↓
 

Louise Cornelis

Tekst & Communicatie

  • Home |
  • Lezergericht schrijven |
  • Over Louise Cornelis |
  • Contact |
  • Weblog Tekst & Communicatie

Auteursarchieven: LHcornelis

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Papierloos heeft voor trainer nadelen

Louise Cornelis Geplaatst op 3 oktober 2018 door LHcornelis3 oktober 2018  

Gister had ik het over digitale ontwikkelingen, vandaag nog eentje, maar dan anders: elk digitaal voordeel hep z’n nadeel. Hier drie ontwikkelingen die ik als (deels) nadelig ervaar in mijn werk, en die alle drie te maken hebben met het oprukkende papierloze werken in organisaties:

  • Wat met m’n mooie spulletjes? De eerste is heel erg vanuit mijn eigen belang geredeneerd. Ik heb een paar jaar geleden schrijfmateriaal laten maken voor deelnemers aan trainingen: pen, blok en map. In toenemende mate kan ik dat niet meer kwijt, omdat er in steeds meer organisaties helemaal digitaal gewerkt wordt. Ze hebben dan zulke spullen niet meer nodig, maar ze kunnen ze eigenlijk ook nergens kwijt.
    Gister bijvoorbeeld, toen kreeg ik het van zes van de negen deelnemers weer terug, en mogelijk hebben de resterende drie het alleen meegenomen uit beleefdheid. Want de ’teruggevers’ maakten hun excuses – ze ervoeren het wel degelijk als een cadeau, en dat geef je niet terug. Maar ze konden er niks mee. Hmm, wat nu? 
  • Misbaar om papier. Ik krijg steeds meer commentaar op het papier dat ik toch gebruik. Ik doe bijvoorbeeld werkvormen met eigen schrijfwerk die niet anders dan op papier kunnen, en dat leidt soms tot behoorlijk wat printwerk. Soms ook tot behoorlijk wat te veel printwerk, bijvoorbeeld als iemand rekent op tien deelnemers om een fors document mee te bespreken en een dat stuk met bijlagen print, en dan komen er maar vijf opdagen en de bijlagen hadden niet gehoeven. Ja, dat is zonde van het printwerk.
    Maar ik moet zeggen dat ik het misbaar dat sommigen daarover maken ook wel wat overdreven vind. In een wereld én organisatie van verspilling zijn een paar tevergeefse printjes geen wereldramp, en zo klinkt het tegenwoordig wel. Ik kreeg laatst bijvoorbeeld vrij pittige feedback over een papieren handout die volgens de feedbackgever meteen weer in de prullenbak zou liggen. Dat was een schande. En dat in een bedrijf waar ze in leaseauto’s rijden en voor van alles vliegen.
    Nouja, er is wel meer op milieugebied erg ‘penny wise, pound foolish’. Begrijp me niet  verkeerd: ik vind het wel degelijk zonde om bomen om te hakken voor zinloos printwerk. Maar waar gehakt wordt, vallen spaanders, en laten we een paar nutteloze printjes alsjeblieft zo zien, en niet als meer dan dat.
    (Overigens is het papier dat ik zelf gebruik gerecycled.)
  • Geen controle. In het verlengde daarvan: het probleem voor mij als trainer is dat ik over wat er op een beeldscherm gebeurt geen controle heb. In papierloze organisaties hebben mijn deelnemers hun laptop of tablet nodig om aantekeningen te kunnen maken. Dat is prima natuurlijk, maar ik kijk tegen de achterkanten van opengeklapte schermen aan, en ik zie niet wat er op dat scherm gebeurt – misschien wel filmpje kijken, en zeker af en toe e-mail lezen. En dergelijke. 
    Heel specifiek: ik heb ook geen controle op het invullen van de evaluatieformulieren. Een organisatie waar ik voor werk is – alweer een tijdje geleden – overgegaan op evaluatieformulieren voor de trainingen die de deelnemers op hun telefoon toegestuurd krijgen, zo’n beetje op het tijdstip dat de training afgelopen is. Vroeger waren het papieren formulieren die ik uitdeelde, de deelnemer in liet vullen en leveren, zodat ik ze verzamelde en meteen doorgaf. Dat was in vijf minuten gepiept en het ging alleen maar niet goed als er een deelnemer eerder weg moest. 
    Nu heb ik geen enkele controle over wat de deelnemers ermee doen, en dat gaat nogal eens mis. De ‘response rate’ is eigenlijk nooit 100 procent (ook al beloven ze het allemaal wel), sommigen vullen het pas dagen later in, en laatst kreeg ik van een deelnemer een mailtje dat ze het formulier niet had gehad, terwijl degene die er verantwoordelijk voor was, beweerde dat dat echt wel zo was. Ja, zoek het maar uit…
    Mijn indruk en die van een collega-trainer bij deze organisatie is dat bij een lage response rate en bij uitgesteld invullen onze gemiddelde score daalt. Hij kan zeer zeker dalen, ook wel meegemaakt, als er tussen het einde van de training en de evaluatie een groepsgesprek heeft plaatsgevonden waarin een belangrijke deelnemer zei dat hij/zij het niks vond – ook meegemaakt. Althans, dat was een keer de enige manier waarop ik de evalatieresultaten kon begrijpen, en die keer zat er lang tussen mijn laatste contact en de evaluatie.
    Papierloze organisatie – slechtere trainers? Wel dus als je op de evaluaties afgaat. Gelukkig weten de meeste organisaties de evaluatieresultaten wel te relativeren (daar zijn meer redenen voor, vooral dat het ‘pleasen’ van de deelnemers niet altijd leidt tot de beste training). Maar onhandig vind ik het wel.
Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Verdwenen: prezi en zwarte achtergrond?

