Boodschaptitels zijn nog niet zo oud
Een vriendin van mij kwam onlangs in het archief van Trouw een krantenbericht tegen van begin 1945 over hoe het toen op Walcheren was. Walcheren, waar ik geboren ben, was al bevrijd maar stond onder water als gevolg van de inundatie. Ze liet me een foto ervan zien omdat ze dacht dat ik het artikel wel interessant zou vinden en dat klopt, om twee redenen: inhoudelijk en als tekst. Over dat laatste hier.
Krantenberichten klonken toen echt anders, en dat is niet alleen omdat het taalgebruik archaïsch is. Ik ervoer het als subjectiever, meer meedenkend met de lezer: ‘Men zou verwachten dat… Dat is echter niet het geval’. Maar het grootste verschil vond ik frappant: het heeft geen boodschaptitel. De kop is:
De toestand op Walcheren
Mijn oog viel ook nog op een andere kop die net te zien was op de foto:
Reportage uit de Achterhoek en Twente
Ik was me er niet van bewust dat de boodschaptitel, dus de krantenkop die het nieuwsfeit ultrabeknopt samenvat, een vrij recente uitvinding is, althans, dat concludeer ik op basis van heel beperkte gegevens – er is vast meer over bekend, onderzoek naar wellicht en mogelijk trap ik voor de kenners van de geschiedenis van de journalistiek een open deur in.
Maar vanuit mijn ervaring met het aanleren van het schrijven van boodschaptitels aan adviseurs en aanverwanten vind ik het wel interessant dat deze 2 koppen precies illustreren wat leerders ‘fout’ doen: ze zijn vaak met beide vormvarianten al tevreden, want ze vinden het moeilijk om te zien dat er geen boodschap in zit. Met de 2 vormvarianten bedoel ik: onderwerp zonder uitspraak daarover (toestand – wat is daarmee dan?) en aanduiding van het genre (reportage – wat blijkt daaruit dan?). Beide soorten koppen komen voor in adviesrapporten en zijn dan, vind ik, een stap vooruit ten opzichte van alleen generieke aanduidingen als ‘analyse’ en ‘conclusie’. Die zijn verwant aan reportage als aanduiding van de functie van de tekst, maar daar staat tenminste nog iets inhoudelijks achter.
Want dat is dus _mijn_ norm, geen absolute, vandaar ‘fout’ tussen aanhalingstekens en ‘vind ik’ in de alinea hiervoor: ik denk dat je lezers van rapporten, net als krantenlezers, bedient door de kop inhoudelijk te maken: een representatieve, kernachtige samenvatting of overkoepeling van de inhoud. Dan kunnen lezers goed bepalen of ze verder lezen of niet en heeft een lezer met haast meteen de kern te pakken.
Maar het kan ook zeker anders. Het kon in 1944 anders, en het kan in adviesrapporten nog steeds anders. Ik moet boodschaptitels vaak bepleiten. Misschien hebben journalisten dat ook ooit gemoeten. Dat pleit is wel beslecht, want – ik pluk maar even een voorbeeld van nos.nl – ‘toestand in Kroatië‘ is nu echt not-done.

Reacties
Boodschaptitels zijn nog niet zo oud — Geen reacties
HTML tags allowed in your comment: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>