↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Categorie archieven: Leestips

Interessante boeken, artikelen en websites.

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Boel andere leestips #2: bijzonder, uniek en gek

Louise Cornelis Geplaatst op 7 juli 2017 door LHcornelis29 juni 2017  

In deze zomerboel aan andere boeken (zie deel 1) dit keer een heel gek ‘ander’ boek, bij mijn weten het enige in zijn soort: Praat maar vol, jongens! Het is de integrale tekst die door de Vlaamse wielercommentatoren Michel Wuyts en José de Cauwer werd gesproken van de wegrit tijdens de Olympische Spelen in Rio, 6 augustus 2016. De uitzending duurde zeven uur en het commentaar telt bijna 52.000 woorden.

Dat is geen boek om van A tot Z te lezen. Spannend is het niet, want wat er gebeurt en de uitkomst weten we al: Greg van Avermaet, landgenoot van de twee commentatoren, wint. In het boek ziet hun euforie daarover er zo uit:

De letters worden steeds groter

 

 

Daarmee zie je meteen één van de bijzondere kenmerken van het boek: er is met de typografie gespeeld, waardoor het óók een bladerboek is geworden.

Het tweede bijzondere blijkt meteen als ik de pagina wil vermelden van het fragment. Het boek heeft namelijk geen gewone paginanummers. In plaats daarvan staat onderaan de pagina tot aan de finish vermeld hoe veel kilometer het nog is, en na de finish hoeveel tijd die geleden is. Het boek begint dus op ‘nog 237 kilometer’, het fragment van hierboven staat op ‘8 seconden na de finish van Greg van Avermaet’ en het boek eindigt op ‘1 uur en 5 minuten en 35 seconden na de finish van Greg van Avermaet’. Hilarisch!

Nou vind ik dat soort dingen al leuk, maar wat het boek ook de moeite waard maakt is dat ik me kan vergapen aan het verschil met ‘gewone’ tekst. ik weet het al, maar dit maakt het zo zichtbaar: praten is echt heel anders dan schrijven. Zelfs als het nog redelijk verzorgde spreektaal is van mensen die zeer eloquent zijn (Michel Wuyts is een van mijn favoriete gebruikers van de Nederlandse taal). Desalniettemin ontsporen een boel zinnen of staan er gekke dingen in.

Soms is dat ‘gewoon’ ontsporen zoals gesproken taal dat doet. Er is in de taalkunde wel gezegd dat de grammaticaal correcte volzin eigenlijk alleen in de schrijftaal voorkomt. Spreektaal bestaat uit beurten in plaats van zinnen en ‘rammelt’. En dan krijg je dus haperingen, aarzelingen, woordherhalingen, ontbrekende woorden, zinnen waarvan het einde niet aansluit bij het begin, en dit soort dingen die je nooit zo zou opschrijven maar waarvan het wemelt in spreektaal:

En dan kom je daar tuurlijk, als niet echt gewoon zijn, ja, dan bots je echt wel volledig weg, hè?

Da’s José de Cauwer trouwens, op pagina ‘nog 190 kilometer’.

Maar een ander deel van de typische gekkigheid wordt direct ingegeven door de beelden. Dat maakt deze tekst bij vlagen ontzettend onsamenhangend. Het heftigste voorbeeld daarvan kon ik opzoeken, want ik had de rit gezien en ik was dus benieuwd hoe de dramatische valpartij in de finale in het boek zou zijn terechtgekomen. Welnu, ongeveer zo (p. ‘nog 10 kilometer’):

Wuyts: Ik neem aan dat u deze wedstrijd van 240 kilometer niet van bij de start gevolgd hebt. Ik kan u nog wel vertellen dat de Britten…
De Cauwer: Een valpartij.
Wuyts: En een val, en een val! En dat is vooraan gebeurd?
De Cauwer: Da’s vooraan, da’s vooraan, da’s vooraan.
Wuyts: Daar ligt….
De Cauwer: Ai ai ai, en wie is er weg?
Wuyts: Zijn dat…
De Cauwer: Majka is weg.
Wuyts: Majka alleen.
De Cauwer: Majka is weg.
Wuyts: Liggen daar Nibali en Henao?
De Cauwer: Ja ja ja ja ja.
Wuyts: Ai ai ai ai ai ai ai ai ai ai ai, te veel risico’s…

Met mijn speciale aandacht voor samenhang en structuur vind ik vooral dat begin interessant: Michel Wuyts begint net met het bijpraten van nieuwe kijkers en hij doet dat door een vooruitblik te geven waarin hij iets over de Britten aankondigt. Maar dan gebeurt er iets onverwachts. Weg zijn die Britten, of dat bijpraten überhaupt. De kijker ziet natuurlijk ook wel dat er urgentere zaken zijn. Over die Britten gaat het daarna niet meer.