Louise Cornelis Geplaatst op 2 oktober 2018 door LHcornelis2 oktober 2018  

Ai, alweer voor mijn doen lang niet geschreven. Dit keer simpelweg omdat ik te druk was, onder andere met in anderhalve week vier hele dagen in Amsterdam (met de huidige treinen-drukte geen sinecure). Al dat werkt heeft wel een boel schrijfinspiratie opgeleverd, dus ik maak mijn blogachterstand ook weer goed!

Eerst twee ‘goh, dat is lang geleden’-observaties:

  • Bij een opdrachtgever bespraken we een presentatie met een zwarte achtergrond. Ik kan me niet heugen een zakelijke, inhoudelijke presentatie gezien te hebben – dat is echt jaren geleden. Met ‘zakelijk, inhoudelijk’ bedoel ik dat de slides gevuld zijn met tekst, grafieken, tabellen en conceptuele beelden – ik heb zelf onlangs nog twee keer een presentatie gemaakt met een zwarte achtergrond, maar die bestond uit bijna alleen maar foto’s – van ‘Down Under’, want ik heb verhalen verteld over fietsen in Nieuw-Zeeland en op Tasmanië. De slides zijn dan echt dia’s, en dat is anders dan het materiaal waar ik bij mijn opdrachtgevers mee werk. Te anders, overigens – ik denk dat veel zakelijke presentaties ervan zouden opknappen als het beeld meer leidend werd.
    Maar goed, terug naar het punt: als ik het me goed herinner, deed McKinsey al toen ik daar twintig jaar geleden werkte de zwarte of donkerblauwe achtergrond in de ban. Om te printen is het hopeloos, en voor projectie noodzaakt het tot een verduisterde zaal, wat niet goed is voor de interactie. Allebei terecht, mijns inziens. 
    De presentatie had nu op één van de aanwezigen een grote aantrekkingskracht, vanwege het verrassingseffect van die achtergrond. Je kunt er nu dus juist mee opvallen! 
  • Toen het ging over presentaties en PowerPoint kreeg ik de vraag wat ik van Prezi vind. Vind? Vond. Althans, dat realiseerde ik me: ik heb al in geen jaren meer een Prezi gezien. Op dit weblog kan ik nagaan dat ik er in 2011 mee kennismaakte. Ik was er wel enthousiast over toen, al waren er ook wel wat nadelen, waarvan ik hoopte dat het kinderziektes zouden zijn. Belangrijkste voordeel ten opzichte van PowerPoint, zo kwamen we er ook op, is dat het meer samenhang kan bieden. PowerPoint kan alleen maar slides als een lineaire ketting achter elkaar zetten. Prezi kon in- en uitzoomen en daardoor bijvoorbeeld deel-geheelrelaties en hiërarchie visueel maken. Maar het heeft het niet gehaald, althans, dat is mijn observatie: het is weg. PowerPoint is te dominant, denk ik, en misschien waren de nadelen ook wel te groot? Dat is jammer. Van PowerPoint zien veel mensen al decennialang de nadelen, maar er verandert of verbetert niet veel aan. Typisch een winner-take-all-geval? 

Het waren allebei voorbeelden van iets waarvan ik me pas realiseerde dat ik ze heel lang niet had gezien toen het er weer eens over ging. Ik bedoel: ik heb ooit eens m’n laatste zwarte achtergrond en m’n laatste Prezi gezien, maar dat wist ik toen niet. En ineens is dat dan lang geleden! 

