpele vraag dus, en door dan de structuur op te bouwen als zo gewoon mogelijke vraag-antwoord-dialoog, alsof je het de lezer mondeling uitlegt. ‘Op z’n janboerefluitjes’ maakten we ervan. En voor de discipline alle antwoorden beginnen met omdat. 

So what heb ik nogal eens moeten vragen om een hoofdboodschap op te sporen. Als er in plaats daarvan alleen maar een onderwerp stond (‘Plan van aanpak verbetering X’ – dat vergeleek ik dan met ‘Uitslagen voetbal’ –> dus? ‘Feyenoord heeft gewonnen’ Aha!), of als de hoofdboodschap te zeer alleen maar een algemene beschrijving was (‘Volgende maand gaat project X van start’ in een memo voor een managementteam –> dus? ‘We hebben jullie steun nodig’ – aha, nouja, nog wat vaag, maar gaat de goede kant op).

De vragen zijn eigenlijk maar een trucje. Waar het om gaat, is dat schrijven eigenlijk doodgewone communicatie is. Dat je echt iets zégt tegen je lezer, iets uitlegt, hem/haar ergens van wil overtuigen. Schrijven ligt best dicht tegen praten aan! 

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Dwangmatig schrijven, fraai samengevat

Louise Cornelis Geplaatst op 22 oktober 2018 door LHcornelis22 oktober 2018 1

Cover You are not a rockSinds ik vorig jaar in de zomer het boek Peak Performance leerde kennen, volg ik beide auteurs op Twitter en via hun nieuwsbrief. Dat is al een paar keer zeer de moeite waard geweest, zowel voor mijn tekst- en schrijfwerkzaamheden als voor die in de sport. Vandaar dat ik onlangs hun boekentip opvolgde en You are not a rock. A Step-by-Step Guide to Better Menta Health (for Humans) van Mark Freeman las, volgens Stulberg het beste boek over mentale gezondheid.

Ik vond het inderdaad een goed boek, waarin ik veel herkende van de ACT, waarin ik zelf ook een opleiding heb gevolgd en enthousiast over ben. Alleen al de titel is gaaf. Die loopt als een rode draad door het hele boek: minder willen voelen, minder narigheid willen voelen natuurlijk vooral, is niet ‘des mensen’, want dan wil je dus eigenlijk een rots zijn, want rotsen voelen niks. Waar het om gaat is het inzicht dat de narigheid in je hoofd zit,  en dat je je er dus niets van hoeft aan te treken om je leven te leven volgens je eigen waarden. Dat is de mini-samenvatting.

Voor schrijven pik ik er twee dingen uit. Ten eerste: neurotisch schrijfgedrag. Het boek gaat veel over obsessief, dwangmatig gedrag (‘compulsions’), en daarvan geeft Freeman af en toe schrijven als voorbeeld. Het gaat dan vooral om eindeloos je mails herschrijven of – na versturen – herlezen uit angst dat er misschien een fout in staat, en daar dus een heleboel tijd aan verliezen en bepaald niet gelukkiger van worden. 

Het is in mijn vakgebied onderbelicht – schrijfprocesonderzoek vindt vooral plaats onder op dat gebied gezonde mensen, vaak zelfs onder goede schrijvers (zoals het klassieke onderzoek van Flower & Hayes). Dat schrijfgedrag af en toe ontspoort, daarover praten maar weinig mensen.  Maar ik heb er in de loop der jaren wel wat van gezien of gehoord.  Een paar voorbeelden:

  • Ik heb vanaf de zijlijn acht jaar lang af en toe meegekeken met iemand die een boek aan het schrijven was, en die in die acht jaar bijna alleen maar met de structuur bezig is geweest. Tot wel drie decimalen nauwkeurig. Het was nog niet af. Elke nieuwe gedachte leidde weer tot een nieuwe structuur, die hij elke keer tot in de puntjes door-uitwerkte. Maar aan echt schrijven, in de zin van tekst produceren, kwam hij nauwelijks toe. 
  • Ik heb een verhaal gehoord over iemand die een groot deel van de werkweek voor zijn vakantie bezig was met het schrijven van een simpele overdrachtsmail van een handvol alinea’s, aan een paar mensen die hij goed kent en in die week elke dag zag.  
  • Van mijn tijd in de wetenschap herinner ik me een paar ‘gevallen’ van proefschriften die nooit af kwamen, althans, die tientallen jaren ‘bijna af’ waren. De schrijver was daar eindeloos aan aan het bijschaven en -poetsen. In één geval herinner ik me dat de schrijver zelf in elk geval wel in de gaten had dat het was uit angst om het boek de grote, boze buitenwereld in te sturen. Zo lang het niet af is, kan het niet falen in de ogen van die buitenwereld.