Een ander interessant dingetje vind ik de nadruk die De Cauwer legt op ‘Majka is weg’. Zo’n simpel zinnetje vergt veel aanvullende kennis om het te kunnen interpreteren. Niet alleen is ‘weg zijn’ in wielertaal niet het van de aardbodem verdwenen zijn (zoals Nibali en Henao weg waren, in de zin van uit de wedstrijd, door hun val), maar het vooruit zijn, ontsnapt zijn bijvoorbeeld, en met de nadruk en de herhaling geeft De Cauwer aan dat het in zijn ogen belangrijk is: een kansrijk ‘weg zijn’. Voor schrijftaal zou zo’n mini-zinnetje te impliciet zijn.

De Cauwer zag het toen goed: inderdaad leek Majka daarna lang op weg naar Olympisch goud, om uiteindelijk als derde te finishen omdat hij vlak voor de finish werd bijgehaald en in de sprint verslagen door Van Avermaet en Fuglsang.

Nou, en zo is het dus een heerlijk boek om in te bladeren, te kijken naar de vondsten van de makers (Wim te Brake en Jeroen Duvillier), me te verwonderen over hoe gek het is om te lezen wat je zo klakkeloos aanhoort en dus over het verschil tussen gesproken en schrijftaal. Ik vind het heel erg leuk dat het boek er is!

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Boel andere leestips #1: voor zelfstandigen

Louise Cornelis Geplaatst op 4 juli 2017 door LHcornelis29 juni 2017  

Op dit weblog bespreek ik regelmatig boeken die met schrijven te maken hebben. Ik ga nu enkele posts wijden aan boeken die daar niet direct over gaan, maar die ik wel inspirerend vond – om heel verschillende redenen; het zijn heel verschillende boeken. Ik weet nog niet precies hoe veel het er worden – ik had er eerst drie in gedachten en toen dacht ik aan een ‘drieluik’, maar terwijl ik de blogposts daarover voorbereide, kwamen er alweer drie boeken bij. Het is zomer-rustig met mijn werk op het ogenblik, dan heb ik veel tijd om te lezen, dus wie weet komt er nog meer bij. Dus: gewoon een boel ‘andere’ boeken, ter zomer-inspiratie!

Vandaag het eerste: Uurtje Factuurtje van Alex van der Hulst.

De ondertitel is:

Over hardwerkende freelancers, creatieve ZZP’ers, hippe zelfstandigen en carrière maken zonder baas.

Dus dat gaat over mij, zal ik maar zeggen, en ik vond het dan ook een feest van herkenning. Eindelijk eens geen zeur- en klaagverhalen over schijnzelfstandigheid, onderverzekerd zijn, belastingprofiteurs en noem maar op – de verhalen die de laatste jaren in de media vaak terugkomen.

Maar wel over de lamlendigheid, de disciplineproblemen, de onzekerheid veroorzakende omzet-ups en -downs, de jaloezie op het (schijnbaar?) grote en makkelijke succes van anderen, het onbegrip van mensen in loondienst én van niet-werkenden voor je situatie.

Nouja, zeur- en klaagverhalen zijn het dus eigenlijk juist niet, want het zijn eerder hilarische schetsen (portretjes, columns, ervaringsverhalen, interviews) met een boel compassie en groot enthousiasme voor het zelfstandigenbestaan. En dat herken ik dus precies: nee, het is niet allemaal rozengeur en maneschijn. Maar ik zou niet meer in loondienst kunnen of willen werken.