 

Geplaatst in Presentatietips | Geef een reactie

Ineens ruimte

Louise Cornelis Geplaatst op 21 september 2018 door LHcornelis20 september 2018  

Nog een reflectie op een intensief presentatie-voorbereid-proces. Twee weken geleden schreef ik hier dat ik op drie sporen tegelijk aan het denken, voorbereiden en slijpen was: vorige week hield ik drie verschillende, nieuwe presentaties, eentje daarvan twee keer. Het is allemaal goed gegaan en het was leuk. Ik plaatste hier al een terugblik naar één van de drie bijeenkomsten waar het over ging, en op mijn andere blog een stukje met foto van nog een andere.  

In die post van twee weken geleden had ik het erover dat mijn hoofd nogal vol zat. Achteraf gezien zat het nog voller dan ik toen in de gaten had, want afgelopen week werd ik me bewust van de ruimte die is ontstaan nu alles achter de rug is.

Ik heb nu niet bepaald niets te doen, maar wat ik te doen heb, is op een gegeven  moment wel echt af. Zoals woensdag. Ik moest die dag een training voorbereiden en daarvoor een aantal teksten van feedback voorzien en er fragmenten van in mijn presentatie verwerken – routine. Om 5 uur was ik klaar en we zouden pas om 7 uur gaan eten. Twee uur over. Echt over. Voor klusjes. En daar schoot ik ineens doorheen. Het ene na het andere verdween van mijn to-do-lijstje.

Ik realiseerde me dat ik al wekenlang in zo’n geval minstens de helft van die twee uur besteed zou hebben aan dat slijpwerk aan de verhalen en het presentatiemateriaal. Zo van: ‘nog even door mijn PowerPoint lopen’. Eigenlijk was ik daar bijna de hele tijd mee bezig, tenzij ik iets anders moest. Het gewone werk als onderbreking van het denk- en slijpwerk. Deze week stond het weer ‘gewoon’ centraal, en was ik dus soms ook ‘gewoon’ klaar.

Als ik intensief aan het voorbereiden ben, ben ik nooit echt helemaal klaar. Het denkwerk gaat altijd door. Ik realiseerde me deze week ook dat ik op momenten dat mijn geest kan dwalen, zoals tijdens de afwas en bij het sporten, niet meer in gedachten alvast het ene of het andere verhaal hoefde ‘af te spelen’. Mijn gedachten hoefden even nergens heen. Er kwam dus ook niks bijzonders, maar dat hoeft ook niet – het is wel even best zo. 

En wat in die laatste week gebeurde was dat ik zenuwachtig was. Ik heb geen spreekangst, vind het meer leuk dan eng. Maar ik heb wel degelijk gezonde spanning. Twee presentaties waren ’s avonds, en dan ben ik me er bijvoorbeeld van bewust dat ik niet te veel kruit moet verschieten om nog voldoende energie over te houden voor die presentaties. Op die manier beïnvloedt zo’n presentatie de hele dag. Ruim op tijd bereid ik alle praktische zaken voor. En dan, ja, uh… nouja, dan doe ik niet echt iets anders productiefs in elk geval! Gelukkig hoefde dat ook niet.

Dat is dus wat schrijven en presentaties voorbereiden doet met mijn tijd en met mijn geest: een heleboel ruimte innemen. Geen probleem. Als het maar niet altijd zo is. 

 

Geplaatst in Presentatietips | Geef een reactie

Ingevingen: geheugentruc?

Louise Cornelis Geplaatst op 18 september 2018 door LHcornelis18 september 2018  

Had ik vorige week nog een wandeling georganiseerd met als thema dat je zo lekker denkt tijdens het bewegen, lees ik vanochtend iets wat dat weerspreekt… In het boek Leven in cadans. Hoe je fietsend je hoofd verzorgt van Martijn Veldkamp staat dat het helemaal niet zo is dat je, bijvoorbeeld, op de fiets betere ideeën krijgt. Dat is alleen maar een illusie, althans, dat beweert Carsten de Dreu, hoogleraar op het gebied van creativiteit (volgens dat boek, dus, hè, op p. 67). Ingevingen op relatief ongewone momenten blijven je beter bij. Het is een truc van je geheugen.

Ik kan daar een eind in meegaan. Het voorbeeld van die ene keer dat ik tijdens het dweilen van de keuken een eureka-ervaring kreeg voor de tekst waar ik op dat moment mee worstelde, dat heb ik al zo vaak verteld, dat is een eigen leven gaan leiden. Meestal dweil ik de keuken zónder zulke invallen, dat is zeker waar, dus ik recycle een verhaal over een heel toevallige gebeurtenis en hecht daar wellicht te veel waarde aan.

