Verwondering over streektalen
In onze vakantie doorkruisten we twee gebieden met een eigen taal: Occitanië en Baskenland. Ik heb gekeken en geluisterd om erachter te komen wat daar de positie van was, een beetje zoals ik vorig jaar ook in Ierland deed (terzijde: het Iers is een officiële landstaal, Occitaans en Baskisch niet, dat zijn streektalen, in Frankrijk niet eens officieel). Mijn observaties waren wonderlijk tegenovergesteld aan wat ik had verwacht, en ergens snap ik daar niks van. Dus dit is een blogpost meer met verwondering dan met antwoorden.
In de eerste plaats: wat er te horen viel. Ik heb meer Occitaans gehoord dan Baskisch. In Arles op de markt was Occitaans te horen: voor mijn oren een wonderlijke kruising tussen Spaans en Frans, waar ze geen grip op krijgen. Later werden we in de bergen een keer in het Occitaans aangesproken door een automobilist die ons zag zoeken naar de goede weg. Als omgangstaal lijkt het dus springlevend.
Voor Baskisch heb ik mijn oren gespitst, tijdens de kleine week dat we door Baskenland fietsten. Ik zei voor de grap: ik wil graag een ergatief in het wild spotten. Ik heb het niet gehoord. Niet op straat, in winkels, op de markt, in kroegjes, in de trein…Nouja, de omroep in de trein, zodra we vanuit Burgos de grens met Baskenland overstaken: meteen alles tweetalig. Ik had meer verwacht, want ik had begrepen dat het Baskisch het dankzij stimuleringsbeleid goed doet. In Spanje althans.
Op het allerlaatst, in Pamplona, heb ik wel even gepraat met een Baskischtalig stel, maar ik heb ze door de slechte akoestiek in het restaurant het niet horen gebruiken. Het was wel even interessant. Ze vertelden dat in de autonome regio Navarra het Baskisch niet zo veel status heeft, het zijn ook niet heel veel sprekers, en dat terwijl Pamplona van oudsher de hoofdstad van Baskenland is. De autonome regio Baskenland ligt westelijker, en daar is het Baskisch beter beschermd, bijvoorbeeld verplicht voor mensen in overheidsdienst. We zijn daar maar heel even geweest, in een hoekje van Álava, maar net daar wordt amper Baskisch gesproken: de grenzen van de autonome regio’s corresponderen niet met het taalgebied. Om het ingewikkeld te maken!
Het enige andere spoor van actief gebruik van het Baskisch was een liturgie die ik in een kerk in Saint-Jean-de-Port (Frankrijk) zag liggen: alleen de Bijbellezingen waren in het Frans. Maar ook daar heb ik het niet gehoord.
Geschreven was het precies andersom. Ook in Frankrijk vallen de grenzen van Baskenland niet samen met enige vorm van provincie- of staatsgrens, maar aan de officiële bordjes was goed te zien wanneer we in Baskenland waren: meteen alles tweetalig. In Navarra idem dito. De regio verwelkomde ons bijvoorbeeld zo:

Deze, iets verderop, vond ik leuk omdat het woord voor fietsers erop te zien is, txirrindulariak, maar wel vraag ik me af of je door de week dan niet op ze hoeft te letten? Wij reden er op een dinsdag…

Je ziet aan deze twee voorbeelden heel goed hoe anders Baskisch is!
In Frankrijk was bovendien relatief veel Baskisch activisme te zien, bijvoorbeeld door alle Franse aanduidingen door te krassen:

In Spanje is dat mogelijk niet meer nodig, daar heeft het Baskisch tegenwoordig meer z’n plek, dankzij de decentrale politiek met de autonome regio’s. Frankrijk is veel centralistischer immers. In Spanje zagen we nog wel leuzen op muren, maar geen doorkrassingen.
Geschreven Occitaans heb ik niet gezien, nouja, niet anders dan op tweetalige plaatsnaambordjes, en dan ging het om – in mijn ogen – spellingsvarianten. De Frans gn-klank bijvoorbeeld schrijven ze kennelijk als nh, dus dan wordt Perpignan Perpinhan, maar dat is niet zo spannend. De plaatsnamen klonken soms wel voor in Frankrijk nogal exotisch: Bram bijvoorbeeld, of Badens:
Ze leken bovendien nogal op Catalaans, wat inderdaad nauw verwant is, bijvoorbeeld met ciutat (‘stad’) erin. Daardoor leek het af en toe wel anders dan de rest van Frankrijk.
Eigenlijk snap ik hier dus helemaal niks van. Occitaans wordt volop gesproken maar niet geschreven en staat onder druk; Baskisch precies andersom. Hoezo al die tweetalige bordjes door de hele provincie als er lokaal maar weinig Baskischtaligen zijn? En sowieso vrijwel alle Baskischtaligen het Spaans ook beheersen. Is dat dan symbolisch? Duidelijk maken: wij doen het anders dan in de tijd van Franco? Maar hoe zit dat dan in Frankrijk – dat is echt een lege huls dan, of niet? Of: in onze tijd in Baskenland hoorde ik wel volop Arabisch of Berber, maar tweetaligheid voor die bevolkingsgroep – ho maar. Hoe moet ik dat dan plaatsen – is dat oneerlijk of toch niet?
Boel vragen dus, en ik denk dat de antwoorden meer politiek dan taalkundig van aard zijn. Me dit soort dingen afvragen op de fiets, daar word ik wel blij van. Ik bedoel: ik vind het erg leuk als er tijdens een vakantie op taalgebied van alles te observeren is. Vorig jaar was dat in Ierland zo, en nu weer. Mooie bestemmingen!

Reacties
Verwondering over streektalen — Geen reacties
HTML tags allowed in your comment: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>