In mijn trainingen gaat het wel over het schrijfproces en minder efficiënte aanpak ervan, maar nooit over ontsporend schrijfgedrag. Ik weet ook niet of deelnemers ervoor uit zouden durven komen. Maar ik ga er wel eens op letten, of ik er sporen van zie. In elk geval is het voor sommige schrijvers nodig om het belang van correcte afwerking te relativeren.

Dan het tweede punt, over de vorm.  Het boek eindigt met een slothoofdstuk met samenvatting. In die samenvatting zijn sommige stukjes zin vet gedrukt, en die corresponderen precies met de hoofdstukken van het boek: in hun formulering en in de volgorde. Dat vind ik een knappe manier om in een samenvatting de relatie met het grotere geheel en tussen de delen van dat geheel duidelijk te maken. De stukjes vet zijn net zichtbaar op deze scan:

Tekst met wat vet

 

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | 1 reactie

‘En’ in opsommingen

Louise Cornelis Geplaatst op 15 oktober 2018 door LHcornelis18 oktober 2018 2

Ik heb niets tegen het woord en, en (waarvan acte dus) toch is het vóórkomen ervan voor mij vaak reden voor commentaar of een redactieslag. Bijvoorbeeld als het voorkomt in een bullet-opsomming. Een voorbeeld daarvan trof ik deze week aan tussen een tijdschrift ofzoiets, het ging om een kaartje van de Brandwondenstichting (onee, Brandwonden Stichting, oef). Daarin een uitdrukbaar pasje met ‘Eerste Hulp bij Brandwonden’ (‘Vastgesteld door Brandwondenzorg Nederland’, hé, niet Brandwonden Zorg?). Dit zijn de eerste drie punten:

  1. Koel de brandwond 10 min. met lauw zacht stromend leidingwater en verwijder zo snel mogelijk kleding, sieraden en luier! 

  2. Voorkom dat het lichaam te veel afkoelt. Koel alleen de wond! 

  3. Bedek na het koelen de wond met plastic huishoudfolie, steriel verband of een schone doek.

Het problematische geval van en zit in het eerste punt. Dan zijn het toch twee punten? Hadden het niet twee aparte punten moeten zijn? In welke volgorde dan, als het chronologisch is (wat vooral uit punt 3 blijkt)? Moet je die kleren niet eerst uittrekken? Of als het tegelijk moet, waarom staat er dan niet iets met ondertussen of terwijl? Waarom dus staan die twee dingen door en verbonden in één punt, terwijl punt 2 ook tegelijk met punt 1 is?

Bij punt 3 blijkt er een chronologie in de opsomming te komen – dan snap ik dus ook niet wat de logica is in de opsomming. Daar is wel meer onduidelijk in. Bij punt 6 gaat het bijvoorbeeld over het waarschuwen van een arts ‘bij blaren, een open wond en bij elektrisch/chemisch letsel’ – maar moet je die dan wel ook eerst koelen? 

Waarschijnlijk zat de logica in de samenhang tussen die twee helften van punt 1 en in de rest van de opsomming wel in het hoofd van de schrijver, maar is die niet op papier te zien. Ik kan wel een gok wagen: dat je lauw zacht stromend water moet gebruiken is mogelijk het belangrijkste punt dat ze naar voren willen brengen – een pleidooi tegen koud water mogelijk. Dus daar wilden ze mee beginnen, en toen moesten ze die kleren ook nog ergens kwijt. Als dat zo is, was de oplossing geweest om iets anders te doen dan een opsomming van zeven gelijkwaardige punten.

Met bullets of nummers ziet iets er al gauw heel geordend uit. Maar het moet wel kloppen. En moet op z’n minst een signaal zijn om te checken of je logica klopt en expliciet genoeg is.