Maar toch… en zo denkt Veldkamp duidelijk ook. Want vervolgens besteedt hij er een heleboel bladzijden aan om uit te leggen dat fietsen toch wel degelijk iets doet met je gedachten: ze ordenen, hoofd- en bijzaken van elkaar scheiden, er andere emoties bij betrekken, er nieuwe, zintuiglijke informatie aan toevoegen… Dat herken ik allemaal – en dat herkenden vorige week de wandelende tekstschrijvers ook. Dat kan toch niet alleen maar een geheugentruc zijn?

Maar mogelijk ontkennen we dus ook allemaal iets? Veldkamp deed een informeel onderzoekje onder fietsers, en daarin rapporteerde maar de helft dat ze merkten dat ze creatiever werden op de fiets. Maar, zo legt hij uit, dat is mogelijk zo omdat niet iedereen op dezelfde manier fietst. Voor dat lekkere denken moet je bijvoorbeeld alleen zijn, en wel een beetje, maar niet te prestatiegericht. Zo fietst niet iedereen.

Leuk boek trouwens – mij uit het hart gegrepen. Ik vind het wel net een beetje moeizaam dat Veldkamp, zoals ik hierboven al beschrijf, wetenschappelijk onderzoek losjes combineert met eigen, informeel onderzoek, interviews en eigen ervaringen. Daardoor haalt hij soms z’n eigen punten onderuit en is de draad in het betoog niet altijd even helder. Ik vond het vooral een feest van herkenning – of soms juist niet, ook interessant. 

Voor fietsen mag je ook andere repetitieve duursporten invullen, zoals wandelen, hardlopen en zwemmen. En de keuken dweilen! 

 

Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Getekstnetwerkt!

Louise Cornelis Geplaatst op 14 september 2018 door LHcornelis14 september 2018  

Dinsdag was ik bij Tekstnetwerken, het tweejaarlijkse evenement van Tekstnet voor ‘ontmoeting en ontwikkeling’. Het thema was ’tekstschrijven en topsport’ en de locatie was dan ook Papendal. Ik was een paar maanden geleden benaderd om een presentatie te geven, en ik heb toen voorgesteld om in de pauze ook daadwerkelijk te bewegen, want dat zat nog niet in het programma. Daarmee had ik mezelf naast tweemaal die presentatie ook nog het begeleiden van een wandeling ‘op de hals’ gehaald. Met veel plezier trouwens. Een verslag van een dynamische dag! 

In de lunchpauze heb ik met een forse groep tekstschrijvers een wandelingetje gemaakt waarbij ik had voorgesteld om te praten over de positieve invloed van bewegen op schrijven. Omdat zo veel schrijvers de ervaring hebben dat je erg lekker kunt denken als je loopt, fietst – of tuiniert of schoonmaakt, dat kan ook. De groep was te groot om dat gesprek plenair te voeren, en ik heb zelf ook alleen maar een impressie: ik heb zelf waardevolle gesprekken gevoerd en ook nog wel wat leuks teruggehoord. Over de gesprekken, maar ook dat het gewoon lekker was om te lopen, en dat vond ik helemaal prima. Op de foto op het blog van Wout Sorgdrager zie je de sliert wandelaars vertrekken.

’s Middags gaf ik twee keer een ‘hoorcollege’ over hoe je met tekst kunt overtuigen. Dat was een snelle samenvatting van het vak dat ik anderhalf jaar geleden in Leiden gaf. Erg leuk om te doen voor zulke betrokken en goed geïnformeerde ‘studenten’, en op basis van wat ik terughoorde, viel het in de smaak. Hier is een actiefoto die Gert Hardeman maakte en op Twitter plaatste,  ik laat daar de samenvattende slotslide zien:

Ik voor projectiescherm

Het beeld drukt uit dat je maar heel weinig mensen kunt beïnvloeden, en dat die mensen teksten op twee manieren verwerken – en dat je dan nog steeds alleen maar hun attitude te pakken hebt, en dat is nog niet hun gedrag. Dus: bescheiden ambities, en dan zorgen dat je tekst aansluit bij die twee verwerkingsmanieren. Daar heb ik voorbeelden van laten zien, waarvan ongeveer de helft met dank aan de studenten van toen.

