Reacties

De d’s en t’s van ‘mijn’ schrijvers — 5 reacties

  1. Wat mooi dat je hiermee bezig bent, Louise! Ik denk net als jij dat het ligt aan de relatieve zeldzaamheid van sommige categorieën. Dat maakt het soms ook lastig om de resultaten van Gespeld te vergelijken met de echte schrijfpraktijk, of dat nu die van leerlingen of professionals is. Een van mijn studenten is nu bezig een aantal ‘contextuele schrijftaken’ te ontwikkelen om dat probleem op te lossen. Daar hoor je hopelijk later meer over. Voor nu zou je, wat die gebiedende wijs, de recente publicatie ‘Onthoud de gebiedende wijs! De spelling van de gebiedende wijs in het voortgezet onderwijs’ (Reuneker & Hogewoning, 2025) in Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 141(4) kunnen bekijken op https://doi.org/10.5117/TNTL2025.4.001.REUN. Hopelijk heb je er wat aan! Overigens verschaft het feit dat je weinig fouten tegenkomt mij ook nieuwe en interessante informatie, hoor en dat waardeer ik erg!

  2. Interessante observatie, Louise. Je ziet in eigen schrijfwerk overigens dat schrijvers woorden waarvan ze de spelling niet goed kennen ook vermijden (zie onder andere Jansen-Donderwinkel et al., 2002). Een dictee (of een spellingopdracht) lokt in zekere zin fouten uit; je gaat eerder twijfelen of het woord klopt of niet.

    Bij het nalezen van je tekst zie je die fouten ook vaak over het hoofd. Zie ook Chamalaun et al. (2025) in Morphology (https://doi.org/10.1007/s11525-025-09444-3). Het frequentie-effect speelt ook hier een rol, al laten de oogbewegingen wel zien dat er een bepaalde vertraging optreedt. Blijkbaar wordt er dus toch iets opgeroepen van ‘hè, klopt dat nou wel?’

    Een mogelijke oplossing is om te werken met gefocuste revisie. In het didactiekboek dat ik met Esther Hanssen schreef lichten we dit nog verder toe (Hanssen & Chamalaun, 2024). In de kern komt het erop neer dat je je tekst naleest met een heel ‘specifieke bril’ op: markeer de werkwoordsvormen in je tekst en controleer of je ze correct gespeld hebt (even kort door de bocht).

  3. Interessant om te lezen, Louise! Ik kende Gespeld.nl niet en kwam toevallig via LinkedIn bij dit artikel.
    Ik herken niet dat jongere schrijvers ‘geüpdatet’ beter schrijven. Mijn studenten vinden het maar gek.
    De vraag over de truc aan het eind zou ik anders stellen: het lijkt mij dat ervaren schrijvers niet met trucs moeten werken, maar met inzicht: bij de gebiedende wijs gebruik je de ik-vorm.
    Overigens vind ik het interessant dat je ‘Gister’ en ‘HBO’ schrijft. Geen werkwoordspelling, maar niet correct. Ben benieuwd wat daar achter zit.

  4. Dank voor jullie reacties. Ik ga naar de verwijzingen kijken, hopelijk lukt dat volgende week.

    Voor wat betreft de suggesties om het ‘mijn’ schrijvers beter te laten doen: de verhouding tussen ons is een heel andere dan in het onderwijs. Mijn rol is onder andere om zulke fouten eruit te halen voor publicatie (overigens is het grootste deel van mijn werk aan die teksten gelukkig stukken interessanter dan dat). Ik kan ze daarom geen schoolse dingen laten doen, zo van: ‘en lees het nu zelf nog eens goed na daarop’. Dat gebiedende wijzen op een -d geen -t erachter krijgen, weten ze, althans, dat heb ik in mijn feedback al regelmatig uitgelegd. Dat de fout desalniettemin zo hardnekkig is, en dat ze zelf zo’n, in mijn ogen opvallende en rare, inconsistentie niet zien, dat vind ik fascinerend.

    Tot slot: ik weet niet wat er mis is met ‘gister’ en ik spel hier inderdaad zoals ik zelf wil. Heb bijvoorbeeld ook jarenlang ’typfout’ geschreven in plaats van ’typefout’ voordat dat ‘mocht’. Ik zou hier ook rustig ‘gestresst’ schrijven, als dat ooit aan de orde zou zijn.

  5. Ik heb de twee artikelen ondertussen gelezen, dank voor het verwijzen.

    @Alex, bij jouw artikel dacht ik: die leerlingen lijken enorm op ‘mijn’ schrijvers. En ik ging me ook afvragen hoe vroeger het onderwijs in de spelling van de gebiedende wijs was. Ik herinner me dat niet. Ik weet in elk geval wel dat een slechte basis in de d’s en t’s je op volwassen leeftijd nog steeds parten speelt. Althans, dat hoor ik wel van zwakkere spellers. Dus mogelijk liet vroeger het onderwijs daar ook steken in vallen. Maar dat is speculatie.

    @Robert, in eerste instantie dacht ik: mooi we dat markeren van vervoegingen dus niet voor niks doen: als lezers er gevoelig voor zijn, heeft het met de spelling onderscheid maken tussen homofonen dus zin. In tweede instantie dacht ik: of is het alleen maar omdat deze lezers het herkennen als ‘fout’ en daar dus even op haperen? Dus stel dat de regels het al dan niet markeren van een vervoeging vrij laten, zouden lezers dan nog haperen, of niet? We kunnen in spraak ook prima zonder het onderscheid, maar daar heb je natuurlijk een boel andere informatie om de verwerking te helpen.

    Leuk om over na te denken in elk geval!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

HTML tags allowed in your comment: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>