Geplaatst in schrijftips | 2 reacties

Projectvoorstellen: van kenmerken naar voordelen

Louise Cornelis Geplaatst op 12 oktober 2018 door LHcornelis11 oktober 2018  

Ik had laatst een overleg bij een opdrachtgever in de zakelijke dienstverlening die bezig is met het verbeteren van de projectvoorstellen. Ze hebben onder andere daarom het piramideprincipe geïntroduceerd, want er moet meer ‘kern’ (hoofdboodschap) in de teksten komen. Maar ook nog iets anders, en ik had steeds een beetje moeite met onder woorden brengen wat dat was. 

In de aanloop naar het overleg pakte ik het boek over voorstellen erbij: Projectvoorstellen en offertes die scoren tweedehands verkrijgbaar van Mariët Hermans. Uit 2004 alweer, en alleen nog maar – jammer, want het is hartstikke goed. Dat bleek maar weer, want daarin stond precies verwoord waar ik naar zocht.

Waar het om gaat bij het offreren in de zakelijke dienstverlening is dat je de kenmerken van de dienstverlening en van je organisatie vertaalt naar voordelen voor de klant. Op p. 44/45 van het boek staan een aantal mogelijke sterke punten van een organisatieadviesbureau opgesomd, met daarachter wat het voordeel daarvan is voor de klant. Een paar voorbeelden die mijn opdrachtgever herkenbaar vond:

Kenmerk: Ruim 70 jaar ervaring.
Voordeel: Stabiel bedrijf, continuïteit gewaarborgd, bewezen kwaliteit. Uw probleem in ervaren handen.

Kenmerk: Multidisciplinair.
Voordeel: Uw probleem wordt opgelost vanuit meerdere invalshoeken. Eén aanspreekpunt, bespaart tijd en geld.

Kenmerk: Alle adviseurs hebben een hoog opleidingsniveau.
Voordeel: U krijgt goede gesprekspartners die met u meedenken. Uw probleem komt in deskundige handen.

Ik moest ook nog denken aan het nogal plastische voorbeeld dat ik lang geleden eens hoorde in een lezing op een dag voor zelfstandigen: als je boren verkoopt (kenmerk), lever je gaten – dat is wat je klanten willen.

Waar het dus om gaat, is niet opsommen waar je allemaal zo goed in bent, maar die sterke punten verwoorden in termen van voordelen voor de klant. Er zijn drie heel duidelijke relaties met goed schrijven, de eerste twee piramidaal, de derde stilistisch:

  • Het voordeel voor de klant is ook het antwoord op de ‘so what’-vraag. ‘Wij hebben ruim 70 jaar ervaring’. Ja, dus? Nou en? So what? ‘Uw probleem komt in ervaren handen’. Aha!
  • Het kenmerk vormt een onderbouwing van het voordeel: ‘U krijgt goede gesprekspartners die met u meedenken, want al onze adviseurs zijn hoog opgeleid’.  
  • Als een voorstel veel we bevat, duidt dat op te veel beschrijven van kenmerken (‘wij werken multidisciplinair’) in plaats van voordelen (‘u bespaart tijd en geld, want u heeft één aanspreekpunt terwijl uw probleem wordt opgelost vanuit meerdere invalshoeken’).

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Structuur aankondigen ≠ inhoud beschrijven

Louise Cornelis Geplaatst op 8 oktober 2018 door LHcornelis5 oktober 2018  

De afgelopen tijd kwam in mijn trainingen regelmatig het onderwerp ‘aankondigen van de structuur’ aan de orde. Als je schrijft volgens het piramideprincipe, kun je dat in één simpele zin doen. Na de  hoofdboodschap volgt  bijvoorbeeld iets als

Daarvoor zijn drie redenen, die in de drie hoofdstukken uiteengezet zullen worden.

Dat ondervangt de lange en in mijn ogen zinloze beschrijving van de inhoud:

In hoofdstuk 1 zullen we zien dat… In hoofdstuk 3 komt… aan de orde en daarna zullen we dus in hoofdstuk 4 zien hoe… Hoofdstuk 5 gaat daarna in op…

Daar heeft een lezer geen houvast aan, dat kan-ie toch niet allemaal onthouden. Ik heb dus nog nooit een lezer daar enthousiast over gehoord. Ook al zie je ze heel vaak, en de laatste tijd  hoorde ik een paar mensen zeggen dat ze zoiets verplicht in hun scriptie moesten opnemen (waarop ik zei dat het academisch onderwijs wel meer slechte schrijfgewoontes aankweekt…).