Eén klein stukje heb ik ondertussen al een paar keer verder verteld, want dat vond ik echt super grappig. Het staat in een hoofdstuk over waarom je als zelfstandige een kat moet hebben (p. 18) en het vergelijkt werkenden met dieren:

Een hamster is als de collega die het tot zijn 65e in het bedrijf wil uitzingen: hij eet, poept en slaapt, en loopt nergens heen in zijn looprad. Konijnen zijn als ambtenaren: niemand weet waar ze voor dienen en als je even niet oplet zijn ze met tien keer zoveel. Vissen zijn die jongens in een start-up: leuke kleurtjes, een mond die de hele dag open- en dichtgaat – en uiteindelijk mag iemand anders de boel weer schoonmaken.

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Geslaagt!

Louise Cornelis Geplaatst op 28 juni 2017 door LHcornelis27 juni 2017 2

Erg leuk ikje in de NRC van afgelopen vrijdag:

Over het spelen door jongeren met taalregels in het algemeen en met geslaagt en gezakd in het bijzonder schreef ik een paar jaar geleden een artikel voor The Post Online. Sindsdien houd ik Twitter elk jaar rond de examenuitslagen in de gaten. Dit jaar viel me op dat de twee spelfouten niet zo veel voorkwamen: ik heb ze niet als trending topic gezien. Ach ja, zo’n geintje duurt niet eindeloos.

 

Geplaatst in Leestips | 2 reacties

Het was alweer even geleden: de links!

Louise Cornelis Geplaatst op 19 mei 2017 door LHcornelis17 mei 2017  

Hoogste tijd voor de oogst aan links van de afgelopen tijd. Dat blijkt wel, want ik begin maar met eentje die al wat verouderd lijkt, al blijft de strekking ervan relevant: collega Jeanine Mies sprak in februari op BNR Radio over hoe de ‘Stem op een vrouw’-campagne beter met ‘magneetwoorden’ geformuleerd had kunnen worden, en ze schreef er ook op haar blog over.

Hier is de rest:

  • Een leuke én goede blogpost op Tekstnet over bloggen – ik vind ‘m inhoudelijk goed, maar de vergelijking met De Dijk maakt ‘m ook nog eens hartstikke leuk.
  • Ook leuk geschreven en inhoudelijk goed: blogpost over waarom je op school niet voorbereid wordt op het echt schrijfwerk. In het Engels. I could not agree more!
  • Aardige maar wel een beetje schoolse test van de Taalwinkel om je sterke en zwakke kanten als schrijver op te sporen.
  • Een blogpost op Neerlandistiek.nl over formuleringen als ‘ik merk dat ik boos word’. Marc van Oostendorp legt daar vanuit de taalkunde iets uit wat ik vanuit een therapeutenopleiding wel eens had gehoord: dat zoiets zeggen betekent dat je je zit te beheersen (retroflectie, in de Gestalttherapie).
  • De disclaimer is een nogal ondergeschoven genre, maar in deze blog van Kiezel Communicatie staan adviezen ervoor.
  • Deze voorbeelden van ambtelijk taalgebruik (of meer in het algemeen: formele schrijftaal) vind ik inderdaad ook afkeurenswaardig (blog van Schrijfvis).
  • Een blog op Dekrachtvancontent van een student van mij van vorig jaar in Utrecht, Annemarie Cleijpool, over waarom het zo moeilijk is voor organisaties om helder te schrijven (voor degenen die net als ik een beetje jeuk krijgen van B1: lees het genuanceerde verhaal daarover waarnaar die blogpost verwijst).

En dan was het weblog van Jan Schultink ook weer de moeite waard de afgelopen  tijd – ik verwijs vaker naar Slidemagic (it’s easy to create business presentations) . Een paar voorbeelden: over de indruk die de lange lijst van client-logo’s maakt (niet zo’n grote), de levensduur van een presentatie die je vaker gebruikt (beperkt), de ontwikkeling van presentatie-ontwerp door de jaren heen, samenwerken aan een presentatie in een druk café (niet doen), verschillende visies van presentatie-ontwerpers (moraal: kies er één en blijf daarbij), en de balans tussen ingewikkeld en simpel. En dat is nog niet eens alles! Ik vind de posts leerzaam en herkenbaar – en als ik herken wat hij schrijft, vind ik dat hij het goed uitdrukt. Bovendien is het blog visueel prachtig!  

Dit alles met dank weer aan Twitter.