Tussen mijn twee optredens in hield Jan Renkema in dezelfde zaal een interessant betoog over het belang van ‘schaduwdoelen’ van lezer en schrijver. Ik herkende veel van wat hij zei, en hij gaf het een mooi vernieuwend kader. Ik vond het voorbeeld dat hij gaf bijna schokkend slecht. Dat was een brief van een gemeente aan bewoners van een achterstandsbuurt, en erin waren echt álle planken misgeslagen. Hij liet zien dat een beetje herschrijven dan niet werkt – als tekstschrijver moet je in gesprek met de schrijver om erachter te komen wat die werkelijk beweegt, en je moet in de huid van de lezer kruipen om erachter te komen hoe je die kunt bereiken. Daarna moet de tekst overnieuw.

En toen was de dag alweer zo’n beetje voorbij. Hij was omgevlogen, met in de pauzes ook nog een heleboel meer en minder (oude) bekenden met wie ik vluchtige praatjes maakte. Ik had het allereerste ochtendgedeelte overgeslagen (Rotterdam-Papendal per OV is een mijl op zeven), had nog wel de oefeningen meegepikt van Saskia van der Valk van Deskfit, dat was een interessante en leuke workshop. 

 

Geplaatst in Opvallend, schrijftips | Geef een reactie

Drie sporen

Louise Cornelis Geplaatst op 7 september 2018 door LHcornelis7 september 2018  

Het is laat op de vrijdagmiddag en ik heb deze week nog niks gepost hier, ai! En dat terwijl het seizoen is ‘losgebarsten’ en ik na een zomerstop van de week weer gewoon de eerste training gegeven heb. Meestal geeft dat wel blog-inspiratie, maar deze week zat mijn hoofd vol met andere dingen. Enerzijds ben ik mijn hele digitale logistiek aan het omgooien en OneDrive in gebruik aan het nemen, als gevolg van vooral privacy-overwegingen (een na-effect van de AVG).

Anderzijds ben ik maar liefst vier (drie verschillende) presentaties tegelijk aan het voorbereiden. Volgende week geef ik eerst bij Tekstnetwerken twee keer een hoorcollege over hoe je met tekst gedrag kunt veranderen. Op donderdag en vrijdag volgen presentaties over fitheid en fietsen op Tasmanië, dus minder vakinhoudelijk. Maar ook die moeten worden voorbereid. Alle drie de verhalen zjin nieuw; alle drie de keren wil ik graag mijn beste beentje voor zetten. 

De manier waarop ik presentaties, lezingen en dergelijke voorbereid is dat ik ze het liefst al lang (paar weken) van tevoren in de steigers zet, en dan slijp en slijp en slijp totdat het materiaal eruit ziet als ik wil, en ik tegelijkertijd het verhaal door en door ken. Dat slijpen gaat in kleine beetjes tijd tegelijk, dus liefst elke dag eventjes. Zo vergroei ik langzaam-maar-zeker met mijn verhaal en mijn materiaal.  

Maar nu moet ik dus met drie verhalen tegelijk vergroeien, aan drie dingen slijpen. Niet alleen is drie keer ‘eventjes’ best veel tijd, maar ook vraagt het meer dan drie keer ruimte in mijn hoofd, want ik moet ertussen schakelen. Dat is wel interessant om mee te maken: best veeleisend, zo’n parallel proces. Eén voor één gaat me beter af.  

Maar het lukt wel. Het lukt prima zelfs: de drie verhalen staan al, ik kan met een gerust hart aan het weekend beginnen.

Alleen óók nog blogverhalen bedenken, daarvoor schoot deze week te weinig ruimte in mijn hoofd over.

Alhoewel… toch ook nog gelukt dus!  

 

Geplaatst in Presentatietips | Geef een reactie

De links

Louise Cornelis Geplaatst op 31 augustus 2018 door LHcornelis31 augustus 2018  

De leuke en nuttige links van de laatste tijd – misschien niet de langste lijst, maar wel een heel mooie! Eerst twee tweetallen, dan nog twee losse.