Het zat nog in mijn hoofd om weer eens een blogpost te schrijven over de structuur aankondigen, dus schoot ik net in de lach toen ik een wel heel ingewikkelde beschrijving van de inhoud tegenkwam. Een hoofdstuk van een voorstel opent direct na de hoofdstuktitel met iets als:

We gebruiken vijf indelingsprincipes. Die passen we toe per sector. De vraag hebben we ingedeeld naar drie thema’s: X, Y en Z. De analyse daarvan structureren we aan de hand van drie criteria: A, B en C. 

Bent u er nog, bij deze vierdimensionale opsplitsing?

Toen volgde de eerste paragraaf, en die luidde ‘definities’. Huh? De vijfde dimensie?

Pas toen ik beter ging kijken, zag ik dat die eerste zinnen een soort mini-samenvatting van de inhoud van het hoofdstuk waren en dus wel degelijk de rode draad expliciteren. Althans, gedeeltelijk: de sectoren komen niet nader aan de orde, die zijn waarschijnlijk bekend bij de lezer. De indelingsprincipes, thema’s en criteria volgen in de paragrafen 2, 3 en 4. Definities banjert daar in z’n eentje dwars doorheen.

Als je het lezers moeilijk wilt maken, moet je het zo doen! 

Mijn idee voor een herschrijving:

Je kunt vanuit drie invalshoeken naar dit probleem kijken. In de paragrafen na ‘definities’ bespreken we die.

Nog niet de schoonheidsprijs, maar beter dan dit wordt het niet zonder grondige herverkaveling van de structuur. In boodschappen in plaats van analytische categorieën.

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Tussenin-koppen

Louise Cornelis Geplaatst op 4 oktober 2018 door LHcornelis5 oktober 2018  

Afgelopen maandag werd ik er in een overleg met collega Roy van de Oberman Groep op geattendeerd dat er koppen zijn die het midden houden tussen analytisch en adviserend. Even later bedacht ik er een voorbeeld bij dat direct aansloot bij mijn ervaring op dat moment. Ik ervoer een probleem aan de OV-fiets waar ik op reed, en dat zou ik op drie manieren kunnen uitdrukken:

  1. De band is zacht (analytisch: constatering van een probleem).
  2. Pomp de band op (adviserend: oplossings- en actiegericht)
  3. De band kan wat meer lucht gebruiken (tussenin: oplossings- maar minder actiegericht)

Als koppen zijn alle drie de vormen geschikt, alleen zou ik het voor de derde variant lastiger vinden om de rode draad eenduidig aan te kondigen. Zo van: hieronder vindt u de oorzaken (1), hieronder vindt u de adviezen (2), hieronder vindt u wat er zoal aan zou kunnen gebeuren (3)?

Maar verder mooie oplossing voor als adviezen als te sturend ervaren worden. Dan moet je 3 misschien dus maar gewoon adviezen noemen? 

 

Geplaatst in schrijftips | Geef een reactie

Ingevingen: geheugentruc?

Louise Cornelis Geplaatst op 18 september 2018 door LHcornelis18 september 2018  

Had ik vorige week nog een wandeling georganiseerd met als thema dat je zo lekker denkt tijdens het bewegen, lees ik vanochtend iets wat dat weerspreekt… In het boek Leven in cadans. Hoe je fietsend je hoofd verzorgt van Martijn Veldkamp staat dat het helemaal niet zo is dat je, bijvoorbeeld, op de fiets betere ideeën krijgt. Dat is alleen maar een illusie, althans, dat beweert Carsten de Dreu, hoogleraar op het gebied van creativiteit (volgens dat boek, dus, hè, op p. 67). Ingevingen op relatief ongewone momenten blijven je beter bij. Het is een truc van je geheugen.

Ik kan daar een eind in meegaan. Het voorbeeld van die ene keer dat ik tijdens het dweilen van de keuken een eureka-ervaring kreeg voor de tekst waar ik op dat moment mee worstelde, dat heb ik al zo vaak verteld, dat is een eigen leven gaan leiden. Meestal dweil ik de keuken zónder zulke invallen, dat is zeker waar, dus ik recycle een verhaal over een heel toevallige gebeurtenis en hecht daar wellicht te veel waarde aan.

