Wat is ergativiteit?
De posts sinds begin mei verschenen ‘achter mijn rug’: ik ben terug van een lange vakantie. In 5 weken zijn we van huis naar Burgos gefietst en er kwam daar en voor de terugreis nog een week bij. Het was een heerlijke vakantie, om een boel redenen, en een ervan was dat ik veel schrijfinspiratie opdeed. Op de fiets zie ik altijd een boel bordjes enzo, en nu kwamen we ook nog door taalkundig interessante gebieden: naast ‘gewoon’ Frankrijk en Spanje waren we ook in Wallonië, Occitanië en Baskenland. Ik keek mijn ogen uit. Daarover de komende tijd dus meerdere posts, en ik begin meteen vandaag met de vraag waar ik op de fiets over heb nagedacht: hoe zou ik ergativiteit uitleggen?
Huh, ergativiteit? Dat zit zo: in het boekje dat ik had voor de Katharen-Basken-route (die we overigens weinig echt hebben gevolgd maar die onze route langs de Pyreneeën wel heeft geïnspireerd) stond over het Baskisch de volgende uitleg:
Het is een zeer archaïsche taal, waarin de passieve vorm overheerst. “De man bewerkt het land”, wordt dan: “Door de man wordt het land bewerkt”.
Ik was meteen geïnteresseerd natuurlijk, want ik promoveerde ooit op het passief. Maar ik dacht ook meteen: ik kan me dat niet voorstellen, die overheersing van het passief, en met archaïsch heeft dat niets te maken, in de zin van: het is niet zo dat men vroeger in passieven sprak ofzoiets.
Ik dacht ook meteen, wetende dat Baskisch geen familie is van de Indo-Europese talen: het gaat vast om een ergatieve taal en de schrijver heeft die klok horen luiden maar weet niet precies waar de klepel hangt. Even googlen leerde me dat ik op dat eerste punt gelijk had, en dat tweede punt inspireerde me om te bedenken hoe ik zelf zou uitleggen wat dat betekent, iets begrijpelijker dan Wikipedia dat doet. Komt-ie (overigens zonder praktische relevantie voor mijn tekstenwerk, gewoon taalkunde voor de leuk).
In de talen die bij ons het meest gangbaar zijn (bijvoorbeeld: onze hele eigen taalfamilie, het Indo-Europees) hebben zinnen ruwweg deze twee basispatronen:
Piet slaapt.
Karel slaat Bram.
Excuus voor dat gewelddadige tweede voorbeeld, dat legt het beste uit, en ook die mannelijke vormen zijn expres, want als je hier allemaal verwijzingen van maakt, krijg je dit:
Hij slaapt.
Hij slaat hem.
En dan zie je: die twee hij’s zijn hetzelfde en hem is de afwijking, daar maakt de taal een uitzondering voor. In naamvaltermen is hem de accusatief (lijdend voorwerp). Onze talen zonderen dus als het ware de accusatief uit, en zien overeenkomsten tussen die twee hij‘s: de nominatief. Dit soort talen worden daarom accusatieve talen genoemd.
Ergatieve talen doen precies dan anders. Die zien overeenkomst tussen Piet en Bram, dus tussen de eerste hij en ons hem, en zonderen Karel uit. De naamval van Karel heet dan ergatief. Ik heb geen idee hoe de vormen in het Baskisch zijn, maar je krijgt dan dus eigenlijk qua vorm zoiets:
[naamval 1] slaapt.
[naamval 2; ergatief] slaat [naamval 1].
Dan denk je: huh, dat is raar! Maar het is echt niet knettergek. Je zou kunnen zeggen dat de overeenkomst tussen Piet en Bram in de voorbeeldzinnetjes is dat ze de actie als het ware ondergaan. Karel is dan anders omdat hij degene is die het slaan daadwerkelijk veroorzaakt: een handelende persoon.
Wij hebben ook wel sporen van dat er een verschil is tussen de rollen van Piet en Karel. ‘De bliksem sloeg in’ en ‘De auto reed hard’ kunnen goed – dat zijn zinnetjes van het type ‘Piet slaapt’. Maar de volgende twee zinnen, die het patroon van ‘Karel slaat Bram’ volgen, wringen en zijn zeldzaam:
De bliksem trof de man.
De auto reed de vrouw aan.
Dat is net alsof de bliksem en de auto daar schuld aan hebben, en dat is niet zo. Die positie, dus de handelende persoon van dat type werkwoorden (’transitief’) als onderwerp (naamval: nominatief), geeft er iets van moedwilligheid, van bewuste veroorzaking aan. Dat komt overeen met de betekenis die door de ergatieve naamval wordt uitgedrukt. (overigens: als je er ‘De man werd door de bliksem getroffen’ en ‘De vrouw werd door de auto aangereden’ van maakt, is die gedachte aan moedwilligheid weg. Dat is wat de lijdende vorm – onder andere – doet: de handelende persoon als minder intentioneel veroorzakend voorstellen – daar gaat een heel stuk van mijn proefschrift over).
De rol van Piet is dus inderdaad anders dan die van Karel. Het is dus niet zo gek om die positie van Karel, handelende persoon van een transitief werkwoord, uit te zonderen van andere zinsposities. En dat is dus wat ergatieve talen doen.
Eén stapje verder nog, enigszins op glad ijs. Als ik het goed gezien heb, komt daar voor het Baskisch nog bij dat de woordvolgorde zo kan zijn dat Bram als geslagene voorop staat: ‘Bram slaat Karel[veroorzaker/ergatief]’ of ‘Bram Karel[veroorzaker/ergatief] slaat’ (welk van die 2 heb ik niet kunnen zien en ik weet ook niet hoe vrij de woordvolgorde is – het was steeds een kwestie van bordjes vergelijken met het Spaans en dan moest ik de woorden ook nog kunnen herkennen, wat eigenlijk alleen voor leenwoorden lukte, want het Baskisch is zo anders dat ik weinig houvast had). Bram voorop in de betekenis van geslagene doet denken aan ons passief: ‘Bram wordt door Karel geslagen’. Maar dat is het dus niet. Helemaal niet zelfs, want die hem wordt wel degelijk voorgesteld als intentionele veroorzaker, in tegenstelling tot in ons passief.
En om het dan nog afwijkender te maken: het Baskisch agglutineert ook nog, wat wil zeggen dat ze een boel aan het werkwoord vastplakken in allerlei vervoegingen wat bij ons in losse woorden zit. Om de ergatief uit te drukken, vervoeg je dan dus slaan op een bepaalde manier. Dus ‘Hij slaat Bram’ zou dan dus iets kunnen zijn als ‘Bram slaan[ergatief 3e persoon enkelvoud tegenwoordige tijd]’.
Voor ons, sprekers van een accusatieve taal waarin het object na het werkwoord staat en waarin het werkwoord niet heel veel informatie bevat, is de manier waarop Baskisch het doet ontzettend anders. Die taal is dan ook in Europa een zeldzaam buitenbeentje: niet verwant aan de andere talen. Maar wereldwijd gezien is het helemaal niet zo heel gek: er zijn een boel meer ergatieve talen.
Archaïsch is ergativiteit ook niet. Wel heeft het Baskisch betere tijden gekend – maar ook slechtere (zie Wikipedia). Over wat ik daar zelf aan waarnam binnenkort meer.

Reacties
Wat is ergativiteit? — Geen reacties
HTML tags allowed in your comment: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>