  • Twee keer Jip en Janneke, dat duo dat symbool staat voor simpele taal: 
    • Eerst een blogpost van StoryVentures waarin een ICT-specialist  de zin ‘Daardoor zal het probleem van foute toewijzingen die weer het gevolg zijn van parallelle zorgepisodes, blijven bestaan’ op z’n Jip-en-Jannekes vertaalt. (Je ziet daaraan trouwens ook echt wel de beperkingen ervan: tsjonge-jonge, wat is het lang geworden, en omslachtig soms Voor de meeste lezers ligt de optimale tekst echt wel in het midden).
    • En deze week draaide de Speld het om: Jip en Janneke herschreven door – vermoedelijk – een jurist. Hilarisch! ‘Jip en Janneke ontplooien gezamenlijke activiteiten in het kader van spel’ 
  • Twee lezenswaardige posts op Neerlandistiek.nl, allebei van Marc van Oostendorp
    • Een analyse van foutief gebruik van diens, naar aanleiding van een grappig voorbeeld van Kees van Kooten. Ik zie zulke fouten ook wel eens, en het is voor mij een van de argumenten vóór zo ‘gewoon’ mogelijke schrijftaal. Als je praat, maak je zulke fouten niet, dus schrijf dichtbij spreektaal.
    • Een voor mij heel herkenbaar stuk waarin Van Oostendorp worstelt met het dedain dat leken, in dit geval een oud-minister, hebben voor experts in het algemeen en taalkundigen in het bijzonder. 
  • Nog een stukje waaruit misschien wat frustratie over dedain spreekt, dit keer van een tekstschrijver, maar die legt het mooi uit: over de toegevoegde waarde van een ‘stukjesschrijver’. 
  • Voor wie De Correspondent kan lezen: een mooi stuk over iets wat nog steeds mijn warme belangstelling heeft, namelijk denken op de fiets. Veel herkenning, maar ik ben het niet met alles eens. De situatie op het fietspad is me iets te zonnig afgeschilderd  (dat doet die Fietsprofessor wel vaker, alsof de ‘oorlog op het fietspad  niet bestaat) en ik meen zelf dat ik juist het beste denk als ik fiets zonder de échte flow. In flow ben ik alleen maar aan het fietsen, dan val ik daar helemaal mee samen – volgens mij is dat ook de definitie ervan. Het denkwerk gebeurt juist als het fietsen daar eigenlijk net iets te saai, net iets te gewoontjes mee is. Afgelopen dinsdag fietste ik bijvoorbeeld weer eens in Limburg. Flow ervoer ik toen ik makkelijker dan verwacht die loodzware Eyserbosweg en Keutenberg bedwong. Denken deed ik tussen de klimmetjes in.
  •  
Geplaatst in Leestips, schrijftips | Geef een reactie

Verschenen: Oase 11-1

Louise Cornelis Geplaatst op 20 augustus 2018 door LHcornelis20 augustus 2018  

Vorige week kwam het nieuwe nummer van Oase Magazine uit, jaargang 11 nummer 1, met daarin vier mini-columns van mij over sport, o.a. over De Kuip, Erben Wennemars’ mislukte sneeuw-expeditie en iets wat ik maar ’toevalsslimheid’ heb genoemd: dat je in sommige sporten geluk moet hebben, maar dat de kampioenen meer geluk lijken te hebben dan anderen, dus dat dat toch niet echt toeval is.

Geplaatst in verschenen | Geef een reactie

Buitenkunst #11

Louise Cornelis Geplaatst op 13 augustus 2018 door LHcornelis22 augustus 2018  

Vorige week was ik naar Buitenkunst, voor de 11e keer (volg deze historische draad terug voor een overzicht). Net als vorig jaar had ik gekozen voor een tekstgerichte toneelweek, maar dit keer wel met een andere docent, Mik van Goor, en andere teksten: rauwe. Dit  was de omschrijving:

Spelen van rauwe teksten. We gaan deze week teksten van onder anderen Ko van den Bosch, Peter de Graaf en Jibbe Willems eens flink onder de loep nemen. Hedendaagse toneelschrijvers met een randje, die stukken schrijven die confronterend, filosofisch en absurd zijn. Hoe komt hun werk het beste tot zijn recht? Wat is er nodig om in de wereld van de wreedheid, gekte en fantasie te stappen, zodat de humor naar boven komt en de toeschouwer op sleeptouw wordt genomen? We werken aan tekstbehandeling, fysiek spel (personageontwikkeling) en enscenering.

Het werd een pittige week, niet in de laatste plaats door de weers- en andere omstandigheden. Kamperen in de snikhitte, met hoosbuien (tent onder water) en storm en zelf niet in de beste doen… een week was wel genoeg.

Het was echter voor mij wel ook een erg gezellige week, want voor het eerst sinds 2012 was ik naar Buitenkunst weer samen met een heel goede vriendin. En wat altijd leuk is in die week: het contact met de andere deelnemers én elke avond optredens, waarvan dit keer het Graceland-slotconcert (met mannenkoor) me lang zal heugen, wat een geweldige muziek! 

Ook de inhoudelijke week was pittig, vooral omdat ik ongeveer de helft ervan niet zo heel erg leuk vond, of althans: nogal moeite heb moeten doen om me er happy in te voelen. Het waren eigenlijk drie tweedaagsen, rond elk van die drie in de omschrijving genoemde schrijvers één. De middelste daarvan, met een tekst van Peter de Graef, vond ik geweldig. Op de eerste tekst, van Jibbe Willems, knapte ik af en met de derde (van Ko van den Bosch dus) heb ik één dag lekker gewerkt.