 

Geplaatst in Leestips, Presentatietips, schrijftips | Geef een reactie

Overtuigen in 1994

Louise Cornelis Geplaatst op 12 april 2017 door LHcornelis7 juni 2017  

Afgelopen vrijdag hebben we het in het college over overtuigende teksten (draad) gehad over pretesten, en daar ga ik hier niet uitgebreid op in. Wel viel me op dat het boek dat we daarover lezen, De tekst getest van Ben Vroom, zelf zondigt tegen een principe dat we de afgelopen weken tegen waren gekomen: positief beginnen.

Althans, mijn editie van dat boek: ik heb het nog op papier, het is er inmiddels alleen nog maar als PDF. Het is dan ook uit 1994, maar nog steeds onovertroffen. En ‘beginnen’ is relatief: ik heb het over de achterkant. Maar dat is wel de blurp, dus belangrijk als overtuigende tekst die aan zou moeten zetten tot kopen en lezen.

De tekst op de achterkant begint zo:

Communiceren via teksten die op grote schaal verspreid worden, is niet altijd eenvoudig. De lezer begrijpt onderdelen niet, stoort zich aan formuleringen, blijkt informatie niet te onthouden, of volgt instructies verkeerd op. problemen die vaak moeilijk te voorzien zijn. Het is daardoor vooraf nooit zeker of met de tekst het beoogde doel wordt bereikt.

Nou, daar is de moed me al in de schoenen gezakt. Die voel ik zakken, en het nooit in de laatste zin slaat het laatste restje weg. Frappant, hoor. Speelt de tijdgeest een rol? Hoefde het in 1994 nog niet zo positief allemaal? Kon je een probleem toen nog gewoon zo noemen, later werd dat uitdaging? Of heeft er gewoon iemand bij de uitgeverij even niet zitten opletten? 

Pas daarna komt de tekst ter zake, maar, met meestal erin, toch nog wat weifelend:

Daarom is het meestal van belang de doelgroep voor publikatie te raadplegen.

Vervolgens duurt het echter nog een paar zinnen voordat er staat waar het boek over gaat:

De tekst getest is een complete handleiding voor het opzetten en uitvoeren van een effectieve kleinschalige pretest.

Hèhè. Was daar nou mee begonnen, en had dan betoogd welke voordelen een pretest oplevert, dat was een stuk overtuigender geweest. Volgens de theorie, maar hier ervaar ik dat als lezer ook sterk zo. Was dat in 1994 anders?

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Van alles en nog wat

Louise Cornelis Geplaatst op 28 maart 2017 door LHcornelis28 maart 2017  

Afgelopen vrijdag hadden we in het college over overtuigende teksten (thread) een van-alles-en-nog-wat-afronding.

Het van-alles-en-nog-wat zat ‘m erin dat er vier heel verschillende presentaties waren: over het hoofdstuk uit het boek over cultuurverschillen, en over drie goede en toonaangevende boeken:

  1. Het eerste heeft een beperkt bereik, overheidscommunicatie, maar wel veel bekende voorbeelden – de overheid wil ons allemaal beïnvloeden. Bovendien zijn veel inzichten eruit ook relevant voor andere massacommunicatie. 

2. Het tweede boek heeft internationale allure, en opnieuw viel me op hoe veel van de pak-factoren een link hebben met het piramideprincipe – ik schreef daar eerder over. Vera, de student die dit boek presenteerde, las twee voorbeelden eruit voor: het eerste dat broodje-aap-verhaal over een gestolen nier dat ik in die eerdere blogpost al aanhaalde, het tweede een stukje uit een beleidsnota ofzoiets. Het viel me op hoe sterk het fysieke verschil was: ik voelde bij dat stukje nota al m’n energie wegzakken, en daarmee ook mijn aandacht. Verhalen boeien, zo simpel is het!

3. Het derde boek besprak ik ook al eens eerder hier.  Het gaat vooral over praten, niet zozeer over schrijven, maar het bevat wel heldere en goed onderbouwde inzichten over overtuigen. 

De afronding zat hem erin dat we nu wel zo’n beetje een beeld hebben van wat er te zeggen is over de kenmerken van overtuigende teksten. De studenten hebben in de loop van de weken een checklist samengesteld waarmee ze hun eigen tekst gaan analyseren. De resultaten daarvan leveren ze deze week in.

De volgende stap is dat ze een voorstel gaan doen om de tekst te verbeteren, en dan gaan onderzoeken wat lezers van die verbetering vinden. Ze gaan lezen over het doen van zulk lezersonderzoek (pre-test). Wordt vervolgd dus!