Maar toch… en zo denkt Veldkamp duidelijk ook. Want vervolgens besteedt hij er een heleboel bladzijden aan om uit te leggen dat fietsen toch wel degelijk iets doet met je gedachten: ze ordenen, hoofd- en bijzaken van elkaar scheiden, er andere emoties bij betrekken, er nieuwe, zintuiglijke informatie aan toevoegen… Dat herken ik allemaal – en dat herkenden vorige week de wandelende tekstschrijvers ook. Dat kan toch niet alleen maar een geheugentruc zijn?

Maar mogelijk ontkennen we dus ook allemaal iets? Veldkamp deed een informeel onderzoekje onder fietsers, en daarin rapporteerde maar de helft dat ze merkten dat ze creatiever werden op de fiets. Maar, zo legt hij uit, dat is mogelijk zo omdat niet iedereen op dezelfde manier fietst. Voor dat lekkere denken moet je bijvoorbeeld alleen zijn, en wel een beetje, maar niet te prestatiegericht. Zo fietst niet iedereen.

Leuk boek trouwens – mij uit het hart gegrepen. Ik vind het wel net een beetje moeizaam dat Veldkamp, zoals ik hierboven al beschrijf, wetenschappelijk onderzoek losjes combineert met eigen, informeel onderzoek, interviews en eigen ervaringen. Daardoor haalt hij soms z’n eigen punten onderuit en is de draad in het betoog niet altijd even helder. Ik vond het vooral een feest van herkenning – of soms juist niet, ook interessant. 

Voor fietsen mag je ook andere repetitieve duursporten invullen, zoals wandelen, hardlopen en zwemmen. En de keuken dweilen! 

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Getekstnetwerkt!

Louise Cornelis Geplaatst op 14 september 2018 door LHcornelis14 september 2018  

Dinsdag was ik bij Tekstnetwerken, het tweejaarlijkse evenement van Tekstnet voor ‘ontmoeting en ontwikkeling’. Het thema was ’tekstschrijven en topsport’ en de locatie was dan ook Papendal. Ik was een paar maanden geleden benaderd om een presentatie te geven, en ik heb toen voorgesteld om in de pauze ook daadwerkelijk te bewegen, want dat zat nog niet in het programma. Daarmee had ik mezelf naast tweemaal die presentatie ook nog het begeleiden van een wandeling ‘op de hals’ gehaald. Met veel plezier trouwens. Een verslag van een dynamische dag! 

In de lunchpauze heb ik met een forse groep tekstschrijvers een wandelingetje gemaakt waarbij ik had voorgesteld om te praten over de positieve invloed van bewegen op schrijven. Omdat zo veel schrijvers de ervaring hebben dat je erg lekker kunt denken als je loopt, fietst – of tuiniert of schoonmaakt, dat kan ook. De groep was te groot om dat gesprek plenair te voeren, en ik heb zelf ook alleen maar een impressie: ik heb zelf waardevolle gesprekken gevoerd en ook nog wel wat leuks teruggehoord. Over de gesprekken, maar ook dat het gewoon lekker was om te lopen, en dat vond ik helemaal prima. Op de foto op het blog van Wout Sorgdrager zie je de sliert wandelaars vertrekken.

’s Middags gaf ik twee keer een ‘hoorcollege’ over hoe je met tekst kunt overtuigen. Dat was een snelle samenvatting van het vak dat ik anderhalf jaar geleden in Leiden gaf. Erg leuk om te doen voor zulke betrokken en goed geïnformeerde ‘studenten’, en op basis van wat ik terughoorde, viel het in de smaak. Hier is een actiefoto die Gert Hardeman maakte en op Twitter plaatste,  ik laat daar de samenvattende slotslide zien:

Ik voor projectiescherm

Het beeld drukt uit dat je maar heel weinig mensen kunt beïnvloeden, en dat die mensen teksten op twee manieren verwerken – en dat je dan nog steeds alleen maar hun attitude te pakken hebt, en dat is nog niet hun gedrag. Dus: bescheiden ambities, en dan zorgen dat je tekst aansluit bij die twee verwerkingsmanieren. Daar heb ik voorbeelden van laten zien, waarvan ongeveer de helft met dank aan de studenten van toen.