Ik heb bovendien niet opgetreden, voor het eerst in elf keer Buitenkunst. Met die middelste tekst was dat pech: op het allerlaatste nippertje werd een van de groepsgenoten ziek, en de dag erna hadden een paar anderen geen zin in om het alsnog te doen, omdat we alweer met de volgende teksten bezig waren. Ik heb voor mijn gevoel zo ook niet kunnen laten zien wat ik kan, op toneelgebied. Dat heb ik zelf dus niet gevoeld, en het is ook raar om op Buitenkunst rond te lopen en tegen anderen te moeten zeggen dat ze niks van je kunnen zien.

Dat is een beetje mager, al is het bij Buitenkunst vaak wel zo dat het niet zes dagen lang leuk is – dat zou misschien oppervlakkig zijn ook. Ik ben in de betere weken altijd wel ergens doorheen gegaan, en daar heb ik dan juist het meeste van geleerd. Ook nu weer.

Wat ik in elk geval erg leuk vond, was het zeer grondig lezen van teksten. Daar hebben we ook best veel tijd aan besteed, en ik bleek dat weer eens goed te kunnen – die middelste tekst, ‘D’r was daar ook een hond‘, die had in eerste instantie bijna niemand doorzien, ik wel. Ik had bovendien me nooit eerder gerealiseerd dat regisseren begint met goed lezen. Regisseren is nog meer wat voor mij dan ik eerder al had gedacht. 

Want al eerder had ik bij Buitenkunst ervaren dat ik het niet zo leuk vind om geregisseerd te worden: om te doen wat ‘moet’ van de regisseur, omdat die een plaatje in zijn/haar hoofd heeft – vooral als dat niet overeenkomt met het mijne. Dat ging deze week dus mis, en voor mijn gevoel had dat ermee te maken dat Mik meer gericht is op haar plaatje en de tekst dan op de spelers –  dan op mij, laat ik het bij mezelf houden. Maar we hebben bijvoorbeeld ook geen voorstelrondje gedaan en van sommige groepsgenoten heb ik de voornaam niet leren kennen. Dat is geen toeval.

Uiteindelijk hebben we ook zo weinig opgetreden omdat, in mijn woorden, wat we lieten zien niet voldeed aan het plaatje in haar hoofd. Zoiets had ik bij Buitenkunst nog niet eerder meegemaakt: dat wel of niet optreden zo duidelijk een kwaliteitsoordeel was en dat de meesten er niet aan voldeden. Dat kwam eigenlijk pas helemaal aan het eind, in de laatste paar minuten, aan het licht.

Zo werd er voor mij wel een ondertoon helder die ik de hele week vermoed had. Ik ben nogal gevoelig voor dat ‘niet goed genoeg’-oordeel en dat heb ik de hele week gevoeld. Ik dacht tot op het laatst dat dat mijn eigen gevoeligheid was. Maar dat was, denk ik – voor de verandering – eens niet zo! Gek genoeg luchtte dat me aan het eind dus ook op, toen ik napruttelde met een paar groepsgenoten. Maar toen zat de week er dus al op.

Bovendien werkten we die eerste en laatste tweedaagse in piepkleine groepjes – duo’s, in mijn geval. Met het groepje kon je per dagdeel een kwartiertje langskomen bij de docent, de rest van de tijd was je samen. De afhankelijkheid van één ander iemand en dan in korte tijd (te) veel feedback krijgen, dat vond ik een lastige werkwijze. Waarschijnlijk niet toevallig vond ik de tweedaagse in de halve groep met de helft van de tijd de docent erbij dynamischer en inspirerender. 

Ik heb mijn best gedaan om er wat van te maken, en ben over het totaal ook wel tevreden. Maar dat ‘wat ervan maken’ betekende soms ook: het juist helemaal laten zitten. Anders werd het me gewoon te veel. In 35 graden, na twee slechte nachten (ik had in het begin last van mijn blaas) of nadat ik net drijfnatte spullen uit mijn tent had gehaald. Zo werd het ook een week om te oefenen met ‘niet moeten’. En dat was zeker wel eens goed!

 

Geplaatst in Leestips, Opvallend | Geef een reactie

Uitzicht

Louise Cornelis Geplaatst op 7 augustus 2018 door LHcornelis25 juli 2018  

Een tussendoortje: ik kom bij een aantal opdrachtgevers met heel fraaie uitzichten. Zoals dit bijvoorbeeld:

Torens, stad, zeeJa, dat is de zee daar in de verte. Dit is in het gebouw van het Ministerie van Binnenlandse Zaken in Den Haag.