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Gedachten over modern schrijven en lezen

Louise Cornelis Geplaatst op 13 maart 2017 door LHcornelis13 maart 2017  

Op Neerlandistiek.nl is Marc van Oostendorp bezig met een serie blogs over wat het eindexamen eigenlijk zou moeten toetsen aan taalvaardigheid. Vooral de eerste post ervan vond ik interessant. Die gaat erover dat de vorm van het toetsen van leesvaardigheid mogelijk achterhaald is: de leerlingen krijgen Volkskrant-opiniestukken voorgeschoteld, terwijl…

je moet als moderne consument van opinies veel beter kunnen omgaan met zaken die veel kleiner – tweets – of juist veel groter – bergen opinies – zijn dan individuele teksten <knip> hedendaags lezen is chaotisch lezen.

Dat laatste is iets wat ik  hier voor zakelijk lezen ook al vaak heb betoogd: lezen is grillig, en daar kun je als schrijver maar beter rekening mee houden. Het zou goed zijn als het onderwijs dat ook deed.

Aan het eind schrijft Van Oostendorp:

wij volwassenen [ weten ] zelf ook niet hoe je moet navigeren in deze zee aan informatie – een van de grote problemen van de huidige tijd lijkt me nu precies dat niemand precies meer weet hoe met feiten en meningen om te gaan.

Ik las dat vorige week en sindsdien heb ik me afgevraagd hoe ik dan zelf omga met die feiten en  meningen en hoe ik probeer orde te scheppen in die leeschaos. Ik bedacht eerst dat ik volgens mij toch veel heb gehad aan het leren lezen op de traditionele manier, dus die Volkskrant-stukken van het eindexamen. Maar later las ik de reactie van F. Huygen onder het blog en toen dacht ik: ah, daar zit ook wat in:

Om goed te kunnen lezen moet je natuurlijk over voldoende technische vaardigheid beschikken, laten we zeggen niveau groep 6 basisschool, maar vervolgens komt het vooral op kennis aan. Domeinonafhankelijke leesvaardigheid bestaat niet.

Domeinonafhankelijke schrijfvaardigheid bestaat ook niet. En dat vind ik hier interessant aan: je moet kennis hebben om al die brokjes chaotische informatie te kunnen plaatsen, als schrijver en als lezer.

Van Oostendorp gaat verder in de serie blogs door te onderzoeken of het gesprek belangrijker zou kunnen worden in het onderwijs en het examen. Mogelijk is er ook nog iets te doen met een combinatie, dus met schrijven als medium voor een dialoog. Niet alleen is veel modern schrijven dialoog (sociale media), maar ook zou dat voorkomen dat zo veel mensen van school afkomen met het beeld dat schrijven iets is dat je in je dooie uppie doet en dat tot een perfect eindresultaat moet leiden – een bijzonder contra-productieve opvatting voor schrijven in organisaties. Daar schrijf je namelijk vaak samen, en het eindproduct is een tussenstap in een voortgaande communicatiestroom.

Ik ben benieuwd waar Van Oostendorp verder op uit gaat komen!

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Kwartetten met grafiekvormen

Louise Cornelis Geplaatst op 8 maart 2017 door LHcornelis7 juni 2017  

Dankzij een tip van het blog SlideMagic (waar ik het al vaker enthousiast over heb gehad) heb ik sinds vorige week een leuk nieuw speeltje: een setje ‘chart chooser cards‘. Het ziet eruit als een soort kwartetspel en het is bedoeld om je te helpen bij het bepalen van de beste grafiekvorm voor het presenteren van je data: ‘what visual form will make your point’.

Het begint met een overzichtskaartje dat je laat kiezen uit zes hoofdcategorieën: kleine getallen, tijd, enquêteresultaten, vergelijkingen, plaatsen en ‘it’s complicated’. Elke categorie heeft een kleur, en zo verwijzen ze naar een setje onderliggende kaartjes waarop de grafiekvormen voor die categorie één voor één aan de orde komen, met vaak nog een tip voor de visuele afwerking (zie voorbeeld hiernaast, uit de categorie enquêteresultaten).

De kaartjes zien er aantrekkelijk uit: ze zijn mooi afgewerkt en het geheel oogt vrolijk, leuk om mee te spelen. Daar ga ik het zeker ook voor gebruiken, zelf en in trainingen.