Tussen mijn twee optredens in hield Jan Renkema in dezelfde zaal een interessant betoog over het belang van ‘schaduwdoelen’ van lezer en schrijver. Ik herkende veel van wat hij zei, en hij gaf het een mooi vernieuwend kader. Ik vond het voorbeeld dat hij gaf bijna schokkend slecht. Dat was een brief van een gemeente aan bewoners van een achterstandsbuurt, en erin waren echt álle planken misgeslagen. Hij liet zien dat een beetje herschrijven dan niet werkt – als tekstschrijver moet je in gesprek met de schrijver om erachter te komen wat die werkelijk beweegt, en je moet in de huid van de lezer kruipen om erachter te komen hoe je die kunt bereiken. Daarna moet de tekst overnieuw.

En toen was de dag alweer zo’n beetje voorbij. Hij was omgevlogen, met in de pauzes ook nog een heleboel meer en minder (oude) bekenden met wie ik vluchtige praatjes maakte. Ik had het allereerste ochtendgedeelte overgeslagen (Rotterdam-Papendal per OV is een mijl op zeven), had nog wel de oefeningen meegepikt van Saskia van der Valk van Deskfit, dat was een interessante en leuke workshop. 

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

De links

Louise Cornelis Geplaatst op 31 augustus 2018 door LHcornelis31 augustus 2018  

De leuke en nuttige links van de laatste tijd – misschien niet de langste lijst, maar wel een heel mooie! Eerst twee tweetallen, dan nog twee losse.

  • Twee keer Jip en Janneke, dat duo dat symbool staat voor simpele taal: 
    • Eerst een blogpost van StoryVentures waarin een ICT-specialist  de zin ‘Daardoor zal het probleem van foute toewijzingen die weer het gevolg zijn van parallelle zorgepisodes, blijven bestaan’ op z’n Jip-en-Jannekes vertaalt. (Je ziet daaraan trouwens ook echt wel de beperkingen ervan: tsjonge-jonge, wat is het lang geworden, en omslachtig soms Voor de meeste lezers ligt de optimale tekst echt wel in het midden).
    • En deze week draaide de Speld het om: Jip en Janneke herschreven door – vermoedelijk – een jurist. Hilarisch! ‘Jip en Janneke ontplooien gezamenlijke activiteiten in het kader van spel’ 
  • Twee lezenswaardige posts op Neerlandistiek.nl, allebei van Marc van Oostendorp
    • Een analyse van foutief gebruik van diens, naar aanleiding van een grappig voorbeeld van Kees van Kooten. Ik zie zulke fouten ook wel eens, en het is voor mij een van de argumenten vóór zo ‘gewoon’ mogelijke schrijftaal. Als je praat, maak je zulke fouten niet, dus schrijf dichtbij spreektaal.
    • Een voor mij heel herkenbaar stuk waarin Van Oostendorp worstelt met het dedain dat leken, in dit geval een oud-minister, hebben voor experts in het algemeen en taalkundigen in het bijzonder. 
  • Nog een stukje waaruit misschien wat frustratie over dedain spreekt, dit keer van een tekstschrijver, maar die legt het mooi uit: over de toegevoegde waarde van een ‘stukjesschrijver’. 
  • Voor wie De Correspondent kan lezen: een mooi stuk over iets wat nog steeds mijn warme belangstelling heeft, namelijk denken op de fiets. Veel herkenning, maar ik ben het niet met alles eens. De situatie op het fietspad is me iets te zonnig afgeschilderd  (dat doet die Fietsprofessor wel vaker, alsof de ‘oorlog op het fietspad  niet bestaat) en ik meen zelf dat ik juist het beste denk als ik fiets zonder de échte flow. In flow ben ik alleen maar aan het fietsen, dan val ik daar helemaal mee samen – volgens mij is dat ook de definitie ervan. Het denkwerk gebeurt juist als het fietsen daar eigenlijk net iets te saai, net iets te gewoontjes mee is. Afgelopen dinsdag fietste ik bijvoorbeeld weer eens in Limburg. Flow ervoer ik toen ik makkelijker dan verwacht die loodzware Eyserbosweg en Keutenberg bedwong. Denken deed ik tussen de klimmetjes in.
  •  
Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Het is niet zeker dat deze korte tip werkt
  • Intelligentie voor atleten?
  • Zware studiedag over schrijven met AI
  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (326)
  • Opvallend (563)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (905)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