Geplaatst in Opvallend | Geef een reactie

Bericht navigatie

← Oudere berichten
Nieuwere berichten →

Recente berichten

  • Engelse woorden steken over
  • Kom bij Annie thuis!
  • Wat sneeuw doet met leesbaarheid
  • Frieten zonder c
  • Fietsen langs de sporen van het Nederlands in de VS

Categorieën

  • Geen rubriek (10)
  • Gesprek & debat (30)
  • Gezocht (9)
  • Leestips (323)
  • Opvallend (560)
  • Piramideprincipe-onderzoek (98)
  • Presentatietips (154)
  • schrijftips (900)
  • Uncategorized (47)
  • Veranderen (39)
  • verschenen (206)
  • Zomercolumns fietsvrouw (6)

Archieven

  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juli 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • december 2024
  • november 2024
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024
  • december 2023
  • november 2023
  • oktober 2023
  • september 2023
  • augustus 2023
  • juli 2023
  • juni 2023
  • mei 2023
  • april 2023
  • maart 2023
  • februari 2023
  • januari 2023
  • december 2022
  • november 2022
  • oktober 2022
  • september 2022
  • augustus 2022
  • juli 2022
  • juni 2022
  • mei 2022
  • april 2022
  • maart 2022
  • februari 2022
  • januari 2022
  • december 2021
  • november 2021
  • oktober 2021
  • september 2021
  • augustus 2021
  • juli 2021
  • juni 2021
  • mei 2021
  • april 2021
  • maart 2021
  • februari 2021
  • januari 2021
  • december 2020
  • november 2020
  • oktober 2020
  • september 2020
  • augustus 2020
  • juli 2020
  • juni 2020
  • mei 2020
  • april 2020
  • maart 2020
  • februari 2020
  • januari 2020
  • december 2019
  • november 2019
  • oktober 2019
  • september 2019
  • augustus 2019
  • juli 2019
  • juni 2019
  • mei 2019
  • april 2019
  • maart 2019
  • februari 2019
  • januari 2019
  • december 2018
  • november 2018
  • oktober 2018
  • september 2018
  • augustus 2018
  • juli 2018
  • juni 2018
  • mei 2018
  • april 2018
  • maart 2018
  • januari 2018
  • december 2017
  • november 2017
  • oktober 2017
  • september 2017
  • augustus 2017
  • juli 2017
  • juni 2017
  • mei 2017
  • april 2017
  • maart 2017
  • februari 2017
  • januari 2017
  • december 2016
  • november 2016
  • oktober 2016
  • september 2016
  • augustus 2016
  • juli 2016
  • juni 2016
  • mei 2016
  • april 2016
  • maart 2016
  • februari 2016
  • januari 2016
  • december 2015
  • november 2015
  • oktober 2015
  • september 2015
  • augustus 2015
  • juli 2015
  • juni 2015
  • mei 2015
  • april 2015
  • maart 2015
  • februari 2015
  • januari 2015
  • december 2014
  • november 2014
  • oktober 2014
  • september 2014
  • augustus 2014
  • juli 2014
  • juni 2014
  • mei 2014
  • april 2014
  • maart 2014
  • februari 2014
  • januari 2014
  • december 2013
  • november 2013
  • oktober 2013
  • september 2013
  • augustus 2013
  • juli 2013
  • juni 2013
  • mei 2013
  • april 2013
  • maart 2013
  • februari 2013
  • januari 2013
  • december 2012
  • november 2012
  • oktober 2012
  • september 2012
  • augustus 2012
  • juli 2012
  • juni 2012
  • mei 2012
  • april 2012
  • maart 2012
  • februari 2012
  • januari 2012
  • december 2011
  • november 2011
  • oktober 2011
  • september 2011
  • augustus 2011
  • juli 2011
  • juni 2011
  • mei 2011
  • april 2011
  • maart 2011
  • februari 2011
  • januari 2011
  • december 2010
  • november 2010
  • oktober 2010
  • september 2010
  • augustus 2010
  • juli 2010
  • juni 2010
  • mei 2010
  • april 2010
  • maart 2010
  • februari 2010
  • januari 2010
  • december 2009
  • november 2009
  • oktober 2009
  • september 2009
  • augustus 2009
  • juli 2009
  • juni 2009
  • mei 2009
  • april 2009
  • maart 2009
  • februari 2009
  • januari 2009
  • december 2008
  • november 2008
  • oktober 2008
  • september 2008
  • augustus 2008
  • juli 2008

©2026 - Louise Cornelis
↑