Inhoudelijk vind ik het jammer dat ze bij die categorieën zijn uitgegaan van de aard van de data en niet van de boodschap die je wil vertellen (zoals in de leer van Zelazny’s Say it with Charts, wat mij betreft het standaardwerk op dit gebied) en dat hun categorieën niet MECE zijn: iets met tijd is ook een vergelijking; de uitkomst van een enquête kan in kleine getallen zijn en ‘complicated’, enzovoort.

Maar misschien doe ik dan te moeilijk, en is het al heel mooi als dit soort kaartjes mensen aanzetten tot nadenken over hun grafiekvorm.

 

Geplaatst in Leestips | Geef een reactie

Kochs structuur

Louise Cornelis Geplaatst op 3 maart 2017 door LHcornelis28 februari 2017  

Cover Het DinerIn de Onze Taal van deze maand (nr. 2/3, 2017) staat een interview met Herman Koch. Mij viel daarin iets op: dat de interviewer (Jan Erik Grezel) Kochs boeken ‘heel strak gestructureerd’ noemt. Ik had dat niet bewust zo voor ogen, maar ik dacht wel meteen: aha, het is dus geen toeval dat ik Het Diner wel eens als voorbeeld gebruik van fraai structureren. De delen heten namelijk naar de onderdelen van de titel: de gangen van een diner, beginnend met het aperitief, dan het voorgerecht, hoofdgerecht (veruit het langste deel), nagerecht en tot slot het digestief.

Wat ik daar zo mooi aan vind, is dat de ‘hoofdboodschap’ (het diner) meteen de structuur op het niveau eronder oproept: vijf gangen. Vorm en inhoud zijn zo naadloos verweven. Als dat lukt bij een zakelijke tekst – chapeau! Makkelijk is het niet, want het formuleren van een goede hoofdboodschap is al geen sinecure, en als hij dan ook nog de gedachte aan de onderliggende structuur moet oproepen… Toch heb ik er wel goede voorbeelden van gezien, vooral dankzij een goede visualisering van de hoofdboodschap. Iets over marktaandelen met een taartdiagram bijvoorbeeld, en dan de taartpunten terug laten komen. 

Ik heb Het Diner ook wel gebruikt om te laten zien dat structurerende tussenpagina’s bij een goede structuur wel degelijk iets toevoegen, zonder te hinderen: je werpt als lezer even een snelle blik op zo’n pagina waar Voorgerecht op staat, je slaat die bladzij om en leest zo verder. Ik maak wel eens mee namelijk dat mensen weerzin tegen structurerende tussenpagina’s hebben; ik vermoed vaak uit een neiging tot pagina’s tellen en een ver doorgevoerde ‘less is more’ gedachte. Daar kan ik dan dus Het Diner tegenin brengen: zo moet het, en dan helpen die pagina’s echt alleen maar, en mocht een lezer er niets aan hebben, dan kosten ze héél weinig tijd. En leestijd is van meer belang dan aantal pagina’s.

Nou goed, nu weet ik dus dat het geen toeval is dat ik een roman van Koch gebruik als voorbeeld van goed structureren. Koch zegt er overigens over (p. 14) dat hij niet werkt met uitgetekende stroomdiagrammen om zijn boeken op koers te houden in die hechte structuur. Een enkele keer neemt hij een ‘verkeerde afslag’ en moet hij pagina’s schrappen. Maar verder kost dat goede structureren hem kennelijk niet heel veel moeite. Hij schrijft sowieso makkelijk, zeg hij. Een beetje jaloersmakend is dat wel… 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Alleen even het kabeltje eruit halen…

Louise Cornelis Geplaatst op 1 maart 2017 door LHcornelis22 februari 2017  

Op het Taalbeheerser-weblog van vakgenoot Sjaak Baars trof ik laatst deze wel heel erg herkenbare, geweldige column aan, van Jasper van Kuijk uit de Volkskrant:


 

Geplaatst in Leestips, Presentatietips | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Het is niet zeker dat deze korte tip werkt
  • Intelligentie voor atleten?
  • Zware studiedag over schrijven met AI
  • Zweedse koks in Antwerpen
  • Met een pro-drop naar de sportschool

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (326)
  • Opvallend (563)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (905)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • februari 2026
  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